,Ik heb een werkblad en schrijfdiploma ontworpen, te zien in Bijlage ... Beide in het
thema Dierentuin. Het werkblad bestaat uit 8 zinnen die in verbondenschrift geschreven
moeten worden. Deze schrijfzinnen zijn om verschillende redenen gekozen. Allereerst
sluiten ze aan bij het thema Dierentuin, dat ook verwerkt wordt in het schrijfdiploma. Zo
vormt alles een geheel. Daarnaast worden er verschillende namen en plaatsnamen
genoemd, om te toetsen of de leerlingen de hoofdletters niet vergeten. Ook komen er
moeilijke letterverbindingen aan bod, zoals de “br” in zebra’s, de “vi” in vissen, de “oo”
in groot en de “q” in aquarium. Tot slot is erop gelet dat woorden niet dubbel voorkomen
en dat er zoveel mogelijk verschillende letterverbindingen en letters aan bod komen,
zodat er op alle onderdelen getoetst kan worden.
Om het diploma te kunnen behalen, moet aan de volgende criteria worden voldaan:
1. De letters zijn duidelijk en moeiteloos te herkennen.
2. De letters staan netjes op de grondlijn.
3. Rompletters worden geschreven tussen de grondlijn en de romplijn.
4. Hoofdletters en bovenlussen reiken tot bijna de vorige regel.
5. Onderlussen gaan tot halverwege de volgende regel.
6. Alle bovenlusletters zijn even hoog en alle onderlusletters even laag.
7. Alle letters staan in dezelfde richting.
8. De letters zijn op een juiste en logische manier aan elkaar verbonden.
9. De tekst is geschreven zonder letterverhakingen.
10. De leerling heeft tijdens het schrijven een juiste schrijfhouding (beide voeten op
de grond, rug tegen de leuning, goed pengreep).
Deze criteria is gekozen om verschillende redenen. Schrift is functioneel, in sommige
gevallen zelfs noodzakelijk. Daarbij is het een vereiste dat het schrift leesbaar is.
Volgens Kooijman-Thomson (2025), is de leesbaarheid van het schrift te onderscheiden
in drie verschillende niveaus waarbij de eerste gericht is op het, zonder twijfel, kunnen
ontcijferen van de verschillende tekens. Dit moet zowel in context als zonder context
moeiteloos lukken. Naar aanleiding van dit standpunt is het eerste criterium van dit
diploma tot stand gekomen.
Om de letters moeiteloos te kunnen herkennen is het belangrijk dat er geen
letterverhaking in het schrift voorkomt. Soms moet er op een regel iets meer ruimte
genomen worden om te voorkomen dat de lus- en stokletters verhaken met de regel
daarboven (Kooijman, 2022). Dit is opgenomen in criteria 9.
Als er wordt gekeken naar het handschrift van leerlingen van het Voortgezet Onderwijs
blijkt uit onderzoek dat het vaak bij specifieke schrijfcriteria mis gaat, met slordig of
zelfs onleesbaar handschrift als gevolg (Kooijman-Thomson, 2020). Het gaat onder
andere om onregelmatige romphoogte, incorrecte letter verhoudingen (romp-stok-lus).
Het is daarom belangrijk om deze criteria te automatiseren voordat een eigen
handschrift ontwikkeld wordt. In het onderzoek van Kooijman-Thomson (2020), zorgt dit
voor leesbaarheid op het tweede niveau; ‘regelmaat op het niveau van schrift'. Daarom
wordt voor dit diploma getoetst aan criteria 2, 3, 4, 5 en 6.
,Om het schrijfdiploma te behalen wordt er ook gekeken naar het proces van de leerling.
Het is daarbij belangrijk dat de leerling bewust, een correcte schrijfhouding aanneemt
tijdens het schrijven. Voor een goed resultaat van het schrijfwerk, is volgens Arends et
al. (2021) het hele lichaam nodig. Richtlijnen daarvoor zijn: beide voeten plat op de
grond, rug tegen de leuning, niet-schrijfhand plat om het papier en juiste driepunts
pengreep. Voor het behalen van de diploma wordt daarom gekeken naar criteria 10.
,