De coöperatieve vennootschap
Kenmerken van de cv
Grootste verschil bv en cv:
Coöperatieve finaliteit
Voldoen aan de behoeften van de coöperanten (AH’s) of hun activiteiten helpen ontwikkelen
Opgenomen in de statuten (art. 1, §4 WVV)
Parlementaire voorbereiding (MvT):
De coöperatieve vennootschap heeft tot voornaamste doel om aan de behoeften van haar
AH’s te voldoen en biedt aldus een flexibel instrument om de gemeenschappelijke
doelstellingen van de AH’s te realiseren.
Deze doelstellingen kunnen bestaan in de ontwikkeling of de ondersteuning van de
economische of sociale activiteiten van de AH’s
Vrije toetreding en uittreding/uitsluiting ten laste van het vennootschapsvermogen
Steeds mogelijk (art. 6.1, §1, 2e lid WVV)
<-> bv (enkel wanneer statutair voorzien)
Beperkte AS voor de AH’s:
AH’s verbinden slechts hun eigen inbreng (art. 6.2 WVV)
Slechts 3 vennootschappen met beperkte AS:
- Bv
- Nv
- Cv
Allemaal volkomen rechtspersoonlijkheid
- Nv -> kapitaalvennootschap
- Bv, Cv -> afhankelijk van hoe je het kneedt, is het een personenvennootschap of een
kapitaalvennootschap
1
,Oprichting van de cv
Grondvoorwaarden (structurele voorwaarden)
Aantal oprichters
Minstens 3 oprichters -> bij overeenkomst
Cv’s zijn meestal grote samenwerkingen, dus niet nuttig voor 2 man
Toereikend aanvangsvermogen
Toereikend aanvangsvermogen
Eigen vermogen en andere financieringsbronnen (art. 6.4 WVV) (idem bv)
Financieel plan ter verantwoording toereikend aanvangsvermogen voor minstens 2 jaar:
zie art. 6.5 WVV (idem bv)
Plaatsing aandelen (storting inbreng)?
Volledig en onvoorwaardelijk (art. 6.6 WVV) (idem bv)
Inbreng in geld, natura of nijverheid (idem bv)
In natura -> bijzondere verslaggevingsplichten oprichters en revisor (art. 6.8 WVV)
Hoofdelijke oprichters- of bestuurdersAS voor miskenning van de regels voor de waardering
van inbrengen in natura of kennelijke overwaardering van de inbreng in natura
(art. 6.17, 1° en 6.112 WVV)
In nijverheid -> art. 1.9, §2, 3° WVV
Inbrengverplichtingen
Volledige inbreng (art. 6.9 WVV) (idem bv)
Uitzondering
Uitzondering mogelijk op de ‘volledig’ stroting vanaf de oprichting, MAAR hoofdelijke AS oprichters
(art. 6.9 j. 6.16 WVV) (idem bv)
Quid bij onmogelijkheid inbrenger in nijverheid om zijn inbrengverplichting te vervullen?
Als het tijdelijk is: schorsing rechten (art. 6.11, 2e lid WVV)
Als het permanent is: verval aandelen (art. 6.11, 1e lid WVV)
2
, 3
Kenmerken van de cv
Grootste verschil bv en cv:
Coöperatieve finaliteit
Voldoen aan de behoeften van de coöperanten (AH’s) of hun activiteiten helpen ontwikkelen
Opgenomen in de statuten (art. 1, §4 WVV)
Parlementaire voorbereiding (MvT):
De coöperatieve vennootschap heeft tot voornaamste doel om aan de behoeften van haar
AH’s te voldoen en biedt aldus een flexibel instrument om de gemeenschappelijke
doelstellingen van de AH’s te realiseren.
Deze doelstellingen kunnen bestaan in de ontwikkeling of de ondersteuning van de
economische of sociale activiteiten van de AH’s
Vrije toetreding en uittreding/uitsluiting ten laste van het vennootschapsvermogen
Steeds mogelijk (art. 6.1, §1, 2e lid WVV)
<-> bv (enkel wanneer statutair voorzien)
Beperkte AS voor de AH’s:
AH’s verbinden slechts hun eigen inbreng (art. 6.2 WVV)
Slechts 3 vennootschappen met beperkte AS:
- Bv
- Nv
- Cv
Allemaal volkomen rechtspersoonlijkheid
- Nv -> kapitaalvennootschap
- Bv, Cv -> afhankelijk van hoe je het kneedt, is het een personenvennootschap of een
kapitaalvennootschap
1
,Oprichting van de cv
Grondvoorwaarden (structurele voorwaarden)
Aantal oprichters
Minstens 3 oprichters -> bij overeenkomst
Cv’s zijn meestal grote samenwerkingen, dus niet nuttig voor 2 man
Toereikend aanvangsvermogen
Toereikend aanvangsvermogen
Eigen vermogen en andere financieringsbronnen (art. 6.4 WVV) (idem bv)
Financieel plan ter verantwoording toereikend aanvangsvermogen voor minstens 2 jaar:
zie art. 6.5 WVV (idem bv)
Plaatsing aandelen (storting inbreng)?
Volledig en onvoorwaardelijk (art. 6.6 WVV) (idem bv)
Inbreng in geld, natura of nijverheid (idem bv)
In natura -> bijzondere verslaggevingsplichten oprichters en revisor (art. 6.8 WVV)
Hoofdelijke oprichters- of bestuurdersAS voor miskenning van de regels voor de waardering
van inbrengen in natura of kennelijke overwaardering van de inbreng in natura
(art. 6.17, 1° en 6.112 WVV)
In nijverheid -> art. 1.9, §2, 3° WVV
Inbrengverplichtingen
Volledige inbreng (art. 6.9 WVV) (idem bv)
Uitzondering
Uitzondering mogelijk op de ‘volledig’ stroting vanaf de oprichting, MAAR hoofdelijke AS oprichters
(art. 6.9 j. 6.16 WVV) (idem bv)
Quid bij onmogelijkheid inbrenger in nijverheid om zijn inbrengverplichting te vervullen?
Als het tijdelijk is: schorsing rechten (art. 6.11, 2e lid WVV)
Als het permanent is: verval aandelen (art. 6.11, 1e lid WVV)
2
, 3