• Verkeerd document? Gratis ruilen
  • Geschreven door studenten die geslaagd zijn
  • Direct beschikbaar na je betaling
  • Online lezen of als PDF
Verkopen
Kies je studieland
Kies je taal
Document preview thumbnail
Voorbeeld 4 van de 65 pagina's
Samenvatting

Samenvatting: Neurobiologische Achtergronden van opvoeding en ontwikkeling. 8.7 behaald (pre-master pedagogische wetenschappen)

Document preview thumbnail
Voorbeeld 4 van de 65 pagina's

Met deze samenvatting zul je gegarandeerd een voldoende halen voor neuro! Dit is een complete samenvatting van alle kennisclips van het vak Neurobiologische achtergronden van opvoeding aan Leiden Universiteit. Alle stof duidelijk en compact samengevat. Ik heb een 8.7 voor het tentamen behaald!

Voorbeeld van de inhoud

Kennisclips week 1  Neurobasics, evolutie en
het sociale brein
Het zenuwstelsel

Het zenuwstelsel bestaat uit verschillende
onderdelen. Zo heb je het centraal zenuwstelsel
dat bestaat uit de hersenen en het ruggenmerg.
Ook heb jij het perifere stelsel wat
onderverdeeld kan worden in het autonome
zenuwstelsel en het somatische zenuwstelsel,
het somatische zenuwstelsel stuurt signalen van je
hersenen naar je spieren, zodat je bijvoorbeeld
kan schrijven. Het brengt ook informatie van je
zintuigen naar je hersenen, zodat je bijvoorbeeld
kan zien. Je hebt hier dus bewuste controle over.


Het autonome zenuwstelsel is op te delen in het sympathische zenuwstelsel en
het parasympatische zenuwstelsel. Het autonome zenuwstelsel regelt onbewuste
lichaamsprocessen, zoals hartslag, ademhaling en spijsvertering.
1. Het Parasympatische zenuwstelsel is de ruststand. De functie is het
lichaam laten herstellen en energie opslaan, bijvoorbeeld de hartslag
verlagen pupillen vernauwen en spijsvertering die komt op gang.
2. Sympathisch zenuwstelsel is de actiestand. De functie is het lichaam
klaarmaken voor stress of gevaar, bijvoorbeeld de hartslag die
omhooggaat. De ademhaling die versnelt en de Energy gaat naar de
spieren.

Verschil in zenuwbanen 
1. Het sympathische zenuwstelsel heeft veel vertakkingen, een snelle
activatie.
2. Het parasympathische zenuwstelsel heeft minder vertakkingen, meer
lokaal effect

Ze werken niet tegelijk, maar wisselen elkaar af. Eerst komt de stress, het
sympathische zenuwstelsel wordt actief. Daarna herstel, het parasympathische
zenuwstelsel wordt actief

Anatomie van de hersenen. De hersenen kom je kun je opdelen uit 3 hoofddelen.
- Grote hersenen, cerebrum
- Kleine hersenen, cerebellum
- Hersenstam, brain stem.

Grote hersenen cerebrum bestaat uit 4 kwabben.
- Frontaalkwab  voorhoofd: plannen, beslissingen nemen motoriek
impulscontrole
- Pariëtaal kwab  bovenin midden: gevoel tast ruimtelijk inzicht
- Temporaalkwab  zijkanten: gehoord taalbegrip geheugen.
- Occipitaal kwab  achterkant: zien visuele verwerking.

Kleine hersenen  Cerebellum: Licht achter onder In de hersenen, functie:
coördinatie van beweging, evenwicht houding, fijne motoriek

1

,Hersenstam  verbindt hersenen met ruggenmerg. Functie: ademhaling hartslag,
bloeddruk, reflexen

Binnen de grote hersenen liggen de 
- Thalamus: schakelstation voor zintuiglijke info.
- Hypothalamus: homeostase, honger dorst hormonen
- Hippocampus, geheugen.
- Amygdala: emoties, angst.

Richtingstermen van de hersenen  kompas
- Anterior/Rostraal  voorkant
- Posterior/caudaal  achterkant
- Dorsaal/superieur  bovenkant
- Ventraal/inférieur  onderkant

Blood Brain Barrier BBB: een beschermende barrière tussen het bloed en de
hersenen. Het is een soort filter rond de hersenen, het laat Alleen bepaalde
stoffen door en beschermt de hersenen tegen gifstoffen, bacteriën, virussen,
schadelijke chemicaliën er kan zowel vooral kleine of vet oplosbare stoffen, zoals

- Zuurstof
- Glucose energie
- Sommige hormonen
- Vet oplosbare medicatie
- BBB is dus erg belangrijk

De hersenen zijn evolutionair gegroeid. De binnenkant is ouder dan de
buitenkant, de ceberale Cortex, de hersenschors: sterk geplooid, veel windingen
betekent complexere cognitie.

De verschillende hersengebieden gecommuniceerd door via het zenuwstelsel.
Deze is opgebouwd uit neuronen zenuwcellen neuronen geeft een signalen zowel
elektrisch als chemisch door.

Opbouw van neuronen
1. Dendrieten: lijken op boomtakken ontvangen signalen van andere
neuronen
2. Soma cellichaam: bevatten celkern beslist: signaal doorgeven of niet
3. Axon: lange uitloper stuurt signaal door naar het volgende neuron

Signaal verloopt stap voor stap.
4. Den rieten ontvangen prikkels
5. Soma verwerkt info
6. Axon geleidt elektrisch signaal
7. Synaps geeft chemisch door

Belangrijk te onthouden
- Neuron heeft veel dendrieten het ontvangen van info
- Neuronen heeft meestal maar een axon
- Axon kan erg lang zijn, moet 1 grote afstand overbruggen, bijvoorbeeld
van het ruggenmerg naar de voet spier




2

,Myelineschede  isolatielaag: Omdat axonen lang zijn, is er risico op
signaalverlies. Daarom zit er om veel axonen, een isolatielaag myelineschede. De
functie is het isoleren van het elektrisch signaal en het versnellen van de
geleiding, zoals plastic om een elektriciteitsdraad



Knopen van Ranvier
De myeline zit er niet overal er zitten kleine open stukjes. Hier springt het signaal
van knoop naar knoop. Dit noem je saltatoire geleiding. Dit is sneller dan continu
in geleiding

Neuronen werken met elektrische lading door ionen geladen deeltjes. De
belangrijkste ionen zijn natrium en kalium

Activatie
1. Rust: neuronen is negatief geladen, ongeveer 70 mv.
2. Depolarisatie: natrium stroomt naar binnen, binnenkant wordt positief.
3. Actiepotentiaal: signaal wordt doorgestuurd
4. Repolarisatie: kalium stroomt naar buiten lading hersteld

Witte vs. grijze stof
Grijze stof: cellichamen  soma’s
Witte stof: axonen met myeline
De binnenkant van de hersenen zijn verbindingsbanen. Aan de buitenkant van de
Cortex hersenen zijn verwerkingen

Hormonen en neuropeptiden
Boodschap: Boodschappers stoffen in het lichaam
Hormonen: gemaakt door klieren en endocriene systeem
Neuropeptiden: gemaakt door gespecialiseerde neuronen
Ze werken vergelijkbaar en worden daarom vaak samen besproken. De functie is
de communicatie tussen de hersenen en het lichaam.

Hoe werken hormonen stap voor stap 
1. Endocriene cel maakt hormoon
2. Hormoon komt in het bloed
3. Reist door het hele lichaam
4. Bindt Alleen aan cellen met juiste receptor het slotje.
5. Daar ontstaat effect
6. Zonder receptor is er geen effect.

Langdurige effecten: vooral tijdens de ontwikkeling, nieuwe regels,
geslachtshormonen invloed op hersenontwikkeling en verschillen in gedrag

Kortdurende effecten: snelle reacties op situaties
Cortisol door stress. Angstreacties door spin hartslag en naar de hardheid gaat
omhoog.

Baseline vs. reactie
- Baselijn is normale hormoon waarde in rust
- Reactie is verandering door stimulus
- Hormonen meet je via bloed speeksel of urine.


3

, Evolutie in het sociale brein

Evolutie is het proces waardoor soorten en gedrag veranderen over generaties.
Gedrag dat helpt bij overleving en voortplanting, maar ook bij dingen als
empathie en hechting

Nico Tinbergen: grondlegger Gedragsbiologie 1907 1988
Hij bestudeerde dieren in hun natuurlijke omgeving in plaats van een
laboratorium. Hij stelde: Om gedrag echt te begrijpen moet je 4 vragen
beantwoorden.
1. Mechanisme: hoe komt het gedrag tot uiting?
2. Ontwikkeling: deed je dat altijd al?
3. Functie: hoe beïnvloedt het gedrag de kans op overleving en reproductie?
4. Evolutie: hoe is het gedrag ontstaan door de evolutie?

Proximale VS ultieme vragen

Proximaal: dichtbij mechanisme plus ontwikkeling
Ultieme: uiteindelijk evolutionair functie plus evolutie

Evolutie is geen doelgericht proces
- Evolutie heeft geen plan
- Geen einddoel, bijvoorbeeld het perfecte mens creëren
- Het weet niet wat handig is
- Het werft via natuurlijke selectie
- Wat overleeft geeft genen door
- Wat sterft stopt
- Dus niet: Mensen zijn zo geworden Omdat het beter was
- Wel: Dit bleef bestaan Omdat het werkte
- Metafoor: Evolutie is niet doelgericht, zoals boogschieten, Maar het
gebeurt vanzelf zoals een waterval

Evolutie kan niet terugdraaien: de evolutie kan niet opnieuw ontwerpen of terug
naar de tekentafel. Dit kan niet Omdat elke tussenstap moeten kunnen overleven
en of voortplanten als een tussenstap niet werkt, stop de lijn. Het kan wat
aangepast worden, maar niet helemaal opnieuw worden ontworpen. Gedrag is
ook zo ontstaan: niet perfect ontworpen, maar goed genoeg om te overleven


Charles Darwin 

Britse natuuronderzoeker en bioloog bekend omdat hij de evolutietheorie door
natuurlijke selectie ontwikkelde. Darwin ontdekte dat emotionele expressie
aangeboren zijn niet pas geleerd worden na de geboorte en ook bij dieren
voorkomen. Emoties zijn geëvolueerd, net als gedrag en hersenen. Emoties
hebben een overlevingsfunctie. Darwin stelde dat emoties vaak betrouwbaarder
zijn dan woorden. Woorden kan je sturen manipuleren, terwijl emoties vaak
automatisch gaan
Emoties hebben een functie, bijvoorbeeld walging  tong naar buiten en je ogen
dicht. Dit is een biologische functie om jezelf te beschermen tegen gif en
bacteriën. Dezelfde emotie gebruiken we ook sociaal moreel

Het emotionele brein is een netwerk: zitten niet op één plek. Het brein werkt als
netwerk. Betrokken gebieden zijn onder andere Amygdala, Hypothalamus en

4

Inhoudsopgave

  1. 01 1. STS en sociale informatie 26
  2. 02 2. Blikrichting 26
  3. 03 3. Pointing en joint attention 27
  4. 04 4. Bewegingen en intenties 27
  5. 05 5. Meerdere zintuigen combineren 27
  6. 06 6. Gezichtsuitdrukkingen en emoties 27
  7. 07 7. Lichaamsinformatie 28
  8. 08 8. Eigenschappen afleiden uit een gezicht 28
  9. 09 9. Gezicht en agressie 28
  10. 10 10. Betrouwbaarheid beoordelen 28
  11. 11 Nature of nurture? 47
  12. 12 Wanneer is gedrag eigenlijk abnormaal? 47
  13. 13 Casus Michael 47
  14. 14 Casus Joost 48
  15. 15 Casus Dino 48
  16. 16 Wanneer is gedrag abnormaal? 48
  17. 17 1. Cultureel, sociaal en ethisch model 49
  18. 18 2. Statistisch model 49
  19. 19 3. Medisch model 49
  20. 20 Nature en nurture 49
  21. 21 Conduct disorder en psychopathie 50
  22. 22 Psychopathie en conduct disorder 50
  23. 23 Waarom vooral aandacht voor psychopathie? 50
  24. 24 Twee factoren van psychopathie 50
  25. 25 Psychopathie bestaat uit verschillende kenmerken 51
  26. 26 Waarom is psychopathie maatschappelijk belangrijk? 52
  27. 27 Psychopathie is moeilijk te behandelen 52
  28. 28 Hoe vaak komt psychopathie voor? 52
  29. 29 Grote maatschappelijke kosten 52
  30. 30 Verschil tussen mannen en vrouwen 53
  31. 31 Het populaire beeld van psychopathie 53
  32. 32 Niet elke psychopaat is gewelddadig 53
  33. 33 Succesvolle psychopaten 53
  34. 34 Belangrijkste verschil met films 54
  35. 35 Van psychopathie naar het antisociale brein 54
  36. 36 Genen en omgeving werken samen 54
  37. 37 Risicofactoren tijdens de zwangerschap 55
  38. 38 Risicofactoren rond de geboorte 55
  39. 39 Kindertijd en adolescentie 55
  40. 40 Invloed op de hersenontwikkeling 56
  41. 41 Mogelijke gevolgen 56
  42. 42 Kun je antisociaal gedrag voorspellen met het brein? 56
  43. 43 Onderzoek met gevangenen 56
  44. 44 Wat gebeurde er daarna? 56
  45. 45 Wat kwam eruit? 57
  46. 46 Hersenactiviteit als biomarker 57
  47. 47 Maar het is geen perfecte voorspelling 57
  48. 48 Toepassing in de praktijk 57
  49. 49 Neurocognitief model van antisociaal gedrag 58
  50. 50 De amygdala speelt een belangrijke rol 58
  51. 51 Distress cues 58
  52. 52 Samenwerking tussen hersengebieden 59
  53. 53 Wat gaat er volgens het model mis? 59
  54. 54 Waarom werkt straf soms minder goed? 59
  55. 55 De rol van de amygdala bij antisociaal gedrag 59
  56. 56 Wat weten we over de amygdala? 59
  57. 57 Verbinding met andere hersengebieden 60
  58. 58 Het gaat om groepsverschillen 60
  59. 59 Waarom is zo'n klein hersengebied zo belangrijk? 60
  60. 60 Link met het model van Blair 60
  61. 61 Amygdala als centraal knooppunt 61
    1. Verschillende delen van de amygdala 61
    2. Vergelijking met Schiphol 61
    3. Wat als de amygdala anders functioneert? 62
    4. Niet alleen belangrijk bij antisociaal gedrag 62
    5. De amygdala is evolutionair oud 62
    6. De basisfunctie is ongeveer hetzelfde 62
    7. Verschillende delen van de amygdala 63
    8. Waarom is de BLA belangrijk? 63
    9. Link met antisociaal gedrag 63
    10. Centrale vraag: word je antisociaal geboren of gemaakt? 63
    11. Nature: biologische factoren 64
    12. Nurture: invloed van de omgeving 64
    13. De combinatie is het belangrijkst 64
    14. Wat weten we vanuit onderzoek? 64

Documentinformatie

Geüpload op
19 augustus 2026
Aantal pagina's
65
Geschreven in
2025/2026
Type
Samenvatting
€6,38

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kun je een ander document kiezen. Je kunt het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Verkocht
1
Volgers
0
Items
1
Laatst verkocht
1 maand geleden

Echte notities, van echte studenten
Elk document op Stuvia is geschreven door een medestudent die hetzelfde vak deed. Zo leer je van iemand die het al heeft gehaald.



Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen