Airway & Breathing
Luchtwegklachten
Initiële vragen
● Zou zuurstoftherapie helpen? Zuurstoftherapie is vooral effectief bij parenchymale
aandoeningen
● Signalement? raspredisposities (bv. BOS)
● Relevante ziektegeschiedenis? Glucocorticoïden en hartaandoeningen
● Hoe acuut zijn de verschijnselen?
● Is er hoesten? Bij honden kan dit duiden op hartaandoeningen of voorste
luchtwegcollaps, bij katten duidt dit op astma (onderste luchtweg ziekte)
● Is er luid geadem?
● Is er hyperthermie of hypothermie? Hyperthermie kan duiden op pneumonie,
hypothermie op hartfalen
demnood: verschil tussen honden en katten:
A
Hond Kat
● Hijgen bij voorste ● A demen normaal gesproken door
luchtwegklachten, maar dit kan ook de neus, bij ademnood openen ze
normaal zijn met open mond
● Verminderd uithoudingsvermogen, ● Minder actief,
dit is vaak wel op te merken bij uithoudingsvermogen is bij katten
honden vaak moeilijk te beoordelen
Voorste luchtwegaandoeningen
Symptomen van voorste luchtwegaandoeningen zijn:
● Luide stridor met een verhoogde inspiratoire tijd en droge hoest
● Dynamisch (larynxparalyse, tracheacollaps) of gefixeerd (neoplasie, poliep)
● Nasale en nasofaryngeale aandoeningen
○ Stridor
○ Nasale uitvloeiing
○ Niezen
○ Reverse sneezing
● Larynx en trachea aandoeningen
○ Stridor
○ Hoesten
○ Kokhalzen
Veel voorkomende voorste luchtwegaandoeningen
● Brachycefaal obstructief syndroom (BOS)
● Larynxparalyse
● Tracheacollaps
,
● asofaryngeale poliepen
N
● Nasofaryngeale stenose
● Nasofaryngeale CA
● Neoplasie
● Trachea CA
Brachycefaal Obstructief Syndroom (BOS)
Bij BOS leiden anatomische veranderingen tot een verhoogde weerstand tijdens inspiratie.
linische verschijnselen
K Spoedbehandeling
Deze anatomische veranderingen zijn ao.: 1. Zuurstof!!
● Verlengd palatum molle 2. Sedatie om de vicieuze cirkel te
● Stenotische neusgaten doorbreken
● Hypoplastische trachea ○ Acepromazine 5-20 mcg/kg
● Prominente nasofaryngeale IV/IM
turbinaten ○ Butorfanol 0,2-0,3 mg/kg
● Verdikte tong IV/IM
3. Actieve koeling om de rectale
temperatuur tussen 37-39oC
te
houden
4. Evt. inductie en intubatie
5. Evt. corticosteroïden
(dexamethason 0,15 mg/kg IV)
6. Evt. chirurgie en tracheostomie
Larynxparalyse
arynxparalyse kan een aangeboren probleem zijn, maar vaker is het een verkregen
L
probleem. Dit kan agv trauma, neoplasie, geassocieerd met hypothyreoïdie, diabetes
mellitus of myasthenia gravis. Ook is het vaak idiopathisch
Het komt vooral voor bij grote rassen, meer bij mannen dan vrouwen
Klinische verschijnselen Spoedbehandeling
● Stridor (het dier kan het arytenoïde 1. Zuurstoftherapie
kraakbeen niet abduceren tijdens 2. Vermindering van laryngeaal
inspiratie) oedeem
● Verhoogde inspiratoire inspanning ○ Dexamethason 0,1 mg/kg
● Dysfonie (abnormale vocalisatie) IV OF
● Kokhalzen, vooral na eten/drinken ○ Carprofen 2-4 mg/kg IV
● Hoesten 3. Sedatie → stress minimaliseren
● Flauwvallen ○ Butorfanol 0,1-0,3 mg/kg
● Verminderd uithoudingsvermogen IV/IM
○ Acepromazine 0,05– 0,1
mg/kg IV/IM
4. Actieve koeling
5. Evt. inductie en intubatie
,Onderste luchtwegaandoeningen
Feline Lower Airway Disease (FLAD)
eline lower airway disease bestaat uit feline astma en chronische bronchitis. Parasitaire
F
ziektes kunnen ook een rol spelen. Acute ademnood kan komen door bronchoconstrictie en
obstructies door een mucusplug.
Klinische verschijnselen Spoedbehandeling
● Hoesten (of een geschiedenis 1. Zuurstoftherapie
hiervan) 2. Bronchodilatoren: β2 agonisten
● Expiratoire dyspneu met een ○ Albuterol (salbutamol) als
abdominale buikpers inhalator
● Ademen met open mond ○ Terbutaline (0,01 mg/kg
● Nek extensie IV/IM/SC
● Elleboog abductie 3. Glucocorticoïden op een
● Expiratoir piepen en +/- kraken ontstekingsremmende dosis
○ Bij parasitaire oorzaken 4. Sedatie (butorfanol 0,1-0,3 mg/kg
hoor je dit mogelijk bij IV/IM)
inspiratie
Pulmonaire Parenchymale Aandoeningen
Klinische verschijnselen
● Tachypneu
● Orthopneu (kortademigheid)
● Verhoogde respiratoire inspanning
● Hond: productieve hoest + souffle
Cardiogeen longoedeem
ardiogeen longoedeem is een resultaat van congestieve linker hartfalen. Neurohormonale
C
activatie leidt tot natrium- en waterretentie, waardoor er een verhoogde bloeddruk ontstaat in
de vaten. De vloeistof zal vervolgens in het pulmonaire interstitium en de alveolaire ruimte
lekken.
Spoedbehandeling erdere behandeling
V
1. Zuurstoftherapie Het diureticum moet voortgezet worden.
2. Diuretica (furosemide) Furosemide in een diureticum, dat de
3. Sedatie (butorfanol 0,1-0,3 mg/kg absorptie van natrium en calcium
IV/IM) inhibeert. Hierdoor ontstaat natriurese en
dus diurese. Dit wordt IV/IM/SC gegeven
met een dosering van 2–4 mg/kg q1-3u
(hond) of 1–2 mg/kg q2-3u (kat).
Non-cardiogeen longoedeem
n-cardiogeen longoedeem bevindt zich meestal in de caudodorsale longen, en kan leiden
N
tot cardiale aritmieën.
, eurogeen longoedeem
N
Neurogeen longoedeem is een secundair verschijnsel na hoofdtrauma, elektrocutie of
toevallen. Hypothalamische schade leidt tot een catecholamine afgifte. Dit resulteert in een
grote perifere vasoconstrictie en hypertensie, wat leidt tot een verhoogde afterload en
veneuze return. Hierdoor ontstaat er een verstoring in de pulmonale capillair endotheel. Ook
kan de afgifte van endotheline 1, een vasoconstrictor, een rol spelen in de verhoging van de
pulmonale druk.
egatieve druk longoedeem
N
Negatieve druk longoedeem is een gevolg van een voorste luchtwegobstructie, zoals
strangulatie. Het komt weleens bij puppy's voor, die nog niet getraind zijn met een halsband.
Bij te hard trekken ontstaat er strangulatie. Er ontstaat een verhoogde transpulmonale druk
bij het inademen tegen een voorste luchtwegobstructie.
Spoedbehandeling
1. Zuurstoftherapie
○ Evt. mechanische ventilatie
ijk uit met vloeistoftherapie, dit kan het longoedeem verergeren.
K
Furosemide doet waarschijnlijk niks, doordat het mechanisme van de formatie van het
oedeem anders is.
Long Kneuzingen
Long kneuzingen ontstaan secundair aan stomp trauma.
Klinische verschijnselen
● Bloeding in het longparenchym en alveoli
○ Mogelijk hemothorax
● Kan erger worden in de eerste 24-48 uur
● Accumulatie van fibrine, celresten en witte bloedcellen
● Kan leiden tot acute respiratory distress syndrome (ARDS)
Pneumonie
Dx
D
Bacterieel
● Bordetella bronchiseptica (hond)
● Staphylococcus en Streptococcus spp
● Pasteurella, Nocardia, Actinomyces
● Corpora aliena
Aspiratiepneumonie (komt veel voor in honden)
● Braken, regurgiteren
● Neurologisch
● Larynxaandoening
Viraal
● Hond: vaak multifactorieell (canine influenza virus, canine parainfluenza virus,
distemper, CAV-2)
● Kat: feline herpesvirus-1, feline calicivirus