VERKEERS- EN MOBILITEITSEDUCATIE
1. OBJECTIEVE EN SUBJECTIEVE VERKEERS(ON)VEILIGHEID
Vaststellingen bij kinderen
• Verkeersongevallen = de grootste doodsoorzaak bij kinderen.
• Elke dag 14 kinderen gewond in het verkeer
• Veel kinderen lopen tijdelijk of blijvend een fysische of psychische handicap op.
• Ongevallen, risico’s:
- Jonger dan 10 jaar bij het oversteken en als autopassagier
- Ouder dan 10 jaar bij het fietsen. Jongens vormen gemiddeld 2/3 van de slachtoffers.
- Het risico neemt toe met de leeftijd (pieken: 6, 12, 14-15 en 17 jaar).
• Het gaat om meer dan kennis alleen – ook vaardigheden en attitudes spelen een rol!
Objectieve verkeers(on)veiligheid
= cijfers
Subjectieve verkeers(on)veiligheid
= aanvoelen/ de zorgen die mensen hebben over de verkeersonveiligheid zonder deel te nemen aan het verkeer,
alsook de verkeers(on)veiligheid die mensen ervaren wanneer ze deelnemen aan het verkeer.
2. WAT IS VERKEERS- EN MOBILITEITSEDUCATIE?
Verkeerseducatie
Geeft kinderen inzicht in verkeersveiligheid en verkeersleefbaarheid. Ze leren hoe ze zich tussen andere
weggebruikers in het verkeer zelfstandig en veilig moeten gedragen. Ze leren dat niet alleen in de klas of in een
verkeerspark, maar ook op straat in reële situaties.
Mobiliteitseducatie
Leert kinderen over mobiliteit en haar maatschappelijke gevolgen. De mogelijkheden en grenzen van mobiliteit en
milieuvriendelijk woon-schoolverkeer komen aan bod...
3. BELANG EN DOEL VAN VERKEERS- EN MOBILITEITSEDUCATIE
Belang en doel van verkeers- en mobiliteitseducatie:
• Complexiteit verkeer
• Educatie noodzakelijk
• Inzetten op:
- Kennis van verkeersregels => hoe zich te gedragen belangrijker dan uit het hoofd leren van de regels
en betekenis
- Vaardigheden: stap- en fietsvaardigheden, communicatievaardigheden
- Attitudes
• Doel: spontaan, een veilig, sociaal geïntegreerd mobiliteitsbewust gedrag vertonen
Dit houdt in:
• Vergroten van de individuele en sociale redzaamheid en de veiligheid van de kinderen in hun rol als
verkeerdeelnemer.
• Vergroten van de individuele en sociale redzaamheid als vervoersbewuste reiziger.
• Vergroten van hun maatschappelijke weerbaarheid met betrekking tot verkeer, vervoer en mobiliteit.
1. OBJECTIEVE EN SUBJECTIEVE VERKEERS(ON)VEILIGHEID
Vaststellingen bij kinderen
• Verkeersongevallen = de grootste doodsoorzaak bij kinderen.
• Elke dag 14 kinderen gewond in het verkeer
• Veel kinderen lopen tijdelijk of blijvend een fysische of psychische handicap op.
• Ongevallen, risico’s:
- Jonger dan 10 jaar bij het oversteken en als autopassagier
- Ouder dan 10 jaar bij het fietsen. Jongens vormen gemiddeld 2/3 van de slachtoffers.
- Het risico neemt toe met de leeftijd (pieken: 6, 12, 14-15 en 17 jaar).
• Het gaat om meer dan kennis alleen – ook vaardigheden en attitudes spelen een rol!
Objectieve verkeers(on)veiligheid
= cijfers
Subjectieve verkeers(on)veiligheid
= aanvoelen/ de zorgen die mensen hebben over de verkeersonveiligheid zonder deel te nemen aan het verkeer,
alsook de verkeers(on)veiligheid die mensen ervaren wanneer ze deelnemen aan het verkeer.
2. WAT IS VERKEERS- EN MOBILITEITSEDUCATIE?
Verkeerseducatie
Geeft kinderen inzicht in verkeersveiligheid en verkeersleefbaarheid. Ze leren hoe ze zich tussen andere
weggebruikers in het verkeer zelfstandig en veilig moeten gedragen. Ze leren dat niet alleen in de klas of in een
verkeerspark, maar ook op straat in reële situaties.
Mobiliteitseducatie
Leert kinderen over mobiliteit en haar maatschappelijke gevolgen. De mogelijkheden en grenzen van mobiliteit en
milieuvriendelijk woon-schoolverkeer komen aan bod...
3. BELANG EN DOEL VAN VERKEERS- EN MOBILITEITSEDUCATIE
Belang en doel van verkeers- en mobiliteitseducatie:
• Complexiteit verkeer
• Educatie noodzakelijk
• Inzetten op:
- Kennis van verkeersregels => hoe zich te gedragen belangrijker dan uit het hoofd leren van de regels
en betekenis
- Vaardigheden: stap- en fietsvaardigheden, communicatievaardigheden
- Attitudes
• Doel: spontaan, een veilig, sociaal geïntegreerd mobiliteitsbewust gedrag vertonen
Dit houdt in:
• Vergroten van de individuele en sociale redzaamheid en de veiligheid van de kinderen in hun rol als
verkeerdeelnemer.
• Vergroten van de individuele en sociale redzaamheid als vervoersbewuste reiziger.
• Vergroten van hun maatschappelijke weerbaarheid met betrekking tot verkeer, vervoer en mobiliteit.