DE SUBJECTIEVE RECHTEN
INLEIDING TOT HET RECHT
, 1. Het begrip subjectief recht
=> Er is geen wettelijke definitie
=> Het wordt wel omschreven in rechtspraak & rechtsleer
Def. Van Gerven (= rechtsgeleerde)
= Een door het objectieve recht aan een individu – rechtssubject genoemd – erkende of
toegekende heerschappij strekkende tot bevrediging v. menselijke behoeften.
= Een objectiefrechtelijke aanspraak en/of verplichting, gezien vanuit de heerschappij v.h.
individu of het rechtssubject.
= De individualisering v.d. rechtsregel.
A. Vergelijking met het objectief recht
=> Het gaat telkens om hetzelfde recht dat anders benaderd wordt.
=> Het objectief recht bestudeert de geobjectiveerde rechtsregels (law), het subjectief
recht bestudeert de bevoegdheid (right) die een dergelijke regel verleent vanuit het
standpunt van de titularis.
Objectief recht
= Het recht bestaande uit abstracte normen, los v.d. titularis v. bepaalde rechten,
los van de concrete toepassing of de individuele gevolgen voor de rechtsonderhorigen.
= Algemeen, abstract
Subjectief recht
= De concrete, door het objectief recht erkende bevoegdheid of macht om iets te vragen, te
eisen of te vorderen. Ook de afdwingbare plicht v.d. wederpartij om iets te geven, te doen
of na te laten. Het vindt zijn oorsprong in een concrete situatie en in de rechtsregels die op
die situatie v. toepassing zijn.
= Subjectief recht dient ‘belangen’ v.d. titularis, maar er zijn ook belangen die door het recht
worden beschermd zonder dat sprake is v.e. ‘subjectief recht’
= Concreet, individueel
Vb. Hij is minderjarig en heeft dus niet het recht om met de auto te rijden. Het recht laat dat niet toe.
- objectief: minderjarigen mogen geen auto besturen
- subjectief: deze minderjarige heeft de afdwingbare plicht om niet met een auto te rijden
1