Oefening op Factoranalyse en Cronbach’s Alpha
Opdracht:
Lees de aandachtig de beschrijving van het onderzoek Tracking van Fysieke Activiteit
Bekijk de bijhorende vragenlijst die werd afgenomen en kijk of je de datafile begrijpt
Voer onderstaande acties uit en los onderstaande vragen op o.b.v. de theorie.
Gevraagd:
Laat frequenties lopen van de 20 items die voordelen van fysieke activiteit meten op de
PRETEST en kijk of er geen intypfouten zijn. Verbeter waar nodig.
Op examen: als deze check gevraagd wordt steekt er sws een fout in!
voordeel 1 tot 20 interesseren ons
SPSS: analyze, descr, frequencies, voor1 + hoofdletter pijl tot voor20 + alles naar R brengen, OK
bij voor1 staat 33, moet een 3 zijn variable view: op het juiste gaan staan het vakje
ervoor links, dubbel klikken en dan ga je automatisch nr de juiste kolom gebracht w
Voor1 kolom, R muisknop met 2vingers!, sort descending (van groot nr klein) dus 33 komt
bovenaan te staan handmatig naar 3 veranderen
Voor7 staat 44 ipv 4 kolom voor7, sort descending, 44 veranderen in 4
9999 = missing value = geen fout!!!
, Voer een factoranalyse uit op die 20 items:
o 1. Is er sprake van multicollineariteit?
o 2. Hoeveel factoren worden door het SPSS criterium weerhouden, en hoeveel
zou je er eventueel zelf weerhouden op basis van de Scree plot?
o 3. Wat is het % verklaarde variantie, en dit zowel per factor als in totaal?
o 4. Welke items laden (het hoogst) op welke factoren? (cfr. P4 in vragenlijst)
5. Hoe verandert je antwoord op de 3 bovenstaande vragen, indien je je
baseert op de Scree Plot voor het aantal te weerhouden factoren?
o 6. Geef een gemeenschappelijke naam voor elke factor, zoals weerhouden
door SPSS (= in de eerste factoranalyse).
o 7. Bereken de Cronbach Alpha’s voor elke factor weerhouden door SPPS (= in
de eerste factoranalyse). Wat kan je hieruit besluiten m.b.t. interne
consistentie?
o 8. Maak voor elke factor een nieuwe variabele aan (op een 5-puntenschaal).
o 9. Bekijk tot slot of er geslachtsverschillen zijn voor deze 5 factoren
(bepaald voor de PRETEST) a.d.h.v. 1 analyse. Wat kan je besluiten?
SPSS: analyze, dimention reduction, factor analysis, 20 voordelen op PREtest aanduiden en
naar R verplaatsen,
Descriptives: univariate desc., initial solution, coefficient, sign. Levels
Extraction: scree plot
Method: correlation matrix, unrotated…, scree plot
Rotation: varimax methode
Scores niet
Options: exclude cases listwise, sorted by size, suppress small coefficient .30
invullen (wat we niet willen zien)
1) Multicollineariteit? kijken van die diagonal van de 1.000 nr boven en zoeken nr 0,90
of hoger WANT dan is er multicollineariteit!!
(1tjes = elk item correleert perfect met zichzelf, dus alles boven of onder diagonaal van
1tjes kijken en checken)
Opdracht:
Lees de aandachtig de beschrijving van het onderzoek Tracking van Fysieke Activiteit
Bekijk de bijhorende vragenlijst die werd afgenomen en kijk of je de datafile begrijpt
Voer onderstaande acties uit en los onderstaande vragen op o.b.v. de theorie.
Gevraagd:
Laat frequenties lopen van de 20 items die voordelen van fysieke activiteit meten op de
PRETEST en kijk of er geen intypfouten zijn. Verbeter waar nodig.
Op examen: als deze check gevraagd wordt steekt er sws een fout in!
voordeel 1 tot 20 interesseren ons
SPSS: analyze, descr, frequencies, voor1 + hoofdletter pijl tot voor20 + alles naar R brengen, OK
bij voor1 staat 33, moet een 3 zijn variable view: op het juiste gaan staan het vakje
ervoor links, dubbel klikken en dan ga je automatisch nr de juiste kolom gebracht w
Voor1 kolom, R muisknop met 2vingers!, sort descending (van groot nr klein) dus 33 komt
bovenaan te staan handmatig naar 3 veranderen
Voor7 staat 44 ipv 4 kolom voor7, sort descending, 44 veranderen in 4
9999 = missing value = geen fout!!!
, Voer een factoranalyse uit op die 20 items:
o 1. Is er sprake van multicollineariteit?
o 2. Hoeveel factoren worden door het SPSS criterium weerhouden, en hoeveel
zou je er eventueel zelf weerhouden op basis van de Scree plot?
o 3. Wat is het % verklaarde variantie, en dit zowel per factor als in totaal?
o 4. Welke items laden (het hoogst) op welke factoren? (cfr. P4 in vragenlijst)
5. Hoe verandert je antwoord op de 3 bovenstaande vragen, indien je je
baseert op de Scree Plot voor het aantal te weerhouden factoren?
o 6. Geef een gemeenschappelijke naam voor elke factor, zoals weerhouden
door SPSS (= in de eerste factoranalyse).
o 7. Bereken de Cronbach Alpha’s voor elke factor weerhouden door SPPS (= in
de eerste factoranalyse). Wat kan je hieruit besluiten m.b.t. interne
consistentie?
o 8. Maak voor elke factor een nieuwe variabele aan (op een 5-puntenschaal).
o 9. Bekijk tot slot of er geslachtsverschillen zijn voor deze 5 factoren
(bepaald voor de PRETEST) a.d.h.v. 1 analyse. Wat kan je besluiten?
SPSS: analyze, dimention reduction, factor analysis, 20 voordelen op PREtest aanduiden en
naar R verplaatsen,
Descriptives: univariate desc., initial solution, coefficient, sign. Levels
Extraction: scree plot
Method: correlation matrix, unrotated…, scree plot
Rotation: varimax methode
Scores niet
Options: exclude cases listwise, sorted by size, suppress small coefficient .30
invullen (wat we niet willen zien)
1) Multicollineariteit? kijken van die diagonal van de 1.000 nr boven en zoeken nr 0,90
of hoger WANT dan is er multicollineariteit!!
(1tjes = elk item correleert perfect met zichzelf, dus alles boven of onder diagonaal van
1tjes kijken en checken)