Publiek- en organisatiemanagement
- Publiek management = management in een publieke context waarin:
Meerdere belangen spelen
Maatschappelijke waarden centraal staan
Politieke verantwoording nodig is
- Organisatiemanagement = het omgaan met expertise, professionaliteit en interne
spanningen bij kennisintensieve organisaties (ziekenhuizen, universiteiten, beleidsteams)
- Veel organisaties zijn betrokken bij maatschappelijke vraagstukken, maar zij werken allemaal
binnen hun eigen expertise:
Eigen doelen, culturen en belangen
Worden verschillend aangestuurd
Moeten wél samen publieke problemen oplossen
- Gevolg: niemand voelt zich eigenaar van het totaal. Iedereen doet ‘zijn eigen stukje goed’,
maar samen loopt het vast
- Organisatiemanagement richt zich op:
Managen van complexe, kennisintensieve publieke organisaties
Gaat niet alleen over sturen en regelen, maar over het professioneel omgaan met:
o Spanningen
o Kennis
o Cultuur
o Waarden
Hoe organiseer je samenwerking, afstemming en samenhang tussen organisaties en
professionals?
- Organisatie managet onoplosbare spanningen:
Expliciet maken van spanningen
Organiseren van dialoog
Voorkomen dat één waarde alles domineert
Wanneer is organisatiemanagement geschikt?
- We leven in een kennissamenleving met:
Veel specialistische kennis, informatie en expertise
Hype-issues door internet en media
Aandacht als schaarse hulpbron
- Publieke organisaties zijn daardoor steeds vaker kennisintensieve organisaties =
organisaties waarvan informatie, professionaliteit en expertise het primaire “productiemiddel”
zijn:
Paper-, meeting- en symbol-driven (veel besluitvorming via documenten,
vergaderingen en symbolisch handelen)
Professionals spelen een centrale rol (artsen, docenten, etc. met unieke kennis en
autonomie)
Complexe omgeving (relatie met politiek, media, burgers en belangenorganisaties)
Dubbele loyaliteit (niet alleen aan organisatie, maar ook aan eigen vak/professie)
- Organisatiemanagement past bij vraagstukken die:
Kennisintensief zijn (veel expertise nodig, geen simpele oplossing)
Worden uitgevoerd door professionals (met autonomie & vaknormen)
Moeilijk te standaardiseren zijn (maatwerk is nodig)
Vaak interorganisatorisch zijn (meerder organisaties zijn betrokken)
Toepassingen organisatiemanagement
- Management van kennis:
, Hoe zorg je dat kennis wordt gedeeld en gebruikt?
Kennis = belangrijkste productiemiddel, wat in hoofden van mensen zit, niet in
systemen
Delen en benutten, zonder haar kapot te maken door te veel standaardisering
Kennissysteem, kenniskringen (communities of practice), kenniscentra
Doel: tacit knowledge = stilzwijgende, persoonlijke kennis die je opdoet met ervaring,
maar die je moeilijk onder woorden kunt brengen
- Management van professionals:
Professionals hebben autonomie, zijn weinig gevoelig voor hiërarchische sturing en
willen inhoudelijke ruimte
Managen doe je via professionele ontwikkeling, werkvloeraansluiting en zingeving en
binding
- Management van waarden & cultuur:
Publieke organisaties hebben vaak tegenstrijdige waarden, die je moet balanceren
Hybride organisaties hebben publieke én private logica’s, verschillende subculturen
en diverse identiteiten
Managers moeten verschil erkennen, waarden expliciteren, dialoog organiseren en
gedrag beïnvloeden
Organisatiemanagement in de expertsetting
- Expertsetting = situatie waarin omgeving relatief stabiel is, maar vraagstukken inhoudelijk
extreem complex zijn specialistische kennis, expertise en professionaliteit nodig om te
begrijpen wat er aan de hand is en hoe je iets kunt oplossen
- Aanpak van vluchtige issues te midden van kennisintensieve instituties
- Issue-indicatoren (vraagstukken):
Vraagstukken komen vluchtig op en veranderen snel lastig te beschrijven en te
begrijpen (wat als probleem geldt, staat steeds ter discussie)
Productieprocessen zijn kennisintensief (veel stukken, analyse, gesprekken en
overleg)
- Institutionele indicatoren (omgeving):
Kennisintensief domein
Veel kennisinstituten en beroepsgroepen actief die invloed hebben
Relaties tussen organisaties zijn instabiel (tijdelijk, situationeel, niet strak vastgelegd)
- Organisatiemanagement past hierbij omdat:
Standaardprocedures (bedrijfsmanagement) niet werken
Interpretatie, ervaring, zachte kennis en professionele autonomie spelen
Uitkomsten niet altijd direct zichtbaar, meetbaar of eenduidig zijn
Wat doet organisatiemanagement?
- Organisatiemanagement helpt om:
Professionals te organiseren zonder hun autonomie te verstikken
Waarden en cultuur te balanceren binnen organisaties
Samenwerking tussen organisaties en beroepen vorm te geven
- Het gaat niet om ‘zo efficiënt mogelijk draaien’, maar om professioneel organiseren in een
wereld van meerdere waarheden en beroepsculturen
Week 2. De dubbele uitdaging & het belang van bureaucratie
Organisatiemanagement in de laatmoderniteit