Bromfietsrijbewijs AM Theorie-examen 2026 –
Complete Samenvatting
Complete samenvatting voor het CBR theorie-examen bromfiets/scooter (rijbewijs AM):
gebruik van de weg, voorrangsregels, verkeerstekens, verantwoorde en milieubewuste
verkeersdeelname, wetgeving en voertuigkennis — inclusief 3 praktijkcasussen,
oefenvragen met uitleg en examenstrategie.
Examenoverzicht
Examenorgaan: CBR (Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen)
Aantal vragen: 50 (plus 2 niet-meetellende testvragen)
Examenduur: 30 minuten (45 minuten bij examen met extra tijd of individuele
begeleiding)
Slagingsgrens: minimaal 43 van de 50 vragen goed (maximaal 7 fout)
Basis: RVV 1990, Reglement rijbewijzen, CBR-exameneisen bromfiets/AM
1. Gebruik van de weg
Plaats op de weg
• Bromfietsers rijden binnen de bebouwde kom in principe op de rijbaan, tenzij een
bord aangeeft dat het fietspad verplicht is voor bromfietsers.
• Buiten de bebouwde kom is een bromfietser verplicht gebruik te maken van het
fietspad, indien aanwezig.
Voorsorteren en inhalen
• Bij het voorsorteren op een kruispunt moet tijdig de juiste rijstrook worden gekozen
op basis van de gewenste rijrichting.
• Inhalen mag alleen als er voldoende zicht en ruimte is en het niet verboden is door
bebording of doorgetrokken streep.
Maximumsnelheid
• De maximumsnelheid voor bromfietsen is doorgaans 45 km/u, tenzij een lagere
snelheid is voorgeschreven (bijvoorbeeld binnen de bebouwde kom op bepaalde
wegen of voor snorfietsen die 25 km/u mogen).
Stilstaan en parkeren
• Een bromfiets mag niet worden geparkeerd op een wijze die het overige verkeer,
voetgangers of de doorgang belemmert, en niet op plaatsen waar een parkeerverbod
geldt.
Pagina 1 van 17
,Bromfietsrijbewijs AM Theorie-examen 2026 Stuvia
2. Voorrang en voor laten gaan
Basisregel
• Op kruispunten zonder verkeersborden of -tekens geldt de regel: verkeer van rechts
heeft voorrang.
Voorrang bij bijzondere manoeuvres
• Een bromfietser die van rijstrook wisselt, een parkeerplaats verlaat, of een fietspad
kruist met de doorgaande weg, moet altijd voorrang verlenen aan het overige verkeer
op de doorgaande weg.
Voorrang voor voetgangers
• Op een zebrapad moet altijd voorrang worden verleend aan voetgangers die al op
het zebrapad lopen of duidelijk op het punt staan over te steken.
Pagina 2 van 17
, Bromfietsrijbewijs AM Theorie-examen 2026 Stuvia
3. Bijzondere wegen, weggedeelten en manoeuvres
Fietspad en fietsstrook
• Een bromfiets mag alleen op het fietspad rijden als dit is toegestaan (aangegeven
met een bord); op een fietsstrook (onderbroken streep naast de rijbaan) mogen
bromfietsen doorgaans wel rijden, tenzij anders aangegeven.
Manoeuvres
• Bij het keren, achteruitrijden of wegrijden vanaf de kant van de weg moet altijd
voorrang worden verleend aan al het overige verkeer.
Pagina 3 van 17