Hoorcollege 1: De effecten van aandacht (op informatieverwerking in sensorische
gebieden)
Selectieve aandacht:
- Een covert, cognitief hersenmechanisme
- Het helpt ons relevante dingen te zien en irrelevante dingen te negeren
Aandachtsystemen:
- Vrijwillig (endogeen/top-down)
o Gebaseerd op doelen, verwachtingen of kennis
o Jij kiest zelf waar je aandacht naartoe gaat
- Onvrijwillig (exogeen/bottum up)
o Stimulus gedreven: bijvoorbeeld iets opvallends in de omgeving
o Je aandacht wordt automatisch getrokken, zonder dat je het kiest
Belangrijk: deze systemen zijn altijd in competitie met elkaar.
Wat doet aandacht met perceptie?
- Het bepaalt wat je ziet of mist
o Aandacht kan ervoor zorgen dat je bepaalde dingen opmerkt of juist helemaal
niet ziet
o Voorbeeld: inattentional blindness: gorilla experiment
- Verandert hoe intens je iets ervaart
o Aandacht kan een prikkel helderder of sterker maken, of juist minder
opvallend
o Voorbeeld: als je ergens op let, lijkt een contrast of geluid sterker dan wanneer
je er niet op let
Modellen van informatieverwerking van selectieve aandacht
Centrale vraag vroeger: wanneer in de verwerking van geluid of beeld beïnvloedt aandacht
wat je waarneemt?
Belangrijkste modellen:
- Vroege selectiemodel
o Aandacht werkt vroeg in de verwerking
o Niet-geattendeerde informatie wordt niet verwerkt
- Late selectiemodel
o Aandacht werkt later
o Eerst wordt alle informatie volledig semantisch verwerkt, pas daarna
geselecteerd
o Cocktailparty-effect: je hoort je naam zelfs als je ergens anders op let
- Flexibel model
o Afhankelijk van de hoeveelheid beschikbare aandacht
, PERCEPTIE TOT BEWUSTZIJN BLOK 3
• Veel aandacht> vroeg selectiemodel (& als het hoofddoel moeilijk is: je
hebt veel te verwerken)
• Weinig aandacht> late selectiemodel (& als het hoofddoel makkelijk is: je
hebt weinig te verwerken)
EEG deel:
- Van EEG (single trials) maar ERP (average across trials)
o ERP= event related potential;
• Gemeten hersenreactie op een specifieke gebeurtenis of stimulus
• Het laat zien hoe snel en hoe sterk je hersenen reageren op iets dat je
ziet, hoort of voelt
Algemene regel (sterke simplificatie):
- Vroege componenten (vroege pieken): voornamelijk sensorische processen
o Geen ingewikkelde cognitieve controle processen geactiveerd, maar wel basale
visuele verwerking in de visuele cortex
- Late componenten (P300): reflecteren
cognitieve processen
Vroege selectie tijdens auditieve aandacht
- N1 effect: negatieve piek in ERP, rond 100ms
na een auditieve stimulus
o Wanneer je je aandacht richt op een
geluid, wordt de N1 component groter
o Auditieve systeem reageert dus sterker op
een relevante stimuli
- Mismatch negativity (MMN): verschijnt wanneer
er een afwijkend geluid is binnen een reeks
herhalende tonen
o Bij zowel de attended als de unattended
(wel veel kleiner hier) is hij aanwezig
o Dus het brein filtert niet alle informatie uit
dat oor weg: anders zou je dat effect niet
vinden
- Processing negativity : 130-250 ms
o Wanneer iemand aandacht richt op bepaalde geluiden (bijv. een toonhoogte,
een stem, of een locatie).
, PERCEPTIE TOT BEWUSTZIJN BLOK 3
- P300: is een positieve piek
o Alleen bij attended: dus afhankelijk van
aandacht
o Bewuste herkenning en aandacht
o Laat selectie mechanisme
o Wordt gebruikt voor bewustzijnsonderzoek: in
studies met patiënten in een coma, kan men
kijken of P300 verschijnt bij een betekenisvolle
stimulus
Deviance-related difference waves
- Je trekt de ERP van de standaardstimuli af van de ERP
van de deviants (afwijking)
o Zo krijg je alleen de hersenactiviteit die
specifiek is voor de afwijking
Effecten van spatiele aandacht op visuele ERP’s (vroege
effecten)
Spatiële aandacht> je aandacht richten op een specifieke plek in
het gezichtsveld, nog vóórdat de stimulus verschijnt. Je richt je
aandacht naar links-zonder je ogen te bewegen:
- Stimulus op de plek van aandacht (attended
location)
o P1-N1 amplitudes worden groter
o Dit betekent dat de hersenen sterker
reageren op stimuli op de plek waar je
aandacht al op gericht was
• Ook wel gain modulation
genoemd
- Selection negativity (SN): 150-250ms
o Een negatieve ERP-component die optreedt wanneer je aandacht richt op een
specifieke feature van een stimulus (kleur of oriëtatie)
o Wat laat dit zien? Dat je hersenen selectief verwerken op basis van wat
belangrijk is> niet alleen waar iets is maar wat het is
- P3/P300: positieve piek rond 300-600ms