Geschreven door studenten die geslaagd zijn Direct beschikbaar na je betaling Online lezen of als PDF Verkeerd document? Gratis ruilen 4,6 TrustPilot
logo-home
Document preview thumbnail
Voorbeeld 4 van de 97 pagina's
Samenvatting

Samenvatting Anatomie & Fysiologie Boek 'Oncologie verpleegkunde' OWE 8 Leerjaar 2 HAN 8,1

Document preview thumbnail
Voorbeeld 4 van de 97 pagina's

Dit document bevat een samenvatting van de anatomie en fysiologie en de samenvatting van het boek 'Leerboek oncologie verpleegkunde'. Dit is theorie die u moet kennen voor de kennistoets van OWE 8 op de HAN. Succes met leren!

Voorbeeld van de inhoud

,Samenvatting AF
Hoofdstuk 4 topografie
4.1 De anatomische houding
Bij topografische beschrijvingen ga je uit van een bepaalde, gedefinieerde
houding van het lichaam. Dit is de anatomische houding.
In deze houding:

- Staat de persoon rechtop
- Houdt de persoon het hoofd rechtop
- Houdt de persoon de armen gestrekt naast het lichaam
- Zijn de handpalmen naar voren gekeerd
- Zijn de voeten iets gespreid

4.2 Doorsnede en lichaamsvlakken
Veel in de verpleegkunde wordt uitgelegd door een doorsnede. Er worden 3
lichaamsvlakken onderscheiden.
frontale doorsnede sagittale doorsnede/ mediaan transversale
doorsnede




Frontaal vlak: loopt evenwijdig aan de lichaamsas (lengteas) en verdeeld het
lichaam in voor en achter. Ontstaat door een frontale doorsnede.
Transversaal vlak: loopt evenwijdig aan de vloeroppervlak en staat loodrecht op
het lichaamsas. Verdeeld het lichaam in boven en onder. Ontstaat door een
transversale doorsnede.
Sagittaal vlak: staat loodrecht op het frontaal vlak en verdeeld het lichaam in
links en rechts. Ontstaat door sagittale doorsnede.
De sagittale doorsnede door de neus en navel, verdeelt het lichaam precies in 2
delen. Dit mediosagittale vlak wordt ook mediaanvlak genoemd.
Buizen in het lichaam hebben ten opzichte van elkaar en de hoofdvlakken een
andere ligging.
Een buis kun je uit het lichaam halen en dan verdelen in vakken.

,Bij een transversale doorsnede ontstaan er 2 cirkelvormige uiteinden. De holte
die door buisvormige organen omsloten wordt noem je het lumen.
Bij een longitudinale doorsnede ontstaan er 2 halve gootjes.

4.3 Plaatsaanduidingen
Er zijn een aantal afspraken gemaakt over de plaatsaanduiding. De persoon staat
altijd in de anatomische houding. Er zijn topografische begrippen om de plaats
aan te geven.

Plaatsaanduiding Vertaling Gebruik
Ventraal Aan de buikzijde Bij de grotere structuren
(voorkant) of over grotere afstand
Dorsaal Aan de rugzijde
(achterkant)
Anterior Aan de voorkant (voor) Bij kleinere structuren of
over kleinere afstand
Posterior Aan de achterkant
(achter)
Centraal In het midden Bij de uitgestrekte
stelsels als het
zenuwstelsel of het
circulatiestelsel
Perifeer Aan de uiteinde
Craniaal Aan de kant van het Bij de wervelkolom of
schedel het centrale
zenuwstelsel, meestal
over grotere afstand
Caudaal Aan de kant van de
staart
Superior Boven, hoger Over kleinere structuren
en afstanden
Inferior Lager, beneden
Lateraal Aan de zijkant Algemeen
Mediaal Naar het midden toe
Proximaal Aan de kant van de romp Bij ledematen
Distaal Ver van de romp
Sinister Links Bij symmetrisch geleden
structuren
Dexter Rechts
Internus Inwendig Bij de ligging in de
diepte, vooral bij
bloedvaten en zenuwen
Externus Uitwendig


Voor plaatsaanduiding van bepaalde organen wordt de wervelkolom vaak
gebruikt. De wervels worden van boven naar beneden aangeduid:
C1 t/m C7: 7 cervicale wervels (halswervels)
Th1 t/m Th12: 12 thoracale wervels (borstwervels)
L1 t/m L5: 5 lumbale wervels (lendenwervels)

, 4.4 Richting aanduidingen
De anatomische houding, is een bewegingloze toestand (statica).
Termen waarmee je bewegingen beschrijft (dynamica).
Elke beweging vindt plaats rond een as in het vlak, er is dan altijd een
tegengestelde beweging.

Richtingsaanduiding Gebruik
Flexie: buiging Bij beweging van de
Extensie: strekking ellebooggewrichten, vingers, knieën
en tenen
Anteflexie: naar voren buigen Bij beweging van de hele arm, het
Retroflexie: naar achteren buigen hele been, de romp en het hoofd
Lateroflexie: opzij buiten
Dorsale flexie: buiging naar de Bij beweging van de hand en of de
handrug/ voetwreef voet
Palmaire flexie: buiging naar de
handpalm
Plantaire flexie: buiging naar de
voetzool
Supinatie: buitenwaartse draaiing van De beweging van de hand en de voet
de horizontaal gehouden hand/voet
waardoor de handpalm/voetrand naar
boven draait
Pronatie: tegengesteld aan supinatie
Abductie: beweging van de middellijn De beweging van de ledematen
af
Adductie: beweging naar de middellijn
toe
Exorotatie: buitenwaartse draaiing De beweging van de ledematen
Endorotatie: binnenwaartse draaiing
Opponeren: plaatsing van de duim Beweging van de duim
tegenover de andere vinger van
dezelfde hand
Reponeren: tegengestelde van
opponeren

4.5 Indeling in hoofd, romp en ledematen
Hoofd, romp en ledematen hebben grote functionele en anatomische verschillen.
Hoofd= observatiepost van het lichaam. Het hoofd is hoog, dat is gunstig voor
gezichtsvermogen, gehoor en reuk. Hoofd bevat hersenen en is daardoor
commandopost van het lichaam.
De hersenen ontvangen via zintuigen informatie en via vegetatieve sensorisch
informatie uit lichaam. De informatie wordt verwerkt en de commando’s gaan
naar het hele lichaam. Het hoofd heeft ook meerdere toegangswegen naar het
inwendige van het lichaam: mond, neus en gehoorgangen.
Romp= ruimte die vooral organen bevat die zich bezighouden met vegetatieve
functies. Je vindt daar je spijsvertering, ademhalingsstelsel, urinewegstelsel en
circulatiestelsel.

Inhoudsopgave

  1. 01 Hoofdstuk 4 topografie 2
    1. 4.1 De anatomische houding 2
    2. 4.2 Doorsnede en lichaamsvlakken 2
    3. 4.3 Plaatsaanduidingen 3
    4. 4.4 Richting aanduidingen 4
    5. 4.5 Indeling in hoofd, romp en ledematen 4
    6. 4.6 Bouwelementen, holten en vliezen 5
  2. 02 Hoofdstuk 12 Zenuwstelsel 6
    1. 12.1 Algemene functies 7
    2. 12.2 Algemene werking 7
    3. 12.3 Indelingen 8
    4. 12.4 Zenuwweefsel 9
    5. 12.5 Grote hersenen 14
    6. 12.7 Hersenstam 17
    7. 12.8 Kleine hersenen 19
    8. 12.9 Ruggenmerg 20
    9. 12.10 Reflexen 23
    10. 12.11 Vegetatieve zenuwstelsel 24
  3. 03 Hoofdstuk 14: Motorisch stelsel 26
    1. 14.1 Skelet 26
    2. 14.2 Botverbindingen 28
    3. 14.4 Botten en botverbindingen van de romp 30
    4. 14.6 Spieren 33
  4. 04 Handboek geriatrie 36
  5. 05 Hoofdstuk 2 De oudere mens 36
    1. 2.1 Levensfasen 36
    2. 2.2 Ontwikkelingstaken ouderen 37
    3. 2.3 Lichamelijke veranderingen bij ouder worden 37
    4. 2.4 Psychosociale veranderingen bij ouder worden 39
  6. 06 Hoofdstuk 4 Kwetsbaarheid 41
    1. 4.1 Oorzaken kwetsbaarheid 41
    2. 4.2 Kwetsbaarheid in kaart brengen 42
    3. 4.3 Gevolgen van kwetsbaarheid 44
    4. 4.4 Begeleiding bij kwetsbaarheid 45
  7. 07 Hoofdstuk 9 Ademhalingsstelsel 46
    1. 9.1 Luchtwegen 46
    2. 9.2 Gaswisseling 49
    3. 9.3 Ademhalingsbewegingen 50
    4. 9.4 Longfunctie 53
  8. 08 Oncologie: handboek voor verpleegkundige 55
  9. 09 Hoofstuk 22 Pulmonale oncologie 55
    1. 22.1 Inleiding 55
    2. 22.2 Epidemiologie en etiologie 55
    3. 22.3 Preventie 55
    4. 22.4 Symptomatologie 56
    5. 22.5 Diagnostiek en stadiëring 56
    6. 22.6 Behandeling van NSCLC 58
    7. 22.7 Behandeling kleincellig longcarcinoom (SCLC) 62
    8. 22.8 Mesothelioom 63
    9. 22.9 Specifieke zorgproblematiek en mogelijke interventies bij longcarcinoom en mesothelioom 65
    10. 22.10 Lotgenotencontact en patiëntenverenigingen 67
  10. 10 Leerboek psychiatrie voor verpleegkundigen 68
  11. 11 Hoofdstuk 4 Autismespectrumstoornis 68
    1. 4.1 Inleiding 68
    2. 4.2 Historische achtergrond 68
    3. 4.3 De kenmerken van autisme 68
    4. 4.4 Verscheidenheid binnen het spectrum: subtypen 69
    5. 4.5 Hoe vaak komt autisme voor? 71
    6. 4.6 Oorzaken van autisme 71
    7. 4.7 Autisme begrijpen vanuit kenmerken in cognitieve stijl 72
    8. 4.8 Belangrijke thema’s bij ASS 73
    9. 4.9 Het levensloopperspectief 74
    10. 4.10 Verpleegkundige competenties bij het werken met mensen met ASS 77
  12. 12 Hoofdstuk 11 Neurocognitieve stoornissen 78
    1. 11.1 Inleiding 78
    2. 11.2 Delier 78
    3. 11.3 Uitgebreide en beperkte neurocognitieve stoornis 80
    4. 11.4 Uitgebreide of beperkte neurocognitieve stoornis door ziekte van Alzheimer 81
    5. 11.5 Frontotemporale neurocognitieve stoornis 86
    6. 11.6 Neurocognitieve stoornis met lewylichaampjes 86
    7. 11.7 Vasculaire neurocognitieve stoornis 87
    8. 11.8 Neurocognitieve stoornis door een middel of medicatie 88
    9. 11.9 Neurocognitieve stoornis bij ziekte van Parkinson 91
    10. 11.10 Mild cognitive impairment 91
    11. 11.11 Niet-aangeboren hersenletsel 92
    12. 11.12 Organisch psychosyndroom 94
    13. 11.13 Conclusie 94
  13. 13 Tracheacanule en tracheostoma: 95

Documentinformatie

Geüpload op
10 maart 2026
Aantal pagina's
97
Geschreven in
2024/2025
Type
Samenvatting
€6,06

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kun je een ander document kiezen. Je kunt het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Verkocht
3
Volgers
0
Items
27
Laatst verkocht
1 maand geleden

Echte notities, van echte studenten
Elk document op Stuvia is geschreven door een medestudent die hetzelfde vak deed. Zo leer je van iemand die het al heeft gehaald.



Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo makkelijk kan het dus zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen