• Verkeerd document? Gratis ruilen
  • Geschreven door studenten die geslaagd zijn
  • Direct beschikbaar na je betaling
  • Online lezen of als PDF
Verkopen
Kies je studieland
Kies je taal
Document preview thumbnail
Voorbeeld 4 van de 42 pagina's
Samenvatting

Samenvatting. Ik had 18/20 met deze samenvatting

Document preview thumbnail
Voorbeeld 4 van de 42 pagina's

Deze samenvatting bevat ALLES wat je voor dit vak moet kennen Ik heb alleen deze samenvatting geleerd en haalde een 18/20 :)) Natuurlijk is de ppt's bekijken altijd goed maar bij deze samenvatting is dat zeker geen must!

Voorbeeld van de inhoud

STAP 1: DENK AAN DE
OVERDRACHT
A-vraag: wat is de waarde van een bedrijf?
 Combinatie van substantiële waarde en rendementswaarde
Substantiële waarde= vandaag
- Activa
- Klantenbestand
- Werknemersbestand
- Imago
- Financiële resultaten
Rendementswaarde = toekomst
- Verwachte toekomstige winstgevendheid

BEGIN WITH THE END IN MIND
• Nadenken over het einde vraagt moed.
• Stopzetten activiteit is vaak complex:
o Controle en macht
o Angst voor verandering
o Loyaliteit voor anderen
o …
• Bedrijfsoverdracht is voor 80% emotioneel, voor 20% zakelijk (technisch).
• Overlaten (passief) vs. overdragen (actief)
Waarom verkopen?
- Persoonlijke redenen
o Pensioen
o Nood aan verandering
o Ziek…
- Redenen verbonden aan bedrijf
o Maximaal niveau bereikt
o Gebrek aan opvolging
o Herstructureren…

REFLECTIE, AMBITIE EN MOTIVATIE
• Eigen positie en de onderneming kennen en uitdrukken:
 Wat willen we juist verkopen?
 Wat gebeurt er met personeel?
 Kunnen we wel verkopen?
 Timing, pricing,…
 …
• Motivatie:
 Waarom verkopen?
 Verschillende betrokkenen (vaak complex)
• Ambitie van de verkoop – overdracht
 Maximalisatie van de verkoopprijs
 Continuïteit van de onderneming
 Familiale opvolging
 Snelle verkoop



1

,INTRODUCTIE TOT WAARDERING
A-vraag: als je een aandeel koopt van een bedrijf, wat koop je dan?
 Een stuk van het bedrijf, een eigendomsbewijs
A-vraag: wie van de twee bedrijven heeft het meeste risico om in te beleggen?
A: BIOTECH, €0 inkomsten bedrijf dat medicijnen maakt
B: retail bedrijf, heeft inkomsten
A  veel risico, hoger gewenst rendement
B  minder risico, lager gewenst rendement
HET GAAT OVER GEWENST RENDEMENT: hoe hoger het risico, hoe hoger het
gewenst rendement van een investeerder, hoe slechter voor het bedrijf (hoe lager
de waarde)

WAT IS EEN AANDEEL?
 Een aandeel vertegenwoordigt een deel van het kapitaal van een onderneming.
 Het is een bewijs van eigendom van een bedrijf. Je wordt dus mede-eigenaar
 Aandelen aan toonder zijn verboden. (zonder geregistreerde eigenaar)
 Bij winst kan je als aandeelhouder een dividend ontvangen.
 Aandelen kopen wordt een share deal genoemd.
Waarde is wat iemand bereid is te betalen, niet wat iets kost
Als je een onderneming koopt, koop je zowel wat het vandaag waard is maar ook de
toekomst

WAT IS ER VANDAAG?
= de jaarrekening
- Dit is de boekhoudkundige waarde!
- We moeten deze omzetten naar de bedrijfseconomische waarde of de
zogenaamde fair value!! ( in stap 5)
- In stap 5 van het verkoopproces gaan we hier in detail op in.
- substantiële waarde, hiermee duiden we dus de waarde van een bedrijf
vandaag aan.
A-vraag: Boekhoudkundige waarde van iets is niet gelijk aan fair value: als je een auto
koopt en 5 jaar afschrijft is die dan nog 0€ waard (boekhoudkundig), maar als je hem
verkoopt krijg je er wel nog geld voor (fair value)

WAT IS ER IN DE TOEKOMST ?
- De toekomstige winsten en cashflows van dit bedrijf!
- We spreken over de rendementswaarde!
- Vaak heel wat moeilijker te bepalen, aan de hand van 5 jarenplannen.
- We kijken naar de toekomstige kasstromen of CASHFLOWS.
Kijken naar oftewel historische resultaten oftewel cash  kijken naar cash!

WAT IS CASHFLOW?
Cashflow verwijst naar de netto-instroom en -uitstroom van geld.
 Kosten kunnen niet-kaskosten zijn, zoals afschrijvingen, voorzieningen en
waardeverminderingen.
 Opbrengsten zijn niet altijd directe inkomsten, zoals terugname van
waardeverminderingen en aanpassing van afschrijvingen.
De terugverdientijd van je bedrijfsaankoop mag maximaal 7 jaar zijn; als het langer duurt,
zijn er waarschijnlijk betere aankoopopties beschikbaar.




2

,VOORBEELD CASHFLOW
- Er werd tijdens het boekjaar een bestelwagen gekocht van 50.000€;
- Er werd hiervoor een lening aangegaan van 50.000€, terug te betalen over
10 jaar;
- De klanten betalen na 1 maand;
- De leveranciers dienen binnen de 15 dagen betaald te worden;
- Er is een voorraad van 1 maand
- Alle andere kosten zijn volledig betaald
Inkomende kasstroom: De lening van €50.000.
Uitgaande kasstroom: De aankoop van de bestelwagen van €50.000.
Deze twee bedragen zijn gelijk, waardoor de netto cashflow €0 is

WAARDERINGSMETHODEN
Zie stap 5
 Waardering op basis van het vermogen (SW)
 Waardering op basis van het rendement (RW)
 Historische resultaten
 DCF methode.
 Gemengde methode (combinatie SW + RW)
 Marktwaarde benadering (multiple methode)

INFORMATIE
Opstel van informatiememorandum is cruciaal!! Het biedt informatie voor een eenmalige
verkoop
 Eigendomsoverdracht: Een volledig beeld van de overdracht is cruciaal,
inclusief aandelen en toekomstige resultaten.
 Waardering: De bedrijfseconomische waarde (fair value) vormt de basis voor
waardering.
 Budgettering: Dit is van groot belang voor een succesvolle overdracht.
Alles wat relevant is voor waardering zet je erin, geen onnodige info

WAARDERING
Waardering (zie stap 5) omvat alle elementen die belangrijk zijn voor de presentatie van
de onderneming en de prijsbepaling:
 Jaarrekening: Dit vormt de basis, maar een kritische benadering is nodig.
 Niet-meetbare elementen: Deze zijn minstens even belangrijk.
 Subjectieve waardering: Wees voorzichtig met subjectieve appreciatie.
 SWOT-analyse: Dit helpt bij het begrijpen van sterke en zwakke punten.
Bij de uiteindelijke overeenkomst (stap 12) is voorzichtige prijsbepaling essentieel.

SOORTEN INFORMATIE
- Algemeen
- Financieel
- Marketing
- Specifieke elementen




3

, CHRONOLOGIE OVERNAMEPROCES




= kapstok van alle lessen
Rood = stappen die effectief moeten gebeuren
Paars= speciale dingen waar je experts nodig hebt
Grijs= documenten

OVERNAME VIA
 MBO = ‘management buy-out’  meest voorkomende vorm, interne medewerker
die eigenaar uitkocht
 MBI = ‘management buy-in’  externe person koopt en gaat er dan werken
 OBO = ‘owner’s buy-out’  eigenaar koopt zichzelf uit (houdt er bv 20% en
iemand anders behoudt 80%)
 LBO = ‘leveraged buy-out’  overname waarbij een bedrijf met voornamelijk
geleend geld wordt gekocht (persoon wilt …€ van bank, bank zegt nee. Persoon
zegt ok, geef dat …€ aan mijn venn., die geeft het aan mij en dan betaalt mijn
venn. u terug)
 BIMBO = combinatie van management buy-in en management buy-out. 
iemand die werkt in het bedrijf wilt het overnemen maar doet dat niet alleen, doet
dat samen met een extern persoon
C-vraag: welke transactie is het meest risicovol? MBI of MBO  MBI omdat koper er nog
niet werkt en dus het bedrijf niet kent
Mogelijke examenvraag: waarom BIMBO?
- Als de ene bv. de expertise heeft, en de andere het geld
- Als je niet alle nodige kennis hebt (bv. ene weet over bedrijfsleiden, andere weet over
de sector v bedrijf)
Mogelijke examenvraag: waarom OBO?
- Om niet meer alleen verantwoordelijk te zijn (bv. door cybersecurity)
- Geld nodig (voor iets anders bv. nieuw bedrijf oprichten)
- Vaak ook om personeel te beschermen (zo hebben ze nog iets te zeggen)
Zie toepassingen dia 34-36

MOGELIJKE FINANCIERING
 De koper moet ervoor zorgen dat de overnamesom (eigen kapitaal en schulden)
binnen 7 jaar kan worden terugverdiend met de normale winsten van het bedrijf.
 De koper moet rekening houden met CAPEX (uitgaven voor bedrijfscontinuïteit).




4

Inhoudsopgave

  1. 01 Begin with the end in mind 1
  2. 02 Reflectie, ambitie en motivatie 1
  3. 03 Introductie tot waardering 2
    1. Wat is een aandeel? 2
    2. Wat is er vandaag? 2
    3. Wat is er in de toekomst ? 2
    4. Wat is cashflow? 2
    5. Waarderingsmethoden 3
  4. 04 Informatie 3
    1. Waardering 3
    2. Soorten informatie 3
  5. 05 Chronologie overnameproces 4
  6. 06 Overname via 4
  7. 07 Mogelijke financiering 4
    1. Reflectie 5
  8. 08 Kwaliteit van de voorbereiding 6
    1. Selectie van topics uit het interne voorbereidingsproces 6
  9. 09 SWOT-analyse 6
  10. 10 Share deal VS asset deal 8
  11. 11 De vendor due diligence 8
  12. 12 Wanneer een vendor due diligence 9
  13. 13 Omvang, methodiek en opvolging 9
  14. 14 Swot analyse 9
  15. 15 Actieplan 9
  16. 16 Wat is een ondernemingsplan 9
  17. 17 Financieel plan 10
    1. Winst 11
    2. EBIT en EBITA 11
    3. Cashflow 11
  18. 18 Management analyse 12
  19. 19 Toekomst van de onderneming 12
  20. 20 Wat is de waarde van een bedrijf 12
  21. 21 Enkele belangrijke concepten 13
  22. 22 Rendementsverwachtingen 14
  23. 23 WACC 15
  24. 24 Waarderingsmethode 16
    1. 1. Waardering op basis van het (gecorrigeerde) vermogen (sw) 17
    2. 2. Waardering op basis van het rendement (RW) 18
  25. 25 De levenscyclus van een onderneming 25
    1. De opstart fase of start-up fase 25
    2. Groei- of expansie fase 25
    3. De volwassenheidsfase 25
    4. Neergang 25
  26. 26 De start-up 25
    1. Wat bedoelen we met de product-markt fit 26
    2. Waarom is de product-markt fit het ultieme doel van de start-up? 26
    3. De financiële uitdaging van de start-up 26
    4. Huidige uitdagingen 26
  27. 27 De Scale-up 27
    1. Voornaamste uitdagingen van een scale-up 27
    2. Financiële uitdagingen van de scale-up 27
  28. 28 Van start-up naar scale-up 28
  29. 29 De waardering van de start-up en scale-up 28
    1. De waardering van de start-up bij het begin 28
    2. De waardering van de start-up in een latere fase 28
    3. Waardering van de scale-up 29
  30. 30 Het verkoopproces 29
  31. 31 Anoniem profiel 31
  32. 32 Informatiememorandum 31
  33. 33 Nadenken over de potentiële kopers 33
  34. 34 Soorten kopers 33
  35. 35 Zoekproces 34
  36. 36 Selectieprocedure 34
  37. 37 Contact 34
  38. 38 Opvolging 34
  39. 39 Voorbereiding volgende stap 34
  40. 40 Actualisatie van de situatie 35
  41. 41 Strategie naar de koper 35
  42. 42 Bijzondere situaties 36
  43. 43 Omstandigheden 36
  44. 44 Onderwerpen 37
  45. 45 Overneemkomsten 38
  46. 46 Probleemsituaties 38
  47. 47 Intentieverklaring 38
    1. Opschortende of ontbindende voorwaarden 39
  48. 48 Geheimhoudingsovereenkomst 39
  49. 49 Due diligence 40
  50. 50 Verkoopovereenkomst 40
    1. Inhoud 40
  51. 51 Aanbevelingen 41
  52. 52 Alternatieven 41
  53. 53 Afscheid nemen 41
  54. 54 Soms loopt het fout 41

Documentinformatie

Geüpload op
11 december 2025
Aantal pagina's
42
Geschreven in
2024/2025
Type
Samenvatting
€10,46

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kan je een ander document kiezen. Je kan het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Verkocht
0
Volgers
0
Items
1
Laatst verkocht
-



Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via Bancontact, iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo eenvoudig kan het zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen