Orthopedagogiek:
1. Wat zijn pedagogische wetenschappen
- mens-in-ontwikkeling
- kinderen, jongeren én volwassenen
- individu bekijken
- micro, meso en macroniveau
⇒ ‘agogiek’ = handelen
⇒ ‘orthopedagogiek’ = juiste manier van opvoeden, iets is fout en moeten we
rechtzetten, ‘studie van methodisch, integratief, ethisch en betekenisvol handelen in
maatschappelijk kwetsbare opvoedings- en leefsituaties…’, de leefsituatie verbeteren,
kwaliteit van leven en participatie in de maatschappij
⇒ ‘klinische orthopedagogiek’ = vanuit een wetenschappelijk referentiekader
verrichten van autonome handelingen, preventie, diagnostiek, begeleiding en
behandeling,... Om als klinisch orthopedagoog te werken moet je erkend worden.
⇒ ‘disability studies’ = tegenwicht bieden aan problemen
Hoofdstuk 2: Personen met een verstandelijke beperking
Beeldvorming in de media:
→ mensbeeld bepaald definitie en definitie bepaald behandeling !!
= heel belangrijk, hoe denk ik over mezelf en hoe denk ik daardoor over ‘zorg’,...
voorbeelden: ‘cupido ofzo’ = manier waarop is niet oké, hoe wordt daarover geschreven, ze
‘helpen’ hen aan een lief, zonder hulp kunnen ze het niet OF 'rolstoelpatiënte' Inge =
‘patiënte’ is een woord dat gelinkt wordt aan hulp/zorg/pillen/… nodig hebben, terwijl dat niet
perse zo is, mensbeeld gevormd over mensen in rolstoel dus
→ belangrijk hoe we naar mensen kijken met beperking (hen als helden zien kan
betekenen dat je anderen als nietsnut ziet)
Vier mensbeelden:
- ONAANGEPASTEN (voor 1800): mensen met een beperking werden gezien
als anders, werden zelfs gedood ⇒ ‘verwaarlozing’ (= wordt niet gezien als
lid van de SL)
- SUKKELAARS (1800-1900): mensen met beperking betuttelen, ‘ocharme
die sukkelaar’ ⇒ ‘liefdadigheid’/‘instellingen’
- (GENETISCHE) AFWIJKING (1900-1960): ze zijn genetisch afwijkend, horen
niet in onze bloedlijnen, dus we kunnen er beter van af geraken ⇒
‘testpsychologie’ & ‘eugenetica’ + ‘behandeling’, ‘zorg’ & ‘uitroeiing’
- (OPSTAND TEGEN BV RACISME (jaren ‘60): mensen willen anders bekeken
worden, ) → vanaf hier is er meer inclusie voor mensen met beperking
- BURGER (1960-1990+): iemand zelfde zien als jij en ik, heeft ook recht op
evenveel, als een mede-burger ⇒ ‘ondersteuning’ & ‘quality of life’ +
‘rechten’ & ‘participatie’
,Historiek personen met een (verstandelijke) beperking:
→ voor 1800 werden mensen met beperking dus uitgestoten BEHALVE:
- Philippe Pinel = was degene die de mensen die anders waren heeft bevrijd uit hun
opsluiterij + is beginnne observeren hoe het met die mensen ging, is met hen gaan
praten (= vader van psychiatrie), heeft interesse getoond in mensen die anders
waren
- Esquirol heeft daarop verder gewerkt: bestudeerde zijn term ‘idiotie’ en
onderscheidde 3 groepen (‘verwarden’, ‘dementen’ en ‘idioten’)
- Itard = studie van ‘idiotie’, ging een jongen die niet kon praten observeren en die
proberen terug in het sociale leven te krijgen, toont het belang van observatie en
nadenken wat we kunnen doen
- Seguin = leerling van Itard, heeft een schepje toegevoegd. Die vond dat die
sukkeltjes ook moesten weten wat kwaad is, dus moesten een morele training
hebben. Niet enkel op spreken zelf werken, maar ook morele training (cognitieve).
→ vanaf 1850 werden ze gezien als mensen die samen gestoken moesten
worden in ‘instellingen’ (iedereen kon kinderen met beperking daar naartoe brengen, zodat
ze niet meer verwaarloosd werden maar verzorgd):
- Seguin heeft idee van kinderen met beperking zijn interessant heeft hij meegenomen
naar Amerika en is daar Howe tegengekomen en hebben daar dan instituten gestart
die nog steeds grote invloeden hebben op de orthopedagogiek (bv. de eerste
blindenscholen)
- ook vanuit Vlaanderen: bv. Triest en Guislain, zij hebben de mensen in gent bevrijd
en spreken met hen ipv ze wegstoppen, onderzoek doen over hoe we hen kunnen
helpen
→ rond 20e eeuw was er een schakelmoment:
- beginnen boeken schrijven, onderzoeken te doen,... om een politiek punt te maken,
namelijk dat ze gesteriliseerd moest worden (Dugdale)
- of bv. Goddard, schreef een boek over fam. Kallikak, over ‘goed’ en ‘slecht’ bloed
- deze zwarte pagina hong eigenlijk samen met het ontstaan van het nazisme (in
kasteel werden mensen gedood want hadden toch geen goed leven)
- Een lapsus, zwarte pagina in de geschiedenis = eugenetica
- Lambroso – definitie: Je kan deviantie afleiden van gelaatsvormen
- Ook voor mensen met VB: Kallik Family (stamboomonderzoek)
- In 1912: Kallikakstudies
- Een soldaat verwekte een kind bij een zwakbegaafde prostituee
- Old Horror tegenover de Worthy kinderen ‘ de highest types of human beings’
- Idee: bloedlijnen zo zuiver mogelijk houden – verplichte sterilisatie
- Dat gedachtegoed was de ideale voedingsbodem voor later…
- Eugenetica – het zuivere ras
- Vraag: Waar hebben we dat nog gehoord? ⇒ Nazisme, Hitler, Hartheim
castle
- Enig idee hoeveel mensen met handicap gedood?
- Meer dan 200000 personen met een handicap uitgeroeid, nog vele meer verplicht
gesteriliseerd
- Hartheim castle in Oostenrijk
- Hoe je kijkt naar VB bepaalt je bejegening
- Behandeling en zorg bestond uit steriliseren en uitroeien
, - Testdiagnostiek = start segregatie in scholen voor buitengewoon onderwijs
opkomst testdiagnostiek:
- Alfred Binet: vormde de basis van iq-testen, had nooit de bedoeling om kinderen te
behouden van zorg, om er een label op te plakken, is buitengewoon onderwijs
gestart voor diegene met laag IQ
eerste tekenen van een kentering:
- IOWA-studies,...
→ na 1950 was er een tegenstroom:
- Bowlby kwam met de hechtingstheorie (ze hebben vaste zorg nodig)
- Spitz kwam met hospitalisatiesyndroom (emotionele deprivatie en aangeleerde
hulpeloosheid, kinderen sterven uit zichzelf), vond dat er meer begeleiding/.. moest
zijn zodat ze willen leven!
-
→ 1960 was er dan de start van aversie voor instituutszorg:
- Goffman: had het over een totaalinstituut (= als we mensen wegsteken, weg van
maatschappij, dan gaan ze kapot, worden aangetast!)
⇒ aantasting in: ph, pers. veiligheid, privacy, hebben extreme sociale
controle, en een verlies van mogelijkheid om autonoom te handelen! + bv.
ouderen, mensen die voor zichzelf beschermd moeten worden, mensen
die voor de SL beschermt moeten worden, leger,... → wou weg van
instituten, nadenken over alternatieven, terug in SL brengen
- ze zien dus in dat ze het verkeerd aanpakken, en in combinatie met
feminisme/blm/… komen ook mensen met een beperking op straat (vooral mensen
met fysieke beperking), ze eisen dat het anders moet, willen deel worden van de SL!!
- 5 categorieën:
1) De onbekwamen – blind, wezen, ouderen
2) Zij die niet voor zichzelf kunnen zorgen en bedreiging kunnen zijn voor
samenleving – geesteszieken
3) gevaar voor de SL (bv: gedetineerden)
4) specifiek werk-gerelateerd (leger, schepen, internaat,...)
5) Religieuze trainingsinstituten en -ordes (kloosters)
→ Normalisatieprincipe in 1970:
- Bank-Mikkelsen, Nirje & Wolfensberger !! Zeiden dat we moeten streven naar een
normaal leven voor mensen met een beperking! + Wolf zegt zelf dat ze IN de SL
gebracht moeten worden.
- Zo zijn er 8 rechten (recht op normaal dagritme, normaal levensritme, deelnemen
aan normaal leven,...) toen was dit allemaal dus niet mogelijk voor diegene die in
instituten leefden…
- Wolf zegt dus weg van instituten en in het dorp straten krijgen (= ‘de-
institutionalisatie’) + we moeten hen laten werken in de SL, zo worden zij ook
gelukkiger!
- !! SOCIAL ROLE VALORIZATION !! = ipv apart te werken met hen, hen in SL
brengen en nadenken hoe ze hun talenten kunnen ontplooien en rollen opnemen die
‘gewone’ mensen ook kunnen opnemen
, kritieken op normalisatie denken
- geen rekening gehouden met de buren waar die mensen dan gaan wonen in het
dorp
- ze moeten moeite doen om aanvaard te worden, dat is dus geen inclusie
- zegt dus dat we naar een écht burgerschapsparadigma moeten gaan!
vanaf jaren 1990 was er het nieuwe denken:
- mensen met beperking zijn de grootste minderheidsgroep (niet veel te zien aan hun
gezichten, disability is natural, er mist iets aan iedereen!)
- we moeten het zien als een diversiteitskenmerk en naar dat burgerschapsparadigma
gaan!
burgerschapsmodel
= Alle mensen met beperking zijn gewone burgers, die dankzij ondersteuning mee tot de SL
kunnen behoren. Er is geen reden tot afzonderlijke werk- woon- vrije tijd- of
relatieomgeving!! — Er is dus INCLUSIE nodig!!!!
⇒ geboorte van de “disability studies”:
- ‘verschil’, geen afwijking!
- geen persoonskenmerk, maar relatie tot sociale context!
- interactie van individu en SL centraal!
- inclusie is een publieke verantwoordelijkheid!
het nieuwste denken vanaf jaren 2000/2010
- hoe kunnen we mensen met beperking nog meer recht in eigen handen geven, hun
eigen toekomst laten plannen, onderwijs,...
⇒ voorbeeld examenvraag was dus: leg verschil uit tussen inclusie, segregatie,
integratie en uitsluiting!
- uitsluiting: sommige mensen mogen niet deelnemen aan de SL, staan er letterlijk
buiten
- segregatie: een groep (die anders is) wordt gescheiden van de hoofdgroep, doen wel
mee maar in een aparte omgeving, geen interactie tussen beide
- integratie: beide groepen wel in dezelfde omgeving, maar de 'kleine' groep (die
anders) is blijft wel afzonderlijk binnen de grote groep
- inclusie: iedereen in 1 groep, gemengd door elkaar, geen scheidingen, participatie
en interactie tussen beide!!
Personen met een verstandelijke beperking 2:
→ Wij kiezen zelf wie we met een verstandelijke beperking gaan benoemen!! –
Opletten aan wie we dat label geven!!
2. De 3 classificatiesystemen
1. Wat zijn pedagogische wetenschappen
- mens-in-ontwikkeling
- kinderen, jongeren én volwassenen
- individu bekijken
- micro, meso en macroniveau
⇒ ‘agogiek’ = handelen
⇒ ‘orthopedagogiek’ = juiste manier van opvoeden, iets is fout en moeten we
rechtzetten, ‘studie van methodisch, integratief, ethisch en betekenisvol handelen in
maatschappelijk kwetsbare opvoedings- en leefsituaties…’, de leefsituatie verbeteren,
kwaliteit van leven en participatie in de maatschappij
⇒ ‘klinische orthopedagogiek’ = vanuit een wetenschappelijk referentiekader
verrichten van autonome handelingen, preventie, diagnostiek, begeleiding en
behandeling,... Om als klinisch orthopedagoog te werken moet je erkend worden.
⇒ ‘disability studies’ = tegenwicht bieden aan problemen
Hoofdstuk 2: Personen met een verstandelijke beperking
Beeldvorming in de media:
→ mensbeeld bepaald definitie en definitie bepaald behandeling !!
= heel belangrijk, hoe denk ik over mezelf en hoe denk ik daardoor over ‘zorg’,...
voorbeelden: ‘cupido ofzo’ = manier waarop is niet oké, hoe wordt daarover geschreven, ze
‘helpen’ hen aan een lief, zonder hulp kunnen ze het niet OF 'rolstoelpatiënte' Inge =
‘patiënte’ is een woord dat gelinkt wordt aan hulp/zorg/pillen/… nodig hebben, terwijl dat niet
perse zo is, mensbeeld gevormd over mensen in rolstoel dus
→ belangrijk hoe we naar mensen kijken met beperking (hen als helden zien kan
betekenen dat je anderen als nietsnut ziet)
Vier mensbeelden:
- ONAANGEPASTEN (voor 1800): mensen met een beperking werden gezien
als anders, werden zelfs gedood ⇒ ‘verwaarlozing’ (= wordt niet gezien als
lid van de SL)
- SUKKELAARS (1800-1900): mensen met beperking betuttelen, ‘ocharme
die sukkelaar’ ⇒ ‘liefdadigheid’/‘instellingen’
- (GENETISCHE) AFWIJKING (1900-1960): ze zijn genetisch afwijkend, horen
niet in onze bloedlijnen, dus we kunnen er beter van af geraken ⇒
‘testpsychologie’ & ‘eugenetica’ + ‘behandeling’, ‘zorg’ & ‘uitroeiing’
- (OPSTAND TEGEN BV RACISME (jaren ‘60): mensen willen anders bekeken
worden, ) → vanaf hier is er meer inclusie voor mensen met beperking
- BURGER (1960-1990+): iemand zelfde zien als jij en ik, heeft ook recht op
evenveel, als een mede-burger ⇒ ‘ondersteuning’ & ‘quality of life’ +
‘rechten’ & ‘participatie’
,Historiek personen met een (verstandelijke) beperking:
→ voor 1800 werden mensen met beperking dus uitgestoten BEHALVE:
- Philippe Pinel = was degene die de mensen die anders waren heeft bevrijd uit hun
opsluiterij + is beginnne observeren hoe het met die mensen ging, is met hen gaan
praten (= vader van psychiatrie), heeft interesse getoond in mensen die anders
waren
- Esquirol heeft daarop verder gewerkt: bestudeerde zijn term ‘idiotie’ en
onderscheidde 3 groepen (‘verwarden’, ‘dementen’ en ‘idioten’)
- Itard = studie van ‘idiotie’, ging een jongen die niet kon praten observeren en die
proberen terug in het sociale leven te krijgen, toont het belang van observatie en
nadenken wat we kunnen doen
- Seguin = leerling van Itard, heeft een schepje toegevoegd. Die vond dat die
sukkeltjes ook moesten weten wat kwaad is, dus moesten een morele training
hebben. Niet enkel op spreken zelf werken, maar ook morele training (cognitieve).
→ vanaf 1850 werden ze gezien als mensen die samen gestoken moesten
worden in ‘instellingen’ (iedereen kon kinderen met beperking daar naartoe brengen, zodat
ze niet meer verwaarloosd werden maar verzorgd):
- Seguin heeft idee van kinderen met beperking zijn interessant heeft hij meegenomen
naar Amerika en is daar Howe tegengekomen en hebben daar dan instituten gestart
die nog steeds grote invloeden hebben op de orthopedagogiek (bv. de eerste
blindenscholen)
- ook vanuit Vlaanderen: bv. Triest en Guislain, zij hebben de mensen in gent bevrijd
en spreken met hen ipv ze wegstoppen, onderzoek doen over hoe we hen kunnen
helpen
→ rond 20e eeuw was er een schakelmoment:
- beginnen boeken schrijven, onderzoeken te doen,... om een politiek punt te maken,
namelijk dat ze gesteriliseerd moest worden (Dugdale)
- of bv. Goddard, schreef een boek over fam. Kallikak, over ‘goed’ en ‘slecht’ bloed
- deze zwarte pagina hong eigenlijk samen met het ontstaan van het nazisme (in
kasteel werden mensen gedood want hadden toch geen goed leven)
- Een lapsus, zwarte pagina in de geschiedenis = eugenetica
- Lambroso – definitie: Je kan deviantie afleiden van gelaatsvormen
- Ook voor mensen met VB: Kallik Family (stamboomonderzoek)
- In 1912: Kallikakstudies
- Een soldaat verwekte een kind bij een zwakbegaafde prostituee
- Old Horror tegenover de Worthy kinderen ‘ de highest types of human beings’
- Idee: bloedlijnen zo zuiver mogelijk houden – verplichte sterilisatie
- Dat gedachtegoed was de ideale voedingsbodem voor later…
- Eugenetica – het zuivere ras
- Vraag: Waar hebben we dat nog gehoord? ⇒ Nazisme, Hitler, Hartheim
castle
- Enig idee hoeveel mensen met handicap gedood?
- Meer dan 200000 personen met een handicap uitgeroeid, nog vele meer verplicht
gesteriliseerd
- Hartheim castle in Oostenrijk
- Hoe je kijkt naar VB bepaalt je bejegening
- Behandeling en zorg bestond uit steriliseren en uitroeien
, - Testdiagnostiek = start segregatie in scholen voor buitengewoon onderwijs
opkomst testdiagnostiek:
- Alfred Binet: vormde de basis van iq-testen, had nooit de bedoeling om kinderen te
behouden van zorg, om er een label op te plakken, is buitengewoon onderwijs
gestart voor diegene met laag IQ
eerste tekenen van een kentering:
- IOWA-studies,...
→ na 1950 was er een tegenstroom:
- Bowlby kwam met de hechtingstheorie (ze hebben vaste zorg nodig)
- Spitz kwam met hospitalisatiesyndroom (emotionele deprivatie en aangeleerde
hulpeloosheid, kinderen sterven uit zichzelf), vond dat er meer begeleiding/.. moest
zijn zodat ze willen leven!
-
→ 1960 was er dan de start van aversie voor instituutszorg:
- Goffman: had het over een totaalinstituut (= als we mensen wegsteken, weg van
maatschappij, dan gaan ze kapot, worden aangetast!)
⇒ aantasting in: ph, pers. veiligheid, privacy, hebben extreme sociale
controle, en een verlies van mogelijkheid om autonoom te handelen! + bv.
ouderen, mensen die voor zichzelf beschermd moeten worden, mensen
die voor de SL beschermt moeten worden, leger,... → wou weg van
instituten, nadenken over alternatieven, terug in SL brengen
- ze zien dus in dat ze het verkeerd aanpakken, en in combinatie met
feminisme/blm/… komen ook mensen met een beperking op straat (vooral mensen
met fysieke beperking), ze eisen dat het anders moet, willen deel worden van de SL!!
- 5 categorieën:
1) De onbekwamen – blind, wezen, ouderen
2) Zij die niet voor zichzelf kunnen zorgen en bedreiging kunnen zijn voor
samenleving – geesteszieken
3) gevaar voor de SL (bv: gedetineerden)
4) specifiek werk-gerelateerd (leger, schepen, internaat,...)
5) Religieuze trainingsinstituten en -ordes (kloosters)
→ Normalisatieprincipe in 1970:
- Bank-Mikkelsen, Nirje & Wolfensberger !! Zeiden dat we moeten streven naar een
normaal leven voor mensen met een beperking! + Wolf zegt zelf dat ze IN de SL
gebracht moeten worden.
- Zo zijn er 8 rechten (recht op normaal dagritme, normaal levensritme, deelnemen
aan normaal leven,...) toen was dit allemaal dus niet mogelijk voor diegene die in
instituten leefden…
- Wolf zegt dus weg van instituten en in het dorp straten krijgen (= ‘de-
institutionalisatie’) + we moeten hen laten werken in de SL, zo worden zij ook
gelukkiger!
- !! SOCIAL ROLE VALORIZATION !! = ipv apart te werken met hen, hen in SL
brengen en nadenken hoe ze hun talenten kunnen ontplooien en rollen opnemen die
‘gewone’ mensen ook kunnen opnemen
, kritieken op normalisatie denken
- geen rekening gehouden met de buren waar die mensen dan gaan wonen in het
dorp
- ze moeten moeite doen om aanvaard te worden, dat is dus geen inclusie
- zegt dus dat we naar een écht burgerschapsparadigma moeten gaan!
vanaf jaren 1990 was er het nieuwe denken:
- mensen met beperking zijn de grootste minderheidsgroep (niet veel te zien aan hun
gezichten, disability is natural, er mist iets aan iedereen!)
- we moeten het zien als een diversiteitskenmerk en naar dat burgerschapsparadigma
gaan!
burgerschapsmodel
= Alle mensen met beperking zijn gewone burgers, die dankzij ondersteuning mee tot de SL
kunnen behoren. Er is geen reden tot afzonderlijke werk- woon- vrije tijd- of
relatieomgeving!! — Er is dus INCLUSIE nodig!!!!
⇒ geboorte van de “disability studies”:
- ‘verschil’, geen afwijking!
- geen persoonskenmerk, maar relatie tot sociale context!
- interactie van individu en SL centraal!
- inclusie is een publieke verantwoordelijkheid!
het nieuwste denken vanaf jaren 2000/2010
- hoe kunnen we mensen met beperking nog meer recht in eigen handen geven, hun
eigen toekomst laten plannen, onderwijs,...
⇒ voorbeeld examenvraag was dus: leg verschil uit tussen inclusie, segregatie,
integratie en uitsluiting!
- uitsluiting: sommige mensen mogen niet deelnemen aan de SL, staan er letterlijk
buiten
- segregatie: een groep (die anders is) wordt gescheiden van de hoofdgroep, doen wel
mee maar in een aparte omgeving, geen interactie tussen beide
- integratie: beide groepen wel in dezelfde omgeving, maar de 'kleine' groep (die
anders) is blijft wel afzonderlijk binnen de grote groep
- inclusie: iedereen in 1 groep, gemengd door elkaar, geen scheidingen, participatie
en interactie tussen beide!!
Personen met een verstandelijke beperking 2:
→ Wij kiezen zelf wie we met een verstandelijke beperking gaan benoemen!! –
Opletten aan wie we dat label geven!!
2. De 3 classificatiesystemen