- Motivatie op zich, kan je niet waarnemen
- Behaviorisme: kijken daar niet naar, enkel naar het resultaat
- Anderen kijken wel, vinden het wel belangrijk om rekening mee te
houden
Complexiteit van de menselijke motivatie
- Motivatie: processen die te maken hebben met aanzet, richting,
intensiteit en persistentie van gedrag
- Complexiteit van motivatie: Intrinsieke en extrinsieke motivatie
Intrinsiek = van onszelf zin in, willen doen, passie, drive, … zonder
beloning
Extrinsieke = zaken van buitenaf die ons aanzetten tot een bepaald
iets
Bv. Geen motivatie om uit jezelf marathon te lopen, maar stel je krijgt miljoen:
dan wel
Bv. Je job is een mix van de 2 (intrinsiek: graag doen, past bij u + extrinsiek:
geld willen)
Soms kunnen de 2 elkaar beïnvloeden
Wanneer zodanig intrinsiek gemotiveerd, kan extrinsieke beloning
dat doen dalen
Bv. Van hobby je beroep gemaakt, wauw gevoel blijft niet aanhouden, neemt
af. De interne verklaring waarom we iets doen, verschuift
- Behoeften: algemene categorieën objecten waar men blijkbaar nood
aan heeft
Bv. honger en dorst
- Motieven: concrete vormen die een behoefte kan aannemen
Bv. een boterham
MAAR niet iedereen zelfde smaak -> persoonlijk aangeleerde zaken
waarin vorm kan krijgen
- Incentives: externe prikkels of objecten die vanuit een bepaalde
behoefte als aantrekkelijk worden ervaren en die het individu
aanzetten om bepaald gedrag te stellen (bv. diploma)
Bv. Hoe krijg je een paard of ezel in gang? Wortel voorhouden, beloning
voorhouden
- Motivatie is niet waarneembaar: is een hypothetisch construct
- Pluriformiteit van de menselijke motivatie
Motivatie complex + meerzijdig
Zelfde gedrag kan naar zeer verschillende behoeften verwijzen
Bv. Stel iemand doet trektocht alleen, vanuit welke behoefte? Voor de een is
dat contact met de natuur, voor de ander is dat het alleen zijn, of fysieke
beproeving
Vaak geen afzonderlijke link
Bv. Eten zonder honger hebben, zinloos geweld, loskoppeling seksualiteit en
voortplanting
, Gedrag is overgedetermineerd: meerdere drijfveren tegelijk spelen
mee in gedrag
o Bij diersoorten vaak een rechtstreekse link tussen behoefte en
gesteld gedrag
o Mensen: soms dingen doen voor redenen die we niet altijd
snappen van onszelf of een ander
Bv. Publieke reactie als iets onbegrijpelijk gebeurt: gezinsdrama, waarom?
ALGEMENE MOTIVATIETHEORIEËN
- Psychodynamische theorie (Freud)
- Neobehavioristische theorie van Hull
- Humanistische behoeftetheorie van Maslow
- Zelfdeterminatietheorie
FREUD: AFWEERMECHANISMES
- Es Lustprincipe (opzoeken van lust, vermijden van onlust)
Eros (levensdrift)
Thanatos (doodsdrift) (ook: afwezigheid van prikkels)
- Ich Realiteitsprincipe
Modereert tussen Es en Über-Ich
- Über-Ich Moraliteitsprincipe
Geweten
Ik-ideaal
- Vanaf we op de wereld komen, gedreven door lust, behagen en
vermijden van onlust
- Freud stelt onze energie voor als een rivier die stroomt naar beneden,
maar af en toe op obstakels botst en een andere weg in gaat
- Het is een feit dat niet alle behoeftes en verlangens worden ingewilligd
- O.b.v. omgang met wereld, bepaalde normen en waarden, regels leren
die zorgen dat we de energie in banen leiden die door maatschappij
worden aanvaard
Bv. Regels: geen moord plegen ookal voel je de opwelling om iemand de keel om
te wringen
- Basis van ons streven, onze drive = levensenergie, wat drijft ons etc.
- Idee van afweermechanismes, defensiemechanismes, …
- Bepaalde zaken te sterk, gaan allerlei kanten op en mechanismen
ontwikkelen om plek te geven, verbergen, zorgen dat we niet volledig
overweldigd worden erdoor
Bv. Verdringing – defensiemechanisme Freud
FREUD: DRIJFVEREN ALS AFWEERMECHANISMES
- Verdringing: