Part one - Foundations in management
Chapter 1. Managing and performing
Doelen:
1. samenvatten van belangrijkste uitdagingen van management in nieuwe
concurrentiële omgeving
2. factoren van concurrentievoordeel voor onderneming beschrijven
3. evolutie van managementfuncties in bedrijfsonderneming vandaag
verklaren
4. soorten management op verschillende niveaus van organisatie vergelijken
5. vaardigheden definiëren die vereist zijn om doeltreffend te worden als
manager
6. principes begrijpen die helpen bij managen van loopbaan
Managing in a competitive world
- wereld van vandaag is concurrentiële omgeving
- bij ontwikkeling van product moet je ervan uitgaan dat wat je verworven hebt
niet voor altijd is > er kan concurrentie komen waarbij een deel van je
activiteit/marktaandeel als bedrijf veranderd
Managen = reeks praktijken die je inzet om je doelen zo efficiënt en effectief
mogelijk te bereiken
- management zit in organisatie (bedrijf, museum, non-profit, bank, startende
onderneming) < om te kunnen managen weten dat communicatie, inzet van
mensen, middelen en activiteiten altijd van toepassing zijn > in ruime context zit
deze in wereld/maatschappij
- 4 uitdagingen kenmerkend voor bedrijfsomgeving: (de-)globalisering,
technologische verandering, kennismanagement, samenwerking over grenzen
heen
Globalization
Globalisering = interactie tussen verschillende actoren die een rol spelen in
globaliserende wereld en integratie waarbij de actoren dichter bij elkaar komen
- globale ondernemingen hebben meer vestigingen buiten eigen landgrenzen
- kleine bedrijven die hier minder mee bezig zijn maken hier ook deel vanuit (vb
bij exporteren) > breed kunnen kijken, er kan concurrentie zijn op wereldvlak
- arbeidsmarkt raakt ook
geglobaliseerd door talenwerving (vb
expats)
Proces van globalisering
- vrijhandelsindex: wereldwijd alle
waarden van export en import
optellen en dit delen door bbp
- hoe groter vrijhandelsindex, hoe
meer globalisering (meer stromen
van import/export)
- 2008: economische financiële
crisis, vanaf hier tot heden
deglobalisering
,- invoertaxen ontmoedigen handel, duurder voor consument en bedrijven
verdienen minder > klanten zoeken in eigen regio
*vb minder energie van Rusland naar Europa > minder handel > lagere
vrijhandelsindex
Technological change
- golven van digitalisering
- alles is voortdurend in beweging
- in omgeving niet van uitgaan dat doel bereikt is als je er bent > nieuwe doelen
opstellen
FASE 1: opkomst internet (mid 1990 - 2000)
- toegang en consultatie data online
- veel groeiverwachtingen overwaardering vele bedrijven gaan overkop
(zeepbeleffect)
- bedrijven die overleefd hebben zijn die dat zijn blijven innoveren
FASE 2: sociale media (2004 - 2015)
- startups
- applicaties
- interactief, gebruiksvriendelijk
FASE 3: AI (heden)
- devices connecteren aan het internet
- Big Data Analytics > belangrijk in bedrijfsleven
- IoT
- Cloud computing > grote opslagruimtes voorzien voor gegevens
- grootschalig, commercialisering
- AI recent toegankelijk voor ruimere publiek
Het internet
- als: online marktplaats, distributiekanaal, plaats voor netwerking en delen van
informatie
- draagt bij tot: kostenverlaging en internationale handel (consumenten kunnen
prijzen vergelijken transparantere markt), informatiestromen en
leerprocessen, efficiënte besluitvorming
Knowledge management
Kennismanagement = alles wat te maken heeft met het vertalen van een nieuw
idee naar innovatie in een organisatie: benutten, delen en verwerven van
voordelen uit intellectuele hulpbronnen
- kenniswerker gebruikt kennis en informatie voor ontwikkeling nieuwe kennis,
ideeën en voor signaleren en oplossen van problemen
- 3-ledig: expertise en vaardigheden van kenniswerkers + visie en creativiteit +
relaties via netwerking en samenwerking
- concept van freelancing past binnen kennismanagement
Collaboration
(proces van kennismanagement)
… binnen de organisatie
- departementen, divisies, andere eenheden
- kennis over eigen domein en andere domeinen
*vb T-shaped manager: deelt kennis (horizontaal), specialist in domein van eigen
expertise (verticaal)
,…buiten de organisatie (illustratie technologische verandering)
- samenwerking met actoren en stakeholders die er niet volledig of tijdelijk
inzitten
- consultants, reclamebureaus, leveranciers, klanten
- klantenservice, kennistransfer, externe expertise
*vb freelancers: brengen hun expertise binnen en zorgen voor samenwerking
tussen hen en het bedrijf
Managing for competitive advantage
- succesfactoren voor lange-termijnprestatie
- prestatiemaatstaven: innovatie, kwaliteit, dienstverlening, snelheid,
kostencompetiviteit, duurzaamheid
Innovation
Innovatie = ontwikkeling nieuwe technologieën, productieprocessen, goederen,
diensten, management-, communicatie- en leveringssystemen
1. aanpassen aan vraag van consumenten: verandering in vraagpatroon,
maatschappelijk met verschuivingen
2. rekening te houden met concurrenten als deze performant zijn: innovatie is
noodzakelijk om klanten te behouden
3. nodig te innoveren anders capituleren: constant proces van vernieuwing nodig
om in de markt te blijven
Quality
Kwaliteit = functie van eigenschappen van het product
Vroeger
- aantrekkelijkheid, betrouwbaarheid, beperken van gebreken
- kwaliteitscontrole na voltooiing product, aanpakken van gebreken
Vandaag
- preventieve benadering van kwaliteitscontrole
- zero defects, met nadruk op kwaliteit in alle fases vanaf design-fase total
quality management
‘Continious improvement’, filosofisch management: voortdurend verbeteren van
producten en processen; vraagt veel inzet, betrokkenheid, proactiviteit en
creativiteit (je moet kijken waar het zou kunnen fout gaan)
Service & speed
Dienstverlening:
- wat klanten willen en wanneer
- draagt bij aan comfort en beleving bij aanschaffing en gebruik
- uitbouwen lange-termijn relaties
Snelheid:
- snelle en tijdige uitvoering, respons en levering
Cost competitiveness
- minimaliseren van kosten > winstgevender + aantrekkelijk voor consumenten
Stel: hogere kosten > hogere prijs voor consumenten > consumenten kopen
ergens anders tegen lagere prijs kostencompetiviteit
,Sustainibility
- 17 duurzame doelstelling van Verenigde Naties
- economische, sociale alles rond allianties en uitbouwen van relaties > LT-visie >
niet snel, maar met respect voor doelstellingen
- kiezen voor ‘duurdere’ optie > op LT betere relaties uitbouwen > LT-
doelstellingen nastreven > hogere winst
- ethiek, moreel kompas
- minimaliseren neg effecten op ecologisch vlak
- verbeteren sociale voorwaarden
Delivering all types of performance
in evenwicht houden van alle elementen
‘old school’ voorstelling
‘new school’ voorstelling
- ambitieuzer
- de 5 elementen passen binnen de
grenzen van duurzaamheid met een
plafond voor ecologie, gebruik van
grondstoffen
- gebruikt bij nastreven businessdoelen
- niet onder sociale fundamenten en niet
boven ecologische plafond
- succesfactoren maximaliseren binnen
bepaalde marge
The functions of management
Management = werken met en inzetten van middelen (mensen, machines,
andere hulpbronnen…) om doelstellingen van de organisatie te bereiken op
doeltreffende en efficiënte wijze
Doeltreffendheid (effectiviteit) = mate waarin je doelstellingen kan bereiken
Efficiëntie = mate waarin doelstellingen kan bereiken met minimale inzet van
middelen
- je moet regelmatig kijken naar hoeveel werknemers je nodig hebt met welk
profiel en of je niet beter verschuift naar een ander profiel
Planning: delivering strategic value
3-ledige relatie:
- doelstellingen formuleren
,- strategieën ontwikkelen voor de realisatie van de doelstellingen
- hoe beter doelstellingen bereikt worden, hoe beter de prestatie
Organizing: building a dynamic organization
- selectie, inzet en coördinatie middelen (menselijk kapitaal, ICT…) om doelen te
bereiken
- rekrutering, jobbeschrijving, toewijzen van verantwoordelijkheden en middelen
aan divisies
Leading: mobilizing people
- aansturen en motiveren van mensen
- hoe ga je welke niveaus managen: teams, departementen, divisies
- communiceren, connecteren, oplossen van conflicten
Controlling: learning and changing
- monitoring van prestatie om te kunnen bijsturen zodat uiteindelijk de
doelstellingen kunnen behaald worden
- verloopt alles volgens plan?
- terugkoppeling: continu leer- en veranderingsproces, opdat doelstellingen
worden gerealiseerd
Performing all four management functions
- geen evenredige verdeling van tijd over de 4 functies > je moet balans vinden
- loopt niet altijd zoals verwacht > niet volgens bepaald tijdsproces > probeer
inspanningen te verdelen
- soms onderbrekingen, meetings, onvoorziene problemen waarbij mensen je
nodig hebben voor bv troubleshooting
- belangrijk dat je als manager niet alles zelf gaat willen delegeren, je hebt
mensen nodig en kan de functies niet alleen uitvoeren > risico nemen om taken
durven uit te geven, anders micromanagement waarbij mensen denken dat ze
het niet goed doen > leidt tot wantrouwen
Managementlevels en skills
Top-level managers
- senior niveau, Top Management Team (TMT), algemeen management (c-suite:
CEO, CFO, COO, CIO…)
- contact met raad van bestuur
- groter of kleiner afhankelijk van grootte van bedrijf
- strategische doelstellingen worden opgesteld (vb markt-expansie naar Midden-
Oosten)
- LT-doelstellingen vertalen naar iets meer realiseerbaar
Middle-level managers
- midden managers
- vertaling strategische doelstellingen naar activiteiten en doelstellingen in de
afdelingen (tactisch)
- staan in voor dagelijkse werking, plaats voor ondernemerschap, ruimte voor
innovatie
- tactische vertaling van LT-doelstellingen naar frontlinie niveau toe op KT
Frontline managers
- supervisors, teamleaders
,- bindmiddel tussen werknemers in frontlinie en managers > terugkoppeling naar
hoger management (operationeel)
- supervisie over productie en diensten
- werknemers in frontlinie hebben duidelijke en concrete instructies nodig,
worden gegeven door frontlinie managers
Working leaders with broad responsibilities
- duidelijke connectie tussen 3 managementniveaus, hebben nood aan goede
communicaties > mensen van alle niveaus moeten duidelijk communiceren en
het moet van topmanagement uit gestimuleerd worden
- relevant te motiveren, aan te sturen en te delegeren
Must have management skills
De rollen
- Henry Mintzberger, onderzoeker van management en organisaties, is tot
overzicht gekomen van alle functies die een manager dient te nemen (eventueel
met delegatie)
Beslissingsrol Informatieve rol Intermenselijke rol
- ondernemer - monitor - leider
- probleemoplosser - verspreider - verbinder
- toekenner van - woordvoerder - boegbeeld
middelen
- onderhandelaar
- je bent het organisatiecentrum, maar moet communiceren met je werknemers
De vaardigheden
- technische vaardigheden (hard skills)
vermogen om kennis en expertise toe te passen volgens bepaalde
technologieën, methodes of processen
- intermenselijke en communicatiegerichte (soft skills)
menselijke vaardigheden ‘people skills’
leidinggeven, motiveren en communiceren
emotionele intelligentie: het vermogen om jezelf uit te drukken en bij
andere toe te passen > empathie helpt problemen vanuit een ander
perspectief te bekijken om tot constructieve oplossingen te komen
sociaal kapitaal: ontwikkelt door uitbouwen van relaties en netwerking aan
te doen > na conflicten probeer ‘on speaking terms’ te blijven
- conceptueel en beslissingsgericht
vermogen om na te denken over complexe, abstracte situaties
identificeren en oplossen van problemen
- hard skills aangeleerd op school (kunnen meer en meer herschoold en
bijgewerkt worden)
- soft skills aangeleerd op werkvloer, ervaring, cv (je kan hieraan werken met
teamwork)
- conceptuele is soort van 3de dimensie/categorie die meer hybride is van aard
Top 10 vaardigheden
1. analytisch en innovatief denken
, 2. actief leren, hanteren van leerstrategieën
3. oplossen van complexe problemen
4. kritisch denken
5. creativiteit, originaliteit, initiatief
6. leiderschap en sociale invloed
7. gebruik, monitoring en controle van technologie
8. technologieontwerp en programmeren
9. veerkracht, stressbestendigheid en flexibiliteit
10. redeneren en ideevorming
- tegen 2025 wil men 50% van de mensen laten herscholen om vaardigheden te
hebben die passen in een veranderende omgeving
- constructieve tijden door opkomst van AI
- organisatie is de laatste jaren minder gericht op hiërarchie, maar meer op
uitwisseling en interactie tussen werknemers en organisatie
Appendix A. The evolution of management
Doelen?
1. Dieper ingaan op de verschillende theoretische benaderingen
2. Theoretisch kader kunnen gebruiken als referentiekader waarbinnen de
theorieën van vandaag kunnen gekaderd worden
3. Kunnen inschatten of evoluties nog overeenstemmen met bepaalde
theorie of dat deze beter aansluiten bij nieuwe theorie
- einde 19de, begin 20ste eeuw begon oprichting van business schools
Early management concepts and influences
Industriële Revolutie: 1750 - 1860 en 1870 - 1914
Chapter 1. Managing and performing
Doelen:
1. samenvatten van belangrijkste uitdagingen van management in nieuwe
concurrentiële omgeving
2. factoren van concurrentievoordeel voor onderneming beschrijven
3. evolutie van managementfuncties in bedrijfsonderneming vandaag
verklaren
4. soorten management op verschillende niveaus van organisatie vergelijken
5. vaardigheden definiëren die vereist zijn om doeltreffend te worden als
manager
6. principes begrijpen die helpen bij managen van loopbaan
Managing in a competitive world
- wereld van vandaag is concurrentiële omgeving
- bij ontwikkeling van product moet je ervan uitgaan dat wat je verworven hebt
niet voor altijd is > er kan concurrentie komen waarbij een deel van je
activiteit/marktaandeel als bedrijf veranderd
Managen = reeks praktijken die je inzet om je doelen zo efficiënt en effectief
mogelijk te bereiken
- management zit in organisatie (bedrijf, museum, non-profit, bank, startende
onderneming) < om te kunnen managen weten dat communicatie, inzet van
mensen, middelen en activiteiten altijd van toepassing zijn > in ruime context zit
deze in wereld/maatschappij
- 4 uitdagingen kenmerkend voor bedrijfsomgeving: (de-)globalisering,
technologische verandering, kennismanagement, samenwerking over grenzen
heen
Globalization
Globalisering = interactie tussen verschillende actoren die een rol spelen in
globaliserende wereld en integratie waarbij de actoren dichter bij elkaar komen
- globale ondernemingen hebben meer vestigingen buiten eigen landgrenzen
- kleine bedrijven die hier minder mee bezig zijn maken hier ook deel vanuit (vb
bij exporteren) > breed kunnen kijken, er kan concurrentie zijn op wereldvlak
- arbeidsmarkt raakt ook
geglobaliseerd door talenwerving (vb
expats)
Proces van globalisering
- vrijhandelsindex: wereldwijd alle
waarden van export en import
optellen en dit delen door bbp
- hoe groter vrijhandelsindex, hoe
meer globalisering (meer stromen
van import/export)
- 2008: economische financiële
crisis, vanaf hier tot heden
deglobalisering
,- invoertaxen ontmoedigen handel, duurder voor consument en bedrijven
verdienen minder > klanten zoeken in eigen regio
*vb minder energie van Rusland naar Europa > minder handel > lagere
vrijhandelsindex
Technological change
- golven van digitalisering
- alles is voortdurend in beweging
- in omgeving niet van uitgaan dat doel bereikt is als je er bent > nieuwe doelen
opstellen
FASE 1: opkomst internet (mid 1990 - 2000)
- toegang en consultatie data online
- veel groeiverwachtingen overwaardering vele bedrijven gaan overkop
(zeepbeleffect)
- bedrijven die overleefd hebben zijn die dat zijn blijven innoveren
FASE 2: sociale media (2004 - 2015)
- startups
- applicaties
- interactief, gebruiksvriendelijk
FASE 3: AI (heden)
- devices connecteren aan het internet
- Big Data Analytics > belangrijk in bedrijfsleven
- IoT
- Cloud computing > grote opslagruimtes voorzien voor gegevens
- grootschalig, commercialisering
- AI recent toegankelijk voor ruimere publiek
Het internet
- als: online marktplaats, distributiekanaal, plaats voor netwerking en delen van
informatie
- draagt bij tot: kostenverlaging en internationale handel (consumenten kunnen
prijzen vergelijken transparantere markt), informatiestromen en
leerprocessen, efficiënte besluitvorming
Knowledge management
Kennismanagement = alles wat te maken heeft met het vertalen van een nieuw
idee naar innovatie in een organisatie: benutten, delen en verwerven van
voordelen uit intellectuele hulpbronnen
- kenniswerker gebruikt kennis en informatie voor ontwikkeling nieuwe kennis,
ideeën en voor signaleren en oplossen van problemen
- 3-ledig: expertise en vaardigheden van kenniswerkers + visie en creativiteit +
relaties via netwerking en samenwerking
- concept van freelancing past binnen kennismanagement
Collaboration
(proces van kennismanagement)
… binnen de organisatie
- departementen, divisies, andere eenheden
- kennis over eigen domein en andere domeinen
*vb T-shaped manager: deelt kennis (horizontaal), specialist in domein van eigen
expertise (verticaal)
,…buiten de organisatie (illustratie technologische verandering)
- samenwerking met actoren en stakeholders die er niet volledig of tijdelijk
inzitten
- consultants, reclamebureaus, leveranciers, klanten
- klantenservice, kennistransfer, externe expertise
*vb freelancers: brengen hun expertise binnen en zorgen voor samenwerking
tussen hen en het bedrijf
Managing for competitive advantage
- succesfactoren voor lange-termijnprestatie
- prestatiemaatstaven: innovatie, kwaliteit, dienstverlening, snelheid,
kostencompetiviteit, duurzaamheid
Innovation
Innovatie = ontwikkeling nieuwe technologieën, productieprocessen, goederen,
diensten, management-, communicatie- en leveringssystemen
1. aanpassen aan vraag van consumenten: verandering in vraagpatroon,
maatschappelijk met verschuivingen
2. rekening te houden met concurrenten als deze performant zijn: innovatie is
noodzakelijk om klanten te behouden
3. nodig te innoveren anders capituleren: constant proces van vernieuwing nodig
om in de markt te blijven
Quality
Kwaliteit = functie van eigenschappen van het product
Vroeger
- aantrekkelijkheid, betrouwbaarheid, beperken van gebreken
- kwaliteitscontrole na voltooiing product, aanpakken van gebreken
Vandaag
- preventieve benadering van kwaliteitscontrole
- zero defects, met nadruk op kwaliteit in alle fases vanaf design-fase total
quality management
‘Continious improvement’, filosofisch management: voortdurend verbeteren van
producten en processen; vraagt veel inzet, betrokkenheid, proactiviteit en
creativiteit (je moet kijken waar het zou kunnen fout gaan)
Service & speed
Dienstverlening:
- wat klanten willen en wanneer
- draagt bij aan comfort en beleving bij aanschaffing en gebruik
- uitbouwen lange-termijn relaties
Snelheid:
- snelle en tijdige uitvoering, respons en levering
Cost competitiveness
- minimaliseren van kosten > winstgevender + aantrekkelijk voor consumenten
Stel: hogere kosten > hogere prijs voor consumenten > consumenten kopen
ergens anders tegen lagere prijs kostencompetiviteit
,Sustainibility
- 17 duurzame doelstelling van Verenigde Naties
- economische, sociale alles rond allianties en uitbouwen van relaties > LT-visie >
niet snel, maar met respect voor doelstellingen
- kiezen voor ‘duurdere’ optie > op LT betere relaties uitbouwen > LT-
doelstellingen nastreven > hogere winst
- ethiek, moreel kompas
- minimaliseren neg effecten op ecologisch vlak
- verbeteren sociale voorwaarden
Delivering all types of performance
in evenwicht houden van alle elementen
‘old school’ voorstelling
‘new school’ voorstelling
- ambitieuzer
- de 5 elementen passen binnen de
grenzen van duurzaamheid met een
plafond voor ecologie, gebruik van
grondstoffen
- gebruikt bij nastreven businessdoelen
- niet onder sociale fundamenten en niet
boven ecologische plafond
- succesfactoren maximaliseren binnen
bepaalde marge
The functions of management
Management = werken met en inzetten van middelen (mensen, machines,
andere hulpbronnen…) om doelstellingen van de organisatie te bereiken op
doeltreffende en efficiënte wijze
Doeltreffendheid (effectiviteit) = mate waarin je doelstellingen kan bereiken
Efficiëntie = mate waarin doelstellingen kan bereiken met minimale inzet van
middelen
- je moet regelmatig kijken naar hoeveel werknemers je nodig hebt met welk
profiel en of je niet beter verschuift naar een ander profiel
Planning: delivering strategic value
3-ledige relatie:
- doelstellingen formuleren
,- strategieën ontwikkelen voor de realisatie van de doelstellingen
- hoe beter doelstellingen bereikt worden, hoe beter de prestatie
Organizing: building a dynamic organization
- selectie, inzet en coördinatie middelen (menselijk kapitaal, ICT…) om doelen te
bereiken
- rekrutering, jobbeschrijving, toewijzen van verantwoordelijkheden en middelen
aan divisies
Leading: mobilizing people
- aansturen en motiveren van mensen
- hoe ga je welke niveaus managen: teams, departementen, divisies
- communiceren, connecteren, oplossen van conflicten
Controlling: learning and changing
- monitoring van prestatie om te kunnen bijsturen zodat uiteindelijk de
doelstellingen kunnen behaald worden
- verloopt alles volgens plan?
- terugkoppeling: continu leer- en veranderingsproces, opdat doelstellingen
worden gerealiseerd
Performing all four management functions
- geen evenredige verdeling van tijd over de 4 functies > je moet balans vinden
- loopt niet altijd zoals verwacht > niet volgens bepaald tijdsproces > probeer
inspanningen te verdelen
- soms onderbrekingen, meetings, onvoorziene problemen waarbij mensen je
nodig hebben voor bv troubleshooting
- belangrijk dat je als manager niet alles zelf gaat willen delegeren, je hebt
mensen nodig en kan de functies niet alleen uitvoeren > risico nemen om taken
durven uit te geven, anders micromanagement waarbij mensen denken dat ze
het niet goed doen > leidt tot wantrouwen
Managementlevels en skills
Top-level managers
- senior niveau, Top Management Team (TMT), algemeen management (c-suite:
CEO, CFO, COO, CIO…)
- contact met raad van bestuur
- groter of kleiner afhankelijk van grootte van bedrijf
- strategische doelstellingen worden opgesteld (vb markt-expansie naar Midden-
Oosten)
- LT-doelstellingen vertalen naar iets meer realiseerbaar
Middle-level managers
- midden managers
- vertaling strategische doelstellingen naar activiteiten en doelstellingen in de
afdelingen (tactisch)
- staan in voor dagelijkse werking, plaats voor ondernemerschap, ruimte voor
innovatie
- tactische vertaling van LT-doelstellingen naar frontlinie niveau toe op KT
Frontline managers
- supervisors, teamleaders
,- bindmiddel tussen werknemers in frontlinie en managers > terugkoppeling naar
hoger management (operationeel)
- supervisie over productie en diensten
- werknemers in frontlinie hebben duidelijke en concrete instructies nodig,
worden gegeven door frontlinie managers
Working leaders with broad responsibilities
- duidelijke connectie tussen 3 managementniveaus, hebben nood aan goede
communicaties > mensen van alle niveaus moeten duidelijk communiceren en
het moet van topmanagement uit gestimuleerd worden
- relevant te motiveren, aan te sturen en te delegeren
Must have management skills
De rollen
- Henry Mintzberger, onderzoeker van management en organisaties, is tot
overzicht gekomen van alle functies die een manager dient te nemen (eventueel
met delegatie)
Beslissingsrol Informatieve rol Intermenselijke rol
- ondernemer - monitor - leider
- probleemoplosser - verspreider - verbinder
- toekenner van - woordvoerder - boegbeeld
middelen
- onderhandelaar
- je bent het organisatiecentrum, maar moet communiceren met je werknemers
De vaardigheden
- technische vaardigheden (hard skills)
vermogen om kennis en expertise toe te passen volgens bepaalde
technologieën, methodes of processen
- intermenselijke en communicatiegerichte (soft skills)
menselijke vaardigheden ‘people skills’
leidinggeven, motiveren en communiceren
emotionele intelligentie: het vermogen om jezelf uit te drukken en bij
andere toe te passen > empathie helpt problemen vanuit een ander
perspectief te bekijken om tot constructieve oplossingen te komen
sociaal kapitaal: ontwikkelt door uitbouwen van relaties en netwerking aan
te doen > na conflicten probeer ‘on speaking terms’ te blijven
- conceptueel en beslissingsgericht
vermogen om na te denken over complexe, abstracte situaties
identificeren en oplossen van problemen
- hard skills aangeleerd op school (kunnen meer en meer herschoold en
bijgewerkt worden)
- soft skills aangeleerd op werkvloer, ervaring, cv (je kan hieraan werken met
teamwork)
- conceptuele is soort van 3de dimensie/categorie die meer hybride is van aard
Top 10 vaardigheden
1. analytisch en innovatief denken
, 2. actief leren, hanteren van leerstrategieën
3. oplossen van complexe problemen
4. kritisch denken
5. creativiteit, originaliteit, initiatief
6. leiderschap en sociale invloed
7. gebruik, monitoring en controle van technologie
8. technologieontwerp en programmeren
9. veerkracht, stressbestendigheid en flexibiliteit
10. redeneren en ideevorming
- tegen 2025 wil men 50% van de mensen laten herscholen om vaardigheden te
hebben die passen in een veranderende omgeving
- constructieve tijden door opkomst van AI
- organisatie is de laatste jaren minder gericht op hiërarchie, maar meer op
uitwisseling en interactie tussen werknemers en organisatie
Appendix A. The evolution of management
Doelen?
1. Dieper ingaan op de verschillende theoretische benaderingen
2. Theoretisch kader kunnen gebruiken als referentiekader waarbinnen de
theorieën van vandaag kunnen gekaderd worden
3. Kunnen inschatten of evoluties nog overeenstemmen met bepaalde
theorie of dat deze beter aansluiten bij nieuwe theorie
- einde 19de, begin 20ste eeuw begon oprichting van business schools
Early management concepts and influences
Industriële Revolutie: 1750 - 1860 en 1870 - 1914