Studentennummer:
E-mailadres:
Module: ZIDP, ONDKWA01_TOETS1
Werkplek: Gespecialiseerde wondzorg
Plaats:
Werkbegeleider:
Docentbegeleider:
Examinator:
Woorden artikel: 4.180
Woorden Samenvatting: 289
Datum:13-06-2026
Afbeelding gegenereerd met behulp van ChatGPT (OpenA1, 2026)
Factoren die adequaat mechanisch
debridement beïnvloeden
Een kwalitatief onderzoek onder verpleegkundigen en
verzorgenden binnen ….Naam organisatie
,Samenvatting
Titel
Factoren die adequaat mechanisch debridement beïnvloeden. Een kwalitatief onderzoek onder
verpleegkundigen en verzorgenden binnen …
Inleiding
Adequaat mechanisch debridement is een belangrijk onderdeel van wondbehandeling bij complexe
en chronische wonden. Binnen de verpleegkundige praktijk blijkt dat mechanisch debridement niet
adequaat wordt uitgevoerd, ondanks scholingen en richtlijnen. Onvoldoende uitvoering kan
wondgenezing vertragen en het risico op complicaties vergroten.
Doel
Het doel van dit onderzoek is inzicht te verkrijgen in factoren die adequaat mechanisch debridement
bij complexe en chronische wonden beïnvloeden binnen …..naam organisatie, gemeente ….., om
aanbevelingen te formuleren.
Onderzoeksvraag
“Welke factoren beïnvloeden adequaat mechanisch debridement bij complexe en chronische wonden
door verpleegkundigen en verzorgenden binnen …. in de gemeente …?”
Methode
Er is een kwalitatief beschrijvend onderzoek uitgevoerd met semigestructureerde interviews onder
acht verpleegkundigen en verzorgenden uit de intra-en extramurale zorg. De interviewtopiclijst werd
opgesteld op basis van het TICD-framework. De interviews zijn thematisch geanalyseerd.
Resultaten
Uit de analyse kwamen zeven thema’s naar voren: kennis en vaardigheden, attitudes en
overtuigingen, sociale invloeden, richtlijnen en protocollen, organisatorische factoren,
cliëntgebonden factoren en ondersteuning door wondexpertise. Binnen deze thema’s werden
praktijkervaring, pijnreacties van cliënten, samenwerking, cognitieve problematiek en
onduidelijkheden in protocollen genoemd als factoren die samenhangen met mechanisch
debridement.
Conclusie
Adequaat mechanisch debridement wordt beïnvloed door meerdere samenhangende factoren.
Praktijkervaring, ervaren onzekerheid, pijnreacties van cliënten en ondersteuning door
wondverpleegkundigen lijken daarbij een belangrijke rol te spelen. De bevindingen wijzen erop dat
deskundigheid rondom mechanisch debridement vooral in de dagelijkse praktijk wordt ontwikkeld en
ondersteund door samenwerking en wondexpertise.
Aanbevelingen
Aanbevolen wordt scholingen beter aan te laten sluiten op de dagelijkse praktijk, mechanisch
debridement structureel binnen teams te bespreken en praktische toelichting te bieden naast
protocollen. Daarnaast wordt aanbevolen aandacht te besteden aan pijnbeleving, cliëntgerichte zorg
en cliëntgerichte besluitvorming tijdens mechanisch debridement.
1
, Inleiding
Wondzorg vormt een belangrijk onderdeel van de dagelijkse praktijk van verpleegkundigen en
verzorgenden, mede door de toename van complexe en chronische wonden. In Nederland hebben
naar schatting 350.000 tot 500.000 mensen een chronische of complexe wond (Brekelmans et al.,
2020). Chronische wonden, zoals ulcus cruris, diabetische voetulcera en decubitus, kunnen bij
stagnatie leiden tot langdurige zorg en vereisen vaak multidisciplinaire, gespecialiseerde wondzorg
(V&VN, 2018).
Debridement wordt internationaal en in Nederland beschouwd als een essentieel onderdeel van de
wondbehandeling. Hierbij wordt niet-vitaal weefsel, zoals necrose, fibrine en biofilm verwijderd, om
een optimale wondomgeving te bevorderen (Mayer et al., 2024). Er worden verschillende vormen
onderscheiden, waaronder scherp, mechanisch, autolytisch en enzymatisch debridement. Scherp
debridement vereist specifieke deskundigheid en wordt uitgevoerd met steriele instrumenten, zoals
scalpel of curette. Mechanisch debridement, met bijvoorbeeld een gaas, debridementpad of pincet,
wordt veelal toegepast door verpleegkundigen en verzorgenden (Strohal et al., 2013; Mayer et al.,
2024).
Dit onderzoek richt zich op mechanisch debridement door verpleegkundigen en verzorgenden.
In dit onderzoek wordt onder adequaat mechanisch debridement verstaan: het doelgericht
verwijderen van niet-vitaal weefsel volgens geldende richtlijnen (Mayer et al., 2024).
Zorgorganisatie … biedt intra-en-extramurale zorg, revalidatiezorg, wonen met zorg en
gespecialiseerde zorg. Binnen deze organisatie zijn verpleegkundigen en verzorgenden
verantwoordelijk voor wondzorg, waaronder mechanisch debridement. Wondzorg valt binnen het
verpleegkundig domein, waarbij verpleegkundigen verantwoordelijk zijn voor het signaleren van
gezondheidsproblemen, het uitvoeren van verpleegkundige interventies en het toepassen van
klinisch redeneren (CGMV-vakorganisatie voor christenen et al., 2015; Lambregts et al., 2015). De
onderzoeker is werkzaam als wondverpleegkundige binnen het team gespecialiseerde zorg (regio
Noord) en ondersteunt bij complexe en chronische wonden door wondbeoordeling, het opstellen van
wondbeleid en het uitvoeren van scherp debridement.
Binnen …. worden scholingen aangeboden en is in zorgplannen vastgelegd wat er verwacht wordt bij
wondreiniging, inclusief mechanisch debridement. Hiermee sluit de organisatie aan bij het in de
literatuur beschreven belang van adequaat debridement voor wondreiniging (Mayer et al., 2024).
Binnen het werkgebied van de gemeente … wordt tijdens de driewekelijkse wondconsultaties,
uitgevoerd door de wondverpleegkundige (auteur), bij alle consultmomenten gezien dat mechanisch
debridement bij complexe of chronische wonden niet adequaat wordt uitgevoerd. Dit uit zich in de
aanwezigheid van loszittende fibrine, necrose en korstvorming op en rondom de wondranden. Deze
signalen worden herkend en besproken tijdens het tweewekelijks overleg binnen het wondteam
gespecialiseerde zorg.
Ondanks scholingen en zorgplannen gericht op adequaat debridement, wordt mechanisch
debridement in de praktijk niet consequent adequaat uitgevoerd. Dit kan leiden tot een verhoogd
infectierisico en vertraagde wondgenezing (Mayer et al., 2024). Inzicht in de factoren die dit
beïnvloeden ontbreekt. Deze kenniskloof vormt de aanleiding voor dit onderzoek.
Bij de tekstredactie van dit artikel is gebruikgemaakt van ChatGPT (OpenAI). De auteur blijft
verantwoordelijk voor de inhoud.
2