Anamnese
• Waarom komt pa/ent consulteren? (mo/ef)
• Navragen van de specifiek klacht
• Antecedenten/voorgeschiedenis/context: cardiaal en niet cardiaal
• Cardiovasculair risicoprofiel
• Klachten
- Thoracale pijn: aard, plaats, uitstraling, begin, duur, uitlokkende factoren, begeleidende symptomen
- Kortademigheid: dyspneu, orthopneu, paroxysmale nachtelijke dyspneu, longoedeem
- Hoest: prikkelhoest, produc/e (sputa)
- Hartkloppingen: ES, tachycardie, regelma/g/onregelma/g, kikkerfenomeen, syncope, omstandigheden
- Syncope/Ver@go : begin, aura, ver/go, uitlokkende factor, trauma, bewustzijnsverlies, duur, retrograde
anmesie, incon/nen/e
- Oedemen: piLng, vesperaal, persisterend, nocturie
- Claudica@o: loopafstand, pijn in rust, ulcera (vasculair probleem door verminderde perfusie OL)
= etalage benen
• Thoracale pijn (RST = retro sternale pijn)
kan van zeer diverse origine zijn
• Antecedenten: cardiaal en niet cardiaal
• Cardiovasculair risicoprofiel
- Familiale anamnese
- Nico/negebruik
- Hypertensie
- Diabetes mellitus
- Hypercholesterolemie
- Obesitas
- Stress, beroepsanamnese
1
, • NYHA classifica,e (func,onele evalua,e – new york heart associa,on)
- NYHA 1 : Geen beperking, geen hinder in dagelijks leven
- NYHA 2 : Milde beperking inspanningscapaciteit.
Geen hinder in rust, maar moeheid, hartkloppingen of dyspnoea bij inspanning
- NYHA 3 : Sterke beperking inspanningscapaciteit
Klachten bij geringe inspanning vb 1 verdieping trap, zich aankleden, …
- NYHA 4 : Klachten in rust en toename bij de minste inspanning (vooral bedlegerige pa/ënten)
Klinisch onderzoek
Algemeen:
• Inspec/e + palpa/e
• Ausculta/e
• Bloeddrukme/ng
• Gewicht en Lengte
Specifiek cardiovasculair:
• Ademhaling
- Normale ademhaling: frequen/e 12-18/min
- Tachypneu: > 20/min, ~ hypoxie, longoedeem, …
- Bradypneu: <8/min
- Verlengd expirium: COPD, Asthma cardiale)
- Cheyne-Stokes ademhaling: periodieke AD, ~harialen
- Obstruc/eve/Central slaap apneu: OSAS/CSAS
• Harirequen/e, bloeddruk
Me@ng aan de pols:
- Regelma/g ritme: (aantal slagen/15s) x 4
- Onregelma/ge pols: Aantal slagen/60s
Polsdeficiet:
- Aantal slagen bij ausculta/e >>> ≠ me/ng vd frequen/e aan de pols
- Meest frequente oorzaak: Voorkamerfibrilla/e (!), bigeminie
Meten van de bloeddruk (≠ principes) à standaardomstandigheden worden gehanteerd
Korotkov principe Wordt hedendaags minder gebruikt
Auscultair • Palpatoire me/ng van de systolische druk
(opblazen 30 mmHg boven verdwijnen van de pols ~ auscultatoire gap)
Pa/ënt in zinende • Auscultatoire me/ng van PS en PD met klok of membraan (zachte, egale
houding met arm druk en mijden van contact met kledij)
ondersteund en ter • Druk laten zakken met 2-3 mmHg/s of hartslag
hoogte van het • Ps meten bij verschijnen Korotkov tonen
hart • PD meten in faze 5 (= verdwijnen van de tonen), lager dan faze 4 (behalve
bij kinderen, zwangere vrouwen, anemie of bejaarde pa/enten)
• 3x meten over 5 min. Verspreid (zeker bij eerste consult)
• Bij eerste me/ng steeds bilateraal meten (R+L) à bij ≠: hoogste waarde
2
,CAVE : mogelijke • Cuff (deze wel kennen!!)
problemen/fouten - Miscuffing :
- undercuffing => drukoverschaLng
(ter info ***) - overcuffing => drukonderschaLng (verschillen tot 10-30 mmHg)
MAAR deze druk≠ kunnen een normale waarde soms
veranderen tot hypo-/hypertensie
principe: bij het gebruik van een te kleine cuff gaat de knelling van het bloedvat
over een kleinere opp gaan waardoor als men het bloed perst het sneller zal
doorstromen dan wanneer de arterie over een grotere zone dicht gekneld zit, je
zal dus sneller een toon horen met risico op overschaLng (en vice versa)
- Nood aan meerdere cuffs : (Cuffmarker)
- standaardcuff 12x26 cm
- obese cuff 12x40 cm
- kinder cuff 12x18 cm
• Infla/e-defla/esysteem
- Peer met rubber tubing (rubberdestruc/e, klep, connec/e)
=> slechte controle van de cuff-defla/e
=> drukonderschaLng (norm 2 mmHg/s laten dalen)
- Automa/sche inflator met voorgeprogrammeerde piekdruk
=> onderschanen systole
• Sphygmomanometer (elektronische me/ng)
Kwikmanometer:
- huidige standaard, maar... (EC direc/ve)
- /p meniscus bij 0 mmHg als geen druk in manchet
- ver/cale plaatsing met compensatoren
- open air vent, anders drukoverschaLng
- goed func/onerende defla/eklep
Aneroide manometer (springveermanometer):
- minder precies (ijking om het jaar)
- verlies accuraatheid in de /jd => drukonderschaLng
- gemiddeld 3 mmHg verschil (tot 7mmHg) met kwikmanometer
• Observator
- Systema/sche fouten
- Eindcijfer voorkeur (0,1/2,...)
- Vooroordeel
• Omgevingsfactoren
- Beïnvloedende factoren : ademhaling, emo/e, inspanning, maal/jd,
nico/ne, alcohol, koorts, pijn, blaas, “White coat hypertensie”
- Houding : zinend + arm niveau hart (lig<zit<staan <=> orthosta/sme)
- Arm ondersteund -> isometrische belas/ng met PD 10mmHg hoger
- Arm met cuff op hartniveau :
- lager => overschaLng
- hoger => onderschaLng
3
, - Rechts of Links ? => arm met hoogste druk
(Zo PS 20mmH en PD 10 mmHg verschillend => cave subclavia stenose)
- Coarcta/o aortae (P arm > P been)
• Bijzondere omstandigheden
- Obesitas ~ hypertensie, maar cave undercuffing
- Ritmestoornissen
- atriale fibrilla/e => overschaLng PS, onderschaLng PD,
variabiliteit
- brady aritmie => onderschaLng door te snelle defla/e
- Kinderen
- grotere variabiliteit, gekoppeld aan de gestalte
- auscultatoir niet mogelijk bij < 1j
- meten na enkele minuten rust
- Zwangerschap : ac/ef opsporen hypertensie (5-10%), PD me/ng faze 4
- Bejaarde
- systolische hypertensie / pseudohypertensie (starre vaten)
- hypotensie (autonome neuropathie)
• V. Jugularis inspec/e
Doel: inschanen centraal veneuze druk (overvulling)
Principe: de v.jugularis heey geen klep waardoor de druk van de rechter voorkamer rechtstreeks wordt
doorgegeven aan de v.jugularis (deze vormt een rechte buis oo de RV). In rechtopstaande houding is de druk
zodanig laag dat de v.jugularis nauwelijks/niet te zien zal zijn
Jugularis curve
A-golf: atriale contrac/e
C-golf: impact RV-druk net voor sluiten T-klep
X-dal: atriale relaxa/e
V-golf: veneuze vulling atrium
Y-dal: opening T-klep
Tricuspid regurgita/e: lek thv tricuspid klep waardoor systole (v golf)
het bloed teruggestuwd wordt in de v.jugularis waardoor deze kan
opzenen en een welving waargenomen kan worden (≠ pulsa/es vd
caro/s)
4