Pathologie: pneumologie
SYMPTOMEN VAN LONGLIJDEN
- Hoesten:
Een gevolg van prikkeling van de slijmvliezen van de luchtwegen,
meestal de bovenste
Endogene prikkel (infectie, tumor) of exogene prikkel (rook, stof)
Productieve hoest: ophoesten van slijmen
Niet-productieve hoest: geen slijmen opgehoest
Aspect van slijm kan richtinggevend zijn voor de oorzaak:
Witgrijs: chronische irritatie van de luchtwegen (vaak bij rokers)
Purulent/etterig: bacteriële infecties
Rozig schuim: acuut longoedeem
- Hemoptoe:
Bloed wordt opgehoest (tbc, longembool, longtumor)
- Thoracale pijn:
Wijst op prikkeling van omgevende structuren vzn longenparenchym
Pleura, mediastinum, thoraxwand
Pijn is eerder scherp en stekend en is gelinkt aan ademhaling
- Dyspnoe:
Kortademigheid
Kan optreden bij tal van respiratoire aandoeningen
Gaat vaak gepaard met stridor (uitwendig hoorbare AH)
Bij inademing: probleem in grotere luchtwegen
Bij uitademing: probleem in lagere luchtwegen, gaat gepaard met
“piepen”/wheezing
Typische oorzaken:
Astma
COPD
Dyspnoe d’effort: dyspnoe bij inspanningen
Orthopnoe: dyspnoe bij neerliggen in bed
- Centrale cyanose:
Cyanose: blauwe verkleuring van huid en slijmvliezen als gevolg van
verminderde saturatie ban het Hemoglobine molecule met O2
Soorten:
Centrale cyanose: ter hoogte van lippen en tong, gevolg van
longpathologie, leidend tot een verminderde zuurstofopname in
de longen
Perifere cyanose: beperkt zich tot de huid van de extremiteiten
en is een gevolg van lokale doorbloedingsstoornis, door
vasoconstrictie die optreedt in koude omgevingen, shock, linker
hartfalen, …
, - Clubbing:
Trommelstokvingers
Treden op bij pt met chronische longaandoeningen met een
gedaalde zuurstofsaturatie
- Heesheid:
Treedt op bij problemen met stembanden;
lokaal of beide stembandzenuwen
KLINISCH ONDERZOEK BIJ EEN PATIENT MET LONGLIJDEN
- tijdens inspectie kunnen volgende afwijkingen worden vastgesteld:
abnormale AH-frequentie:
bedraagt tussen 12-18 AH/min
tachypnoe: +20 AH/min
bradypnoe: -10 AH/min
apnoe: ademhalingsstilstand
cheyenne-Stoke AH:
afwijkend AH patroon
vaak bij terminale pt
treedt op door problemen met de regulatie vd AH thv de
hersenstam
perioden tachypnoe afgewisseld met bradypnoe en apnoe
verhoogde ademhalingsarbeid:
gebruik hulpademhalingsspieren, intrekkingen en tuiten van
lippen
- observatie vaak al genoef om zware longpathologie in te schatten:
percussie:
sonore percussie: hol geluid waargenomen
demping normale sonoriteit: door onderlingende verdichtingen
(bv pneumonie)
“Holheid” neemt toe: timpaan geluid (door pneumothorax)
Ausculatie:
Normaal een vesiculair ademgeruis
Verzwakt bij onderliggende ziekteprocessen
TECHNISCH DIAGNOSTIEK
1. Beeldvorming:
- RX thorax
- CT thorax
- MRI thorax
- Bronchografie:
Contrast in bronchiën ingebracht
Nog weinig gedaan
Indicatie: diagnostiek van bronchiectasieën
SYMPTOMEN VAN LONGLIJDEN
- Hoesten:
Een gevolg van prikkeling van de slijmvliezen van de luchtwegen,
meestal de bovenste
Endogene prikkel (infectie, tumor) of exogene prikkel (rook, stof)
Productieve hoest: ophoesten van slijmen
Niet-productieve hoest: geen slijmen opgehoest
Aspect van slijm kan richtinggevend zijn voor de oorzaak:
Witgrijs: chronische irritatie van de luchtwegen (vaak bij rokers)
Purulent/etterig: bacteriële infecties
Rozig schuim: acuut longoedeem
- Hemoptoe:
Bloed wordt opgehoest (tbc, longembool, longtumor)
- Thoracale pijn:
Wijst op prikkeling van omgevende structuren vzn longenparenchym
Pleura, mediastinum, thoraxwand
Pijn is eerder scherp en stekend en is gelinkt aan ademhaling
- Dyspnoe:
Kortademigheid
Kan optreden bij tal van respiratoire aandoeningen
Gaat vaak gepaard met stridor (uitwendig hoorbare AH)
Bij inademing: probleem in grotere luchtwegen
Bij uitademing: probleem in lagere luchtwegen, gaat gepaard met
“piepen”/wheezing
Typische oorzaken:
Astma
COPD
Dyspnoe d’effort: dyspnoe bij inspanningen
Orthopnoe: dyspnoe bij neerliggen in bed
- Centrale cyanose:
Cyanose: blauwe verkleuring van huid en slijmvliezen als gevolg van
verminderde saturatie ban het Hemoglobine molecule met O2
Soorten:
Centrale cyanose: ter hoogte van lippen en tong, gevolg van
longpathologie, leidend tot een verminderde zuurstofopname in
de longen
Perifere cyanose: beperkt zich tot de huid van de extremiteiten
en is een gevolg van lokale doorbloedingsstoornis, door
vasoconstrictie die optreedt in koude omgevingen, shock, linker
hartfalen, …
, - Clubbing:
Trommelstokvingers
Treden op bij pt met chronische longaandoeningen met een
gedaalde zuurstofsaturatie
- Heesheid:
Treedt op bij problemen met stembanden;
lokaal of beide stembandzenuwen
KLINISCH ONDERZOEK BIJ EEN PATIENT MET LONGLIJDEN
- tijdens inspectie kunnen volgende afwijkingen worden vastgesteld:
abnormale AH-frequentie:
bedraagt tussen 12-18 AH/min
tachypnoe: +20 AH/min
bradypnoe: -10 AH/min
apnoe: ademhalingsstilstand
cheyenne-Stoke AH:
afwijkend AH patroon
vaak bij terminale pt
treedt op door problemen met de regulatie vd AH thv de
hersenstam
perioden tachypnoe afgewisseld met bradypnoe en apnoe
verhoogde ademhalingsarbeid:
gebruik hulpademhalingsspieren, intrekkingen en tuiten van
lippen
- observatie vaak al genoef om zware longpathologie in te schatten:
percussie:
sonore percussie: hol geluid waargenomen
demping normale sonoriteit: door onderlingende verdichtingen
(bv pneumonie)
“Holheid” neemt toe: timpaan geluid (door pneumothorax)
Ausculatie:
Normaal een vesiculair ademgeruis
Verzwakt bij onderliggende ziekteprocessen
TECHNISCH DIAGNOSTIEK
1. Beeldvorming:
- RX thorax
- CT thorax
- MRI thorax
- Bronchografie:
Contrast in bronchiën ingebracht
Nog weinig gedaan
Indicatie: diagnostiek van bronchiectasieën