Samenvatting ontwikkelingspsychologie
H7: Ontwikkelingspsychologie als wetenschap
1: ontwikkelingspsychologie
Ontwikkelingspsychologie: domein binnen theoretische psychologie dat
zich bezighoudt met de studie van de levensloop van de mens en de
veranderingen van alle psychische verschijnselen tussen de bevruchting
en de dood.
- Omdat het theoretische psychologie is moet het voldoen aan de
eisen van wetenschappelijkheid
- Vroeger studie beperkt tot kinder- en jeugdjaren, nu hele
ontwikkeling
= ontwikkeling houd niet op bij volwassenheid, zet zich in complexer
en minder duidelijk patroon verder om bij dood te eindigen
Focus ‘normale’ ontwikkeling
Begrip ‘normaal’: belangrijke plaats in ontwikkelingspsychologie
Psychopathologie: studie van ziekteverschijnselen in de psyche
- Als we ontwikkeling als ziek of afwijkend vinden hangt het af van wat
wij normaal vinden
- Kinderpsychiaters: kijken vanuit medische hoek
Onderscheid met de pedagogie
Pedagogie= opvoedkunde
- Houden rekening met bevindingen ontwikkelingspsychologie
Pedagogische visie bepaald hoe we naar kinderen kijken en gaat daardoor
visie op ontwikkeling sterk beïnvloeden.
Ontwikkelingspsychologie= bezig met ‘normale’
- Kind met motorische of mentale beperking heeft invloed op
ontwikkeling
= dit kreeg meer aandacht in orthopsychologie
1.3: ontwikkelingsprincipes
Discussiepunt: is levensloop van mens continu of loopt het in fases of
periodes die verschillen van tempo of ritme
- Ervaren duidelijk in ontwikkeling perioden waarop bepaalde functies
zich gemakkelijker ontwikkelen, naast periodes van rust
= meeste psychologen aanvaarden fasen in ontwikkeling
1
, = deze cursus: fasetheorieën (bv Piaget)
Fase:
- Geheel van kwalitatieve veranderingen
- Vaste, niet veranderbare volgorde
- Specifieke mogelijkheden en kansen
- Meer en duidelijke verschillende moeilijkheden
- Met eigen specifieke risico’s en moeilijkheden
Kenmerken:
- Fase is geen tijd
- Volgen elkaar op in vast schema
- Fase niet beschouwen als ‘tijdsperioden’, die voor iedereen hetzelfde
lopen
- Start- en eindtijd is benadering, tijdsduur verschilt van mens tot
mens
- Levenslang
- Ontwikkeling duurt heel je leven, groei en aftakeling is onderdeel
van ontwikkeling
- Erikson: crisissen vormen onderdeel ontwikkeling, psychologische
groei is mogelijk tot aan de dood
- Belang van de invalshoek
- Niet iedereen eens, soms spreekt men van continue evolutie
= belangrijke consequenties naar pedagogie
- Cognitieve ontwikkeling (piaget), geloofd in fasemodel, kijkt anders
naar onderwijs
Crisis:
- Verschillende fasen beschouwen als perioden van gelijkmatigheid in
ontwikkeling
- Betekenen overgangen tussen fasen en perioden van
stroomversnelling en onrust
- Perioden bevatten nieuwe kansen op verdere ontwikkeling, ook
risico’s en moeilijkheden moet individu overwinnen
- Zekerheden wat hij bereikte loslaten, grenzen opnieuw openstellen,
nieuwe ervaringen opdoen en nieuwe functies oefenen
- Nieuwe verworvene moet geïntegreerd worden binnen reeds
aanwezige om zo hoger niveau van functioneren te bereiken
- Crisissen cultureel verbonden
= onze cultuur: zindelijkheidstraining, puberteit, identiteitscrisis,…
Kritieke en gevoelige periode
2
,Indiaanse stammen binden kinderen bij geboorte vast dat hun
bewegingsvrijheid beïnvloed wordt.
Kritieke periode: tijdspanne in ontwikkeling, bepaalde eigenschap wordt
daar ontwikkeld
- Periode voorbij? Eigenschap gaat niet of in beperkte mate
ontwikkelen
bv wolfskinderen
Steeds meer aanwijzingen dat kinderen latere ervaringen kunnen
gebruiken om achterstand in te halen.
- Spreken daarom nu van gevoelige perioden
= kinderen zijn gevoelig voor oefenkansen en invloeden van
buitenaf om bepaalde eigenschap te ontwikkelen
Nature-nurture
- Ontwikkeling gevolg van erfelijkheid en biologische
rijpingsprocessen (nature)
- Gevolg van invloed van omgeving en leerprocessen (nurture)
- Hedendaagse theorieën stellen geen vraag maar gaan op zoek naar
gewicht van het ene naar het andere in ontwikkeling bepaalde
eigenschap
In deze opleiding:
- Maturatie: Ontwikkeling als resultaat van groei en rijping, proces van
rijping
- Socialisatie: Leren, groep geeft normen en waarden door op nieuwe
leden om op aanvaardbare manier te functioneren binnen de groep
- Personalisatie: ingewikkelde proces waarbij een persoon zich
ontwikkeld tot een uniek individu, enerzijds: zeer persoonlijke
ervaringen, anderzijds: persoonlijke verwerking van die ervaringen
= ontwikkeling zien als geheel van fysische processen naast
leerprocessen
1.4: ontwikkelingsproblemen
Ontwikkeling: verandering, evolutie, een proces
- Gebruiken we meestal om gunstig verloop aan te duiden, toename,
groei of verbetering kan ook wijzen op afbraak of teleurgang
- Ontwikkeling duidt op: veranderingen die zich in bepaalde richting
onomkeerbaar voltrekken
Ontwikkeling verloopt niet altijd zoals het hoort
3
, - Kunnen meerdere aspecten vertragingen voordoen of een stilstand,
zelfs terugval naar vroegere fasen
- Vooruitlopen op fase waar kind zich normaal moest bevinden of
afwijken van normale ontwikkeling zorgt voor problemen
Retardatie
- Vertraagde ontwikkeling
- Persoon heeft niet niveau of fase bereikt waar hij eigenlijk thuis
hoort
- Vertoont achterstand maar zegt niets over mogelijkheden
- Niet verwarren met handicap, maar ook niet uitsluiten
Fixatie
Ontwikkeling is tot stilstand gekomen, persoon blijft voor sommige
ontwikkelingsfactoren steken in fase waar fixatie tot stand kwam
- Vooral psychische ontwikkelingsfactoren
Brede oorzaken:
- Niet krijgen van affectie
- Sterke frustraties
- Angst, onzekerheid
- Ernstige ziekte
- Psychoanalytische denken duidde op gevaar van fixatie in eerste
levensjaren, bracht ook in verband met affectie
= nochtans risico dat bij iedere fase hoort
Regressie
Dit is een terugval naar een vroegere fase.
- Kan tijdelijk zijn en is vaak een reactie op een bedreigende situatie
- Door te vluchten gaan ze terug naar een veilige, vertrouwde fase
= gezonde reactie op een crisis
= reactie niet meer in overeenstemming met dreiging -> zorgen
maken
1.5: verschillende visies
Biologisch georiënteerde theorieën
Verouderde stroming: benadrukt eenzijdig het belang en invloed van
erfelijkheid en constitutie op de ontwikkeling
- Ontwikkeling zou zich vanuit organisme voltrekken en te verklaren
zijn als een ontvouwing van in de kiem aanwezige, biologische
bepaalde, onveranderlijke predisposities
4
H7: Ontwikkelingspsychologie als wetenschap
1: ontwikkelingspsychologie
Ontwikkelingspsychologie: domein binnen theoretische psychologie dat
zich bezighoudt met de studie van de levensloop van de mens en de
veranderingen van alle psychische verschijnselen tussen de bevruchting
en de dood.
- Omdat het theoretische psychologie is moet het voldoen aan de
eisen van wetenschappelijkheid
- Vroeger studie beperkt tot kinder- en jeugdjaren, nu hele
ontwikkeling
= ontwikkeling houd niet op bij volwassenheid, zet zich in complexer
en minder duidelijk patroon verder om bij dood te eindigen
Focus ‘normale’ ontwikkeling
Begrip ‘normaal’: belangrijke plaats in ontwikkelingspsychologie
Psychopathologie: studie van ziekteverschijnselen in de psyche
- Als we ontwikkeling als ziek of afwijkend vinden hangt het af van wat
wij normaal vinden
- Kinderpsychiaters: kijken vanuit medische hoek
Onderscheid met de pedagogie
Pedagogie= opvoedkunde
- Houden rekening met bevindingen ontwikkelingspsychologie
Pedagogische visie bepaald hoe we naar kinderen kijken en gaat daardoor
visie op ontwikkeling sterk beïnvloeden.
Ontwikkelingspsychologie= bezig met ‘normale’
- Kind met motorische of mentale beperking heeft invloed op
ontwikkeling
= dit kreeg meer aandacht in orthopsychologie
1.3: ontwikkelingsprincipes
Discussiepunt: is levensloop van mens continu of loopt het in fases of
periodes die verschillen van tempo of ritme
- Ervaren duidelijk in ontwikkeling perioden waarop bepaalde functies
zich gemakkelijker ontwikkelen, naast periodes van rust
= meeste psychologen aanvaarden fasen in ontwikkeling
1
, = deze cursus: fasetheorieën (bv Piaget)
Fase:
- Geheel van kwalitatieve veranderingen
- Vaste, niet veranderbare volgorde
- Specifieke mogelijkheden en kansen
- Meer en duidelijke verschillende moeilijkheden
- Met eigen specifieke risico’s en moeilijkheden
Kenmerken:
- Fase is geen tijd
- Volgen elkaar op in vast schema
- Fase niet beschouwen als ‘tijdsperioden’, die voor iedereen hetzelfde
lopen
- Start- en eindtijd is benadering, tijdsduur verschilt van mens tot
mens
- Levenslang
- Ontwikkeling duurt heel je leven, groei en aftakeling is onderdeel
van ontwikkeling
- Erikson: crisissen vormen onderdeel ontwikkeling, psychologische
groei is mogelijk tot aan de dood
- Belang van de invalshoek
- Niet iedereen eens, soms spreekt men van continue evolutie
= belangrijke consequenties naar pedagogie
- Cognitieve ontwikkeling (piaget), geloofd in fasemodel, kijkt anders
naar onderwijs
Crisis:
- Verschillende fasen beschouwen als perioden van gelijkmatigheid in
ontwikkeling
- Betekenen overgangen tussen fasen en perioden van
stroomversnelling en onrust
- Perioden bevatten nieuwe kansen op verdere ontwikkeling, ook
risico’s en moeilijkheden moet individu overwinnen
- Zekerheden wat hij bereikte loslaten, grenzen opnieuw openstellen,
nieuwe ervaringen opdoen en nieuwe functies oefenen
- Nieuwe verworvene moet geïntegreerd worden binnen reeds
aanwezige om zo hoger niveau van functioneren te bereiken
- Crisissen cultureel verbonden
= onze cultuur: zindelijkheidstraining, puberteit, identiteitscrisis,…
Kritieke en gevoelige periode
2
,Indiaanse stammen binden kinderen bij geboorte vast dat hun
bewegingsvrijheid beïnvloed wordt.
Kritieke periode: tijdspanne in ontwikkeling, bepaalde eigenschap wordt
daar ontwikkeld
- Periode voorbij? Eigenschap gaat niet of in beperkte mate
ontwikkelen
bv wolfskinderen
Steeds meer aanwijzingen dat kinderen latere ervaringen kunnen
gebruiken om achterstand in te halen.
- Spreken daarom nu van gevoelige perioden
= kinderen zijn gevoelig voor oefenkansen en invloeden van
buitenaf om bepaalde eigenschap te ontwikkelen
Nature-nurture
- Ontwikkeling gevolg van erfelijkheid en biologische
rijpingsprocessen (nature)
- Gevolg van invloed van omgeving en leerprocessen (nurture)
- Hedendaagse theorieën stellen geen vraag maar gaan op zoek naar
gewicht van het ene naar het andere in ontwikkeling bepaalde
eigenschap
In deze opleiding:
- Maturatie: Ontwikkeling als resultaat van groei en rijping, proces van
rijping
- Socialisatie: Leren, groep geeft normen en waarden door op nieuwe
leden om op aanvaardbare manier te functioneren binnen de groep
- Personalisatie: ingewikkelde proces waarbij een persoon zich
ontwikkeld tot een uniek individu, enerzijds: zeer persoonlijke
ervaringen, anderzijds: persoonlijke verwerking van die ervaringen
= ontwikkeling zien als geheel van fysische processen naast
leerprocessen
1.4: ontwikkelingsproblemen
Ontwikkeling: verandering, evolutie, een proces
- Gebruiken we meestal om gunstig verloop aan te duiden, toename,
groei of verbetering kan ook wijzen op afbraak of teleurgang
- Ontwikkeling duidt op: veranderingen die zich in bepaalde richting
onomkeerbaar voltrekken
Ontwikkeling verloopt niet altijd zoals het hoort
3
, - Kunnen meerdere aspecten vertragingen voordoen of een stilstand,
zelfs terugval naar vroegere fasen
- Vooruitlopen op fase waar kind zich normaal moest bevinden of
afwijken van normale ontwikkeling zorgt voor problemen
Retardatie
- Vertraagde ontwikkeling
- Persoon heeft niet niveau of fase bereikt waar hij eigenlijk thuis
hoort
- Vertoont achterstand maar zegt niets over mogelijkheden
- Niet verwarren met handicap, maar ook niet uitsluiten
Fixatie
Ontwikkeling is tot stilstand gekomen, persoon blijft voor sommige
ontwikkelingsfactoren steken in fase waar fixatie tot stand kwam
- Vooral psychische ontwikkelingsfactoren
Brede oorzaken:
- Niet krijgen van affectie
- Sterke frustraties
- Angst, onzekerheid
- Ernstige ziekte
- Psychoanalytische denken duidde op gevaar van fixatie in eerste
levensjaren, bracht ook in verband met affectie
= nochtans risico dat bij iedere fase hoort
Regressie
Dit is een terugval naar een vroegere fase.
- Kan tijdelijk zijn en is vaak een reactie op een bedreigende situatie
- Door te vluchten gaan ze terug naar een veilige, vertrouwde fase
= gezonde reactie op een crisis
= reactie niet meer in overeenstemming met dreiging -> zorgen
maken
1.5: verschillende visies
Biologisch georiënteerde theorieën
Verouderde stroming: benadrukt eenzijdig het belang en invloed van
erfelijkheid en constitutie op de ontwikkeling
- Ontwikkeling zou zich vanuit organisme voltrekken en te verklaren
zijn als een ontvouwing van in de kiem aanwezige, biologische
bepaalde, onveranderlijke predisposities
4