STROMINGEN Geschiedenis
Empirisme
Kennis komt voort uit ervaring, observatie, experimentatie of inductie.
Veronderstelling dat er geen innerlijke kennis aanwezig is vanaf het begin; alle
kennis wordt verkregen door middel van sensorische ervaring en inductie (tabula
rasa).
Aristoteles - Bacon - Newton - Locke - Berkeley - Hume - J. S. Mill
Rationalisme
Rede en denken zijn de voornaamste kennisbron. Verzet zich tegen aangeboren
kennis/tabula rasa; er is al sprake van innerlijke kennis (nativisme). Waarheid bevat
een redelijke en logische structuur waardoor dit door het verstand gelezen kan
worden. Deductief redeneren wordt hier gebruikt.
Plato - Descartes - Galilei - Wolff - Kant - Popper - Chomsky
Positivisme
Vormen van empirisme zijn hierin terug te vinden; alleen empirische wetenschappen
leveren geldige kennis op. Kennis kan dus alleen verkregen worden door het correct
toepassen van de wetenschappelijke methode.
Comte - J. S. Mill
Logisch Positivisme/Empirisme
Stelsel dat alleen aanvaardt wat zintuiglijk waargenomen wordt en vastgesteld kan
worden. Het verwerpt non-empirische uitspraken gemaakt door bijvoorbeeld de
ethiek.
Het stelt dat de filosofie moet stoppen met denken over de metafysica en eerder de
noodzaak van de wetenschappelijke aanpak leren te begrijpen; hier staat het
verificatieprincipe centraal.
,Hume - Schlick - Russell - Wiener Kreis
Monisme (1)
Filosofie die zegt dat er slechts één van iets is.
- Materialisme
Er wordt ontkend dat de geest apart van de materie bestaat. Het is een
filosofie die de werkelijkheid, ook emoties en andere processen, in het
menselijk brein uiteindelijk herleidt tot materie.
Hume - Freud - von Helmholtz
--> Behaviorisme
Stroming die zich uitspreekt over het gedrag van mensen
en dieren (innerlijk en uiterlijk) in een omgeving en de
onderzoeksmethoden (experimenteel en empirisch
wetenschappelijk onderzoek) van de psychologie; verzet
zich dus tegen introspectie. Zij wijzen dus een intern
mentaal leven af en verleggen de klemtoon naar het
beschrijven van observeerbaar gedrag.
John Watson - Hull - Tolman - Wundt - Ryle - Skinner
--> Functionalisme
Mentale toestanden kunnen opgevat worden als
functionele toestanden. Een mentale toestand wordt hier
dus gezien als een verzameling van functionele relaties
tot andere toestanden, zintuiglijke input en
gedragsoutput.
James
--> Identiteitstheorie Geest
Directe reactie op het falen van het Behaviorisme. Hierin
wordt verdedigd dat alle mentale toestanden in feite een
soort fysische substantie zijn, maar geen gedrag!
, Mentale toestanden zijn waarschijnlijk identiek aan
interne toestanden van de hersenen. DUS een mentale
toestand M is niets anders dan een toestand van de
hersenen B. Dus het denken is niet meer dan het
aanwakkeren van bepaalde neuronen.
- Idealisme
Materiële wereld wordt ontkend; onze werkelijkheid speelt zich alleen af
in onze geest. De wereld, zoals wij hem kennen, is een constructie van
de mind. Menselijke kennis is een subjectieve of sociale constructie die
niet noodzakelijk correspondeert met een buitenlijke wereld. Alle kennis
wordt beïnvloed door taal en cultuur. De waarheid van statements hangt
af van de de samenhang met de rest van de kennis.
Plato - Berkeley - Hume - Kant
Dualisme (2)
Er bestaan zowel materiële als mentale eigenschappen, gescheiden van elkaar.
Plato - Descartes - Locke
- Parallellisme
De menselijke geest en het lichaam beïnvloeden elkaar niet causaal,
maar verlopen beide parallel. Mentale gebeurtenissen intergeren causaal
met andere mentale gebeurtenissen en gebeurtenissen in de hersenen
integreren causaal met andere gebeurtenissen in de hersenen; echter
geen interactie!
Wundt
- Interactionisme
Er vindt een interactie tussen de geest en het lichaam plaats in de
pijnappelklier.
Descartes - Weber
Empirisme
Kennis komt voort uit ervaring, observatie, experimentatie of inductie.
Veronderstelling dat er geen innerlijke kennis aanwezig is vanaf het begin; alle
kennis wordt verkregen door middel van sensorische ervaring en inductie (tabula
rasa).
Aristoteles - Bacon - Newton - Locke - Berkeley - Hume - J. S. Mill
Rationalisme
Rede en denken zijn de voornaamste kennisbron. Verzet zich tegen aangeboren
kennis/tabula rasa; er is al sprake van innerlijke kennis (nativisme). Waarheid bevat
een redelijke en logische structuur waardoor dit door het verstand gelezen kan
worden. Deductief redeneren wordt hier gebruikt.
Plato - Descartes - Galilei - Wolff - Kant - Popper - Chomsky
Positivisme
Vormen van empirisme zijn hierin terug te vinden; alleen empirische wetenschappen
leveren geldige kennis op. Kennis kan dus alleen verkregen worden door het correct
toepassen van de wetenschappelijke methode.
Comte - J. S. Mill
Logisch Positivisme/Empirisme
Stelsel dat alleen aanvaardt wat zintuiglijk waargenomen wordt en vastgesteld kan
worden. Het verwerpt non-empirische uitspraken gemaakt door bijvoorbeeld de
ethiek.
Het stelt dat de filosofie moet stoppen met denken over de metafysica en eerder de
noodzaak van de wetenschappelijke aanpak leren te begrijpen; hier staat het
verificatieprincipe centraal.
,Hume - Schlick - Russell - Wiener Kreis
Monisme (1)
Filosofie die zegt dat er slechts één van iets is.
- Materialisme
Er wordt ontkend dat de geest apart van de materie bestaat. Het is een
filosofie die de werkelijkheid, ook emoties en andere processen, in het
menselijk brein uiteindelijk herleidt tot materie.
Hume - Freud - von Helmholtz
--> Behaviorisme
Stroming die zich uitspreekt over het gedrag van mensen
en dieren (innerlijk en uiterlijk) in een omgeving en de
onderzoeksmethoden (experimenteel en empirisch
wetenschappelijk onderzoek) van de psychologie; verzet
zich dus tegen introspectie. Zij wijzen dus een intern
mentaal leven af en verleggen de klemtoon naar het
beschrijven van observeerbaar gedrag.
John Watson - Hull - Tolman - Wundt - Ryle - Skinner
--> Functionalisme
Mentale toestanden kunnen opgevat worden als
functionele toestanden. Een mentale toestand wordt hier
dus gezien als een verzameling van functionele relaties
tot andere toestanden, zintuiglijke input en
gedragsoutput.
James
--> Identiteitstheorie Geest
Directe reactie op het falen van het Behaviorisme. Hierin
wordt verdedigd dat alle mentale toestanden in feite een
soort fysische substantie zijn, maar geen gedrag!
, Mentale toestanden zijn waarschijnlijk identiek aan
interne toestanden van de hersenen. DUS een mentale
toestand M is niets anders dan een toestand van de
hersenen B. Dus het denken is niet meer dan het
aanwakkeren van bepaalde neuronen.
- Idealisme
Materiële wereld wordt ontkend; onze werkelijkheid speelt zich alleen af
in onze geest. De wereld, zoals wij hem kennen, is een constructie van
de mind. Menselijke kennis is een subjectieve of sociale constructie die
niet noodzakelijk correspondeert met een buitenlijke wereld. Alle kennis
wordt beïnvloed door taal en cultuur. De waarheid van statements hangt
af van de de samenhang met de rest van de kennis.
Plato - Berkeley - Hume - Kant
Dualisme (2)
Er bestaan zowel materiële als mentale eigenschappen, gescheiden van elkaar.
Plato - Descartes - Locke
- Parallellisme
De menselijke geest en het lichaam beïnvloeden elkaar niet causaal,
maar verlopen beide parallel. Mentale gebeurtenissen intergeren causaal
met andere mentale gebeurtenissen en gebeurtenissen in de hersenen
integreren causaal met andere gebeurtenissen in de hersenen; echter
geen interactie!
Wundt
- Interactionisme
Er vindt een interactie tussen de geest en het lichaam plaats in de
pijnappelklier.
Descartes - Weber