Geschreven door studenten die geslaagd zijn Direct beschikbaar na je betaling Online lezen of als PDF Verkeerd document? Gratis ruilen 4,6 TrustPilot
logo-home
Document preview thumbnail
Voorbeeld 4 van de 48 pagina's
Samenvatting

Volledige samenvatting psychologie inclusief gastcolleges - Prof. Vanderhallen

Document preview thumbnail
Voorbeeld 4 van de 48 pagina's

Deze samenvatting bevat alles wat aan bod is gekomen tijdens de colleges van professor Vanderhallen en de gastcolleges aangevuld met het handboek.

Voorbeeld van de inhoud

Onderzoeksmethoden in de psychologie
1. Wetenschappelijk onderzoek
• Wetenschappelijk onderzoek: wetenschappelijke methode maakt psychologie tot wetenschap

- Moet onderscheid worden gemaakt tussen fundamenteel wetenschappelijk onderzoek
(draagt bij tot kennisverwerving over menselijk gedrag) ) versus toegepast
wetenschappelijk onderzoek (bepaalde bevindingen over menselijk gedrag toegepast in
bepaalde context)

- Normatief (beschrijft hoe werkelijkheid zou moeten zijn) versus empirisch
wetenschappelijk onderzoek (beschrijft hoe werkelijkheid is o.b.v. observaties en
metingen)

Psychologisch onderzoek = empirisch onderzoek



• Voorbeelden niet-empirische vragen (normatieve vragen):

- Ethisch: mogen dieren/mensen gebruikt worden voor (medische) proeven?

- Moraal: mag euthanasie uitgevoerd worden?

- … (waarden, voorkeuren, existentiële vragen, religieuze vragen…)

- Wetgeving: wat is een misdrijf? Welke rechten dient een verdachte idealiter te hebben?



• Onderzoeksmethoden van sociaal- wetenschappelijk onderzoek  psychologisch onderzoek valt
daaronder

• Twee centrale kwaliteitseisen:

- Betrouwbaarheid  verwijst naar consistentie: ingeval van herhaling dezelfde resultaten
bekomen (= hypothetisch gezien)

 verschil in betekenis ‘betrouwbaarheid’ in dagelijkse leven. In het recht wordt met
betrouwbaarheid de validiteit bedoeld: heeft een ooggetuige een verklaring gegeven die
overeenstemt met wat werkelijk gebeurd is? Het juridisch equivalent voor het
psychologisch begrip betrouwbaarheid is consistentie

= noodzakelijke voorwaarde voor validiteit maar geen voldoende: het is niet omdat we
dezelfde resultaten gebruiken dat we accuraat meten, we moeten hiervoor juiste
instrumenten gebruiken

- Validiteit: accuraatheid: meten wat men daadwerkelijk wilt meten



• Door middel van wetenschappelijke methode en verantwoord onderzoek worden ideeën getoetst
aan de hand van objectieve observaties <-> pseudopsychologie die steunt op oncontroleerbare
uitspraken (ruime omschrijving)


1

,• Empirisch onderzoek: gaan opzoek naar objectieve observaties in empirie (werkelijkheid)

• Belangrijk om empirische cyclus te respecteren: relevante onderzoeksvraag formuleren die
richting geeft aan onderzoek



2. Fenomeen en probleemstelling
• Fenomeen = onderwerp (bv. rol van advocaat bij verdachtenverhoor: fenomeen is rechtsbijstand
en verdachtenverhoor  bespreken die en leggen link tussen die twee  dan komen we uit bij
Salduz wetgeving)

• Als dat in kaart is gebracht is belangrijk om te duiden op problematiek en dat te beschrijven en te
analyseren (bv. verdachteverhoor is vrij algemeen en onduidelijk, dit is problematiek)

• Die problematiek vormt de basis voor onderzoeksvraag (bv. wat is rol van advocaat in
rechtsbijstand bij verdachtenverhoor?)

• Heel deze beschrijving kent trechtervorm



3. Onderzoeksvraag
• = probleemstelling wordt vertaald in een onderzoekbare vraag – die moet:

- Relevant zijn

- Haalbaar zijn

- Interessant zijn

- …

• Onderzoeksvraag stuurt het onderzoek: type onderzoek, design, dataverzamelingsmethode…



4. Soort onderzoek, doelen, hypotheses
• Soort onderzoek:

- Beschrijvend, explorerend leunt aan bij beschrijvend, (gaat over nieuwe fenomenen),
verklarend, evaluerend…

• Moeten gebruik maken van theorie: twee benaderingen

- Deductief: theorie toetsen in praktijk

- Inductief: theorie ontwikkelen vanuit praktijk (theorie = verklaring, raamwerk…)

- Afhankelijk van onderzoek zullen we ofwel doelen exploreren (beschrijvend, explorerend)
versus hypotheses (verklarend, evaluerend)

• Concepten (in onderzoeksvraag / hypotheses) – moeten we definiëren & meetbaar maken door:




2

, - Conceptualiseren: bepaalt wat concept precies betekent binnen onderzoek, je geeft
conceptuele definitie waarbij je begrip theoretisch omschrijft ( bv. onderzoekt stress bij
studenten  kan stress conceptueel definiëren als mate waarin studenten psychologische druk
ervaren door studie-eisen, deadlines & examens)

- Operationaliseren: meetbaar maken van het concept zodat je het in praktijk kan
onderzoeken  operationele definitie: abstracte concept wordt omgezet in variabele die
je kan meten (bv. voorbeeld van stress bij studenten  kan meten met vragenlijst waarin
studenten op schaal van 1 tot 10 aangeven hoe vaak ze zich gestrest voelen door studie )



5. Benadering
• Kwantitatief:

- groot aantal variabelen meten bij groot aantal respondenten

- bevinding bevindt zich aan de oppervlakte

• Kwalitatief:

- Klein aantal variabelen meten bij kleinere groep respondenten

- In de diepte onderzoeken



6. Design
• = blauwdruk om antwoord te krijgen op onderzoeksvraag

• relevant psychologisch design:

- Experiment: meest gebruikte, vaak laboratoriumonderzoeken

- Survey: veldstudies

- Gevalsstudie

- Correlationeel design

- Observatie-onderzoek



6.1. Experiment
• Studie van oorzakelijk verband: impact van onafhankelijke variabele op afhankelijke variabele

• Twee condities (groepen): controlegroep (krijgt geen behandeling) en experimentele (krijgt
speciale behandeling)

• Manipulatie(s) van onafhankelijke variabele  gaan dan onderzoeken of variatie van
factor/factoren (van omstandigheden, gedrag…) invloed heeft

• Uitsluiten van storende invloeden door randomisering (alle respondenten worden toevallig
toegewezen aan controle of experimentele conditie) en grote steekproef: verkleint invloed van

3

, toeval waardoor resultaten betrouwbaarder worden  geslacht kan bijv. geen invloed uitoefenen
op het wel of niet zwijgen van verdachte bij verdachtenverhoor

• Dit wordt ook randomised controlled trial genoemd: oefenen controle uit op onderzoek door
randomisering



6.2. Survey
• Grootschalige bevraging door middel van vragenlijsten (post-enquête, CATI, CAWI)

• Kan gaan over opinie, voorkeuren, ervaringen…

• Gaat vaak om zelfrapportage: moeten ons vragen stellen over feit dat respondenten sociaal
wenselijke antwoorden zouden kunnen geven, bepaalde gevoelige onderwerpen kunnen beter
niet op deze manier onderzocht worden

• Andere vraag die we ons moeten stellen: streven we representativiteit na?

• Ook belangrijk om aandacht te hechten aan manier waarop je vragen stelt want heeft invloed op
antwoorden



6.3. Gevalsstudie
• Onderzoek dat zich richt op één / enkele gevallen (personen, steden, groepen…)

• Diepgaand onderzoek (bijv. naar zeldzame stoornis…)

• Doel kan verschillen: ontwikkelen van theorie (om nieuwe inzichten te ontdekken) vs. toetsen
theorie (controleren of theorie overeenkomt met observatie)

• Opletten voor subjectiviteit (want bestudeert kleine groep) ondanks waardevolle inzichten (je kan
niet generaliseren want hebt maar bepaalde groep personen onderzocht)



6.4. Correlationeel design
• Soms controleren/manipuleren van omstandigheden niet mogelijk  correlatieonderzoek

• Meet dus correlatie en geen causaliteit

• Soorten: geen, positieve (hoe meer dit  hoe meer dat) of negatieve correlatie (hoe meer dit 
hoe minder dat)



6.5. Observatieonderzoek
• Verzamelterm voor verschillende soorten onderzoek gebaseerd op waarneming van gedrag zoals
het zich voordoet in praktijk

• Methode = observatie

• Geen controle op omstandigheden


4

Inhoudsopgave

  1. 01 Onderzoeksmethoden in de psychologie 1
    1. 1. Wetenschappelijk onderzoek 1
    2. 2. Fenomeen en probleemstelling 2
    3. 3. Onderzoeksvraag 2
    4. 4. Soort onderzoek, doelen, hypotheses 2
    5. 5. Benadering 3
    6. 6. Design 3
    7. 7. Dataverzamelingsmethoden 5
    8. 8. Data-analyse 5
    9. 9. Rapportage 6
    10. 10. Sterktes en zwaktes 6
  2. 02 Hoofdstuk 1. Inleiding in de psychologie 7
    1. 1. Wat is psychologie? 7
    2. 2. Perspectieven en stromingen 8
    3. 3. Deelgebieden 11
  3. 03 Hoofdstuk 2. Biopsychologie, neurowetenschappen en de menselijke aard 12
    1. Thema 1 – Anatomie van de hersenen 13
    2. 1. Evolutie en psychologie 13
    3. 2. Structurele organisatie van de hersenen 13
    4. Thema 2 – Communicatie binnen de hersenen 16
    5. 3. Het neuron/ de zenuwcel 16
    6. 4. Hormonen en het endocriene stelsel 17
    7. Thema 3 – Genen, omgeving en gedrag 17
    8. 5. In de cel 17
    9. 6. Erfelijkheid 18
  4. 04 Hoofdstuk 4. Leren en omgeving 19
    1. 4.1 Klassieke conditionering 19
    2. 4.2. Operante conditionering 21
    3. 4.3. Cognitieve psychologie 23
  5. 05 Hoofdstuk 5. Geheugen 24
    1. 1. Wat is het geheugen 24
    2. 2. Hoe vormen we herinneringen 25
    3. 3. Hoe halen we herinneringen terug? 26
    4. 4. Waarom laat ons geheugen ons soms in de steek? 27
  6. 06 Hoofdstuk 11. Sociale psychologie 29
    1. 1. Hoe beïnvloedt de sociale situatie ons gedrag? 29
    2. 2. Het construeren van sociale werkelijkheid: wat beïnvloedt ons oordeel over anderen? 32
    3. 3. Hoe creëren systemen situaties die het gedrag beïnvloeden? 33
    4. 4. Reflectie 34
  7. 07 Hoofdstuk 12. Psychische stoornissen 36
    1. 1. Wat is een psychische stoornis? 36
    2. 2. Hoe worden psychische stoornissen geclassificeerd? 39

Gekoppeld boek
 image
Philip G. Zimbardo, Robert L. Johnson Psychologie, een inleiding
Uitgever: april 2022 ISBN: 9789043040037 Druk: 8

Documentinformatie

Studie
Heel boek samengevat?
Nee
Wat is er van het boek samengevat?
Onbekend
Geüpload op
13 juni 2026
Bestand laatst geupdate op
17 juni 2026
Aantal pagina's
48
Geschreven in
2025/2026
Type
Samenvatting
€9,66

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kun je een ander document kiezen. Je kunt het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Seller avatar
De reputatie van een verkoper is gebaseerd op het aantal documenten dat iemand tegen betaling verkocht heeft en de beoordelingen die voor die items ontvangen zijn. Er zijn drie niveau’s te onderscheiden: brons, zilver en goud. Hoe beter de reputatie, hoe meer de kwaliteit van zijn of haar werk te vertrouwen is.
Verkocht
21
Volgers
0
Items
20
Laatst verkocht
2 weken geleden


Echte notities, van echte studenten
Elk document op Stuvia is geschreven door een medestudent die hetzelfde vak deed. Zo leer je van iemand die het al heeft gehaald.



Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen