Samenvatting – Vrouwen van Mars, mannen van Venus (Wormgoor, 2011)
Kernboodschap
Het artikel beschrijft hoe opgroeien met genderdysforie grote invloed heeft op de
psychische ontwikkeling, lichaamsbeleving, seksualiteit en identiteitsvorming. De auteur
benadrukt dat seksuologen genderdysforie vroeg moeten herkennen, omdat veel
psychische en seksuele problemen hierdoor kunnen worden verklaard.
Belangrijke begrippen
Genderdysforie
• Er is een incongruentie tussen de ervaren genderidentiteit en het biologische
geslacht.
• Dit kan leiden tot ernstig psychisch lijden.
Transgender
Parapluterm voor mensen die genderdysfore gevoelens ervaren of hebben ervaren.
Hieronder vallen onder andere:
• Transseksuelen → identificeren zich met het andere geslacht en kiezen vaak voor
medische transitie.
• Crossdressers → voelen de behoefte zich soms als het andere geslacht te kleden.
• Non-binaire transgenders → voelen zich niet uitsluitend man of vrouw.
De 10 puzzelstukjes (Wormgoor, 2011)
Gevolgen van opgroeien met genderdysforie
De 10 puzzelstukjes (Wormgoor, 2011)
Puzzelstuk 1 – Opgroeien met genderdysforie
Opgroeien met genderdysforie betekent dat iemand al op jonge leeftijd ervaart dat de eigen
genderidentiteit niet overeenkomt met het geboortegeslacht.
Gevolgen:
• gevoel anders te zijn;
• laag zelfbeeld;
• sociaal isolement;
• angst;
, • depressie;
• soms suïcidaliteit.
Puzzelstuk 2 – Niet begrepen voelen
Veel mensen groeien op met:
• schaamte;
• geheimhouding;
• afwijzing;
• pesten;
• het gevoel nergens bij te horen.
Hierdoor ontstaan vaak angst en sociale problemen.
Puzzelstuk 3 – Beperkte lichaamsbeleving
Veel mensen ontwikkelen een negatieve relatie met hun lichaam.
Voorbeelden:
• lichaamsdelen vermijden;
• slechte zelfzorg;
• automutilatie;
• alcohol- of drugsgebruik;
• eetproblemen;
• seksueel risicogedrag.
Sommigen compenseren door zich volledig op intellectuele prestaties te richten.
Puzzelstuk 4 – Overcompensatie als overlevingsstrategie
Veel mensen ontwikkelen een masker.
Ze gedragen zich juist extra mannelijk of extra vrouwelijk om niet op te vallen.
Na de transitie blijft dit aangeleerde gedrag vaak nog bestaan.
Puzzelstuk 5 – Angst voor intimiteit en seksualiteit
Veel mensen:
• vermijden seks;
• beleven seks zonder emotionele betrokkenheid;
• schamen zich voor hun lichaam;
, • ervaren problemen met intimiteit.
Na de transitie neemt de tevredenheid vaak toe, maar onzekerheid kan blijven bestaan.
Puzzelstuk 6 – Het goede nieuws
Wanneer genderdysforie wordt herkend en behandeld:
• nemen depressie af;
• verminderen angstklachten;
• vermindert automutilatie;
• verbetert het functioneren sterk.
Puzzelstuk 7 – Geslachtsaanpassing
De behandeling bestaat uit:
• hormonen;
• leven in de gewenste genderrol;
• operaties;
• psychologische begeleiding.
Ook de omgeving (partner, familie) moet zich aanpassen; relaties kunnen hierdoor
veranderen.
Puzzelstuk 8 – Seksualiteit na transitie
Veel vragen blijven bestaan over:
• seksuele mogelijkheden;
• orgasme;
• lichaamsacceptatie;
• seksuele identiteit;
• intimiteit.
Daarom blijft seksuologische begeleiding belangrijk.
Puzzelstuk 9 – Seksuele identiteit
Belangrijk onderscheid:
Genderidentiteit ≠ seksuele oriëntatie.
Transgenders kunnen heteroseksueel, homoseksueel, lesbisch, biseksueel of aseksueel zijn.
Partnerkeuze zegt dus niets over iemands genderidentiteit.
Kernboodschap
Het artikel beschrijft hoe opgroeien met genderdysforie grote invloed heeft op de
psychische ontwikkeling, lichaamsbeleving, seksualiteit en identiteitsvorming. De auteur
benadrukt dat seksuologen genderdysforie vroeg moeten herkennen, omdat veel
psychische en seksuele problemen hierdoor kunnen worden verklaard.
Belangrijke begrippen
Genderdysforie
• Er is een incongruentie tussen de ervaren genderidentiteit en het biologische
geslacht.
• Dit kan leiden tot ernstig psychisch lijden.
Transgender
Parapluterm voor mensen die genderdysfore gevoelens ervaren of hebben ervaren.
Hieronder vallen onder andere:
• Transseksuelen → identificeren zich met het andere geslacht en kiezen vaak voor
medische transitie.
• Crossdressers → voelen de behoefte zich soms als het andere geslacht te kleden.
• Non-binaire transgenders → voelen zich niet uitsluitend man of vrouw.
De 10 puzzelstukjes (Wormgoor, 2011)
Gevolgen van opgroeien met genderdysforie
De 10 puzzelstukjes (Wormgoor, 2011)
Puzzelstuk 1 – Opgroeien met genderdysforie
Opgroeien met genderdysforie betekent dat iemand al op jonge leeftijd ervaart dat de eigen
genderidentiteit niet overeenkomt met het geboortegeslacht.
Gevolgen:
• gevoel anders te zijn;
• laag zelfbeeld;
• sociaal isolement;
• angst;
, • depressie;
• soms suïcidaliteit.
Puzzelstuk 2 – Niet begrepen voelen
Veel mensen groeien op met:
• schaamte;
• geheimhouding;
• afwijzing;
• pesten;
• het gevoel nergens bij te horen.
Hierdoor ontstaan vaak angst en sociale problemen.
Puzzelstuk 3 – Beperkte lichaamsbeleving
Veel mensen ontwikkelen een negatieve relatie met hun lichaam.
Voorbeelden:
• lichaamsdelen vermijden;
• slechte zelfzorg;
• automutilatie;
• alcohol- of drugsgebruik;
• eetproblemen;
• seksueel risicogedrag.
Sommigen compenseren door zich volledig op intellectuele prestaties te richten.
Puzzelstuk 4 – Overcompensatie als overlevingsstrategie
Veel mensen ontwikkelen een masker.
Ze gedragen zich juist extra mannelijk of extra vrouwelijk om niet op te vallen.
Na de transitie blijft dit aangeleerde gedrag vaak nog bestaan.
Puzzelstuk 5 – Angst voor intimiteit en seksualiteit
Veel mensen:
• vermijden seks;
• beleven seks zonder emotionele betrokkenheid;
• schamen zich voor hun lichaam;
, • ervaren problemen met intimiteit.
Na de transitie neemt de tevredenheid vaak toe, maar onzekerheid kan blijven bestaan.
Puzzelstuk 6 – Het goede nieuws
Wanneer genderdysforie wordt herkend en behandeld:
• nemen depressie af;
• verminderen angstklachten;
• vermindert automutilatie;
• verbetert het functioneren sterk.
Puzzelstuk 7 – Geslachtsaanpassing
De behandeling bestaat uit:
• hormonen;
• leven in de gewenste genderrol;
• operaties;
• psychologische begeleiding.
Ook de omgeving (partner, familie) moet zich aanpassen; relaties kunnen hierdoor
veranderen.
Puzzelstuk 8 – Seksualiteit na transitie
Veel vragen blijven bestaan over:
• seksuele mogelijkheden;
• orgasme;
• lichaamsacceptatie;
• seksuele identiteit;
• intimiteit.
Daarom blijft seksuologische begeleiding belangrijk.
Puzzelstuk 9 – Seksuele identiteit
Belangrijk onderscheid:
Genderidentiteit ≠ seksuele oriëntatie.
Transgenders kunnen heteroseksueel, homoseksueel, lesbisch, biseksueel of aseksueel zijn.
Partnerkeuze zegt dus niets over iemands genderidentiteit.