Kleuters in de maatschappij
Les 1
Referentiekader
= is een geheel van waarden, normen, overtuigingen, ervaringen en
perspectieven die een persoon of een groep gebruikt om de wereld om
zich heen te begrijpen en te interpreteren.
Het fungeert als een lens waardoor we onze omgeving waarnemen en
beoordelen.
In relatie tot identiteitsontwikkeling speelt het referentiekader een
cruciale rol, omdat het bepaalt hoe iemand zichzelf ziet en verhoud tot
anderen en de wereld
Anders, normaal, abnormaal
- In jouw referentiekader zitten de zaken die jij normaal en
vanzelfsprekend vindt.
- Buiten jouw referentiekader zitten de zaken die je abnormaal vindt,
of tegen jou buikgevoel ingaan
Elk referentiekader ziet er bij iedereen anders uit en bepaalt wat
voor de één of anders is en voor de ander normaal
Normen en waarden
Een referentiekader is de basis voor de normen en waarden van een
individu of groep
- Het bepaalt wat als goed, fout gewenst of ongewenst wordt
beschouwd.
- Het beïnvloedt hoe mensen situaties beoordelen en wat zij moreel
juist achten
- Verschillende referentiekaders kunnen leiden tot uiteenlopende
meningen en standpunten
- Het referentiekader bepaald wat iemand als normaal beschouwd
Identiteit
= Identiteit is alles wat je denkt, voelt en doet over wie je bent, tot welke
groepen je hoort, en hoe deze overtuigingen je gedrag beïnvloeden.
1
,Het is een manier hoe we onszelf definiëren en beschrijven. De identiteit
van iemand anders krijgt vorm in interactie met de omgeving.
Persoonlijke identiteit
= de manier waarop de mens zich definieert door persoonlijke
eigenschappen.
Een stuk biologisch bv. Ik ben een vrouw
Maar kan ook psychologisch bv. Ik voel me een vrouw
Sociale identiteit
= de focus ligt hierbij op interactie met anderen en het belang om tot een
groep tc behoren
Deze groep kan erg verschillend zijn: gezin, klas, school of werk. Maar ook
nationaliteit, cultuur, religie.
Mensen hechten waarde aan het gevoel om tot allerlei groepen te horen.
Het geeft mensen een betekenisvolle plaats in de wereld.
Microsamenleving
= een school is een microsamenleving waarin leerlingen en leren met al
hun verschillen samenkomen, maar niettemin gemeenschappelijke doelen
nastreven.
Sociaal rechtvaardig onderwijs
Sociale rechtvaardigheid vertrekt vanuit mensenrechten
- Het gaat over het verbeteren van alle historische gemarginaliseerde
groepen, gebaseerd op huidskleur, etniciteit, nationaliteit, geslacht,
seksualiteit, …
- Sociale rechtvaardigheid draait om het creëren van een inclusieve
en rechtvaardige
samenleving waar gelijkheid, respect en zorg voor iedereen centraal
staan.
2
,Doel= alle groepen moeten volledig en gelijkwaardig kunnen deelnemen
aan de samenleving dei wederzijds gevormd is om aan hun behoeften te
voldoen
Om dit doel te bereiken moet het proces participatief, democratisch en
inclusief zijn.
- Participatief= iedereen heeft het recht om dit proces mee vorm te
geven
- Democratisch= gericht op gelijkheid, inspraak, en gedeelde
besluitvorming.
- Inclusief= elk persoon ongeacht etniciteit, gender, socio-
economische status, …
- Zet in op inclusie
o inclusieve scholen benutten diversiteit als kracht als
meerwaarde: diversiteit wordt positief benaderd, niet als
probleem
- Gaat over gelijke onderwijskansen voor élk kind: gelijke toegang /
gelijke kansen / gelijke behandeling / gelijke uitkomsten
- zorgt ervoor dat alle kinderen en jongeren gelijke kansen krijgen in
onderwijs door telkens de vraag te stellen de welke groepen geen
baat hebben bij een algemene aanpak en hoe die aanpak kan
veranderen.
- Zet in op anti-discriminatie: het aanpakken en voorkomen van
discriminatie en uitsluiting.
Sociale rechtvaardigheid en SDG’s
= De Sustainable Development Goals (SDG’s) zijn 17 mondiale doelen die
zijn vastgesteld
Voor duurzame ontwikkeling. Ze zijn bedoeld om tegen 2030 armoede
te bestrijden, ongelijkheid te verminderen, de planeet te beschermen en
vrede en welvaart te bevorderen.
De SDG’s zijn gericht op universele uitdagingen, zoals klimaatverandering,
onderwijs, gezondheidszorg, gendergelijkheid, en economische groei.
Ze kunnen op verschillende manieren betekenisvol zijn:
3
, 1. Inhoud van het curriculum
Educatie over duurzaamheid: onderwijs dat gericht is op
duurzame ontwikkeling
Interdisciplinair leren: vakoverstijgende projecten
Actuele thema’s: onderwerpen zoals gendergelijkheid,
klimaatverandering, …
2. Competentieontwikkeling
Wereldburgerschap: leren nadenken over mondiale problemen en
hun rol daarin
Probleemoplossend vermogen: ontwikkeld vaardigheden zoals
creatief denken en samenwerken
Leerkrachten hebben en cruciale rol in het aanleren van waarden en
gedragingen. De SDG’s bieden:
- Kaders voor duurzame waarden
- Inspiratie voor educatief leiderschap
De SDGs kunnen onderverdeeld worden in vijf grote thema’s: mensen,
planeet, welvaart, vrede en partnerschap
Een cultureel responsieve leraar
4
Les 1
Referentiekader
= is een geheel van waarden, normen, overtuigingen, ervaringen en
perspectieven die een persoon of een groep gebruikt om de wereld om
zich heen te begrijpen en te interpreteren.
Het fungeert als een lens waardoor we onze omgeving waarnemen en
beoordelen.
In relatie tot identiteitsontwikkeling speelt het referentiekader een
cruciale rol, omdat het bepaalt hoe iemand zichzelf ziet en verhoud tot
anderen en de wereld
Anders, normaal, abnormaal
- In jouw referentiekader zitten de zaken die jij normaal en
vanzelfsprekend vindt.
- Buiten jouw referentiekader zitten de zaken die je abnormaal vindt,
of tegen jou buikgevoel ingaan
Elk referentiekader ziet er bij iedereen anders uit en bepaalt wat
voor de één of anders is en voor de ander normaal
Normen en waarden
Een referentiekader is de basis voor de normen en waarden van een
individu of groep
- Het bepaalt wat als goed, fout gewenst of ongewenst wordt
beschouwd.
- Het beïnvloedt hoe mensen situaties beoordelen en wat zij moreel
juist achten
- Verschillende referentiekaders kunnen leiden tot uiteenlopende
meningen en standpunten
- Het referentiekader bepaald wat iemand als normaal beschouwd
Identiteit
= Identiteit is alles wat je denkt, voelt en doet over wie je bent, tot welke
groepen je hoort, en hoe deze overtuigingen je gedrag beïnvloeden.
1
,Het is een manier hoe we onszelf definiëren en beschrijven. De identiteit
van iemand anders krijgt vorm in interactie met de omgeving.
Persoonlijke identiteit
= de manier waarop de mens zich definieert door persoonlijke
eigenschappen.
Een stuk biologisch bv. Ik ben een vrouw
Maar kan ook psychologisch bv. Ik voel me een vrouw
Sociale identiteit
= de focus ligt hierbij op interactie met anderen en het belang om tot een
groep tc behoren
Deze groep kan erg verschillend zijn: gezin, klas, school of werk. Maar ook
nationaliteit, cultuur, religie.
Mensen hechten waarde aan het gevoel om tot allerlei groepen te horen.
Het geeft mensen een betekenisvolle plaats in de wereld.
Microsamenleving
= een school is een microsamenleving waarin leerlingen en leren met al
hun verschillen samenkomen, maar niettemin gemeenschappelijke doelen
nastreven.
Sociaal rechtvaardig onderwijs
Sociale rechtvaardigheid vertrekt vanuit mensenrechten
- Het gaat over het verbeteren van alle historische gemarginaliseerde
groepen, gebaseerd op huidskleur, etniciteit, nationaliteit, geslacht,
seksualiteit, …
- Sociale rechtvaardigheid draait om het creëren van een inclusieve
en rechtvaardige
samenleving waar gelijkheid, respect en zorg voor iedereen centraal
staan.
2
,Doel= alle groepen moeten volledig en gelijkwaardig kunnen deelnemen
aan de samenleving dei wederzijds gevormd is om aan hun behoeften te
voldoen
Om dit doel te bereiken moet het proces participatief, democratisch en
inclusief zijn.
- Participatief= iedereen heeft het recht om dit proces mee vorm te
geven
- Democratisch= gericht op gelijkheid, inspraak, en gedeelde
besluitvorming.
- Inclusief= elk persoon ongeacht etniciteit, gender, socio-
economische status, …
- Zet in op inclusie
o inclusieve scholen benutten diversiteit als kracht als
meerwaarde: diversiteit wordt positief benaderd, niet als
probleem
- Gaat over gelijke onderwijskansen voor élk kind: gelijke toegang /
gelijke kansen / gelijke behandeling / gelijke uitkomsten
- zorgt ervoor dat alle kinderen en jongeren gelijke kansen krijgen in
onderwijs door telkens de vraag te stellen de welke groepen geen
baat hebben bij een algemene aanpak en hoe die aanpak kan
veranderen.
- Zet in op anti-discriminatie: het aanpakken en voorkomen van
discriminatie en uitsluiting.
Sociale rechtvaardigheid en SDG’s
= De Sustainable Development Goals (SDG’s) zijn 17 mondiale doelen die
zijn vastgesteld
Voor duurzame ontwikkeling. Ze zijn bedoeld om tegen 2030 armoede
te bestrijden, ongelijkheid te verminderen, de planeet te beschermen en
vrede en welvaart te bevorderen.
De SDG’s zijn gericht op universele uitdagingen, zoals klimaatverandering,
onderwijs, gezondheidszorg, gendergelijkheid, en economische groei.
Ze kunnen op verschillende manieren betekenisvol zijn:
3
, 1. Inhoud van het curriculum
Educatie over duurzaamheid: onderwijs dat gericht is op
duurzame ontwikkeling
Interdisciplinair leren: vakoverstijgende projecten
Actuele thema’s: onderwerpen zoals gendergelijkheid,
klimaatverandering, …
2. Competentieontwikkeling
Wereldburgerschap: leren nadenken over mondiale problemen en
hun rol daarin
Probleemoplossend vermogen: ontwikkeld vaardigheden zoals
creatief denken en samenwerken
Leerkrachten hebben en cruciale rol in het aanleren van waarden en
gedragingen. De SDG’s bieden:
- Kaders voor duurzame waarden
- Inspiratie voor educatief leiderschap
De SDGs kunnen onderverdeeld worden in vijf grote thema’s: mensen,
planeet, welvaart, vrede en partnerschap
Een cultureel responsieve leraar
4