1. Begin- en einddata van de tijdvakken
Prehistorie: Van 1 tot 3300 v.C. (2,3 mil jaar geleden tot 3300 v.C)
- oude & nieuwe steentijd
Oude Nabije Oosten: Van 3300 v.C. tot 800 v.C.
Klassieke Oudheid: Van 800 v.C. tot 476
Middeleeuwen: Van 476 tot 1492
Vroegmoderne tijd: Van 1492 tot 1789
Moderne tijd: Van 1789 tot 1945
Hedendaagse tijd: Van 1945 tot – (nu)
2. Definitie: ‘het historisch referentiekader’
Het historisch referentiekader bestaat uit 3 delen, namelijk:
• Tijd (Wanneer?)
• Ruimte (Waar?)
• Maatschappelijke domeinen (Waarover?)
3. Definitie: ‘de chronologie’
Het rankschikken van gebeurtenissen op een tijdlijn.
,4. De domeinen
Het economische domein
• Geld
• Overleven
Het politieke domein
• Het lot
• De regering
• Democratie
Het sociale domein
• Racisme
• Discriminatie
• De mens; huidskleur, geslacht, afkomst
Het culturele domein
• School
• Religie
• Wetenschap
• Kunst
, 5. Definitie: ‘decennium’
Een periode van 10 jaar.
6. Definitie: ‘eeuw’
Een periode van 100 jaar.
7. Definitie: ‘milennium’
Een periode van 1000 jaar.
8. Definitie: ‘een historische bron’
Een materiële, mondelinge of geschreven getuigenis/voorwerp dat komt
UIT het verleden.
9. Definitie: ‘een historische werk’
Een resultaat van een onderzoek van (historische) bronnen dat gaat OVER
het verleden.
10. Definitie: ‘een primaire bron’
Deze bron geeft uit eerste hand informatie over een gebeurtenis, persoon
of periode uit het verleden.
De informatie wordt dus rechtsreeks overgeleverd.
11. Definitie: ‘een secundaire bron’
Deze bron komt van iemand die geen getuige was. De bron werd achteraf
gemaakt en gaat over iets wat in het verleden is gebeurd of gemaakt.