100% tevredenheidsgarantie Direct beschikbaar na je betaling Lees online óf als PDF Geen vaste maandelijkse kosten 4,6 TrustPilot
logo-home
Samenvatting

Samenvatting Basisboek Recht, ISBN: 9789001899684 Inleiding Recht

Beoordeling
-
Verkocht
2
Pagina's
39
Geüpload op
17-05-2021
Geschreven in
2020/2021

Samenvatting inleiding recht, periode 3 van het eerste jaar HBO-ruimtelijke ontwikkeling aan Hogeschool Saxion. In de samenvatting komen de volgende onderwerpen aan bod: privaatrecht, publiekrecht, bestuursrecht en strafrecht.












Oeps! We kunnen je document nu niet laden. Probeer het nog eens of neem contact op met support.

Documentinformatie

Heel boek samengevat?
Nee
Wat is er van het boek samengevat?
Hoofdstuk 1, 2.1 t/m 2.3.3, 2.3.8, 2.4 t/m 2.6, 2.8, 3, 6 en 7
Geüpload op
17 mei 2021
Aantal pagina's
39
Geschreven in
2020/2021
Type
Samenvatting

Voorbeeld van de inhoud

Hoofdstuk 1 Inleiding in het recht
1.1 Mens en recht
Belangentegenstelling: ieder mens wil belangen realiseren -> botst met belangen van een ander.
Belangentegenstelling is vaak de basis van juridische problemen.

Een probleem oplossen via eigenrichting: in een geschil je gelijk halen door zelf geweld te
gebruiken. Oplossen via eigenrichting mag alleen als de wet in een specifieke situatie die
bevoegdheid aan de burger geeft.

In beginsel mag alleen de overheid (politie) het recht met behulp van geweld handhaven. De
overheid heeft monopolie op rechtshandhaving m.b.v. dwangmiddelen (geldboete).

1.2 Organisatie rechterlijke macht
Nederland heeft hoge en lage rechters, met een eigen terrein waarop zij rechtspreken. Rechters zijn
lid van zittende magistratuur: rechters in de rechtszaal blijven zitten als zij aan het woord zijn.

Rechterlijke macht:
1. Rechtbank:
- Eerste gerecht
- Meervoudige kamers met drie rechtsprekende rechters
- Enkelvoudige kamers met één rechtsprekende rechter
- Uitspraak: vonnis (-> oneens? -> hoger beroep naar het Gerechtshof)
2. Gerechtshof:
- Raadsheren
- Uitspraak: Arrest (-> oneens? -> in cassatie, onder voorwaarden het geschil voorleggen
aan de Hoge Raad)
3. Hoge Raad:
- Raadsheren
- Uitspraak: Arrest
- Spreekt recht met vijf raadsheren

Hoger beroep: de rechter kijkt nog een keer of de rechter in de rechtbank alle feiten goed heeft
beoordeeld, of er voldoende bewijs is en of het recht goed is toegepast. De uitspraak van het
Gerechtshof komt in de plaats van het vonnis van de rechtbank.

In cassatie: de Hoge Raad kijkt niet opnieuw of de feiten kloppen. Hij kijkt alleen of de lagere
rechter het recht juist heeft toegepast. Is dat niet het geval, dan wordt de zaak terugverwezen
naar een lagere rechter voor een nieuwe uitspraak.

1.3 Sancties op het niet naleven van rechtsregels
Doel van het recht: samenleving rechtvaardig, vreedzaam en efficiënt ordenen.

Sanctie: middel om het volgen van een voorschrift af te dwingen, of als straf voor een
overtreding.
Last onder dwangsom: de overtreder moet elke dag dat hij de overtreding niet ongedaan maakt,
een geldboete betalen.
Mensen houden zich minder snel aan regels waar geen sanctie op is gesteld.

2.1 Onderscheid privaatrecht – publiekrecht
Objectief recht (positief recht, geldend recht): rechtsregels die door de overheid zijn vastgesteld
om de samenleving te ordenen, en die in beginsel door sancties gehandhaafd kunnen worden.

,Privaatrecht: houdt zich bezig met de rechtsverhouding tussen personen onderling.
- Natuurlijke personen
- Rechtspersonen: organisatievorm die voor veel handelingen aan he rechtsverkeer mag
deelnemen.

Publiekrecht: houdt zich bezig met de rechtsverhouding tussen personen en overheid. (Alleen
van toepassing als de overheid een handeling verricht die uitsluitend en alleen door de overheid
verricht kan worden).
- Staatsrecht
- Bestuursrecht
- Strafrecht
- Recht v.d. Europese Unie

De handhaving van regels die tot privaatrecht behoren wordt aan de partijen zelf overgelaten.
De handhaving van regels die tot publiekrecht behoren is aan de overheid voorbehouden.

2.2 Onderscheid materieel recht – formeel recht
Materieel recht: regels die rechten verlenen en verplichtingen opleggen tussen burgers
onderling, tussen burgers en overheid en tussen overheden onderling.

Formeel recht: regels voor de manier waarop de regels van het materiële privaatrecht
gehandhaafd kunnen worden. Regels die aangeven hoe iemand zijn privaatrechtelijke rechten
kan afdwingen tegenover anderen.

Wetboek van strafvordering (Sv) geeft regels voor de wijze waarop de regels van het materiële
strafrecht gehandhaafd kunnen worden; regels hoe de overheid de verplichtingen kan
afdwingen.

3.1 Objectief en subjectief recht
Objectief recht: geschreven en ongeschreven regels (normen).

Subjectief recht: het recht is ‘gekoppeld aan een persoon’ (een subject). Het slaat op een
bevoegdheid die een persoon heeft tegenover andere personen. (Vb: recht op studiebeurs).

Het verband tussen objectieve en subjectieve rechten; het objectieve recht verleent subjectieve
rechten.

Rechtssubjecten: de dragers van de subjectieve rechten;
Rechtssubjecten kunnen rechten uitoefenen op stoffelijke voorwerpen die voor beheersing
vatbaar zijn (rechtsobjecten).

3.2 (Semi)dwingend en aanvullend recht
Recht omvat geschreven en ongeschreven rechtsregels.
- Geschreven rechtsregels worden aangeduid met ‘wet’. Wetmatig: overeenkomstig met de
voorschriften van de wet.
- Ongeschreven rechtsregels hebben ook rechtskracht (geen wet) -> als iets in strijd is met een
rechtsregel, hoeft het nog niet in strijd te zijn met de wet.

Dwingend recht: voorschriften waar de burgers niet vanaf mogen wijken. (Bij afwijking zitten er
geen rechtsgevolgen aan vast).

,Nietigheid: een rechtshandeling heeft het beoogde rechtsgevolg niet; het rechtsgevolg wordt
geacht nooit te hebben bestaan. (Een nietige afspraak wordt geacht niet te zijn gemaakt en
nakoming ervan kan niet worden afgedwongen).

Aanvullend recht: burgers morgen afwijken van de regelgeving. (Als ze geen eigen regeling
hebben, dan geldt de wettelijke regeling).

Semidwingend recht: het is partijen toegestaan van de wettelijke regel af te wijken, binnen door
de wet gestelde grenzen.

4. Rechtsbronnen
Bij het beoordelen of iets recht is, moeten bronnen van objectief recht geraadpleegd worden;
Wet
Gewoonterecht
Jurisprudentie (beslissingen van rechters)
Verdragen

4.1 Rechtsbron 1: het begrip ‘wet’ kent drie betekenissen:
- Wet in formele en materiële zin: wetten met algemene regels en een besluit voor een
concreet geval.
- Wet in formele zin: wetten die gaan over de handhaving van materiële wetten. Het is een
gezamenlijk besluit van de regering en de Staten-Generaal. Het zegt alleen iets over de vraag
wie de wet heeft vastgesteld, en niet over de inhoud.
- Wet in materiële zin: algemene regels (normen) van een tot regelgeving bevoegd
overheidsorgaan, die de burgers binden. De regels zijn van toepassing in een onbepaald
aantal gevallen voor een onbepaald aantal personen. De wet is vatbaar voor herhaalde
toepassing.

Overheidsorganen met de bevoegdheid om rechtsregels vast te stellen:
- Regering en Staten-Generaal
- Provinciale Staten
- Gemeenteraad

Er is een rangorde (hiërarchie) van wetten in materiële zin:
- Grondwet
- Wetten in formele zin (wetten gemaakt door regering en Staten-Generaal samen)
- Algemene maatregelen van bestuur (door de regering vastgestelde wet in materiële zin)
- Ministeriële regelingen
- Provinciale verordeningen
- Gemeentelijke verordeningen

Als artikelen strijdig zijn, dan zal de rechter het artikel in lagere regeling ‘onverbindend
verklaren’, dus buiten beschouwing laten. Als artikelen van gelijke rang strijdig zijn, dan geldt de
jongste regeling als hoogste.

4.2 Rechtsbron 2: Gewoonterecht
Gewoonterecht: een geregeld handelen in een zekere kring/ bedrijfstak en het herhalen van
feiten. Het is algemeen erkend als zelfstandige rechtsbron naast de wet als de wet naar de
gewoonte verwijst.
Gewoonte mag niet per definitie als recht beschouwd worden. Naast het bewijs van gewoonte is
het nodig:

, - De handelingen een gevolg zijn van de overtuiging dat iemand zo behoort te doen als hij doet.
En dat afwijking van de gewoonte als onbehoorlijk wordt ervaren in de betrokken kring van
personen.

Gewoonterecht is in het strafrecht geen rechtsbron. Strafrecht is geschreven recht, niemand
mag worden gestraft op grond van gewoonterecht.

Gewoonterecht kan tegen de wet ingaan. Bij zeer hoge uitzondering moet het dwingend recht
uitwijken voor gewoonterecht.

4.3 Rechtsbron 3: Jurisprudentie
Jurisprudentie: rechterlijke uitspraken.
Lagere rechters, overheidsorganen en rechtzoekende burgers zullen rekening houden met
(vaste) jurisprudentie, om te voorkomen dat zij in een gerechtelijke procedure in het ongelijk
worden gesteld.

4.3.1 Rechtsvinding
Gecodificeerd recht: neergelegd in wetten en verordeningen.

Algemene regels bieden slechts een handvat om de oplossingsrichting aan te geven. Algemene
regels zijn niet meer toepasbaar op alle situaties waarin een oordeel van de rechter wordt
gevraagd.

Interpretatie: de rechter moet in een concreet geval vaststellen wat de betekenis is van de
toepasselijke regel.

Rechtsvinding: het vinden van het recht in een concreet geval.
Wat is nodig om het recht te vinden?
- Kennis van de feiten
- Kennis van (ongeschreven) rechtsregels

Voor het vinden van een antwoord op een rechtsvraag wordt gebruik gemaakt van een logica,
het syllogisme:
- Minor (feit)
- Major (algemene regel); de rechtsregel waarin het antwoord op de rechtsvraag gevonden
kan worden.
- Conclusie; subsumptie: het feit (minor) wordt onder de rechtsregel (major) gebracht om een
conclusie te trekken.

4.3.2 Interpretatiemethoden
Interpreteren is het uitleggen van wetsartikelen.
Om rechtsregels uit te leggen worden technieken (interpretatiemethoden) gebruikt:
1. Grammaticale interpretatie: de taal, de betekenis van de woorden naar spraakgebruik.
2. Historische interpretatie:
- Wetshistorisch: er wordt onderzocht wat de bedoeling van de opstellers van de wet is.
- Rechtshistorisch: de wet wordt beoordeeld in het kader van de ontwikkelingen in de
geschiedenis.
3. Teleologische interpretatie: de wetsuitlegger kijkt naar de bedoeling van de wet.
4. Anticiperende interpretatie: de rechter houdt rekening met komend recht en anticipeert op een
wettelijke regel die nog niet ingevoerd is.
€4,99
Krijg toegang tot het volledige document:

100% tevredenheidsgarantie
Direct beschikbaar na je betaling
Lees online óf als PDF
Geen vaste maandelijkse kosten

Maak kennis met de verkoper
Seller avatar
Dewi2610

Maak kennis met de verkoper

Seller avatar
Dewi2610 Saxion Hogeschool
Bekijk profiel
Volgen Je moet ingelogd zijn om studenten of vakken te kunnen volgen
Verkocht
5
Lid sinds
5 jaar
Aantal volgers
5
Documenten
3
Laatst verkocht
1 jaar geleden

0,0

0 beoordelingen

5
0
4
0
3
0
2
0
1
0

Recent door jou bekeken

Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Veelgestelde vragen