ANTWOORD 1.
1a. Een voorbeeld van de structurele waarborgen om de onafhankelijkheid
van de rechter te waarborgen is door ervoor te zorgen dat zij voor het
leven worden benoemd. Dit wordt dan ook geregeld in art. 117 lid 1 Gw.
Rechters kunnen dus niet zomaar worden ontslagen door bijvoorbeeld de
regering
Slechts op eigen verzoek en door het bereiken van een bij de wet te
bepalen leeftijd worden zij “ontslagen” (art. 117 lid 2 Gw).
Als de regering of de Staten-Generaal ontevreden zijn met een uitspraak
van een rechter, dan kunnen zij deze dus niet ontslaan. Dit waarborgt de
onafhankelijkheid van de rechter.
En in gevallen bij de wet bepaald art. 117 lid 3 Gw
1b. De formele wetgever is op grond van de Grondwet bevoegd om het
ontslag van rechters te reguleren, want dit staat zo vermeldt in art. 117 lid
3 Gw. Deze bevoegdheid kan niet worden gedelegeerd, omdat er slechts
“bij de wet” staat. Dan is delegatie uitgesloten.
1c. Krachtens art. 46h lid 3 Wrra is de leeftijd waarop rechter hoe dan ook
ontslagen worden 70 jaar. De rechter wordt dan bij koninklijk besluit
(regering) op voordracht van de minister van Justitie ontslagen.
1d. Krachtens art. 46h lid 1 Wrra wordt een rechter ontslagen op eigen
verzoek. Dit wordt op voordracht van de minister van Justitie gedaan.
Krachtens art. 46l lid 1 sub c Wrra kan een rechter door de Hoge Raad
worden ontslagen als hij het Nederlanderschap verliest.
Art. 46i Wrra – langer dan twee jaar ziek
Art. 46m Wrra – veroordeeld voor een misdrijf
In al deze gevallen (alle gevallen bij antwoord 1d) ontslaat de Hoge Raad
dan de rechter
ANTWOORD 2.
2a. De rol van de Hoge Raad is krachtens art. 118 lid 2 Gw dat zij belast is
met cassatie van rechterlijke uitspraken wegens schending van het recht.
Lid 3 bepaalt dat bij de wet ook andere taken aan de Hoge Raad kunnen
worden opgedragen.