• Verkeerd document? Gratis ruilen
  • Geschreven door studenten die geslaagd zijn
  • Direct beschikbaar na je betaling
  • Online lezen of als PDF
Verkopen
Kies je studieland
Kies je taal
Document preview thumbnail
Voorbeeld 3 van de 23 pagina's
Samenvatting

Samenvatting Blok Geel | Deel 3 | Dermatologie 1| UU | 2025/26

Document preview thumbnail
Voorbeeld 3 van de 23 pagina's

Hoorcollege aantekeningen voor Dermatologie 1 uit Blok Geel (GNBA300115) aan de Universiteit Utrecht. Het document behandelt de fundamentele onderwerpen: huidfuncties en anatomie, epidermis-opbouw, melanocytenfunctie, haargroeicyclus, primaire efflorescenties, en SOA-gerelateerde onderwerpen inclusief risicofactoren en preventie. Uitstekend studiemateriaal voor examenvoorbereiding met heldere uitleg van kernconcepten en klinisch relevante informatie.

Voorbeeld van de inhoud

Blok Geel – Dermatologie 1 2026
HC Inleiding in de dermatologie
Beschrijf de verschillende functies van de huid
Er zijn veel functies
1. Temperatuurregulatie: met behulp van zweetproductie en vasoconstrictie/dilatatie afhankelijk
van temperatuur
2. Immunologische functies
3. Bescherming tegen bacteriën, virussen, UV-straling en mechanische bestraling
4. Vitamine D prudctie
5. Zintuigelijke waarneming (tast, temperatuur, pijn, jeuk)
6. Opslagplaats voor energie en psychosociale functie.
Beschrijf de anatomie van de huid en adnexen
Opbouw huid:
1. Epidermis: bevat keratocyten,
prolifereren omhoog
2. Dermis: bevat fibroblasten, belangrijk
voor collageen en elastine. (Dit gaat
bij UV-schade kapot). Hier ook
vasculaire structuren.
3. Subcutis
4. Haarspiertje
5. Vene
6. Arterie
7. Zenuw
8. Vetweefsel
9. Zweetklier
10. Haarfollikel
11. Lymfevat
12. Talgklier
13. Haar


Opbouw epidermis (bovenste laag)
Hierbij belangrijk dat keratinocyten op de
basaallaag ontstaan en omhoog migreren.
a. Stratum corneum
b. Stratum lucidum
c. Stratum granulosum
d. Stratum spinosum
e. Stratum basale: 3-5% bestaat uit
melaocyten
f. Dermis

Anatomie nagelapparaat:

,Leg uit wat de rol van melanocyten is
Melanocyten zijn cellen die melanine kunnen maken in de melanosomen. Ze zitten in het stratum basale.
In het strateum corneum is er verspreiding van de melanine granules die zorgen voor UV-absorbering
waardoor dit minder door de huid gaat. Als reactie op UV wordt de epidermis ook dikker. Melanosomen
zitten om keratinocyten heen gevouwen als bescherming. Door UV wordt de hudi ook donkerder door
foto-oxidatie, omdat melanocyten gestimuleerd worden meer melanine te produceren
Omschrijf de verschillende soorten beharing en de haargroeicyclus
Soorten haar:
• Lanugohaar: ongepigmenteerde, mergloze, fijne haar wat de foetus bedekt en kan enkele cm
lang worden. Deze haren worden of in utero of in de eerste weken afgestoten en vervangen door
vellus haar
• Vellushaar: donshaar, dit is zacht, mergloos en meestal ongepigmenteerd. Blijft het hele leven
aanwezig.
• Terminaal haar: dikkere gepigmenteerde haren, diameter boven 0.06mm, op behaarde hoogf,
wenkbrauwen en wimpers. Ook tijdens puberteit ontstaat dit op androgeen-afhankelijke
gebieden.
Haargroeicyclus: achtereenvolgens wordt het een anagene – catagene – telogene haar.
• Anagene fase: groeifase 3-7 jaar hoofd, 4m wenkbrauw. Meeste haren zitten in de deze fase Per
dag switchen 50-70 follikels naar catagene fase
• Catagene fase: hierin is de rustfase die 3-4 weken duurt. Haar eiwitsynthese stopt en follikel
verplaatst richting het oppervlak. 10-20% van de hoofdhuid.
• Telogene fase: dit is de ‘shedding fase’, waarbij de haren en korte wortel krijgen en er per dag
50-100 haren verdwijnen. 1% van de haren in deze fase.




Herken de primaire efflorescenties aan de hand van foto’s en casuïstiek
PROVOKE: plaats- rangschikking – omvang – vorm – omtrek- kleur – efflorescenties
Efflorescenties:
1. Atrofie= verdunning
2. Bulla= blaar, holte met helder vocht.
3. Cicatrix= bindweefsel na trauma/ziekte
4. Comedo= afgesloten talgklieruitvoergang, ophoping keratine en talg
5. Crusta= korst, ingedroogd wondvocht, bloed, cellen, dood weefsel, vuil

, 6. Cyste= afgesloten holte in de huid met eigen wand, met vocht/cellen gevuld
7. Dyschromie= abnormale verkleuring van de huid, niet wegdrukbaar, niet door uitzetting vaten
8. Ecchymose= oppervlakkige vlekvormige bloeduitstorting van de huid groter dan 2c,=m
9. Erosie= ontvelling
10. Eryhteem= roodheid, tijdelijk en wegdrukbaar, tgv vaatverwijding
11. Excoriatie= krabeffecten
12. Fissuur=klof/ragade, inscheuring van de huid
13. Hyperkeratose= verhoorning, toegenomen keratine productie
14. Lichenificatie= olifantenhuid, vergroving huidrelief
15. Macula= kleurverandering huid zonder palpabele afwijkingen
16. Nodulus=knobbeltje, 0.5-1cm, verhevenheid in de huid
17. Nodus= solide massa in de huid groter dan 1cm
18. Oedeem= vochtophoping
19. Papel= pukkel, kleiner .5 cm, omschreven solide verhevenheid
20. Petechia=purupura
21. Plaque=plakkaat, groter dan 2cm solide vlakke verhevenheid
22. Purpura=puntvormige paarse niet wegdrukbare verkleuring kleinder dan 2cm
23. Pustel= holte in epidermis gevuld met etter, geen eigen wand, kleiner dan 1cm
24. Ragade=fissuur
25. Squamae=scilfer, groepen hoorncellen die loslaten
26. Teleangiëctasieën= blijvend verwijde capillairen in oppervlakkige delen van de hudi
27. Tumor= zwelling
28. Ulcus= defect huid met geen/geringe neiging tot spontante genezing
29. Urticaria=vlakke vluchtige verhevenheid van de huid t.g.v. cutaan oedeem
30. Vesikel =blaasje, zichtbare holte in/onder epidermis gevuld met vocht, geen eigen wand, kleiner
dan 1cm

HC Introductie en allergie type 1:
1. Je weet welke immunologische cellen en stoffen betrokken zijn bij een type 1 allergische reactie en je
kent de begrippen sensibilisatie- en effectorfase.
Type 1 reactie: hierbij bindt een allergene stof aan een mestcelreceptor aan een IgE receptor, waardoor
de mestcel histamine vrij laat. Er is dus een ongewenste reactie op een ongevaarlijk eiwit.
• Effecten: vasodilatatie, mucussecretie, jeuk, bronchoconstrctie
• Allergenen: voedsel, inhalatieallergeen, insectengif, medicatie.
• Fasen:
1. Sensibilisatie: bij de eerste aanraking herkent je lichaam iets als lichaamsvreemd, dit geeft
nog geen klachten.
2. Effectorfase (herhaaldelijke blootstelling): lichaam herkent het meteen en hierdoor ontstaan
klachten.
• Immunologisch betrokken cellen: de IgE receptor op de mestcel is belangrijk, door de reactie
komt histamine vrij, waardoor cytokines en leuktrienes geactiveerd worden.
o Lokaal: jeuk, zwelling
o Systemisch: bronchusobstructie, utricaria, hypotensie, arritmie

2. Je kent de verschillende manieren waarop een type 1 allergische reactie zich kan uiten (Müller) en
kan uitleggen waarom een reactie snel ontstaat.
Uitingen van type 1 reactie geclassificeerd met behulp van Müller, 0 tm 4:
0. orale allergie, jeuk en tintelingen in de mond-neus-oren
1. Huid/mucosa met urticaria, rhinoconjunctivitis, jeuk
2. Gastro-intestinaal met misselijkheid, braken, diarree, angio-oedeem
3. Dyspnoe, slikklachten, stridor, heesheid
4. Cardiovasculaire symptomen zoals anafylaxie, duizeligheid, tensiedalingen

Documentinformatie

Geüpload op
11 juni 2026
Aantal pagina's
23
Geschreven in
2025/2026
Type
Samenvatting
€3,99

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kun je een ander document kiezen. Je kunt het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Verkocht
9
Volgers
2
Items
19
Laatst verkocht
1 maand geleden

Echte notities, van echte studenten
Elk document op Stuvia is geschreven door een medestudent die hetzelfde vak deed. Zo leer je van iemand die het al heeft gehaald.



Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen