DEEL 3: Lenen
HOOFDSTUK 11: KI EN KREDIETEN
1. Bankkrediet
Een bankkrediet is een overeenkomst tussen een bankier en een cliënt waarbij de bankier bereid is aan de cliënt een
bepaald bedrag toe te staan dat later zal worden terugbetaald op bepaalde tijdstippen en mits een overeengekomen
interest wordt betaald.
Uitbetalingskrediet= krediet draait om het lenen van geld.
Waarborgkrediet= banken die hun ‘handtekening’ lenen tegen betaling van een vergoeding.
2. Particuliere kredieten: distributie
Er bestaan als particulier veel soorten kredieten dei respectievelijk behoren tot de categorie van de consumenten of
tot de hypothecaire kredieten. (vb. aankoop van een huis of auto, onder nul gaan op de rekening of een ticket
betalen met de kredietkaart)
Kredietgever= degene die een kredietovereenkomst (voor een particulier krediet) afsluit met de consument.
Kredietbemiddelaar (of (gevolmachtigd) kredietagent)= kan eveneens degen zijn die een tussenkomt bij een
kredietovereenkomst.
3. Wetgeving
Boek 7= ‘betalings- en kredietdiensten’, werd ingevoerd in WER. Centraal staat de bescherming van de
consument.
WER= Wetboek van Economisch Recht.
Kennisvereiste= kredietbemiddelaars moeten aantonen dat ze hun verplichtingen goed kennen door voor
een examen te slagen.
Erkend= krediet gevers en kredietbemiddelaars moeten erkend zijn door de FSMA.
4. Solvabiliteitsonderzoek
De KI is verplicht om de CKP te raadplegen.
- Om na te gaan welke kredieten de potentiële kredietnemer reeds opnam
- Om de betalingsachterstand te checken
Aangepast krediet= wanneer het verantwoord is om geld te lenen moet dit worden toegekend. Zowel que
soort als qua bedrag
De totaliteit van de aflossing is niet groter dan 1/3 e van het maandelijks inkomen
1
, DEEL 3: Lenen
5. Kredietcontract
Het wordt opgesteld in tweevoud en bevat alle voorwaarden voor de lening, het bevat min. De volgende wettelijke
verplichtingen:
Kredietvorm
Identiteit van kredietgever/kredietbemiddelaar
/kredietnemer/eventuele borg
Leningsbedrag
Looptijd
Jaarlijks kostenpercentage (JKP)
Aflossingstabel
Waarborgen
Boetes en verwijlinteresten
Vervroegde terugbetaling
Herroeppingsrecht of mogelijkheid tot opzeggen
6. Het consumentenkrediet
6.1. Omschrijving
Consumentenkrediet= wanneer een kredietgever aan een natuurlijk persoon voor een beperkte periode een niet al
te grote som voorschiet, waarmee hij/zij allerlei persoonlijke aankopen en uitgaven financiert.
Voor werp van verbruikskrediet kan zijn:
een roerend goed
Een dienst
Een privé-uitgave
Onroerend goed zonder hypotheek
Extra informatie: consumentenkrediet versus hypothecair krediet
Een consumentenkrediet is niet hetzelfde als een hypothecair krediet dat gebruikt wordt voor
de aankoop en/of het renoveren van 900 onroerend goed. De FSMA controleert de
hypothecaire kredieten aan particulieren, de controle op de toekenning van consumenten-
kredieten valt onder de FOD Economie.
6.2 WER
Een aantal wettelijke bepalingen (i.v.m. bescherming consument)
SECCI of duidelijke informatiefiche
Verplichte vermelding in de reclame: “Let op, geld lenen kost ook
geld”
Verboden reclame: “gratis krediet”
Maximale looptijd
Maximale jaarlijkse kostenpercentages
…
6.3 Soorten
2
HOOFDSTUK 11: KI EN KREDIETEN
1. Bankkrediet
Een bankkrediet is een overeenkomst tussen een bankier en een cliënt waarbij de bankier bereid is aan de cliënt een
bepaald bedrag toe te staan dat later zal worden terugbetaald op bepaalde tijdstippen en mits een overeengekomen
interest wordt betaald.
Uitbetalingskrediet= krediet draait om het lenen van geld.
Waarborgkrediet= banken die hun ‘handtekening’ lenen tegen betaling van een vergoeding.
2. Particuliere kredieten: distributie
Er bestaan als particulier veel soorten kredieten dei respectievelijk behoren tot de categorie van de consumenten of
tot de hypothecaire kredieten. (vb. aankoop van een huis of auto, onder nul gaan op de rekening of een ticket
betalen met de kredietkaart)
Kredietgever= degene die een kredietovereenkomst (voor een particulier krediet) afsluit met de consument.
Kredietbemiddelaar (of (gevolmachtigd) kredietagent)= kan eveneens degen zijn die een tussenkomt bij een
kredietovereenkomst.
3. Wetgeving
Boek 7= ‘betalings- en kredietdiensten’, werd ingevoerd in WER. Centraal staat de bescherming van de
consument.
WER= Wetboek van Economisch Recht.
Kennisvereiste= kredietbemiddelaars moeten aantonen dat ze hun verplichtingen goed kennen door voor
een examen te slagen.
Erkend= krediet gevers en kredietbemiddelaars moeten erkend zijn door de FSMA.
4. Solvabiliteitsonderzoek
De KI is verplicht om de CKP te raadplegen.
- Om na te gaan welke kredieten de potentiële kredietnemer reeds opnam
- Om de betalingsachterstand te checken
Aangepast krediet= wanneer het verantwoord is om geld te lenen moet dit worden toegekend. Zowel que
soort als qua bedrag
De totaliteit van de aflossing is niet groter dan 1/3 e van het maandelijks inkomen
1
, DEEL 3: Lenen
5. Kredietcontract
Het wordt opgesteld in tweevoud en bevat alle voorwaarden voor de lening, het bevat min. De volgende wettelijke
verplichtingen:
Kredietvorm
Identiteit van kredietgever/kredietbemiddelaar
/kredietnemer/eventuele borg
Leningsbedrag
Looptijd
Jaarlijks kostenpercentage (JKP)
Aflossingstabel
Waarborgen
Boetes en verwijlinteresten
Vervroegde terugbetaling
Herroeppingsrecht of mogelijkheid tot opzeggen
6. Het consumentenkrediet
6.1. Omschrijving
Consumentenkrediet= wanneer een kredietgever aan een natuurlijk persoon voor een beperkte periode een niet al
te grote som voorschiet, waarmee hij/zij allerlei persoonlijke aankopen en uitgaven financiert.
Voor werp van verbruikskrediet kan zijn:
een roerend goed
Een dienst
Een privé-uitgave
Onroerend goed zonder hypotheek
Extra informatie: consumentenkrediet versus hypothecair krediet
Een consumentenkrediet is niet hetzelfde als een hypothecair krediet dat gebruikt wordt voor
de aankoop en/of het renoveren van 900 onroerend goed. De FSMA controleert de
hypothecaire kredieten aan particulieren, de controle op de toekenning van consumenten-
kredieten valt onder de FOD Economie.
6.2 WER
Een aantal wettelijke bepalingen (i.v.m. bescherming consument)
SECCI of duidelijke informatiefiche
Verplichte vermelding in de reclame: “Let op, geld lenen kost ook
geld”
Verboden reclame: “gratis krediet”
Maximale looptijd
Maximale jaarlijkse kostenpercentages
…
6.3 Soorten
2