Geschreven door studenten die geslaagd zijn Direct beschikbaar na je betaling Online lezen of als PDF Verkeerd document? Gratis ruilen 4,6 TrustPilot
logo-home
Document preview thumbnail
Voorbeeld 4 van de 46 pagina's
Samenvatting

Samenvatting LKT Nederlands | PABO | 2025/26

Document preview thumbnail
Voorbeeld 4 van de 46 pagina's

Samenvatting voor LKT Nederlands aan Hogeschool Leiden (Pabo), gericht op taalonderwijs in de basisschool. Het document behandelt kernthema's zoals taalfuncties (communicatief, cognitief, expressief), communicatieve competentie met deelcompetenties, en taalverwerving volgens verschillende theorieën (behaviorisme, creatieve constructie, interactionele benadering). Onmisbaar voor studenten die zich voorbereiden op toetsen en praktijkles, met helder uitgewerkte concepten en theoretische achtergronden.

Voorbeeld van de inhoud

Taalonderwijs en taal
Taal heeft verschillende functies voor mensen. We maken onderscheid
tussen:

- Communicatieve of sociale taalfuncties

Door middel van taal kunnen we contact maken met andere
mensen. In al deze situaties heeft taal een communicatiefunctie.
Een spreker wil steeds een boodschap doorgeven aan een hoorder.
We spreken ook van de sociale functie van taal. Dat begrip geeft
meet aan dan het bij talige communicatie gaat om de interactie met
mensen.

Beschermen en verdedigingen: zelfhandhaving

Handelen en plannen aankondigen: zelfsturing

Gedrag van anderen beïnvloeden: sturing van anderen

Gespreksverloop beïnvloeden: structurering van het gesprek

- De conceptualiserende of cognitieve functie

Je gebruikt de taal als hulpmiddel om je gedachten te ordenen en
greep te krijgen op de werkelijkheid. Dat merk je als je ergens je
mening over moet geven waar je niet veel vanaf weet, al pratend en
zoekend naar woorden krijg je wat meer greep op de zaak. Wordt
ook wel de cognitieve functie van taal genoemd, omdat je met taal
verwijst naar betekenissen en concepten uit de werkelijkheid. We
kennen drie cognitieve taalfuncties:

Rapporteren: meest eenvoudige. Aan de orde als je verslag doet van
iets wat in de werkelijkheid voorkomt. Je kan dingen benoemen,
etiketteren, beschrijven en vergelijken.

Redeneren: je kunt de gebeurtenis ook in chronologische volgorde
beschrijven, of je trekt conclusies, of je legt een relatie tussen
middel en doel. Je kunt ook relaties leggen tussen oorzaak en gevolg
of misschien doe je wel een voorstel om problemen op te lossen.

Projecteren: je je probeert te verplaatsen in de gedachten en
gevoelens van iemand anders.

- De expressieve taalfunctie

Mensen gebruiken taal ook om te experimenteren, om hun
gevoelens te uiten, om iets te zeggen dat anderen nog niet eerder zo
gezegd hebben. Binnen de taal zijn er oneindig veel mogelijkheden om

,iets op een speciale, creatieve manier te zeggen. Hier wordt taal
gebruikt als expressiemiddel.

Het vermogen om de communicatieve functie van taal te gebruiken,
noemen we ook wel de communicatieve competentie. Of je de
communicatieve competentie goed gebruikt hangt af van je kennis van
het taalsysteem end e taalregels, maar heeft ook te maken met de
vaardigheid om een gesprek te voeren en daarbij efficiënte strategieën te
gebruiken. En je moet ook je taalgebruik kunnen aanpassen aan de
verschillende taalgebruik situaties. De communicatieve competentie
wordt ook wel onderscheiden in verschillende deelcompetenties

- Grammaticale competentie (ook wel linguïstische competentie).
Hierbij gaat het niet alleen om het kennen van grammaticale regels,
maar ook om woordenschat, het correct vervoegen en verbuigen
van woorden en de kennis van correcte uitspraak van woorden. Het
omvat alle kennis van de taal en taalregels die nodig zijn om
adequaat te kunnen communiceren
- De tekstuele competentie, hierbij gaat het om kennis van gesproken
en geschreven teksten.
- De strategische competentie. Dit is het vermogen van een
taalgebruiker om strategieën te hanteren om zo bepaalde doel te
bereiken. Het gaat om schrijf-, luister en spreekstrategieën.
- De functionele competentie. Dit is het vermogen van een
taalgebruiker om zijn taalgebruik aan te passen aan een specifieke
situatie.

De twee laatste competenties worden ook wel pragmatische competenties
genoemd, omdat ze betrekking hebben op de praktijk en het concrete
gebruik van de taal.


Mondelinge taalvaardigheid
Taalverwerving
Er zijn drie theorieën die aanbod komen:

1. Behaviorisme

Kinderen leren hun taal door imitatie. Ze bootsen de taal na die ze in hun
omgeving horen na. Ook goedkeuring ouders speelt belangrijke rol.

Kinderen produceren zinnen die ze nog nooit eerder hebben gehoord. Ook
is het dat de meest frequente woorden in onze taal (die, ik, de) niet het
eerst door kinderen geleerd worden. De woorden die als eerst geleerd

,worden zijn de concrete zelfstandig naamwoorden en werkwoorden die
verwijzen naar dingen en acties uit de directe omgeving van kinderen,
zoals stoel, auto en eten.

2. Creatieve constructietheorie (of mentalisme)

Kinderen imiteren de taal niet simpelweg, maar beschikken over een
aangeboren taalvermogen waarmee ze op een creatieve manier zinnen
kunnen bouwen.

Een aanwijzing voor een aangeboren taalmechanisme ligt in het feit dat
een kind elk willekeurige taal kan leren. Met het aangeboren
taalleervermogen is een kind in staat om zelf structuur te ontdekken in de
taal en kan het ook zinnen vormen die het nog nooit eerder heeft
gehoord.

Wel is het zo dat de volgorde waarin een kind zich een taal eigen maakt
wordt bepaald door biologische rijping.

Er wordt hier sterk de nadruk gelegd op de creatieve manier waarop een
kind met behulp van taalvermogen zelf zijn taal construeert. Aandacht
taalaanbod naar achterkant.

3. Interactionele benadering

Men onderschrijft het belang van aangeboren taalvermogen, maar
benadrukt het taalaanbod van de omgeving en de interactie tussen een
kind en andere moedertaalsprekers belangrijk is bij het leren van een taal.

Eerstetaalverwerving
Verschillende niveaus:

- Fonologisch: vormen van spraakklanken (baby die alleen maar losse
spraakklanken zegt)
- Morfologisch: de manier waarop woorden worden gevormd.
Kinderne maken zich geleidelijk aan de regels voor de opbouw van
Nederlandse woorden eigen. Begint met ‘gevald’ of ‘geloopt’. Maar
in de loop van hun taalontwikkeling komt gevallen en gelopen.
- Semantisch: betekenis van woorden. Ze leren niet in één keer de
exacte betekenis van een woord. Kan zo zijn dat ze eerst alle dieren
met ‘paard’ aanduiden.
- Syntactisch: leren regels die er zijn voor het combineren van
woorden. Langzamerhand krijgen ze inzicht in de grammaticaregels.
Eerst onvolledige zinnen ‘waar bal?’ na verloop van tijd ‘waar is de
bal?’.
- Pragmatisch: regels eigen maken voor het gebruik van taal en
communicatie tussen mensen

, Hoewel het handig is om voor de beschrijving van de taalontwikkeling te
letten op de verschillende niveaus van de taal, is het leren van een taal
een totaalproces waarbij een kind met alle niveaus tegelijk bezig is.

In taalverwervingsproces onderscheiden we twee perioden:

1. De prelinguale periode (0 tot 1)

Periode voordat eerste woordjes gesproken worden, ook wel voortalige
periode genoemd. Je kunt nog niet spreken van taal omdat een kind nog
geen systeem van symbolen en regels hanteert waarmee het een
bepaalde boodschap overbrengt. Betstaat uit onsamenhangende reeksen
klanken, a-a-a-a-, u-u-u-u.

Door huilen kan een baby het eerste signaal geven. Na een week of zes
beginnen baby's zich actief met taal bezig te houden. Ze luisteren naar
stemgeluiden en beginnen zelf ook klanken te produceren ->
vocaliseren. Na ongeveer vier maanden begint een kind steeds meer te
experimenteren met het voortbrengen van geluiden. Variërende in
toonhoogte, luidheid en duur. Produceren nu ook medeklinkers. Noemen
dit vocaal spel.

Na ongeveer zes maanden begint de fase van brabbelen. Een kind
herhaalt klankgroepen zoals dadadada, bababab, mamama. Het zijn
klangroepen die al een beetje klinken als taal. De klankgroepen worden
nog gebrabbeld zonder betekenis. Als ze eenmaal begonnen zijn met
brabbelen neemt de variatie in klangroepen steeds meer toe en er is zelfs
al een soort zinsmelodie te ontdekken.

Ze oefenen in deze fase met verschillende aspecten van taal: articulatie,
klankstructuur, zinsmelodie, maar ook communicatie met anderen.

Er is allemaal materiaal ontwikkeld om hun taalvaardigheid te
ontwikkelen.

2. De linguale periode
a. Vroege linguale periode (1 tot 2,5)

Het brabbelen van de baby gaat langzamerhand over naar betekenisvol
taalgebruik. Eerst zijn woorden nog sterk gebonden aan een specifieke
context. Vaak worden de woorden nog niet helemaal correct uitgesproken.
Dit komt omdat het spreekmechanisme van een kind nog niet zo ver
ontwikkeld is dat dhet alle klankencombinaties kan uitspreken.

In het begin lijkt het alsof het kind alleen maar losse woordjes spreekt,
maar het blijkt dat die woorden al wel het karakter van een zin hebben.
Als een kind eenmaal zo ver is, zit het in de fase van de eenwoordzin.
Deze fase begint gemiddeld genomen rond het eerste levensjaar. Aan het

Gekoppeld boek
 image
Henk Huizenga, Robbe Basiskennis taalonderwijs
Uitgever: 15-05-2020 ISBN: 9789001745363 Druk: 3

Documentinformatie

Heel boek samengevat?
Ja
Geüpload op
24 juli 2026
Aantal pagina's
46
Geschreven in
2025/2026
Type
Samenvatting
€7,66

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kun je een ander document kiezen. Je kunt het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Seller avatar
De reputatie van een verkoper is gebaseerd op het aantal documenten dat iemand tegen betaling verkocht heeft en de beoordelingen die voor die items ontvangen zijn. Er zijn drie niveau’s te onderscheiden: brons, zilver en goud. Hoe beter de reputatie, hoe meer de kwaliteit van zijn of haar werk te vertrouwen is.
floor369
3,5
(2)
Verkocht
45
Volgers
39
Items
21
Laatst verkocht
5 maanden geleden

Echte notities, van echte studenten
Elk document op Stuvia is geschreven door een medestudent die hetzelfde vak deed. Zo leer je van iemand die het al heeft gehaald.


Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen