• Verkeerd document? Gratis ruilen
  • Geschreven door studenten die geslaagd zijn
  • Direct beschikbaar na je betaling
  • Online lezen of als PDF
Verkopen
Kies je studieland
Kies je taal
Document preview thumbnail
Voorbeeld 4 van de 56 pagina's
Samenvatting

Sociaal recht samenvatting colleges

Document preview thumbnail
Voorbeeld 4 van de 56 pagina's

Samenvatting van alle slides en extra aantekeningen

Voorbeeld van de inhoud

Samenvatting sociaal recht 2025
COLLECTIEF ARBEIDSRECHT
Deel van arbeidsrecht dat betrekking heeft op de collectieve aspecten van arbeid. Het
collectief arbeidsrecht wordt enkel besproken in de private sector. Het heeft in de praktijk
en groot, praktisch belang voor werknemers en werkgevers.

 Collectief arbeidsrecht: een schriftelijke overeenkomst tussen 1 of meer
representatieve werknemersorganisaties en (afhankelijk van het niveau) 1 of meer
werkgevers of 1 of meer representatieve werkgeversorganisaties. Het zijn altijd de
representatieve werknemersorganisaties die ondertekenen en nooit de werknemers
zelf.

 Resultaat van collectief overleg tussen de sociale partners=> CAO
- Drukkingsmiddelen bij dit overleg zijn stakingen en lock-outs.

Werknemerszijde Werkgeverszijde
Vakbonden Werknemersvereniging
Drie representatieve vakbonden Meerdere representatieve verenigingen
Geen rechtspersoonlijkheid Vaak rechtspersoonlijkheid
ACV VBO
ABVV Unizo

Inhoud van een CAO:
- Normatieve bepalingen (rechten en plichten)  bepaling die iets creert
voor WN/WG
- Obligatoire bepalingen (verplichtingen van de ondertekende partijen, zoals
vredesplicht)
 Bv. CAO.109  motiveringsplicht: waarom iemand is ontslagen , recht van de
WN , indien WG dit niet doet dan 2 weken vergoeding van het loon
 Verplicting aan een WG (normatief), aan een groep werknemrs ( colleftief)
Niveau’s:
- N.A.R: voor gans Belgie
- In Paritaire comités : voor bedrijgstak
- In ondernemingen; voor onderneming(en) die CAO sloten
Moet voldoen aan:
- Taalvoorwaarde : frans en nederlands
- Aantal inhoudelijke voorwaarden

GROEP VAN 10
De top 10 van de sociale partners vormt samen de groep van 10. Dit is een informeel
overlegorgaan dat vaak geraadpleegd wordt bij belangrijke sociale en economische
beslissingen.
Bestaat uit:
- Vertegenwoordigers van de 3 vakbonden
- Vertegenwoordigers van de belangrijkste werkgeversorganisaties
- Voorgezeten door vooriztter van het VBO
 ACV: Marc Leemans
 ABVV: Miranda Ulens
 FGTB: Thierry Bodson
 ACLVB: Mario Coppens
 CSC: Marie-Hélène Ska
 UCM: Pierre-Frédéric Nyst
 VBO-FEB: Monica De Jonghe
 VBO-FEB: Bart De Smet

,  VBO-FEB: Pieter Timmermans
 UNIZO: Danny Van Assche
 Agrofront: Sonja De Backer = top van de sociale partners


 Nationaal sociaal overleg (NAR):
- Geeft advies bij nieuwe wetgeving
- Evalueert bestaande wetgeving
- Sluit CAO’s die gelden voor heel België
- Zeer belangrijke onderwerpen (bv tijdskrediet, behouden van rechten bij
overgang van onderneming,..)
Instellingen van sociaal overleg:
 Economische activiteiten worden ingedeeld in bedrijfssectoren
- Per bedrijfssector: paritair comité
- Vaak onderscheid tussen arbeiders en bedienden

Paritaire comités: specifiek voor België. Bedrijven worden aan de hand van hun
hoofdactiviteit geclusterd in bedrijfstakken. Ze sluiten CAO’s, bemiddelen bij conflicten en
geven adviezen. De arbeidsvoorwaarden verschillen per sector. Allerhande door de
wetgever toevertrouwde taken.

BINDING VAN DE COLLECTIEVE ARBEIDSOVEREENKOMST
Een cao is altijd en automatisch bindend voor werkgevers die de cao tekenen of lid zijn
van een werkgeversorganisatie die deze cao tekende, zonder KB.
Een cao uit een paritair comité of de NAR is pas bindend na de bekendmaking in het
Belgisch Staatsblad. En na een algemeen verbindende verklaring bij Koninklijk Besluit.
Een cao is bindend voor alle werknemers van een gebonden werkgever. Niet-naleving is
strafbaar.
Uitzondering: vooruitziende WG kan ook schriftleijk akkoord maken om toch CAO niet uit
te voeren ( gebeurd wel nooit)

INSTELLINGEN VAN SOCIAAL OVERLEG OP ONDERNEMINGSVLAK

4 overlegorganen waarvan 3 nationale en 1 Europees:
1. De ondernemingsraad (OR):
- Verplicht in ondernemingen met minstens 100 werknemers
- De ondernemingsraad is paritair samengesteld: evenveel
vertegenwoordigers van de werknemers en de werkgevers. De
werknemersvertegenwoordigers worden om de 4 jaar verkozen bij de sociale
verkiezingen. Werkgeversvertegenwoordigers worden aangeduid door de
werkgever en zijn leidinggevenden.
 Taak: informeren, adviseren, beslissen (eerder uitzonderlijk) BV. Collectieve
vakantie en beheren van maatschappelijke werken (niet zo belangrijk)

2. Het comité voor preventie en bescherming op het werk (cpbw):
- Verplicht in ondernemingen met minsten 50 werknemers
- Het CPBW is paritair samengesteld: evenveel vertegenwoordigers van de
werknemers en de werkgevers. De werknemersvertegenwoordigers worden om de
4 jaar verkozen bij de sociale verkiezingen. Werkgeversvertegenwoordigers
worden aangeduid door de werkgever en zijn leidinggevenden.
 Taak: adviseren en geïnformeerd worden, welzijn op het werk. Indien geen OR of
zonder OR krijgt het ook economische info.

3. Vakbondsafvaardiging:
- De voorwaarden tot het oprichten van een vakbondsafvaardiging
verschillen per sector.

, - De vakbondsafvaardiging bestaat enkel uit werknemers die aangeduid zijn
door de vakbonden of verkozen zijn door de werknemers.
 Taak: onderhandelen over cao’s, controle op de naleving van het sociaal
recht, tussenkomst bij geschillen en als er geen ondernemingsraad of CPBW is
geïnformeerd worden.

4. Europese ondernemingsraad:
- Verplicht voor ondernemingen die in de EU minstens 1000 werknemers
tewerkstellen en dit in minstens 2 lidstaten met minstens 150 werknemers.
- Het hoofdbestuur vergadert met de werknemersvertegenwoordigers uit
lidstaten waar de onderneming mensen tewerkstelt en dit doorgaans 1 of 2 keer
per jaar.
 Taak: geïnformeerd worden en advies geven over transnationale
aangelegenheden/ grensoverschrijdende zaken.
COLLECTIEVE ARBEIDSGESCHILLEN
 Staking: het bewust en collectief niet uitvoeren van de arbeid om druk uit te
oefenen.
- Is een wettelijk erkend recht (Europees Sociaal Handvest) en kan dus geen
grond zijn tot ontslag. Een staking kan verschillende vormen aannemen zoals het
niet uitvoeren van de arbeid of het niet normaal uitvoeren van de arbeid.
- Een staker heeft geen recht op loon maar gesyndiceerde werknemers
kunnen een vergoeding krijgen van de vakbond

 Lock-out: is de tegenhanger van een staking.
- De werkgever weigert om werkwillige werknemers te laten werken. Dit is
onwettig en de werknemers hebben dan recht op een schadevergoeding die gelijk
is aan het loon.
CONFLICT AUDI
Audi bvesliste geen nieuw model meer te producteren in Vorst. Dat mag , maar er moet
wel informatie en overleg zijn.  Gevolg: dreigende sluiting en jobverlies  staking


 Afloop: De werkgever legde het werk stil ( mogelijke lock-out). Na bemiddeling
werd een akkoord bereikt en het werk hervat. Er werd geen klacht ingediend.


DEEL 2: ARBEIDSOVEREENKOMSTEN
 Individueel arbeidsrecht:
 Regelt de juridische relatie tussen 1 WN en 1 WG
 Kenmerken van arbeidsrecht :

 Regels van arbeidsrecht zijn terug te vinden
in verschillende wettelijke bepalingen
- Europees recht
- Nationale bronnen ( zoals
wetten,KB, MB, decreten ,CAO’s)
 Arbeidsrecht is nog steeds een
federale materie en dus geen
gemeen schappen en geweste

Een arbeidsovereenkomst is een wederkerige overeenkomst waarbij twee partijen
tegenover elkaar een verbintenis aangaan of verplichtingen op zich nemen.
 Arbeidsrecht is dwingend ten voordele van de werknemers:

, - Reden : werknemer is zwakkere, te beschermen partij in arbeidsrelatie , je
kan als WG meer geven, maar je kan een arbeider niet minder geven. Er kan ook
niet van afgeweken worden zelfs als de WN ermee akkoord gaat ( ART.6 WAO)
- Als werkgever kan men geen geldige afspraken maken waardoor de
rechten van de werknemers worden verminderd in vergelijking met de geldende
wetten. Verplichtingen kunnen ook niet zwaarder worden en een werknemer kan
(meestal) geen afstand doen van zijn rechten.

- Gevolg : clausules die rehcten van werknemers verminderen of verplichten
van werknemers verzwaren , zijn ongeldig  eens uit dienst van de job heeft de
WN niet meer dezelfde beschermingen

- Ongunstige clausules kunnen niet afgedwongen worden
SOLLICITATIE: CAO NR.38 VAN NAR
CAO nr.38 is algemeen verbindend verklaard en dus van toepassing op alle werknemers
van België.
 sollicitatie is de fase voorafgaan op het arbeidsrecht

 Afdwingbare regels:
- Recht op gelijke behandeliing: discriminatie is verboden, behalve als het
criterium noodzakelijk is voor de functie.
- Versterkt door Antidiscriminatiewewt en Genderwet (specifiek gericht op
vrouwen)
- Dus voor sommige criteria: gerechtvaardigd en redelijk doel( bv. Film
maken over Amy Winehouse  actrice zoeken voor een rol, alle sollicitanten
boven 50 jaar neti nodig : MAG WEL discrimineren)
- Bij bewezen discriminatie: recht op schadevergoeding = aan 6 maanden
loon
 Cumulatie is mogelijk als sollicitant wordt gediscrimineerd op basis van
meerdere criteria

 Niet afdwingbare gedragsregels:
- Eerbiediging van recht op privacy
 Moet sollicitant zwangerschap spontaan melden? NEEN
 Mag werkgever vraag stellen over zwangerschap? NEEN
 Mag sollicitant liegen over zwangerschap? JA
- Correcte informatie geven
 WG: correcte info over vacature
 Sollicitant: correcte info over zichzelf geven
- Vertrouwelijkheid van uitgewisselde info
- Sollicitatie vinnen redelijke termijn afronden
! Vraag over zwangerschap mag wel gesteld worden wanneer de zwangerschap
belemmering is voor de uitvoering van de job !

ARBEIDSOVEREENKOMSTEN WET VAN 3 JULI 1978
Regelt alle arbeidsovereenkomsten en bevat aparte regels voor arbeiders, bedienden en
handelsvertegenwoordigers
DE ARBEIDSOVEREENKOMST
Art 2 en 3 van de wet
 Constitutieve elementen (hieraan moet voldaan zijn):
- Overeenkomst : ik zoek iemand <-> ik zoek werk  belangrijk recht 2 partijen vrij
hun toestemming geven
- Het voorwerp van de overeenkomst : arbeid, betaling van loon , onder gezag

 Gevolgen van een arbeidsovereenkomst:
- Het arbeidsrecht is van toepassing

Inhoudsopgave

  1. 01 Collectief arbeidsrecht 1
  2. 02 Groep van 10 1
    1. Binding van de collectieve arbeidsovereenkomst 2
  3. 03 Instellingen van sociaal overleg op ondernemingsvlak 2
    1. Collectieve arbeidsgeschillen 3
  4. 04 Conflict AUDI 3
  5. 05 Deel 2: arbeidsovereenkomsten 3
  6. 06 Sollicitatie: CAO nr.38 van NAR 4
    1. Arbeidsovereenkomsten wet van 3 juli 1978 4
    2. De arbeidsovereenkomst 4
  7. 07 De overeenkomst 5
    1. Arbeid 5
    2. Loon 5
    3. Gezag 5
    4. Vorm en bewijs 6
  8. 08 Soorten arbeidsovereenkomsten naar gelang de aard van het werk 6
    1. Arbeidsovereenkomsten voor handelsvertegenwoordigers(hvt) 7
  9. 09 Arbeidsovereenkomsten naargelang de duur 7
    1. Arbeidsovereenkomsten voor onbepaalde duur 7
    2. Arbeidsovereenkomst voor bepaalde duur/werk 7
    3. Vervangingsovereenkomst (art. 11) 8
  10. 10 Arbeidsovereenkomsten naargelang de omvang van het werk 8
    1. Voltijdse arbeidsovereenkomst 8
    2. Arbeidsovereenkomst voor deeltijdse arbeid art.11 bis 9
  11. 11 Bedingen van een arbeidsovereenkomst 9
    1. Concurrentiebeding 9
    2. Gewone concurrentiebedingvoor arbeiders en bedienden: 10
    3. Concurrentiebeding voor handelsvertegenwoordiger (art.104 AOW) 10
    4. Scholingsbeding art.22 bis 10
  12. 12 Verplichtingen van partijen 11
    1. Beide partijen 11
    2. De werknemer art.17 WAO 11
    3. De werkgever 11
  13. 13 Aansprakelijkheid art.18 WAO 12
  14. 14 Deel 3: schorsing 12
    1. Gevallen van schorsing van de arbeidsovereenkomst 12
    2. Overmacht art.26 12
    3. Kort verzuim/ klein verlet art.30 bis WAO 13
    4. Verlof om dwingende redenen 14
  15. 15 Deel 4: schorsing door ziekte of ongeval 14
  16. 16 Belangrijke verplichtingen van een arbeidsongeschikte werknemer 15
    1. Gewaarborgd loon voor arbeiders 15
    2. Gewaarborgd loon voor bedienden 15
    3. Geen recht op gewaarborgd loon 15
    4. Arbeidsongeschiktheid en ontslag 16
    5. Bevallingsrust 16
    6. Geboorteverlof 16
    7. Tijdskrediet CAO nr.103 (loopbaanonderbreking) 16
    8. Landingsbaan 17
    9. Algemene kenmerken van tijdskrediet 17
  17. 17 Thematische verloven 17
    1. Ouderschapsverlof 17
    2. palliatief verlof 17
    3. bijstandverlof 18
    4. Mantelzorg 18
    5. Bescherming tegen ontslag 18
  18. 18 Deel 5: Einde van de arbeidsovereenkomst 18
    1. Wederzijds akkoord 19
    2. Ontbindende voorwaarde/ ontbindend geding 19
    3. Overlijden art.33 19
    4. Verstrijken van de termijn of voltooien van werk Art.32 19
  19. 19 Arbeidsrechtelijke wijzen 19
    1. Ontslag 20
    2. Opzegging 20
    3. Opzeggingstermijn 22
    4. Ancienniteit 22
    5. Situatie tijdens de opzeggingstermijn 23
    6. Situatie na de opzeggingstermijn 23
    7. Onregelmatige opzegging: betalen van opzeggingsvergoeding 23
  20. 20 Deel 6: ontslag om dringende reden 24
  21. 21 Dwingende termijn- en vormvereisten 24
    1. Meedelen van de beslissing tot ontslag 25
    2. Kennisgeving van de feiten 25
    3. Bewijs 25
    4. Gevolgen van ontslag om dringende reden 25
    5. Onregelmatige beëindiging of verbreking van de arbeidsovereenkomst 26
    6. Gevolgen van onregelmatig ontslag 26
    7. Motiveringsplicht en kennelijk onredelijk ontslag 27
    8. Kennelijk onredelijk ontslag 27
    9. Bijzondere beschermingen tegen ontslag 28
  22. 22 Deel 7: arbeidsduur 28
    1. Jaarlijkse vakantie 28
    2. Vakantiegeld 28
    3. Vakantie voor pas afgestudeerden 29
    4. Arbeidswet van 16 maart 1971 29
  23. 23 Arbeidsduur 29
    1. Wachttijd met oproepbaarheid 29
    2. Arbeidsduurgrenzen 30
    3. Verplichte rustpauzes 30
    4. Overwerk ART.29 30
    5. Gewaarborgde vrije dagen 31
    6. Loon 31
    7. Componenten van het loon : 31
    8. Inhoudingen op het loon 32
    9. Arbeidsreglement 33
  24. 24 Deel 8.1: sociale zekerheid 33
    1. Financiering Socialzekerheid voor werknemers 34
    2. Toepassingsgebied sociale zekerheid werknemers 34
  25. 25 Werkgevers- en werknemersbijdragen 34
    1. Vaste bijdragevoet 34
    2. Bijzondere bijdragen 35
  26. 26 Inning van de socialezekerheidsbijdragen 35
    1. Structuur 35
    2. Sancties 36
    3. Toepassingsgebied Sociale zekerheid voor zelfstandigen 36
  27. 27 Financieringsbronnen 36
    1. Bijdrage van de zelfstandige 36
    2. Inning van bijdragen 37
    3. Structuur (zelfstandigen) 37
  28. 28 Deel 9: arbeidsongevallen en beroepsziekten 37
    1. Arbeidsongevallenregeling 37
    2. Toepassingsgebied arbeidsongevallenregeling 37
    3. Organisatie 38
    4. Overheidstussenkomst 38
  29. 29 Definitie van een arbeidsongeval 38
  30. 30 Gemeenschappelijke regeling voor schadeloosstelling 39
    1. Vergoeding bij ongeschiktheid 39
  31. 31 Basisbegrippen bij vergoedingen 40
    1. Schadeloosstelling bij overlijden 40
    2. Procedure bij een arbeidsongeval 41
  32. 32 Deel 10: ziekte en invaliditeitsverzekering 41
  33. 33 Ziektekostenverzekering 41
  34. 34 Algemene toekenningsvoorwaarden 41
    1. Organisatorische voorwaarden 42
    2. Verlies van de tegemoetkoming 42
    3. Terugbetaalbare medische kosten 42
    4. Honoraria van medici en paramedici 43
    5. Hospitalisatie 43
    6. Geneesmiddelen 43
  35. 35 Arbeidsongeschiktheidsverzekering voor werknemers 43
    1. Toekenningsvoorwaarden 43
    2. Uitsluitingsgronden 44
    3. Omvang 44
    4. Moederschapsuitkering voor werknemers 45
  36. 36 Arbeidsongeschiktheidsverzekering voor zelfstandigen 45
    1. Toekenningsvoorwaarden 45
    2. Omvang 45
    3. Moederschapsuitkering voor zelfstandigen 46
    4. Omvang 46
  37. 37 Deel 11: werkloosheidsuitkeringen 46
  38. 38 Organisatie 46
    1. Uitbetalingsinstellingen 47
  39. 39 Soorten werkloosheidsregimes 47
    1. Volledige werkloosheid 47
    2. Werkloosheidsuitkering bij deeltijdse tewerkstelling 47
    3. Tijdelijke werkloosheid 47
    4. Stelsel van werkloosheid met bedrijfstoelage (SWT) 47
  40. 40 Volledige werkloosheid bij voltijdse werknemers 48
    1. Toelaatbaarheidsvereisten 48
  41. 41 Toekenningsvoorwaarden werkloosheidsuitkering 48
    1. Omvang werkloosheidsuitkering 50
    2. Omvang van de inschakelingsuitkering 51
  42. 42 Overbruggingsrecht voor zelfstandigen ( vorm van uitkering) 51
  43. 43 Deel 12: pensioen 52
    1. 4pijlers 52
  44. 44 Organisatie pensioensector 52
    1. Financieringstechnieken 52
  45. 45 algemene principes voor werknemers en zelfstandigen 52
    1. Bedrag rustpensioen 53
  46. 46 Gezinsbijslag in Vlaanderen voor kinderen, geboren na 1/1/19 54
  47. 47 Tegemoetkomingen gezinsbijslag 55
    1. Organisatie gezinsbijslag 55
  48. 48 Sociale bijstand 55
    1. Federale uitkeringen 56

Documentinformatie

Geüpload op
19 december 2025
Aantal pagina's
56
Geschreven in
2025/2026
Type
Samenvatting
€10,99

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kan je een ander document kiezen. Je kan het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Seller avatar
HWstudent3
4,0
(1)
Verkocht
2
Volgers
0
Items
2
Laatst verkocht
8 maanden geleden

Reviews van geverifieerde kopers

8 maanden geleden

Lett elke pagina heeft spelfouten ma voor de rest wel een goeie




Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via Bancontact, iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo eenvoudig kan het zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen