2.1 Inleiding
Loonheffing: De gezamenlijke heffing van loonbelasting en premie volksverzekeringen
Loonheffingen: De gezamenlijke heffing van loonbelasting, premie volksverzekeringen,
premie werknemersverzekering en de Zvw-bijdrage.
De inhoudingsplichtige moet de door hem ingehouden loonbelasting periodiek afdragen aan
de belastingdienst (art. 27 lid 5 wet LB)
De werknemer mag de ingehouden loonbelasting in zijn aangifte inkomstenbelasting
vervolgens verrekenen met de inkomstenbelasting die hij verschuldigd is over zijn totale
inkomen (art. 9.2 lid 1a wet IB)
Veel werknemers hoeven geen aangifte inkomstenbelasting meer in te dienen omdat de al
ingehouden loonbelasting in hun geval vrijwel overeenkomt met de te betalen IB (art. 9.4 wet
IB)
2.2 Dienstbetrekking
De werknemer is de belangrijkste belastingplichtige voor de loonbelasting (art. 1 wet LB)
Loonbelasting wordt ingehouden op zijn loon (art. 27 lid 1 wet LB)
Werknemer (art. 2 wet LB): Werknemer is de natuurlijke persoon die tot een
inhoudingsplichtige in privaatrechtelijke of in publiekrechtelijke dienstbetrekking staat.
- Ook degene die loon geniet uit bestaande of vroegere privaatrechtelijke of
publiekrechtelijke dienstbetrekking van een ander is een werknemer
- Je hebt ook nog fictieve en oneigenlijke dienstbetrekking
- Vrijwilligers: Onder bepaalde voorwaarden niet als werknemer gezien (art. 2 lid 6
wet LB)
2.2.2 Privaatrechtelijke dienstbetrekking
Privaatrechtelijke dienstbetrekking overeengekomen met het begrip arbeidsovereenkomst
(art. 7:610 BW) ( naam ovk niet bepalend maar de feitelijke onderlinge verhouding) :
- De overeenkomst waarbij de ene partij, de werknemer, zich verbindt in dienst van de
andere partij, de werkgever, tegen loon gedurende zekere tijd arbeid te verrichten.
Voorwaarden arbeidsovereenkomst:
1. Gezagsverhouding (ondergeschiktheid)
Werknemer is verplicht om opdrachten / aanwijzingen uit te voeren van de werkgever
Opdracht/aanwijzing hoeft niet daadwerkelijk gegeven te worden, bevoegdheid is genoeg
2. Persoonlijk arbeid verrichten
Werknemer mag zich niet zonder vooraf gegeven toestemming van de werkgever laten
vervangen bij de uitvoering van de werkzaamheden
3. Werkgever moet werknemer belonen voor arbeid
Geld of bijvoorbeeld gratificaties en bonussen
Verstrekkingen ( zoals een woning op het schoolterrein)
Aanspraken ( pensioentoezegging)
,2.2.3 Publiekrechtelijke dienstbetrekking
Berust niet op een arbeidsovereenkomst, maar op een aanstelling of benoeming
(burgemeester en commissaris van de koning).
- De drie voorwaarde van privaatrechtelijke dienstbetrekking niet van toepassing
- Gekozen ambt : ambt gemeenteraadslid tweed kamerlid = GEEN publiekrechtelijke
dienstbetrekking.
2.2.4 Fictieve dienstbetrekking ( art. 3 en 4 Wet LB)
Totaal 14 fictieve dienstbetrekkingen (H2 Uitv. Besl. LB)
1. Aanneming van werk (art. 3 lid 1 letter a en b Wet LB)
- Komt de aannemer met de opdrachtgever overeen dat hij bepaalt ‘werk’
persoonlijk en tegen een bepaalde prijs tot stand zal brengen. Werk van
stoffelijke aard – Schilderen huis of aanleggen van een tuin.
- (Art. 3 lid 1 letter a Wet LB) een ondernemer een thuiswerker vallen niet
onder de fictieve dienstbetrekking
- (Art. 3 lid 2 Wet LB): Als de overeenkomst van aanneming van werk
rechtstreek is aangegaan met een natuurlijk persoon ten behoeve van
persoonlijke aangelegenheden
2. Stagiaires (art. 3 lid 1 letter e Wet LB)
3. Meewerkende kinderen (15+) (art. 3. Lid 1 letter f Wet LB):
- Is het kind werkzaam onder dezelfde arbeidsvoorwaarden als het overige
personeel, dan is er sprake van een echte dienstbetrekking.
- In andere gevallen gaat het om een fictieve dienstbetrekking
4. Aanmerkelijkheidsbelang: (art. 12a lid 7 letter a Wet LB)
- Iemand bezit een aanmerkelijk belang als hij minimaal 5% van het geplaatste
kapitaal van een vennootschap bezit of een recht (optie) heeft om minimaal
5% van het geplaatste kapitaal te kopen
- Echte dienstbetrekking of fictieve dienstbetrekking (art. 4 letter d lB en art.
2h Uitv. Besl LB)
5. Gelijkgesteldenregeling:
Iemand die in een maatschappelijke opzicht gelijk kan worden gesteld met een echte
werknemer (vangnetbepaling):
- Uitgewerkt in (art. 4 letter e Wet LB) en nader uitgewerkt in (art. 2c Uitv.
Besl. LB en art. 2e lid 2 Uitv. Besl. LB)
- Van toepassing degene die (art. 2c Uitv. Besl. LB)
- Niet van toepassing op degene die (art. 2c lid 2 t/m 4 Uitv. Besl LB en art.
2e lid 2 Uitv. Besl LB)
6. Opting-in: Vrijwillig kiezen voor het toepassen van de wet LB (Als je niet in
aanmerking komt, echte of fictieve dienstbetrekking).
- Kiezen: pseudowerknemer (art. 4 letter f Wet LB)
- Opteren voor LB kan slechts onder de volgende voorwaarden (art. 2g Uitv.
Besl. LB)
, 2.2.5 Oneigenlijke dienstbetrekking (art. 34 LB en art. 11 Uitv. Besl.LB)
(Art. 34 Wet LB): Er dient loonbelasting geheven te worden over:
- Termijnen van lijfrente of andere periodieke uitkeringen/verstrekkingen
- Uitkering ter vervanging van gederfde of te derven periodieke
uitkeringen/verstrekkingen
- Bepaalde afkoopsommen die natuurlijke personen genieten
Deze inkomsten zijn op grond van (art. 11 lid 2 Uitv.besl. LB) aangemerkt als loon uit
vroegere arbeid
2.2.6 Huispersoneel
Huishoudster of alfahulp voor natuurlijk personen is op grond van (art. 5 Wet LB) geen
sprake van dienstbetrekking als:
- Er uitsluitend of nagenoeg uitsluitend (90% of meer) huiselijke of persoonlijke
diensten in het huishouden van de natuurlijke persoon worden verricht.
- De werkzaamheden doorgaans op minder dan 4 dagen per week worden
verricht
- (Art. 5 lid 2 Wet LB) - Verlenen van zorg aan de leden van het huishouden
2.2.7. Tegenwoordige en vroegere dienstbetrekking
1. Loon uit tegenwoordige dienstbetrekking (art. 22a Wet LB):
Er is sprake van een directe tegenprestatie voor de verrichte arbeid
- Wel rekening gehouden met arbeidskorting
- Aangewezen als eindheffingsloon in het kader van de WKR
2. Loon uit vroegere dienstbetrekking:
Er is geen directe tegenprestatie
- Bepalen van de in te houden LB geen rekening gehouden met arbeidskorting
2.3 Inhoudingsplichtige
2.3.1 Inleiding
Zonder een in Nederlands woonachtige of gevestigde inhoudingsplichtige is er geen
verplichte heffing van de loonbelasting mogelijk.
(Art. 6 lid 2b wet LB) biedt de mogelijkheid om zich om vrijwillige basis aan te melden als
inhoudingsplichtige
2.3.2 Inhoudingsplichtige bij echte dienstbetrekkingen
Drie soorten inhoudingsplichtige (art. 6 Wet LB) :
1. Degene tot wie een of meer personen in dienstbetrekking staan
2. Degene die aan een of meer personen uit vroegere dienstbetrekking tot hemzelf of tot
een ander verstrekt
3. Degene die ingevolge een aanspraak die niet tot het loon behoort, aan een of meer
personen uitkeringen of verstrekkingen doet uit een dienstbetrekking tot een ander.