lOMoARcPSD|34551045
Samenvatting Politieke geschiedenis van België, H1-
16
Politieke geschiedenis van België (Katholieke Universiteit Leuven)
Scannen om te openen op Studocu
Gedownload door Maarten De raedt ()
, lOMoARcPSD|34551045
Studocu wordt niet gesponsord of ondersteund door een hogeschool of universiteit
Gedownload door Maarten De raedt ()
, lOMoARcPSD|34551045
Hoofdstuk I: De Belgische revolutie
§1. Achtergronden, oorzaken en aanleiding
betekenis van Belgische revolutie:
1) stap in ontmanteling Ancien Regime
2) reactie op de politiek van Willem I
3) gebeurtenis met accidenteel karakter
A. Afbraak AR
AR: overwicht van landbouw en platteland, grootgrondbezit van adel en kerk,
beperkte stedelijke samenleving, ambachtelijke nijverheid, standen met hun
privileges, vorstelijk absolutisme, gewestelijk particularisme, corporatisme,
verstrengeling godsdienst en openbaar leven
Vanaf einde 18e E: nieuwe sociale verhoudingen en verstedelijking samenleving door
ontwikkeling mechanische grootindustrie
moderne eenheidsstaat door liberale burgerij voltooid
Belgische revolutie van 1830 was nieuwe stap in afbraak AR maar voltooide ze niet
(cfr. Latere voortdurende spanningen tussen hervorming en traditie)
B. Het beleid van Willem I
Na val Napoleon (1814): noordelijke en zuidelijke Nederlanden (incl. prinsbisdom
Luik) samengevoegd in “Verenigd Koninkrijk der Nederlanden” nieuwe solide
barriere tegen Frankrijk
- In zgn. “Acht Artikelen” gaven grote mogendheden ook instructies voor interne
organisatie van deze staat (noord en zuid moesten op gelijke voet behandeld worden)
- Willem regeerde in geest van “verlicht absolutisme”
streven naar een rationele grondslag voor maatschappelijk bestel en
staatsbestuur
Onderwijs, Kerk en godsdienst onder overheidscontrole krijgen,
bevorderde handel en nijverheid (oprichting Société Générale)
Ook absolutistische trekken: vorstelijke soevereiniteit (Staten-Generaal geen
inspraak), ruimte voor persoonlijke politiek
streefde naar versterkt natiebesef
taalpolitiek in het Zuiden die Nederlands opdrong -> hiertegen kwam dubbele
oppositie uit het Zuiden door katholieken en liberalen
“unie van opposities” (1828) = liberalen + katholieken -> verklaring voor tweeslachtigheid vd
Belgische Revolutie: liberalen wilden moderne staat, Kerk wou herstel van vroegere invloed
C. Het revolutiejaar 1830
1830: sociale onrust als gevolg van slechte economische toestand
Gedownload door Maarten De raedt ()
, lOMoARcPSD|34551045
- overheid gaf subsidies aan fabrieken om werkloosheid tegen te
gaan
- ontevredenheid speelde in kaart van Revolutie
§2. Het verloop
A. De revolutie
Belgische revolutie was geen uitvoering van vooropgezet plan
Verloop:
- Wettig gezag verloor greep en burgerwacht nam macht over (in Brussel)
- Aanvankelijk slechts bestuurlijke scheiding beoogd, maar door onduidelijke houding Willem
I (stuurde troepen naar Brussel) radicaliseerde opstand (men wou afscheiding)
- revolutie bezegeld tijdens septemberdagen: Hollandse troepen slaagden er niet in Brussel in
te nemen -> revolutie veralgemeende zich tot het Zuiden (incl. Limburg en G-H Luxemburg)
- 4 beslissende momenten: instelling Voorlopig Bewind (na terugtrekking vd Hollandse
groepen), verkiezing Nationaal Congres, aanvaarding grondwet, aanduiding vorst:
- Nationaal Congres stelde grondwet op, aanvaard in 1831
- parlementaire monarchie naar Engels model
- zeer liberaal voor haar tijd
Leopold van Saksen-Coburg als nieuwe koning
B. De internationale constellatie
België ontstond uit gunstige conjunctie van nationale en internationale factoren: goedkeuring
grote mogendheden was nodig aangezien VK opgericht was door hen.
mogendheden verdeeld:
- Frankrijk is voor (aangezien buffer tegen hen verdween, Fransgezinde gevoelens van
revolutionairen)
- Ook Engelse steun (na aanvankelijke twijfel sympathie voor “liberale” revolutie).
- Oostenrijk, Pruisen en Rusland (Heilige Alliantie) zijn tegen maar een militaire
interventie wordt verijdeld door de Poolse revolutie en een vrees voor onrust
- Conferentie van Londen (1830):
riep wapenstilstand uit (impliceert erkenning v België als staat)
grenzen worden vastgesteld
verdeling staatsschuld
Eeuwige neutraliteit opgelegd (beletting tot verstoring Europees evenwicht en
invloed Frankrijk)
België weigerde grenzen van 1790 en eiste Zeeuw-Vlaanderen, Maastricht, Limburg-over-de-
Maas en Luxemburg, koos Franse prins als koning (deze weigerde echter uit vrees voor
oorlog)
Engelse oplossing: Leopold van Saksen-Coburg, eiste meteen aanvaarding XVIII Artikelen
(=voorwaarden v deze conferentie) die behoud van deze gebieden niet uitsloot
Gedownload door Maarten De raedt ()
Samenvatting Politieke geschiedenis van België, H1-
16
Politieke geschiedenis van België (Katholieke Universiteit Leuven)
Scannen om te openen op Studocu
Gedownload door Maarten De raedt ()
, lOMoARcPSD|34551045
Studocu wordt niet gesponsord of ondersteund door een hogeschool of universiteit
Gedownload door Maarten De raedt ()
, lOMoARcPSD|34551045
Hoofdstuk I: De Belgische revolutie
§1. Achtergronden, oorzaken en aanleiding
betekenis van Belgische revolutie:
1) stap in ontmanteling Ancien Regime
2) reactie op de politiek van Willem I
3) gebeurtenis met accidenteel karakter
A. Afbraak AR
AR: overwicht van landbouw en platteland, grootgrondbezit van adel en kerk,
beperkte stedelijke samenleving, ambachtelijke nijverheid, standen met hun
privileges, vorstelijk absolutisme, gewestelijk particularisme, corporatisme,
verstrengeling godsdienst en openbaar leven
Vanaf einde 18e E: nieuwe sociale verhoudingen en verstedelijking samenleving door
ontwikkeling mechanische grootindustrie
moderne eenheidsstaat door liberale burgerij voltooid
Belgische revolutie van 1830 was nieuwe stap in afbraak AR maar voltooide ze niet
(cfr. Latere voortdurende spanningen tussen hervorming en traditie)
B. Het beleid van Willem I
Na val Napoleon (1814): noordelijke en zuidelijke Nederlanden (incl. prinsbisdom
Luik) samengevoegd in “Verenigd Koninkrijk der Nederlanden” nieuwe solide
barriere tegen Frankrijk
- In zgn. “Acht Artikelen” gaven grote mogendheden ook instructies voor interne
organisatie van deze staat (noord en zuid moesten op gelijke voet behandeld worden)
- Willem regeerde in geest van “verlicht absolutisme”
streven naar een rationele grondslag voor maatschappelijk bestel en
staatsbestuur
Onderwijs, Kerk en godsdienst onder overheidscontrole krijgen,
bevorderde handel en nijverheid (oprichting Société Générale)
Ook absolutistische trekken: vorstelijke soevereiniteit (Staten-Generaal geen
inspraak), ruimte voor persoonlijke politiek
streefde naar versterkt natiebesef
taalpolitiek in het Zuiden die Nederlands opdrong -> hiertegen kwam dubbele
oppositie uit het Zuiden door katholieken en liberalen
“unie van opposities” (1828) = liberalen + katholieken -> verklaring voor tweeslachtigheid vd
Belgische Revolutie: liberalen wilden moderne staat, Kerk wou herstel van vroegere invloed
C. Het revolutiejaar 1830
1830: sociale onrust als gevolg van slechte economische toestand
Gedownload door Maarten De raedt ()
, lOMoARcPSD|34551045
- overheid gaf subsidies aan fabrieken om werkloosheid tegen te
gaan
- ontevredenheid speelde in kaart van Revolutie
§2. Het verloop
A. De revolutie
Belgische revolutie was geen uitvoering van vooropgezet plan
Verloop:
- Wettig gezag verloor greep en burgerwacht nam macht over (in Brussel)
- Aanvankelijk slechts bestuurlijke scheiding beoogd, maar door onduidelijke houding Willem
I (stuurde troepen naar Brussel) radicaliseerde opstand (men wou afscheiding)
- revolutie bezegeld tijdens septemberdagen: Hollandse troepen slaagden er niet in Brussel in
te nemen -> revolutie veralgemeende zich tot het Zuiden (incl. Limburg en G-H Luxemburg)
- 4 beslissende momenten: instelling Voorlopig Bewind (na terugtrekking vd Hollandse
groepen), verkiezing Nationaal Congres, aanvaarding grondwet, aanduiding vorst:
- Nationaal Congres stelde grondwet op, aanvaard in 1831
- parlementaire monarchie naar Engels model
- zeer liberaal voor haar tijd
Leopold van Saksen-Coburg als nieuwe koning
B. De internationale constellatie
België ontstond uit gunstige conjunctie van nationale en internationale factoren: goedkeuring
grote mogendheden was nodig aangezien VK opgericht was door hen.
mogendheden verdeeld:
- Frankrijk is voor (aangezien buffer tegen hen verdween, Fransgezinde gevoelens van
revolutionairen)
- Ook Engelse steun (na aanvankelijke twijfel sympathie voor “liberale” revolutie).
- Oostenrijk, Pruisen en Rusland (Heilige Alliantie) zijn tegen maar een militaire
interventie wordt verijdeld door de Poolse revolutie en een vrees voor onrust
- Conferentie van Londen (1830):
riep wapenstilstand uit (impliceert erkenning v België als staat)
grenzen worden vastgesteld
verdeling staatsschuld
Eeuwige neutraliteit opgelegd (beletting tot verstoring Europees evenwicht en
invloed Frankrijk)
België weigerde grenzen van 1790 en eiste Zeeuw-Vlaanderen, Maastricht, Limburg-over-de-
Maas en Luxemburg, koos Franse prins als koning (deze weigerde echter uit vrees voor
oorlog)
Engelse oplossing: Leopold van Saksen-Coburg, eiste meteen aanvaarding XVIII Artikelen
(=voorwaarden v deze conferentie) die behoud van deze gebieden niet uitsloot
Gedownload door Maarten De raedt ()