Koning Willem I regeert over het Verenigd Koninkrijk der Nederlanden dat als bufferstaat
voor Frankrijk dient.
- Willem stimuleerde de Gentse textielindustrie
- Stichtte Universiteit Gent
- Legde het kanaal aan Gent-Terneuzen
Het noorden van het Verenigd Koninkrijk der Nederlanden:
- Schepen
- protestanten
Het zuiden van het Verenigd Koninkrijk der Nederlanden:
- moderne economie (industrie)
- Katholieken
Willem I: Alles voor het volk maar niet door het volk. Dat hield in dat de koning de ministers
en rechters koos en dat er geen persvrijheid was.
Er was wel godsdienstvrijheid:
Daarom was het noorden in het voordeel
Willem I richtte staatsscholen op en daardoor bedreigde hij de positie van het katholiek
onderwijs.
De bourgeoisie (een klasse) vond het nederlands minderwaardig en ijste voor taalvrijheid.
Er ontstaan verbonden tussen de liberalen en de katholieke leiders tegen de koninklijke
politiek. (Unionisme)
En er ontstaan ontevredenheden bij de volksklassen.
Toenemende technologie -> werkloosheid
Mislukte oogsten -> hongersnood
Het zuiden komt in opstand in 1830
In 1830 ontstaan er rellen (relschoppers tegen de orangisten) en die worden opgelost door
de liberalen en katholieke leiders. Die eisen toegevingen.
Willem de I staat open voor onderhandelingen maar stuurt toch legers. Hij rekt de
onderhandelingen en zo worden de liberalen en katholieken bozer.
Er vindt een veldslag plaats tussen de burgerwacht samen met de unionisten tegen de
orangisten.
Het zuiden heeft veel gebied gewonnen.
Er vindt een nationaal congres plaats en die kiest voor een monarchie. Daar doet iedereen
zijn voorstel over wie de eerste koning der Belgen moet worden.