Geschreven door studenten die geslaagd zijn Direct beschikbaar na je betaling Online lezen of als PDF Verkeerd document? Gratis ruilen 4,6 TrustPilot
logo-home
Document preview thumbnail
Voorbeeld 4 van de 56 pagina's
Samenvatting

Samenvatting fysiologie - cel II

Document preview thumbnail
Voorbeeld 4 van de 56 pagina's

volledige samenvatting van cel 2 partim fysiologie. gebaseerd op de lessen van prof Labro. Geslaagd in eerste zit (14.67/20) door enkel deze samenvatting grondig te leren.

Voorbeeld van de inhoud

Cel II - structuur en functies
Fysiologie van cellen en moleculen (H2 en 3)


Functionele organisatie van de cel

De cel:
● Omhuld door plasma of celmembraan
● Fosfolipide dubbellaag (met buitenste en binnenste leaflet)
● Intracellulaire milieu wordt gescheiden van het extracellulaire

Fosfolipiden:
● Hydrofiele kop en hydrofobe staart
● Amfipatisch (hydrofiel en hydrofoob)
● Gekoppeld een glycerol molecule -> triglyceride
● Sfingolipiden hebben een sfingoïde ipv een glycerol bij fosfolipiden

Verzadigde vetzuurstaart
● Zonder dubbele binding
● Lange ketens en sterke interactie
● Vast
● Hoge Tm

Onverzadigde vetzuurstaart
● Met dubbele binding
● Korte ketens en zwakke interactie
● Vloeibaar
● Lage Tm
-> nadeel: membraan zwakker is en meer gaten/scheuren kan vertonen => meer permeabel

Cholesterol:
Lage hoeveelheid:
● Stijver membraan thv polair hoofd -> membraan minder permeabel
● Kern van membraan blijft vloeibaar door de interacties van cholesterol en lipiden
staarten

Hoge hoeveelheid:
● Vloeibaarheid neet toe
● Beperking werking membraan proteïnen



1

,Flip-flop (van fosfolipiden):
● Scramblase: flippasen die energieonafhankelijk en bidirectioneel (omkeerbare
equilibratie van fosfolipiden tss de twee zijden van het membraan) zijn
● unidirectioneel -> energetisch ongunstig
(verbruik atp om fosfolipide in voorkeursrichting
te pompen)

Flip-flop (van cholesterol):
● Makkelijk over membraan -> grotendeels =
cholesterol conc. buitenste/binnenste lipide
laag (leaflet)

Asymmetrie in fosfolipiden:
● Ontstaan tijdens biosynthese (ER/golgie: flipase-flopase)
● Beïnvloed buiging en vloeibaarheid membraan
● Intracellulaire zijde is negatief geladen tov extracellulaire zijde
● Pip2 -> betrokken bij 2nd messenger (interacell. zijde)

Lipid-rafts:
● Lokale conc. van specifieke lipiden, sfingomyeline, cholesterol en proteïnen
● Dikker dan rest membraan (door aanrijking verzadigde pl)
● Rol in signaaltransductie

Signaal transductie
Directe cel-cel communicatie:
● Gap junction (intercellulaire kanalen): meerdere connexons (soort
eiwitten) samen
● Gap junction vormt voor een regio met lage weerstand tss geladen
ionen
● Cadherin (adhesimolecuul)
● Chemisch contact: moleculen tot ~ 1200 Da zijn permeabel
● Elektrisch contact: intercellulaire porie met lage weerstand
● Openen:sluiten connexonen door: Ph, Ca2+, cAMP

1 gap junctie kanaal = 2 connexonen (hexameer) = 2 * 6 connexines
Juxtacrien: directe cel-cel communicatie

Cel-cel communicatie via chemische signalen:




2

, ● Via endocriene, paracriene of autocriene communicatie

Endocriene signalisatie:
● Aanmaak in endocriene klier -> via bloedbaan naar doelorgaan/cellen
Paracriene signalisatie:
● Brengt verandering in naburige cel aan
● Vrijzetten van neurotransmitters is hier een voorbeeld van

Autocriene signalisatie:
● Worden door een cel geproduceerd en binden zich ook terug aan deze cel

Algemeen: signalisatie via membraan-geassocieerde receptoren (bi-mol. interactie)
1. Herkenning van het signaal door de receptor

Receptor (R) + ligand (L of X) = RX (complex)
Effect ~ [X]/[X] + Kd
Kd (molair) = dissociatieconstante => representatief
voor de affiniteit

Kd = IC50 = ligand concentratie waarbij 50% van de receptoren een complex vormen
Hill nummer:
● Graad van coöperativiteit tussen bindingsplaatsen
● 4 bindingsplaatsen
● Hill nr > 1 -> meerdere bindingsplaatsen
● Pas effect als er 2 of 3 liganden gebonden zijn
● Na eerste binding; affiniteit groter voor tweede bindingsligand (Kd1>Kd2)




3

, Hill functie wordt gebruikt om dosis-effect (-> verband tussen concentratie ligand en
effect namelijk RX complexvorming) curve te fitten


4 type van receptoren: 2 klassen iontrope en matebotrope
Ionotrope:
● Ligand activerende kanalen ( = ionotrope receptoren)
● Ligand kan meerdere receptoren binden -> specifieke cel respons mogelijk
● Verandering in de flx van ionen overheen celmembraan
● Verandering in membraanpotentiaal of Ca 2+ conc.

Multi-point effect: 1 molecule initieert verschillende effecten.




Metabotrope:
1. G-proteine gekoppelde receptoren (GPCR)
2. Katalytische receptoren
3. Intracellulaire receptoren

1. G-proteine gekoppelde receptoren:
● Via 2nd messengers activiteit ionenkanalen, enzymen, transcriptiefactoren, …
wijzigen
● Meestal monomeer



4

Documentinformatie

Geüpload op
2 januari 2025
Aantal pagina's
56
Geschreven in
2024/2025
Type
Samenvatting
€7,99

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kan je een ander document kiezen. Je kan het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Verkocht
2
Volgers
0
Items
2
Laatst verkocht
9 maanden geleden



Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via Bancontact, iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo eenvoudig kan het zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen