Milieurisico-evaluatie en milieugevaarlijke stoffen
0. Basisbegrippen gevaarlijke stoffen en veiligheid
A) Gevaarlijke stoffen
1) Definitie gevaarlijke stoffen
- Moeilijkheid: er bestaat geen algemeen aanvaarde definitie van ‘gevaarlijke stof’!
- Uitgangspunt = ruime bepaling ‘stoffen zijn gevaarlijk in zoverre ze een nadelige invloed kunnen
hebben op mens, milieu en patrimonium (gebouwen, installaties)’
Deze definitie wijst eerder op het potentiële gevaar van alle stoffen
- Is geen zwart-wit indeling in gevaarlijk en ongevaarlijk
Bv. water is levensnoodzakelijk maar ook levensbedreigend want we kunnen er in verdrinken
- Vraag is dus niet zozeer ‘Welke stof is gevaarlijk?’
Maar eerder: ‘Hoe gevaarlijk is een stof in de gegeven omstandigheden/condities waarin we
die gaan gebruiken?’
- M.a.w. de ruime definitie kan teruggebracht worden tot:
Gevaarlijke stoffen zijn stoffen die, omwille van hun intrinsieke eigenschappen, een nadelige
invloed hebben op de mens, het milieu en het patrimonium
2) Wetgeving
- Voor wetgeving is meestal een duidelijke en scherpe indeling nodig.
o Wat als niet-gevaarlijk wordt geklasseerd, zal zeer sterk afhangen van het specifieke
toepassingsgebied waarin de stof wordt gebruikt en toegepast, verschillende wetgeving
naargelang het toepassingsgebied
o Vandaar ook verschillende indelingen in gevaarlijke stoffen i.v.m. milieu, arbeidsveiligheid,
transport, voeding, …
o Een stof kan in bepaalde toepassing als ongevaarlijk worden geklasseerd, maar tegelijkertijd
zeer gevaarlijk zijn in andere omstandigheden
- Altijd kijken naar de omstandigheden en welke wetgeving we moeten toepassen
B) Stof
1) Definitie van het begrip ‘stof’
- Dit kan gaan om producten die essentieel bestaan uit één bepaalde chemische substantie
Bv. ammoniak NH3 (base, toxisch, gas) of zwavelzuur H2SO4 (sterk zuur), …
Deze stoffen hebben éénduidige eigenschappen die eenvoudig kunnen worden vastgelegd
- Samengestelde producten: bevatten meer dan één chemische stof (vaak heel veel solventen bij)
Bv. benzine of verf
Het aantal mogelijke mengsels (afhankelijk van samenstelling en additieven) is zeer groot
- Reglementering van samengestelde producten is veel complexer dan die van enkelvoudige
producten
1
, 2) Wetgeving
- Volgende definities worden gehanteerd in de wetgeving:
o Stoffen: chemische elementen en hun verbindingen zoals deze voorkomen in natuurlijke
toestand of ontstaan bij chemische processen
Incl. additieven die worden toegevoegd voor de stabiliteit en bepaalde onzuiverheden,
maar exclusief oplosmiddelen
Omdat solventen en oplosmiddelen in overmaat aanwezig zijn in een mengsel maar niet
veel te maken hebben met de intrinsieke eigenschappen van het mengsel zelf
o Preparaten (mengsels): mengsels of oplossingen die bestaan uit twee of meerdere stoffen
- Voor de indeling van gevaarlijke stoffen kan uitgegaan worden van verschillende wetgevingen:
o VLAREMA wetgeving: afvalstoffen richtlijn
o VLAREM wetgeving: Vlaams reglement milieuvergunning
o ADR-reglementering: transport van gevaarlijke goederen over de weg
o WELZIJNSWET en CODEX voor het welzijn op het werk: arbeidsveiligheid, reglementering
naar werknemers toe
o SEVESO-classificatie: preventie van zware ongevallen in bedrijven (verschillende wetgeving
binnen SEVESO afhankelijk van de hoeveelheid producten)
- Opgepast voor misvattingen!
In bedrijven wordt soms nog de ADR-reglementering gehanteerd, maar in de milieuwetgeving
worden meer gevaarlijke stoffen gedefinieerd
C) Definitie van het begrip ‘risico op blootstelling aan gevaarlijke stof’
- Gevaar (Hazard) = de inherente eigenschap van een stof om schade aan te richten, intrinsieke
gevaren van de stof (bv. giftig, brandbaar, corrosief) gerelateerd aan de aard van de stof
- Blootstelling (Exposure) = de wijze en mate waarop iemand in contact komt met de stof
gerelateerd aan de hoeveelheid/concentratie, duur en frequentie en manier van blootstellen
(inademen, huidcontact, inslikken)
- De kans = dat de gebeurtenis plaatsvindt is de blootstelling (de kans of mate waarin een bepaald
scenario zich voordoet), maal de kans per eenheid blootstelling dat een gebeurtenis plaatsvindt
Hier hebben we een impact op → door ons te beschermen kunnen we de kans verlagen dat
een bepaalde gebeurtenis zal plaatsvinden
Preventie = goed beschermen (persoonlijke beschermingsmiddelen)
2
, - Hierbij is de dosis (de hoeveelheid waaraan je blootgesteld wordt) belangrijk
Ook de tijdsduur van blootstelling, de manier van blootstelling (inademen, contact met de
huid, inslikken enz.) en de manier waarop (bv. omstoten van een fles, explosie van een vat of
reactor, brand, dampen die ontsnappen enz.) zijn hierbij heel belangrijk en bepalen de ernst
van de schade en het risico
- Vb. Toepassing op omgooien fles met sterk zuur
o Beperking blootstelling: andere handelingen zodat slechts beperkt gebruik van fles nodig is
(blootstelling onder grenswaarde proberen te krijgen)
o Beperking kans
Fles vervangen door andere verpakking (wegnemen gevaar)
Fles in veilige houder of kast plaatsen met slot erop
Dragen van PBM’s (persoonlijke beschermingsmiddelen, 1 persoon) (afschermen gevaar)
Voldoende voorlichting over gevaren en voorschriften bij hanteren = verplicht
(voorlichting)
o Beperking gevolg: douches plaatsen (collectieve beschermingsmiddelen of CBM’s, meer
personen)
- Belang van RISICO-ANALYSE voor chemische agentia! (RIE= Risico-Inventarisatie en –Evaluatie)
Voor je gaat werken met chemische agentia moet je een risicoanalyse maken
D) Principes en ethiek m.b.t. veiligheid
- Je maakt gebruik van volgende 4 algemene principes om veilig te werken en de risico’s zoveel als
mogelijk tot een minimum te beperken
- Deze algemene principes kan je in het Engels omschrijven met het acronym RAMP:
o Recognize hazards = herken en erken gevaren (die je ziet)
o Assess the risks of those hazards = analyseer het risico van de gevaren (bekijk wat het
potentieel risico is en hoe kunnen we daarmee omgaan)
o Minimize, manage, control those hazards = minimaliseer, beheer en controleer de gevaren
o Prepare to respond to emergencies = wees voorbereid om te reageren in geval van
incidenten (bv. nooddouche, evacuatieprocedure, noodnummers die ergens hangen, …)
- Deze 4 stappen doorloop je in een zo vroeg mogelijk stadium bij het plannen van werkzaamheden
en pas je steeds aan, aan wijzigingen
- In processen waarbij chemicaliën gebruikt worden, net als in elke andere activiteit met risico,
maakt men gebruik van management of change (MOC)
Verzekert dat verandering aan het proces geen nieuwe gevaren of onopgemerkte toename in
risico’s introduceert
Niet alleen bij het ontwikkelen van een nieuw proces, maar moet integraal onderdeel zijn van
de volledige levenscyclus van het proces
3
0. Basisbegrippen gevaarlijke stoffen en veiligheid
A) Gevaarlijke stoffen
1) Definitie gevaarlijke stoffen
- Moeilijkheid: er bestaat geen algemeen aanvaarde definitie van ‘gevaarlijke stof’!
- Uitgangspunt = ruime bepaling ‘stoffen zijn gevaarlijk in zoverre ze een nadelige invloed kunnen
hebben op mens, milieu en patrimonium (gebouwen, installaties)’
Deze definitie wijst eerder op het potentiële gevaar van alle stoffen
- Is geen zwart-wit indeling in gevaarlijk en ongevaarlijk
Bv. water is levensnoodzakelijk maar ook levensbedreigend want we kunnen er in verdrinken
- Vraag is dus niet zozeer ‘Welke stof is gevaarlijk?’
Maar eerder: ‘Hoe gevaarlijk is een stof in de gegeven omstandigheden/condities waarin we
die gaan gebruiken?’
- M.a.w. de ruime definitie kan teruggebracht worden tot:
Gevaarlijke stoffen zijn stoffen die, omwille van hun intrinsieke eigenschappen, een nadelige
invloed hebben op de mens, het milieu en het patrimonium
2) Wetgeving
- Voor wetgeving is meestal een duidelijke en scherpe indeling nodig.
o Wat als niet-gevaarlijk wordt geklasseerd, zal zeer sterk afhangen van het specifieke
toepassingsgebied waarin de stof wordt gebruikt en toegepast, verschillende wetgeving
naargelang het toepassingsgebied
o Vandaar ook verschillende indelingen in gevaarlijke stoffen i.v.m. milieu, arbeidsveiligheid,
transport, voeding, …
o Een stof kan in bepaalde toepassing als ongevaarlijk worden geklasseerd, maar tegelijkertijd
zeer gevaarlijk zijn in andere omstandigheden
- Altijd kijken naar de omstandigheden en welke wetgeving we moeten toepassen
B) Stof
1) Definitie van het begrip ‘stof’
- Dit kan gaan om producten die essentieel bestaan uit één bepaalde chemische substantie
Bv. ammoniak NH3 (base, toxisch, gas) of zwavelzuur H2SO4 (sterk zuur), …
Deze stoffen hebben éénduidige eigenschappen die eenvoudig kunnen worden vastgelegd
- Samengestelde producten: bevatten meer dan één chemische stof (vaak heel veel solventen bij)
Bv. benzine of verf
Het aantal mogelijke mengsels (afhankelijk van samenstelling en additieven) is zeer groot
- Reglementering van samengestelde producten is veel complexer dan die van enkelvoudige
producten
1
, 2) Wetgeving
- Volgende definities worden gehanteerd in de wetgeving:
o Stoffen: chemische elementen en hun verbindingen zoals deze voorkomen in natuurlijke
toestand of ontstaan bij chemische processen
Incl. additieven die worden toegevoegd voor de stabiliteit en bepaalde onzuiverheden,
maar exclusief oplosmiddelen
Omdat solventen en oplosmiddelen in overmaat aanwezig zijn in een mengsel maar niet
veel te maken hebben met de intrinsieke eigenschappen van het mengsel zelf
o Preparaten (mengsels): mengsels of oplossingen die bestaan uit twee of meerdere stoffen
- Voor de indeling van gevaarlijke stoffen kan uitgegaan worden van verschillende wetgevingen:
o VLAREMA wetgeving: afvalstoffen richtlijn
o VLAREM wetgeving: Vlaams reglement milieuvergunning
o ADR-reglementering: transport van gevaarlijke goederen over de weg
o WELZIJNSWET en CODEX voor het welzijn op het werk: arbeidsveiligheid, reglementering
naar werknemers toe
o SEVESO-classificatie: preventie van zware ongevallen in bedrijven (verschillende wetgeving
binnen SEVESO afhankelijk van de hoeveelheid producten)
- Opgepast voor misvattingen!
In bedrijven wordt soms nog de ADR-reglementering gehanteerd, maar in de milieuwetgeving
worden meer gevaarlijke stoffen gedefinieerd
C) Definitie van het begrip ‘risico op blootstelling aan gevaarlijke stof’
- Gevaar (Hazard) = de inherente eigenschap van een stof om schade aan te richten, intrinsieke
gevaren van de stof (bv. giftig, brandbaar, corrosief) gerelateerd aan de aard van de stof
- Blootstelling (Exposure) = de wijze en mate waarop iemand in contact komt met de stof
gerelateerd aan de hoeveelheid/concentratie, duur en frequentie en manier van blootstellen
(inademen, huidcontact, inslikken)
- De kans = dat de gebeurtenis plaatsvindt is de blootstelling (de kans of mate waarin een bepaald
scenario zich voordoet), maal de kans per eenheid blootstelling dat een gebeurtenis plaatsvindt
Hier hebben we een impact op → door ons te beschermen kunnen we de kans verlagen dat
een bepaalde gebeurtenis zal plaatsvinden
Preventie = goed beschermen (persoonlijke beschermingsmiddelen)
2
, - Hierbij is de dosis (de hoeveelheid waaraan je blootgesteld wordt) belangrijk
Ook de tijdsduur van blootstelling, de manier van blootstelling (inademen, contact met de
huid, inslikken enz.) en de manier waarop (bv. omstoten van een fles, explosie van een vat of
reactor, brand, dampen die ontsnappen enz.) zijn hierbij heel belangrijk en bepalen de ernst
van de schade en het risico
- Vb. Toepassing op omgooien fles met sterk zuur
o Beperking blootstelling: andere handelingen zodat slechts beperkt gebruik van fles nodig is
(blootstelling onder grenswaarde proberen te krijgen)
o Beperking kans
Fles vervangen door andere verpakking (wegnemen gevaar)
Fles in veilige houder of kast plaatsen met slot erop
Dragen van PBM’s (persoonlijke beschermingsmiddelen, 1 persoon) (afschermen gevaar)
Voldoende voorlichting over gevaren en voorschriften bij hanteren = verplicht
(voorlichting)
o Beperking gevolg: douches plaatsen (collectieve beschermingsmiddelen of CBM’s, meer
personen)
- Belang van RISICO-ANALYSE voor chemische agentia! (RIE= Risico-Inventarisatie en –Evaluatie)
Voor je gaat werken met chemische agentia moet je een risicoanalyse maken
D) Principes en ethiek m.b.t. veiligheid
- Je maakt gebruik van volgende 4 algemene principes om veilig te werken en de risico’s zoveel als
mogelijk tot een minimum te beperken
- Deze algemene principes kan je in het Engels omschrijven met het acronym RAMP:
o Recognize hazards = herken en erken gevaren (die je ziet)
o Assess the risks of those hazards = analyseer het risico van de gevaren (bekijk wat het
potentieel risico is en hoe kunnen we daarmee omgaan)
o Minimize, manage, control those hazards = minimaliseer, beheer en controleer de gevaren
o Prepare to respond to emergencies = wees voorbereid om te reageren in geval van
incidenten (bv. nooddouche, evacuatieprocedure, noodnummers die ergens hangen, …)
- Deze 4 stappen doorloop je in een zo vroeg mogelijk stadium bij het plannen van werkzaamheden
en pas je steeds aan, aan wijzigingen
- In processen waarbij chemicaliën gebruikt worden, net als in elke andere activiteit met risico,
maakt men gebruik van management of change (MOC)
Verzekert dat verandering aan het proces geen nieuwe gevaren of onopgemerkte toename in
risico’s introduceert
Niet alleen bij het ontwikkelen van een nieuw proces, maar moet integraal onderdeel zijn van
de volledige levenscyclus van het proces
3