Aantekeningen kunstgeschiedenis
Italiaanse Renaissance:
Met de renaissance wordt bedoeld de oude Grieken en Romeinen herontdekken.
De renaissance speelt zich altijd af in Italië, vooral in Florence.
Het speelt zich vooral in Italië af omdat het feodale systeem daar niet meer bestond sinds
1200.
En er was geen landelijk bestuur aanwezig in het land.
Tijdens de renaissance gingen de kunstenaars ook werken voor particulieren in plaats van
alleen voor de kerk.
Tijdens de renaissance wilde de mensen hun leven zinvol invullen met onder andere studie
en meer kennis.
Vooral de studies van de anatomie en natuurkunde waren erg belangrijk.
Tijdens de middeleeuwen vonden de mensen hun werk en de kerk het belangrijkst.
Het ideaalbeeld van de mens werd veel afgebeeld in de kunst.
Renaissance: Wedergeboorte
Ideaal: De natuur wordt beschouwd als een middel om de idealen uit de beelden.
Contrapost: Een houding waarop het gewicht op 1 been is.
Homo universales: Het ideaalbeeld van de mens.
Centraal perspectief: Uitgevonden door Brunelleschi. Het verdwijnpunt ligt in het midden.
Klassieke oudheid: De oude Grieken en Romeinen.
Giotto di Bondone:
Giotto di Bondone is de grondlegger van de renaissance.
Hij wilde technisch en indhoudelijk realistischer schilderen.
Hij begon met bijbelse schilderijen opnieuw te schilderen.
Tommaso Masaccio:
Tommaso Masaccio was de eerste schilder in de renaissance die het centraal perspectief
toepaste in de schilderkunst.
Een van zijn werken is Trinità.
Michelangelo Buonarroti:
Michelangelo maakte het eerste vrije sculptuur sinds de middeleeuwen.
Dit sculptuur heet David.
Leonardo da Vinci:
Leonardo da Vinci werd gezien als de homo universales.
Bij zijn schilderij, de vitrivius-man, was de persoon met precies de goede afmetingen
afgebeeld.
, Bij zijn schilderij, de Mona Lisa, was de achtergrond heel speciaal omdat het van rood naar
blauw overliep. Dit zorgte voor dieptewerking in een schilderij. En het schilderij was ook nog
eens heel realistisch afgebeeld.
Rafaël:
In het schilderij, de school van Athene, zijn alle kenmerken van de renaissance aanwezig. Op
dit schilderij zijn dichters, denkers en wetenschappers afgebeeld.
Filippo Brunelleschi:
Brunelleschi is een belangrijke architect uit de renaissance.
Hij is de uitvinder van het centraal perspectief.
Twee van zijn kunstwerken zijn Palazzo Pitti en Capella Pazzi.
Leon Battista Alberti:
Leon Battista Alberti is ook een belangrijke architect uit de renaissance.
Een van zijn kunstwerken is het Palazzo Rucallai (Blz. 250)
Kenmerken van de schilderkunst in de renaissance:
Kennis en studies zijn belangrijk.
Realistische weergave van het licht en schaduwwerking.
Realistische weergave van de anatomie.
De thema’s worden wereldser.
Er zijn kenmerken van de klassieke oudheid aanwezig.
Zelfontplooiing.
Centraal perspectief.
Levendigheid -> Weg van het schematische.
Individuelere mensen -> Niet allemaal hetzelfde uiterlijk.
Contrapost.
De natuur niet namaken maar idealiseren.
Kenmerken van de architectuur in de renaissance:
Statisch
Herhaling
Bogen -> Kenmerk uit de Klassieke Oudheid
Symmetrie
Geometrische figuren -> zoals vierkant en cirkel.
Lichtinval wordt belangrijk.
Kenmerken uit de Klassieke Oudheid.
Italiaanse Renaissance:
Met de renaissance wordt bedoeld de oude Grieken en Romeinen herontdekken.
De renaissance speelt zich altijd af in Italië, vooral in Florence.
Het speelt zich vooral in Italië af omdat het feodale systeem daar niet meer bestond sinds
1200.
En er was geen landelijk bestuur aanwezig in het land.
Tijdens de renaissance gingen de kunstenaars ook werken voor particulieren in plaats van
alleen voor de kerk.
Tijdens de renaissance wilde de mensen hun leven zinvol invullen met onder andere studie
en meer kennis.
Vooral de studies van de anatomie en natuurkunde waren erg belangrijk.
Tijdens de middeleeuwen vonden de mensen hun werk en de kerk het belangrijkst.
Het ideaalbeeld van de mens werd veel afgebeeld in de kunst.
Renaissance: Wedergeboorte
Ideaal: De natuur wordt beschouwd als een middel om de idealen uit de beelden.
Contrapost: Een houding waarop het gewicht op 1 been is.
Homo universales: Het ideaalbeeld van de mens.
Centraal perspectief: Uitgevonden door Brunelleschi. Het verdwijnpunt ligt in het midden.
Klassieke oudheid: De oude Grieken en Romeinen.
Giotto di Bondone:
Giotto di Bondone is de grondlegger van de renaissance.
Hij wilde technisch en indhoudelijk realistischer schilderen.
Hij begon met bijbelse schilderijen opnieuw te schilderen.
Tommaso Masaccio:
Tommaso Masaccio was de eerste schilder in de renaissance die het centraal perspectief
toepaste in de schilderkunst.
Een van zijn werken is Trinità.
Michelangelo Buonarroti:
Michelangelo maakte het eerste vrije sculptuur sinds de middeleeuwen.
Dit sculptuur heet David.
Leonardo da Vinci:
Leonardo da Vinci werd gezien als de homo universales.
Bij zijn schilderij, de vitrivius-man, was de persoon met precies de goede afmetingen
afgebeeld.
, Bij zijn schilderij, de Mona Lisa, was de achtergrond heel speciaal omdat het van rood naar
blauw overliep. Dit zorgte voor dieptewerking in een schilderij. En het schilderij was ook nog
eens heel realistisch afgebeeld.
Rafaël:
In het schilderij, de school van Athene, zijn alle kenmerken van de renaissance aanwezig. Op
dit schilderij zijn dichters, denkers en wetenschappers afgebeeld.
Filippo Brunelleschi:
Brunelleschi is een belangrijke architect uit de renaissance.
Hij is de uitvinder van het centraal perspectief.
Twee van zijn kunstwerken zijn Palazzo Pitti en Capella Pazzi.
Leon Battista Alberti:
Leon Battista Alberti is ook een belangrijke architect uit de renaissance.
Een van zijn kunstwerken is het Palazzo Rucallai (Blz. 250)
Kenmerken van de schilderkunst in de renaissance:
Kennis en studies zijn belangrijk.
Realistische weergave van het licht en schaduwwerking.
Realistische weergave van de anatomie.
De thema’s worden wereldser.
Er zijn kenmerken van de klassieke oudheid aanwezig.
Zelfontplooiing.
Centraal perspectief.
Levendigheid -> Weg van het schematische.
Individuelere mensen -> Niet allemaal hetzelfde uiterlijk.
Contrapost.
De natuur niet namaken maar idealiseren.
Kenmerken van de architectuur in de renaissance:
Statisch
Herhaling
Bogen -> Kenmerk uit de Klassieke Oudheid
Symmetrie
Geometrische figuren -> zoals vierkant en cirkel.
Lichtinval wordt belangrijk.
Kenmerken uit de Klassieke Oudheid.