Communicatie = het doorgeven en ontvangen van informatie
Bij communicatie is er altijd een zender en een ontvanger
Medium = een middel om te communiceren
Meervoud van het woord medium is media
Massacommunicatie = openbare communicatie waarbij meerdere mensen worden bereikt
Massamedia = media die groot publiek bereiken
Redenen om media te gebruiken:
● Kennis en nieuws = De media vertelt ons wat er in de wereld gebeurd en geven
praktische informaties.
● Ontspanning = je kijkt naar je favoriete serie of gaat een spel spelen.
● Contact = appen en bellen met vrienden en/of familie.
● Laten zien wie je bent of wilt zijn = je wilt aan mensen laten zien hoe je bent en
hoe je leven is.
Mediawijs = je bent voorzichtig met het delen van je privégegevens en je gaat kritisch om
met die informatie die je te horen of zien krijgt.
5.2
Populaire krant = sensationail nieuws, zij besteden veel aandacht aan sport, criminaliteit en
shownieuws.
Kwaliteitskranten = ze geven meer achtergrondsinformatie over het politiek en
economische informatie
Doelgroep = een groep mensen met dezelfde kenmerken en belangstelling.
Omroepen = organisatie die via radio, tv en internet informatie uitzenden naar een groot
publiek.
Commerciële omroep = een bedrijf dat vooral als doel heeft geld te verdienen met zijn
uitzendingen.
Mediawet = ze moeten programma's maken voor verschillende doelgroepen.
Pluriform = veelvormig of veelkleurig. Voor ieder wat wils.
On demand = op verzoek of op aanvraag (bvb wat en wanneer je iets wilt zien)
5.3
Bij de beoordeling van berichten stellen journalisten de volgende vragen:
● Gaat het om actueel nieuws? (wat die dag is gebeurd)
● Is het een bijzondere gebeurtenis? (1 km lange file bij de McDrive)
● Is de gebeurtenis dichtbij of veraf? (als er iets in Afrika gebeurd dan hoor je het niet
maar als het in Nederland gebeurd oor je het wel)
● Gaat het om een belangrijke of bekende persoon?
● Is de gebeurtenis interessant en past het bij onze doelgroep?
● Is de gebeurtenis belangrijk voor de samenleving?