100% tevredenheidsgarantie Direct beschikbaar na je betaling Lees online óf als PDF Geen vaste maandelijkse kosten 4.2 TrustPilot
logo-home
Samenvatting

Samenvatting Volop Taal - Nederlands vakdidactiek (AP-217653)

Beoordeling
-
Verkocht
1
Pagina's
48
Geüpload op
06-06-2025
Geschreven in
2024/2025

Woord- en zinsleer + doelen 1 Communicatiemodel 1 Zinsleer: 2 Woordleer: 4 Woordsoorten: 5 Werkwoord: 5 Bijvoeglijk naamwoord: 2 5 Bijwoord: 6 5 Voorzetsel: 4 6 Lidwoord: 1 6 Zelfstandig naamwoord: 3 6 Voegwoord: 7 6 Voornaamwoord: 6 Telwoord: 7 Schooltaalwoorden (deze woorden worden o.a. gebruikt in het leerplan OVSG) 7 Doelen voor Nederlands gelinkt aan het boek en leerstof 13 Taalonderwijs in de 21ste eeuw 14 Taalverwerving in de 21e eeuw 16 Mondelinge taalvaardigheid 19 Leesvaardigheid 22 Schrijfvaardigheid 25 Taalbeschouwing 28 Spelling en voortgezet technisch lezen 30 Examen: 34

Meer zien Lees minder











Oeps! We kunnen je document nu niet laden. Probeer het nog eens of neem contact op met support.

Documentinformatie

Heel boek samengevat?
Ja
Geüpload op
6 juni 2025
Aantal pagina's
48
Geschreven in
2024/2025
Type
Samenvatting

Onderwerpen

Voorbeeld van de inhoud

Woord- en zinsleer + doelen
Communicatiemodel
1. Zender: De persoon of entiteit die de boodschap verstuurt.
 Voorbeeld: Een leraar die een les geeft.
2. Ontvanger: De persoon of entiteit die de boodschap ontvangt.
 Voorbeeld: De leerlingen die naar de les luisteren.
3. Boodschap: De informatie of inhoud die wordt overgebracht van de zender naar
de ontvanger.
 Voorbeeld: De uitleg van een wiskundig concept.
4. Bedoeling: Het doel of de intentie achter de boodschap van de zender.
 Voorbeeld: De leraar wil dat de leerlingen het wiskundige concept
begrijpen.
5. Effect: De reactie of het resultaat van de boodschap bij de ontvanger.
 Voorbeeld: De leerlingen begrijpen het concept en kunnen het toepassen.
6. Kanaal: Het medium of de methode waarmee de boodschap wordt overgebracht.
 Voorbeeld: De leraar gebruikt een whiteboard en mondelinge uitleg.



Zinsleer:
1. PV (persoonsvorm): Het werkwoord dat verandert als je de zin in een andere tijd
zet.
 Voorbeeld: "Hij loopt naar school." (PV = loopt)
2. LV (lijdend voorwerp): Het deel van de zin dat de actie van het werkwoord
ondergaat.
Lijdend voorwerp: Vraag wat of wie + persoonsvorm + onderwerp.

 Voorbeeld: "Hij leest een boek." (LV = een boek)
 Begint niet met een voorzetsel.
 Je kan een LV vervangen door een ander woord, als dat niet kan is het geev
LV.
 Komt niet voor bij een naamwoordelijk gezegde, dan is het een deel ervan.
3. WWG (werkwoordelijk gezegde): Alle werkwoorden in de zin die samen de
actie beschrijven.
 Voorbeeld: "Zij heeft gegeten." (WWG = heeft gegeten)
4. MV (meewerkend voorwerp): Het deel van de zin dat aangeeft voor wie of aan
wie iets gebeurt. Aan wie of aan wat. Aan of voor wie + rest zin
 Voorbeeld: "Hij geeft zijn vriend een cadeau." (MV = zijn vriend)
 Niet altijd aanwezig
 Als ervoor of aan in de zin staat wil het niet zeggen dat het een MV is, het
kan ook een plaatsaanduiding zijn.
5. NWG (naamwoordelijk gezegde): Een gezegde dat bestaat uit een
koppelwerkwoord en een naamwoordelijk deel. Koppelwerkwoord: ZWOBBELS
(zijn, worden, blijven, blijken, lijken, schijnen)
 Voorbeeld: "Zij is dokter." (NWG = is dokter)
6. VZV (voorzetselvoorwerp): Een zinsdeel dat begint met een voorzetsel
(kastwoordjes, op/ in, …) en een vaste verbinding vormt met het werkwoord.
 Voorbeeld: "Hij wacht op de bus." (VZV = op de bus), ik ben verliefd op
jou

,  Op, Over, naar, …
 Geen letterlijke betekenis, het zijn figuren, je verlangt naar iets
7. O (onderwerp): Het deel van de zin dat aangeeft wie of wat de actie uitvoert.
 Voorbeeld: "De kat slaapt." (O = de kat)
8. BWB (bijwoordelijke bepaling): Geeft extra informatie over de handeling, zoals
tijd, plaats, richting, reden, duur, middel, oorzaak etc. (hoe, waar, wanneer of
waarmee)
Als je alles gedaan hebt en je hebt nog iets over gebruik je dit.

 Voorbeeld: "Hij gaat morgen naar school." (BWB = morgen)
 Drie weken geleden, Naar de les, Met de auto
9. Handelend voorwerp: kan er ook niet zijn. Iets of iemand die de handeling
uitvoert
Eerst onderwerp, dan pv, dan wwg of nwg, voorzetselvoorwerp, aan wie of aan wat, bwb

 Start altijd met ‘door’

Bij samengestelde zinnen:

- Nevenschikkende zinnen: 2 zinnen zijn gelijkwaardig en op zichzelf staan (en, waar
en wat)
 Bv. Hij ging naar huis en trok zijn pyjama aan
- Onderschikkende zinnen: 2 zinnen worden aan elkaar verbonden door
voegwoorden zoals dat, als, hoewel, omdat, soms, ….
 Hoofd- en bijzin
 Bv. ik denk dat hij morgen komt
 Bijzin: LV, je kan het opnieuw ontleden maar dat hoeft niet.

,
, Woordleer:
Infinitief: Noem vorm, standaard vorm: Werken bv,

- Hoe herken je de infinitief: eindigt meestal op en maar altijd met een n


Persoonsvorm: PV, staat steeds bij een persoon (ik werk)

- De vorm is aangepast aan de persoon.
- Bestaat zowel in tegenwoordige tijd als verleden tijd.


Imperatief: Bevelvorm

- Er staat geen persoon bij (Werk!)
- Voltdooid deelwoord: VD
- Iets dat afgelopen of voltdooid is (Ik heb gewerkt)
- Je kan het vinden door ik heb of ik ben ervoor te zetten
- Onvoltooid deelwoord
- OD of OVD
- Duidt aan dat iets nog niet afgelopen of voltoddoid is (Hij liep lachend verder)
- Je kan het vinden: Eindigt op –(e) nd

Stam

- Geen afkortingen
- Stam vind je door de -en bij de infinitief weg te laten.
- Je gaat nooit een stam in een zin vinden.
- Ik lach graag => lach is hier de PV




Woordsoorten:
9 soorten:
€6,99
Krijg toegang tot het volledige document:

100% tevredenheidsgarantie
Direct beschikbaar na je betaling
Lees online óf als PDF
Geen vaste maandelijkse kosten

Maak kennis met de verkoper
Seller avatar
katojochems

Maak kennis met de verkoper

Seller avatar
katojochems Artesis Plantijn Hogeschool Antwerpen
Bekijk profiel
Volgen Je moet ingelogd zijn om studenten of vakken te kunnen volgen
Verkocht
1
Lid sinds
6 maanden
Aantal volgers
0
Documenten
6
Laatst verkocht
1 week geleden

0,0

0 beoordelingen

5
0
4
0
3
0
2
0
1
0

Recent door jou bekeken

Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via Bancontact, iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo eenvoudig kan het zijn.”

Alisha Student

Veelgestelde vragen