Geschreven door studenten die geslaagd zijn Direct beschikbaar na je betaling Online lezen of als PDF Verkeerd document? Gratis ruilen 4,6 TrustPilot
logo-home
Samenvatting

Samenvatting HOC thema 6

Beoordeling
-
Verkocht
-
Pagina's
33
Geüpload op
23-02-2020
Geschreven in
2019/2020

Uitwerkingen van de lesstof voor de HOC toets van thema 6

Instelling
Vak

Voorbeeld van de inhoud

Week 1
DTO 2 – observatie en analyse functionele mijlpalen
Afasie: stoornis in gebruiken en begrijpen van gesproken en geschreven taal
Afasie broca (voorste linkerhelft) = begrijpt het wel maar kan juiste woorden niet vinden
Afasie wernicke = begrijpt het niet, vreemde taal, inhoud klopt niet
Dysartie = spraakstoornis doordat spieren voor ademhaling en stem zijn aangetast

Het gedeelte dat geen zuurstof krijgt, sterft af. Bij een hersenbloeding of TIA krijgen
bepaalde delen geen bloed waardoor je uitvalsverschijnselen krijgt.
- TIA, binnen 24 uur moeten de klachten weg zijn (mond, spraak, arm). Gaat dit
niet binnen 24 uur weg, dan is er sprake van een CVA
- Herseninfarct 80%  geblokkeerde slagader
- Hersenbloeding 20%  gescheurde slagader

Er krijgen 125 mensen per dag een CVA (46000 per jaar). De meeste mensen hebben
daarna fysiotherapie nodig. Het komt voor bij alle leeftijden, hoe ouder je wordt hoe
groter de kans.
Alle patiënten moeten zo snel mogelijk naar het ziekenhuis, ook bij een TIA. De kans op
een hersenbloeding is daarna namelijk groter dus je krijgt gelijk bloedverdunners.
Tegenwoordig gaat het in het ziekenhuis heel snel, zo snel mogelijk moet gestart worden
met behandeling. Geef aan patiënten ook aan dat als het een volgende keer weer niet
goed gaat, ze direct moeten bellen.
Het is heel verschillende hoe mensen uit een CVA komen.

Een TIA is doodsoorzaak nummer 1 bij vrouwen en nummer 3 bij mannen. Zorg voor
CVA-patiënten is 2,5% van totale kosten van gezondheidszorg.

CVA in hersenstam is levensbedreigend
CVA in hemisfeer is “minder erg” (evenwichtsstoornissen)

Artherosclerose is slagaderverkalking  slagader gaat dicht.
Behandeling trombolyse binnen 4,5!!

Angiografie = foto van de bloedvaten

Bij hersenbloeding kun je niet hemadialyseren (prop verwijderen) want deze is
gescheurd. Hier wordt clipping toegepast (klip op bloedvat zetten).

Risicofactoren:
- Ouderdom
- Hoge bloeddruk
- DM (suikerziekte)
- Te hoog cholesterolgehalte
- Hart- en vaatziekte
- Roken
- Stress
- Obesitas
- Te weinig bewegen

Hemiplegie (paralyse) = volledige verlamd  te weinig tonus
Hemiparese = verlamming waarbij je nog een beetje kunt bewegen
Schiet vaak door naar spasme  hypertonie
 Binnen de eerste week is de meeste verbetering. Na 6 maanden is er weinig
verbetering meer.


Sensorisch:

,Hemi-hypesthesie = fijne tast
Hemi-anesthesie = ongevoelig
Hemi-analgesie/hypalgesie = pijnzin

Begrippen:
Apraxie = doelbewust handelen (bijv. koffie op een schoteltje schenken, 2 broeken over
elkaar, etc.)  niks gaat meer automatisch
Agnosie = waarneming, niet meer herkennen van beelden/geluiden/geuren (bijv. de
wekker gaat maar herken je niet)
Hemianopsie = uitval gezichtshelft
Hemineglect = verwaarlozing lichaamshelft (bijv. je stoot tegen dingen aan)
Perseveren = herhalen in woorden en handelingen
Geheugenstoornissen = korte/lange termijn
Emotionele stoornissen = frontaal letsel mensen worden vlak, kunnen huilen en daarna
heel blij zijn
Gedragsverandering = niemand ziet het aan je maar je omgeving merkt het wel
Depressie

Links CVA
- Rechts uitval
- Problemen met spraak
- Langzaam voorzichtig gedrag

Rechts CVA
- Links uitval
- Snel, impulsief gedrag


OAC 3 – FMH Neurorevalidatie fase van immobilisatie: richtlijn beroerte
Inzichten in herstel en behandeling CVA-patiënten veranderd:
- Symmetrie: Als je mensen in het begin te veel vastzet op symmetrie, zie je weinig
vooruitgang. Het is belangrijk dat ze bewegen.
- Evenwichtsreacties: veel oefeningen
- Spiertonus: als iemand spastisch is, is die spastisch. Dan ga je iemand leren
omgaan met spasme. Je zorgt dat iemand kan compenseren, dat is fijner dan dat
je iemand “wil veranderen”.
- Niet aangedane zijde: belangrijke functie, deze zijde juist inzetten

Klinimetrie: meetinstrumenten zijn superbelangrijk, ook voor de patiënt (verzekering).
Taakspecificiteit: niet alleen oefenen op de behandelbank, maar in de realiteit
Intensiteit: niet te weinig oefenen, zo veel mogelijk bezig zijn!

Elk ziekenhuis heeft tegenwoordig een stroke unit.
Ketenzorg = met zijn alle samenwerken voor optimale revalidatie van patiënt
(ziekenhuis, revalidatiecentrum, verpleeghuis, huisarts)

Als je kan kiezen tussen verpleeghuis en revalidatiecentrum, kies dan voor
revalidatiecentrum.

,4 fases CVA:
1. Hyper acute fase  0-24 uur
2. Vroege revalidatie fase  24 uur – 3 maanden
3. Late revalidatie fase  3 – 6 maanden
4. Chronische revalidatie fase – vanaf 6 maanden
 Geen patiënt is hetzelfde. Iemand in de vroege revalidatie fase kan hetzelfde kunnen
als iemand in de chronische revalidatie fase

CVA-herstel is nooit lineair!!
In het begin zoveel mogelijk herstel. Als het begin te lang duurt is het niet goed. Meeste
herstel vindt in het begin plaats.
In de eerste 3 maanden is 80% van het herstel.
Na 6 maanden 10-15% nog klinisch relevante verbetering op activiteitenniveau.

Barthel index wordt in ziekenhuis gebruikt om te kijken wat iemand al zelfstandig kan.
Dit is ook nodig voor multidisciplinair overleg.

Domeinen van functiestoornissen:
- Somatosensorisch
- Neuropsychologisch/cognitief
- Psychologisch/sociaal-emotioneel: goed om te weten hoe iemand voor de CVA
was, dit kan spraakverwarring voorkomen met naasten

Rompbalans moet zo snel mogelijk komen, ook als iemand nog niet bij bewustzijn is.
Behalve als de vitale functies het niet doen.

Diagnostisch proces:
- Anamnese: hoe was iemand voor de CVA, zo veel mogelijk over de patiënt te
weten komen. Voorkeurshand, woonsituatie, relevante voorgeschiedenis, etc.
- Observatie in rust: trek geen conclusies!! Je stelt hypotheses.
- Functioneel onderzoek
- Functie-onderzoek

Klinimetrie = methode die wordt gebruikt om klinische symptomen, lichamelijke
verschijnselen en andere afwijkingen te meten of te beschrijven aan de hand van
indexen, beoordelingsschalen of andere grootheden.

Prognostische determinanten:
- Loopvaardigheid: TCT, als deze heel goed is, is de kans groter dat hij/zij
uiteindelijk weer beter kan lopen
- Arm-handvaardigheid
- Basale ADL-vaardigheden
- Cognitie

HAR = hyperacute fase (promobilisatiefase)  streven is mobilisatie binnen 24 uur!
Fysiotherapeut heeft adviserende, controlerende en waar mogelijk behandelende
functie.

, Week 2
De kracht en de spier zijn goed, maar de aansturing is niet goed
- Verlamming: Wanneer een patiënt verlamd is, kun je tappen op laten stampen
zodat er meer tonus komt.
- Spastisch: Je kijkt en voelt of iemand spasme heeft. De persoon beweegt dan in
het spastisch patroon en je voelt weerstand.

Bij selectiviteit van bewegen (vaardigheden blz. 3) mag je al aan de patiënt zitten en je
gaat dus gelijk behandelen. Een patiënt is uitgeput als je eerst gaat onderzoeken en
daarna pas behandelen.

Propriocepsis (gnostische sensibiliteit) is dat je een beweging maakt en de aangedane
kant hetzelfde moet laten doen.

Bij transfers geldt gelijk: onderzoekend behandelen en behandelend onderzoeken

Zie film: The crash reel


OAC 1 FMH – problematische handeling: compensatie strategieën, motorisch
leren
De 6 handelingsaspecten (komen terug op de toets!)
1. Intentionaliteit
De intentionaliteit van de gewenste bewegingshandelingen en houdingen (wat de
patiënt 'wil' kunnen).
2. Sequentie
Een sequentie is een opeenvolging van handelingen in de tijd. Het probleem kan
gelegen zijn in de uitvoeringsduur van -de opeenvolgende handelingen. Ook een
specifieke opeenvolging van handelingen binnen een sequentie alsmede bepaalde
overgangen van handelingen in een sequentie, kunnen een handelingssequentie
problematisch maken. Het gaat hierbij om de handelingen die voorafgaan en
volgen op de problematische handeling.
3. Betekenisvolle omgeving
De voor de problematische bewegingshandeling en houding, relevante omgeving.
4. Nesting
Alle relevante in de probleemhandeling geneste (beklijven), zowel gewenste (en in
ogen van therapeut haalbare), als gerealiseerde bewegingshandelingen en
houdingen.
5. Wijze van handelen
De gewenste en haalbare houding en de bewegingshandeling in termen van tijd-
ruimtelijke verhoudingen (de wijze van bewegen en/of houding handhaven).
6. Beperkende 'factoren'
Lichaamsfactoren en omgevingsfactoren van beperkende aard met betrekking toe
de problematische handelingen (verminderde spierkracht, verminderde mobiliteit,
verminderde conditie, spasticiteit, rigiditeit respectievelijk steilheid van het
loopvlak, hoogte van het opstapje, enzovoort).

Wat is belangrijk bij een patiënt:
- Wat kan hij?  Activiteitenniveau (observeren)
- Hoe doet hij dat?  Functieniveau (observeren)
- Waarom doet hij het zo?  Functieniveau (onderzoeken)

Bij CVA-patiënten lopen behandelend onderzoeken en onderzoekend behandelen door
elkaar heen.
Het individu, de taak en de omgeving moeten bij elkaar horen
 Het moet bij passen.

Geschreven voor

Instelling
Studie
Vak

Documentinformatie

Geüpload op
23 februari 2020
Aantal pagina's
33
Geschreven in
2019/2020
Type
SAMENVATTING

Onderwerpen

€8,49
Krijg toegang tot het volledige document:

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kan je een ander document kiezen. Je kan het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Maak kennis met de verkoper

Seller avatar
De reputatie van een verkoper is gebaseerd op het aantal documenten dat iemand tegen betaling verkocht heeft en de beoordelingen die voor die items ontvangen zijn. Er zijn drie niveau’s te onderscheiden: brons, zilver en goud. Hoe beter de reputatie, hoe meer de kwaliteit van zijn of haar werk te vertrouwen is.
moon92 Thim Hogeschool voor Fysiotherapie
Volgen Je moet ingelogd zijn om studenten of vakken te kunnen volgen
Verkocht
32
Lid sinds
6 jaar
Aantal volgers
26
Documenten
38
Laatst verkocht
1 jaar geleden

3,7

3 beoordelingen

5
2
4
0
3
0
2
0
1
1

Populaire documenten

Recent door jou bekeken

Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via Bancontact, iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo eenvoudig kan het zijn.”

Alisha Student

Veelgestelde vragen