Microfilamenten Mictrotubuli Intermediare filamenten
Actine bindt met ATP α-β-tubuline dimeer bindt met GTP IF-subunits
-->Actine-treadmilling Variabele chemische samenstelling
7nm 25nm 10nm
dynamisch Dynamisch Statisch, meest stabiel
1) catastrophe!--> rescue (bij lage T of veel Ca)
-->GTP hydrolysatie b-tubuline, dus enkel ADP b-tub
2) Mg en NaCl: tragere opbouw
-->GTP bindende tubuline-monomeren
DUS afhankelijk van aan/afwezigheid ATP-b-tubuline
Steady state: meer aantal aan het groeien, beperkt aantal
zeer snel en volledig krimpen
Gepolariseerd Gepolariseerd (‘+’ weg van MTOC) Niet-gepolariseerd
Arp2/3 (=nucleatie ABP) y-TuRC (gamma tubulin ring complex)
Motoreiwitten (dubbel filament-bindend globulair hoofd met ATP-ase activiteit, omzetting Ech naar Ekin door gewricht)
Myosine II Voor organellen en vesikels Geen motoreiwitten
- Kleuren met phalloïdine Kinesine (antero-graad) --> geen bijdrage tot celbeweging
- Hydrolyse ATP - Anterograad (- +, aanmaak axon)
MAAR: tropomyosine/troponine-complex! - Draait om zich heen door 2 voetjes, stapjes
- Hydrolyse ATP
- Coiled coil steel
Dysteïnes
Aan de celcortex: - Retrograad (+-, richting kern)
Van kinesine op microtubuli naar myosine II op - Groot complex
microfilament - Hydrolyse ATP
- Mutatie: Lis1 => glad
Rigid gels, network en linieaire bundels Rigid en niet makkelijk breekbaar Breuk gevoelig, maar kan goed vervormen, fibreus
apicaal basaal
celstructuur
Microvili, cell cortex, adherens belt, stress fibers (alhpa- MTOC Lamines (kerneiwit)
actine en fimbrine), lamellipodium, contractile ring, cross - Centrosoom: 2 centriolen Keratines (epitheelcellen)
linking (filamine),... - Centriool: 9 tripletten + brugjes --> afkomst tummorcellen identificeren
Pericentriolair materiaal (‘-‘ kant MT) Type III:gliafilamenten, vimentine, desminse
Polymerisatie microtubuli uit y-TuRC Neurofilamenten (axon)
- Basaal lichaampje van een flagel
vorming