• Verkeerd document? Gratis ruilen
  • Geschreven door studenten die geslaagd zijn
  • Direct beschikbaar na je betaling
  • Online lezen of als PDF
Verkopen
Kies je studieland
Kies je taal
Document preview thumbnail
Voorbeeld 4 van de 47 pagina's
Samenvatting

Samenvatting Hoorcolleges Inleidende Statistiek - premaster KGW

Document preview thumbnail
Voorbeeld 4 van de 47 pagina's

Een samenvatting van alle colleges in collegejaar . Dit tentamen betreft een open boek toets, vandaar dat ik geprobeerd heb alles zo uitgebreid mogelijk vast te leggen. Mijn advies: neem eerdere tentamens + antwoorden mee naar het tentamen.

Voorbeeld van de inhoud

BESCHRIJVENDE STATISTIEK – UNIVARIAAT -
HOORCOLLEGE 1
PSLS HOOFDSTUK 1 EN 2

WAAROM STATISTIEK?

Statistiek is vaak kwantitatief onderzoek, maar kan ook in mixed-methods. Getallen in dataverzameling/ resultaten zijn allemaal
op basis van statistiek.

Statistiek is de wetenschap, de methodiek en de techniek van het verzamelen, bewerken, interpreteren en presenteren van
gegevens.




Statistiek: hoe verzamel je data, hoe bewerk je ze en hoe interpreteer je ze en hoe vertaal je dit naar de oorspronkelijke
onderzoeksvraag. > De empirische cyclus.

DATAVERZAMELING

Dataverzameling:
 n experimentele eenheden = wie ga je waarnemen
o In onze setting vaak patiënten
o n staat voor aantal; hoeveel eenheden neem ik in het experiment
 één of meer variabelen
o Variabelen = eigenschappen die van patiënt tot patiënt kunnen variëren binnen een onderzoek
o Voorbeeld:
 40 volwassenen
 variabelen: darmkanker (ja/nee), lengte (cm), gewicht (kg), beweging (minute per dag), roken (nooit,
vroeger, nu), alcohol (aantal glazen per dag), rood vlees categorieën :(per week: 0 – 100 gram, 100 –
300 gram, 300 – 500 gram, meer dan 500 gram)




1

,VARIABELEN

Variabelen (PSLS indeling)

 Categorisch
o Een variabele is niet een getal, maar een catagorie. Denk aan ja/nee, wel/niet
• Digotomen variabelen: 0 of 1. Ja of nee, aan of uit.
• darmkanker, roken, rood vlees (onderverdeeld in schalen)
 Kwantitatief
o Vloeiende lijnen, geen ja/nee
• lengte, gewicht, beweging, alcohol

TYPE VARIABELEN

Andere indelingen variabelen

 Discreet vs continu
o Discreet: Aantallen of tellingen. Variabelen heeft een beperkt aantal waardes. Er zit geen overlap in.
 Darmkanker, roken (wel of niet), rood vlees, alcohol (wel of niet drinken), beweging
(wel of niet sporten/ de glazen opgedeeld in klasse)
o Continu: Alle waardes tussen twee eenheden.
 Lengte, gewicht, alcohol (aantal glazen), beweging (aantal minuten beweging)
 Nominaal, ordinaal, interval, ratio
o Nominaal: Een categorische of discrete variabele waar geen natuurlijke ordening in zit. De ‘ja’ is
bijvoorbeeld niet meer waard dan de ‘nee’
 darmkanker, roken (?)
 Denk ook aan bloedgroepen
o Ordinaal: Een categorische of discrete variabele waar wel een natuurlijke ordening in zit
 Roken(nooit/ vroeger/ nu), rood vlees (opbouwende schaal
o Ratio: Een logisch nul-punt. Gaat altijd over continue variabelen. De intervallen hebben een betekenis,
en dit gaat over een constante betekenis.
 Alcohol ( 5 of 10 glazen, twee keer zo veel), beweging, lengte, gewicht


2

,BESCHRIJVENDE STATISTIEK

FIGUREN


STAAFDIAGRAMMEN
 Staafdiagrammen zijn op basis van categorische
variabelen

 Staafdiagrammen

o Één variabele
o Y-as is n
o X-as is een waarde (Ja/nee)


 Staafdiagrammen met onderscheid naar tweede variabele.

Dit gebruik je om te kijken of er samenhang is tussen twee
groepen. Je kan hier geen causale uitspraken in doen, wel
kun je inschattingen maken.

o Twee variabele, roken en darmkanker
o Y-as blijft n
o X-as blijft roken, legenda (twee kleuren staven)
geeft tweede variabele aan.
 Staafdiagrammen met onderscheid naar tweede variabele –
relatieve frequenties
o Hierbij wordt gebruik gemaakt van percentages.
o Het geheel aantal n wordt onderverdeeld in
percentages per variabele. Hierdoor kun je groepen
makkelijker vergelijken.
o Y-as wordt dus nu percentage. X-as blijft hetzelfde.


HISTOGRAMMEN
 Kwantitatieve variabelen

 Histogrammen = een staafdiagram aan elkaar vast, dit geeft aan
dat je het over continue variabelen hebt.

o Verdeel de range van mogelijke waarden in klassen

 Neem hierbij het minimum en het maximum.

 Kijk hoeveel klassen je nodig hebt.

o Bepaal in iedere klasse de frequentie (absoluut of relatief)

 Turf bij iedere klasse hoeveel aantallen n er zijn.

Belangrijk; je spreekt bij histogrammen niet over categorieën maar over klassen.



3

, Wanneer je een histogram aanmaakt op SPSS geeft hij standaard altijd een Mean, een standaard deviatie en een n .

o Mean is het gemiddelde, dus in deze; waar is het gemiddelde gewicht
o Standaard deviatie; hoever liggen alle klassen uit elkaar. Ook wel standaard afwijking.




Histogrammen kunnen heel erg van elkaar verschillen, ook wanneer je

dezelfde data hebt, maar bijvoorbeeld andere klassen kiest:

Aan de hand van histogrammen kan je uitspraken doen over een verdeling.

 Een symmetrische verdeling heeft het hoogtepunt in het midden liggen, links en rechts van het hoogtepunt zijn
bijna gelijk.
 Een rechtsscheve verdeling heeft het hoogtepunt op LINKS liggen
 Er zijn veel aantallen bij de kleine waardes, en hij heeft een lange staart in enkele aantallen bij grotere waardes.
 Een linksscheve verdeling heeft het hoogtepunt op RECHTS liggen
 Er is een lange aanloop met kleine waardes, met bijna geen aantallen, en plots gaat hij in de grote waardes pieken.

Waardes die heel erg afwijken van de rest noemt men uitbijters, deze veranderen vaak een gemiddelde, terwijl het meeste
aantal n vaak lager of hoger ligt.

Uitbijters zijn niet goed of fout, maar geeft wel reden tot extra controleren van je data.

Daarom wordt er in berekeningen gebruik gemaakt van een gemiddelde en een mediaan. Gemiddelde discrimineert niet in
waardes, een mediaan wel.




HISTOGRAMMEN MET TWEE
VARIABLENEN
Histogrammen kunnen ook twee variabelen bevatten. Dit kan op verschillende manieren weergegeven worden. Altijd belangrijk
om goed de assen te controleren om te zien wat er tegenover elkaar uitgezet wordt.

Bovengenoemd is een absolute frequentie, maar het kan ook bij een relatieve
frequentie. Dan ziet een tabel er als volgt uit:




4

Inhoudsopgave

  1. 01 waarom statistiek? 1
  2. 02 dataverzameling 1
    1. variabelen 2
    2. type variabelen 2
  3. 03 beschrijvende statistiek 3
    1. figuren 3
    2. statistische maten 5
  4. 04 Correlatie en simpele lineaire regressie 9
  5. 05 spreidingsdiagram 9
    1. Een voorbeeld: de amygdala en geheugen (hersenactiviteiten onderzoek) 9
    2. vervolg: Een voorbeeld: de amygdala en geheugen (hersenactiviteiten onderzoek) 9
    3. Verschillende verbanden 10
  6. 06 Z-score: het berekenen van een correlatiecoëfficiënt 10
    1. Interpretatie Z-score 10
    2. Berekenen van de correlatiecoëfficiënt 11
  7. 07 sterke en zwakke correlaties 11
  8. 08 Lineaire relaties 11
    1. Voorbeeld: berekenen van 12
    2. Voorbeeld: berekenen van 12
  9. 09 SPSS lineaire regressie 12
    1. SPSS R squared/ R kwadraat bij uitbijters van een lineaire lijn 13
  10. 10 Two-way tables 14
    1. Wat is een kruistabel 15
  11. 11 Joint distributions of simultate verdelingen 15
  12. 12 Marginale verdelingen 15
    1. computing marginal percents 16
  13. 13 Grafieken 16
  14. 14 Conditionele verdelingen 16
    1. Comparing conditional distributions 17
  15. 15 Graphs 17
  16. 16 Simpson’s paradox 17
  17. 17 Wat is een kans 20
  18. 18 Kansen en definities 20
  19. 19 Discrete uitkomstenruimte 21
  20. 20 Elkaar niet uitsluitende gebeurtenissen 22
  21. 21 Continue uitkomstenruimte 22
    1. Sub 22
  22. 22 µ en  van een discrete kwantitatieve variabele 23
    1. sub 23
  23. 23 Normale verdeling 24
    1. 68-95-99.7 regel voor normale verdelingen 24
  24. 24 sTandaard normale verdeling 25
    1. Voorbeeld standaard normale verdeling 25
  25. 25 Berekenen van kansen 27
  26. 26 Standaard normale verdeling 29
  27. 27 Inverse gebruik standaard normale verdeling 30
  28. 28 Normal probability plot 31
  29. 29 Binomiale verdeling 32
  30. 30 Gemiddelde en standaarddeviatie 37
  31. 31 Normale en binomiale verdeling 37
  32. 32 POPULATIE EN STEEKPROEF 39
  33. 33 POPULATIE 41
    1. STEEKPROEF 41
    2. Steekproef 42
  34. 34 Verdeling steekproefgemiddelde 43
  35. 35 Van puntschatting naar intervalschatting 43
  36. 36 tOETSEN 46
  37. 37 verschil eenzijdig – tweezijdig toetsen 46

Gekoppeld boek
 image
Brigitte Baldi, David S. Moore Practice of Statistics in the Life Sciences
Uitgever: Onbekend ISBN: 9781319187606 Druk: 4

Documentinformatie

Studie
Heel boek samengevat?
Nee
Wat is er van het boek samengevat?
1 t/m 18.
Geüpload op
7 februari 2025
Aantal pagina's
47
Geschreven in
2024/2025
Type
Samenvatting
€7,50

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kan je een ander document kiezen. Je kan het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Seller avatar
rosalievanrijn1
1,0
(1)
Verkocht
2
Volgers
0
Items
1
Laatst verkocht
11 maanden geleden

Reviews van geverifieerde kopers




Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via Bancontact, iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo eenvoudig kan het zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen