• Verkeerd document? Gratis ruilen
  • Geschreven door studenten die geslaagd zijn
  • Direct beschikbaar na je betaling
  • Online lezen of als PDF
Verkopen
Kies je studieland
Kies je taal
Document preview thumbnail
Voorbeeld 4 van de 148 pagina's
College aantekeningen

Samenvatting Geschiedenis van de nieuwe tijd | KU Leuven | 2025/26

Document preview thumbnail
Voorbeeld 4 van de 148 pagina's

Lecture notes voor Geschiedenis van de nieuwe tijd aan de Katholieke Universiteit Leuven, behandelend de periode . De aantekeningen dekken alle geziene hoofdstukken van academiejaar , tijdens het 2e semester

Voorbeeld van de inhoud

Nieuwe Tijd 2026 J. Verberckmoes



Hoofdstuk 1: een Nieuwe Tijd
1.1. Nieuwe Tijd
~ 1450 – 1789: Tijdens de nieuwe tijd was men al bewust dat dit een ander
tijdperk was. Daarom zien we ook in veel documenten terminologie zoals ‘early
modern period’.

Start 1450: verschillende evoluties (politiek, maatschappelijk) die ervoor zorgen
dat men anders in de wereld staat:
 Grote mobiliteit. Europeanen mobiliseren zich over de hele wereld: expansies
naar Azië & oosterse routes zeer interessant.
 Boekdrukkunst
 Einde 100-jarige oorlog tussen Frankrijk – Engeland
 Ottomaanse verovering van Constantinopel (1453).

Ca. 1650 cesuur: hoogtepunt en crisis van vorstelijk absolutisme, Verdrag
Westfalen (1648: einde 30- jarige oorlog), kleine ijstijd, toenemende impact
Amerika en Afrika op Eurazië.
 Opdeling in 2 stukken: loop van de 17e eeuw: fundamentele veranderingen
zoals de Verlichting: nieuwe manier om de wereld te bekijken.

Eindpunt 1789: Franse Revolutie: de mens wilde andere regimes

Eenheid in Europa doorheen de NT:

Europa ca. 1450: 500tal staten/ onafhankelijke
politieke eenheden. Overal was een heer of dame
die een gebied regeerde en bezat en andere
gronden uitbesteedde aan edellieden om
inkomsten te verwerven van de boerenbevolking.
 Enkele grote lappen: Pools-Litouws (+ inbegrip
van Oekraïne als 1 van de grootste staten begin
NT).
 Engelse & Franse koninkrijk ook zeer groot in
West–Europa.


Europa ca. 1800: 100tal staten/ onafhankelijke
politieke eenheden => Habsburgers.
 Oostenrijk-Hongarije zeer groot en had delen in
de Lage Landen en Spanje.
 Groot Vorstendom Moskou: opgekomen begin
van de NT en in de loop van de 18e eeuw door
Catharina de Grote (tsarina) een versnelling owv
enorme expansie.




1

,Nieuwe Tijd 2026 J. Verberckmoes


 Ottomaanse wereld (sultan) is de hele NT een politieke realiteit voor elke
Europeaan: iedereen is ermee betrokken.
 Engeland & Frankrijk nog altijd aanwezig.
Verbinding EurAfrAsia doorheen de NT:
Wereld ca. 1450
Ontstaan van connecties rond 1450, vaak gericht
vanuit middellandse zeegebied met Azië en
Perzische golf + landroutes (Bv: Chinese zijroutes).
 Men droomde van het oosten.
Afrika wordt vooral via de Sahara in Noord-Afrika
ontdekt.
Amerikaans continent nog niet in beeld want men
(EurAfrAsia) kent het nog niet. Wel aanwezigheid
van Inca/ Azteken/ Maya’s.

Wereld ca. 1750
Ziet er resoluut anders uit door de komst van de
Atlantische ruimte.
Amerika is een verlengstuk geworden van Europa.
Een evolutie die zich langzaam inzet en pas echt
op gang komt in 1650. Tot dan vooral Azië (enkel
Spanje een beetje actief in Amerika).




1.2. Alternatief: vroegmodern
Early modern sinds 1900 gebruik in de geschiedschrijving voor de periode 1500-
1800.
Tot in de 19e eeuw blijven landen zoals Japan, Korea onafhankelijk van Europa.
Bevolkingsdichtheid: we zien vooral in de grote steden zoals Napels en Frankrijk
grote bevolkingsaantallen. Hoe oosters, hoe dichter bevolkt.



1.3. Politieke basisbegrippen
Nationale staat
Op basis van nationalisme = pas sinds 1800
 In NT: staat opgebouwd volgens feodale piramide met vorst aan de top (AR)
Geen natie staten want nationalisme (“stichter van nationale staten”) bestond
nog.


Soevereiniteit
Wil van het volk: in de middeleeuwen al belangrijk  vorsten willen bewijzen dat
ze rechtvaardig zijn, instaan voor vrede en welvaart van het volk en actie
ondernemen. Ze gaan dus het Bonum Commune nastreven, dat is het
gemeenschappelijke.


2

,Nieuwe Tijd 2026 J. Verberckmoes


Hoe kunnen we de commonwealth/ gemeenschappelijke goed (belang van
iedereen) nastreven?




Dynastieën aan de macht.
Belangrijkste vorm van regeren.
= Een vorst aan het hoofd die territoria bestuurt en die de soevereiniteit
uitoefent.
Kerk & adel worden op verschillende manieren ingeschakeld hiervoor sinds de
middeleeuwen. De burgers zullen zich steeds sterker manifesteren in de NT want
er ontstaan Republieken.


Personele unie
Gebieden die eenzelfde vorst hebben (verovering, huwelijk, erfenis, …)
 Gemakkelijkste manier waarop een dynastie grote stukken grond rond zich
verzamelt.
Bv: Engeland-Ierland-Schotland onder Jacob I


Absolutisme:
Absoluut bestuur
1 beslissingsorgaan en dat is de vorst
Bv: Elisabeth I van Engeland, die na de dood van Mary I van Engeland
automatisch koningin werd en, ondanks advies van haar raadgevers zoal Baron
Burghley, zelf de eindbeslissingen nam. Dit type bestuur is kenmerkend voor de
NT, maar leidde tot groeiende onvrede omdat het volk geen inspraak had, wat
uiteindelijk bijdroeg aan de Franse Revolutie.


Vorstelijk absolutisme
Dominant model. Vorsten zoals Filips II van Spanje blijven bestaan als
Vorstendom.


Goddelijk absolutisme
Vorst bestuurt in naam van God


Verlicht bestuur
Vorst wil onderdanen dienen.




3

, Nieuwe Tijd 2026 J. Verberckmoes


Republiek
Republiek
Minderheid of korte periode
= Bestuur door burgers. Mensen van de 3 e stand worden sterker waardoor ze het
politieke bestuur zelf kunnen uitvoeren.
Bv: Republiek van de Zeven Verenigde Provinciën; Zwitserse Republieken.
Sommige republieken hadden een groot soortelijk gewicht = ze waren klein in
oppervlakte, maar heel belangrijk in macht, economie en politiek.
Bv: Venetië: republiek + door zijn ligging naast het Ottomaanse Rijk was Venetië
de schakel tussen de christelijke en islamitische wereld. (een van de enige
Europese staten die dit had).
 Monarchieën versus republieken.

Standenvertegenwoordiging
adel en geestelijkheid als eerste 2 standen meeste invloed, maar ook de derde
stand zullen via petities voor een parlement effectief de politiek kunnen bijsturen.
Bv: Engels parlement: een plek waar men bij oorlog bv (dan was er geld nodig):
dan ging een vorst naar de standenvert. en vroeg om subsidies voor militaire
campagnes, als deze druk te hoog wordt en de boeren bv niet meer kunnen
betalen, zit de vorst effectief in de problemen


Respublica
Theorievorming over bestuur door burgers als essentie van de staat (Niccolo
Machiavelli, Jean Bodin, Thomas Hobbes, JJ Rousseau, Montesquieu).

Voedselrellen
Door misoogsten, slecht weer, militaire campagnes, … was er een tekort aan
graan wat leidde tot hongersnood en hoge prijzen.
 Voedselrellen die doorlopen tot Franse Revolutie, Bestorming van Bastille =
uit de hand gelopen voedselrel


Feodale orde
Lokaal bestuur op gronden van adel, vorst en kerk
 In heel Europa tot 1789.



Hoe werken dynastieën?
Valois-Frankrijk (1477–1532)
In deze periode werd Frankrijk onder de Valois-dynastie
verder uitgebouwd tot een sterker en meer aaneengesloten
koninkrijk. Gebieden werden geïntegreerd via huwelijken,
erfenissen, aankoop, dwang en verovering.
Dynastieën (opeenvolgende vorsten uit dezelfde familie)
waren daarbij cruciaal. In Frankrijk gold de Salische wet,

4

Inhoudsopgave

  1. 01 1.1. Nieuwe Tijd 1
  2. 02 1.2. Alternatief: vroegmodern 2
  3. 03 1.3. Politieke basisbegrippen 2
    1. Nationale staat 2
    2. Soevereiniteit 2
    3. Dynastieën aan de macht. 3
    4. Personele unie 3
    5. Absolutisme: 3
    6. Republiek 4
  4. 04 Hoe werken dynastieën? 4
    1. Valois-Frankrijk (1477–1532) 4
    2. Karel V 5
    3. Tudor – Stuart dynastie: 1536 – 1603 5
  5. 05 2.1. Zuid-Europa in beweging 7
  6. 06 2.2. West-Europa consolideert 10
    1. Frans I (1515 – 1547) 11
    2. Henry VII Tudor (1485 – 1509) 12
    3. Hendrik VIII Tudor (r.1509-1547) 14
  7. 07 2.3. Habsburg triomfeert 15
    1. Heilig Roomse Rijk 15
    2. Oostenrijkse erflanden 16
    3. Bourgondische erfenis 16
    4. Karel I/ V (r. 1516 – 1555) 17
  8. 08 2.4. Centraal-, Oost- en Noord-Europa expandeert 21
    1. Grootvorstendom Moskou 21
    2. Pools-Litouws Gemenebest 21
    3. Denemarken 22
    4. Zweden 22
  9. 09 2.5. Een globale wereld bouwen 23
    1. China 23
    2. Moslimrijken 23
    3. Azteken 23
    4. Inca 23
  10. 10 3.1. religieus veelvoud 25
    1. Latijns-christelijke kerk 25
    2. Orthodox-christelijke kerk 25
    3. Islam 25
  11. 11 3.2. Kerk van Rome 26
    1. Pauselijke macht en Renaissance (15e – begin 16e eeuw) 26
    2. Paus Julius II (1503 – 1513) 26
    3. Paus Leo X (1513 – 1521) 26
    4. Hervormingsideeën en kritiek 26
    5. Problemen in de kerk 27
  12. 12 3.3. Luther en de Reformatie 27
    1. Maarten Luther (1483 – 1546) 27
    2. Frederik III ‘de wijze’ (r. 1486 – 1525) 29
    3. Augsburgse belijdenis (1530) 29
    4. Ulrich Zwingli (1484 – 1531) 29
    5. Anabaptisme 30
    6. Johannes Calvijn (1509 – 1564) 30
  13. 13 3.4. Concilie van Trente 32
    1. Katholieke hervorming: 32
  14. 14 3.5. Ketterij en intolerantie 34
  15. 15 Kennisrevoluties 36
  16. 16 4.1. Landbouw 37
  17. 17 4.2. Stedelijke nijverheid 37
  18. 18 4.3. Militaire technologie 38
  19. 19 4.4. Humanisme 38
    1. ITALIAANS HUMANISME 40
    2. HONGARIJE 41
    3. POOLS-LITOUWS GEMENEBEST 41
    4. NEDERLANDEN 41
    5. ENGELAND 42
    6. FRANKRIJK 43
    7. Nederlands humanisme na Erasmus 43
  20. 20 4.5. Wiskunde en empirie 44
    1. Leonardo da Vinci (1452-1519) 44
    2. Gemma Frisius (1508-1555) 44
    3. Gerard Mercator (1512-1594) 44
    4. Andreas Vesalius (1514-1564) 44
    5. Nicolaus Copernicus (1473-1543) 45
    6. Johannes Kepler (1571-1630) 45
    7. Galileo Galilei (1564-1642) 46
    8. Francis Bacon (1561-1626) 46
    9. Isaac Newton (1642-1727) 46
  21. 21 Universele mobiliteit 47
  22. 22 5.1. De Aziatische connectie 47
    1. Portugal 48
    2. Engeland 49
    3. Republiek 50
  23. 23 5.2. Een nieuwe wereld 51
  24. 24 5.3. Amerika & Europa 53
    1. Spanje 53
    2. Frankrijk 55
    3. Engeland 55
    4. De Republiek 56
  25. 25 5.4. Afrika & Amerika 57
  26. 26 Gouden Eeuwen 59
  27. 27 6.1. Gouden Eeuw Spanje 59
    1. Opstand in de Nederlanden 62
    2. Zuidelijk/ Spaans-Habsburgse Nederlanden 65
    3. Geleidelijke achteruitgang 65
  28. 28 6.2. Gouden Eeuw Republiek 66
    1. Rol van de Oranjes 67
    2. Uitbouw van de Republiek en haar macht 67
    3. Economisch profiel van de Republiek 67
    4. Amsterdam 68
    5. Conflict tijdens Twaalfjarig Bestand 69
    6. Politieke omwenteling 71
    7. Verder verloop en machtsverhoudingen 71
  29. 29 6.3. Gouden Eeuw Engeland 71
    1. Elisabeth I en het anglicaanse model 72
    2. Cultuur 73
    3. Overgang naar de Stuarts 73
    4. Restauratie van de monarchie 75
  30. 30 Godsdienst- en burgeroorlogen 76
  31. 31 7.1. Opstanden in de Nederlanden 76
    1. Ontstaan van de Republiek (1581 – 1588) 77
  32. 32 7.2. Franse godsdienstoorlogen 78
    1. Sint-Bartholomeusnacht en verdere escalatie (1572 – 1589) 78
    2. Successiecrisis en Drie-Hendriken-Oorlog (1584 – 1610) 79
    3. Einde van de Franse godsdienstoorlogen (1598) 79
  33. 33 7.3. Dertigjarige oorlog 80
    1. Verdeeld Heilig Roomse Rijk na 1555 80
    2. Profilering van Denemarken en Zweden als nieuwe Europese mogendheden 81
    3. 4 fasen in de Dertigjarige Oorlog 81
    4. Vrede van Westfalen 83
    5. Politieke gevolgen van Westfalen 85
    6. Politieke gevolgen voor de Nederlanden 86
    7. Politieke gevolgen binnen het HRR 86
  34. 34 Een kleine ijstijd 87
  35. 35 8.1.Bevolking 88
    1. Demografie 88
    2. Levensverwachting 89
    3. Regionale diversiteit in demografische groei per regio 90
  36. 36 8.2. Landbouw 91
    1. Afhankelijkheid en feodale structuren 91
    2. Verstrenging in de 16e eeuw 91
    3. Ruil en krediet 92
    4. Voedselcrises en ongeregeldheden 92
    5. Landbouw en economie 92
    6. (1750 – 1800) 92
    7. Effecten van de Kleine IJstijd op landbouw 93
  37. 37 8.3. Urbanisatie 94
    1. Grootstedelijke concentraties 94
    2. Consumptie 95
  38. 38 8.4. Klimaatverandering 95
  39. 39 8.5. Stigmatisering 96
    1. Joden 96
    2. heksenvervolgingen 97
    3. Sodomieten 98
    4. LGBTQ+ en diversiteit in de praktijk 98
  40. 40 Een wereld in beweging 99
  41. 41 9.1. Wereldhandel 99
    1. Koloniale grootmachten (2e helft 17e eeuw) 100
  42. 42 9.2. Rivaliteit in Azië 102
    1. Verdere expansie in Azië 102
    2. China onder keizer Kang Xi Qing (1719) 102
    3. Britse en Franse rivaliteit in India 103
  43. 43 9.3. Genese van het British Empire 104
    1. Middellandse Zee 104
    2. Noord-Amerika 105
    3. Indische Oceaan 105
  44. 44 9.4. Atlantische markten 106
    1. Suiker en slaven 106
    2. Driehoekshandel 107
    3. Spaans – Amerika 108
    4. Nouvelle France 109
  45. 45 Vorstelijk absolutisme bij goddelijk recht 111
  46. 46 10.1. Triomf van het absolutisme 111
    1. Regentschap in Frankrijk 111
    2. Kardinaal – minister Armand Jean du Plessis de Richelieu 112
    3. Nog een kardinaal – minister Jules Raymond Mazarin 114
    4. Absolute vorst Lodewijk XIV 115
  47. 47 10.2. Glans van het absolutisme 118
    1. Vrede van de Pyreneeën 118
  48. 48 10.3. ‘La France gourmande’ 118
    1. Frans – Spaanse conflict: druk op Spaanse Nederlanden 119
    2. Guerre des réunions (1679 – 1684) 120
    3. Negenjarige Oorlog (1688 – 1697) 120
    4. Spaanse Successieoorlog (1701 – 1713) 120
    5. Vrede van Utrecht (1713) 121
  49. 49 10.4. Engels parlementair herstel 122
    1. Herstel monarchie 122
  50. 50 Kennisrevoluties 123
  51. 51 11.1. Landbouw 124
  52. 52 11.2. Industriële Revolutie 124
    1. Proto-industrie : ‘agrarische wortels’ van de industriële revolutie 124
    2. Manufacturen in de stad 125
    3. ‘Eerste industriële revolutie’ in de zware metaalindustrie (16e E) 125
    4. Mechanisering in de Engelse steenkool- en katoenindustrie 125
  53. 53 11.3. Natuurwetenschap 125
    1. Newtoniaanse fysica 126
    2. Fysicotheologie of natuurlijke theologie 126
    3. Natuurlijke historie 126
    4. Natuurkabinetten 127
  54. 54 11.4. Verlichting 128
    1. Immanuel Kant (1724-1804) 128
    2. Denken over tolerantie 128
    3. Tolerantie in de praktijk 129
    4. Religiekritiek 130
    5. Mondialisering 131
    6. Politieke ideeën: absolutisme vs volkssoevereiniteit 133
    7. Nieuwe ideeën over strafrecht, economie en bestuur 135
  55. 55 11.5. Opvoeding 135
  56. 56 Wereldrijken/ imperia 136
  57. 57 12.1. Frankrijk 137
    1. De ‘oude dame’ van Europa 137
  58. 58 12.2. Groot-Brittannië 138
    1. Een parlementaire monarchie 138
    2. Koningin Anna Stuart (r. 1702-1714) 138
    3. Georgian England: 139
    4. Groot-Brittannië 139
  59. 59 12.3. Oostenrijks Habsburg 140
    1. Oostenrijks-Habsburgse expansie in Europa 140
    2. Oostenrijkse Successieoorlog (1740-1748) 140
  60. 60 12.4. Pruisen 141
    1. Nieuwe politieke grootmacht 141
  61. 61 12.5. Rusland 142
    1. Het ambitieuze tsarenrijk 142
  62. 62 12.7. Verlicht Absolutisme 143
  63. 63 Oorlogen en revoluties 144
  64. 64 13.1. Wereldoorlog 144
    1. Zevenjarige Oorlog (1756-1763) in Europa 144
    2. Zevenjarige Oorlog (1756-1763) in Amerika en Azië 145
  65. 65 13.2. Rusland in expansie 146
    1. Pools-Litouwse Gemenebest en de Poolse deling 146
  66. 66 13.3. Amerikaanse onafhankelijkheid 146
    1. Amerikaanse Vrijheidsoorlog 147
  67. 67 13.4. Einde van het Ancien Régime 147

Documentinformatie

Studie
Geüpload op
28 mei 2026
Aantal pagina's
148
Geschreven in
2025/2026
Type
College aantekeningen
Docent(en)
Johan verberckmoes
Bevat
Alle colleges
€11,26

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kun je een ander document kiezen. Je kunt het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Verkocht
1
Volgers
0
Items
1
Laatst verkocht
1 maand geleden

Echte notities, van echte studenten
Elk document op Stuvia is geschreven door een medestudent die hetzelfde vak deed. Zo leer je van iemand die het al heeft gehaald.



Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen