Samenvatting boekhouden D20 – D40
D20 Personeelskost: begrippen + berekening
Werknemers:
- Arbeider of bediende = afhankelijk van type contract
o Arbeider: met de handen werken
o Bediende: met het hoofd werken
- Onderscheid tussen brutobezoldiging en nettobezoldiging
- Werknemers doen verplicht bijdrage aan het sociaal zekerheidssysteem (=
RSZ-bijdrage werknemer)
- Er gebeurt een automatische afhouding als voorschot op de
personenbelasting (= bedrijfsvoorheffing)
- Mogelijks ontvangt werknemer terugbetaling n.a.v. kosten voor werk (=
andere personeelskosten) bv: woon-werk, gsm, …
Werkgevers:
- Bezoldigingsstaat bevat informatie rond berekening van nettobezoldiging
- Werkgever doet verplicht bijdragen aan het sociaal zekerheidssysteem (=
RS-bijdrage werknemers) en bezorgt dit aan de RSZ.
- Werkgever houdt RSZ-bijdrage werknemer in van de brutobezoldiging en
bezorgt dit aan de RSZ
- Werkgever houdt de bedrijfsvoorheffing in van de belastbare bezoldiging
en bezorgt dit aan de overheidsdienst financiën
- Werkgever bezorgt werknemer de nettobezoldiging voor geleverde
prestatie + eventuele andere personeelskosten
Berekening netto-bezoldiging:
Werknemersbijdrage RSZ = 13,07%
- Bediende: 13,07%
- Arbeider: 13,07% x 1,08
o Arbeider moet altijd een voorschot hebben
Werknemersbijdrage RSZ is een schuld
Bedrijfsvoorheffing schuld aan de overheid
, Netto = schuld aan werknemer
RSZ wordt gebruikt voor:
- Werkloosheid te betalen
- Pensioen te betalen
- Ziekte te betalen
Andere personeelskosten: bv: werkschoenen moet de werkgever betalen.
D21 Personeelscyclus: registratie
Boekhoudkundige verwerking – bezoldigingsstaat (DIV)
Bedrijfskosten voor werkgever:
- RSZ WG (schuld aan RSZ)
- Brutobezoldiging RSZ WN + bedrijfsvoorheffing + nettobezoldiging
(schuld aan RSZ, fiscus en WN)
- Andere personeelskosten (schuld aan WN)
Werkgeversbijdrage / andere personeelskosten zijn een schuld EN
kost!!!
Rekeningenstelsel:
- Kosten
o Brutobezoldiging
o Andere personeelskosten
o Werkgeversbijdrage RSZ
- Schulden:
o Werknemersbijdrage RSZ (schuld aan RSZ)
o Bedrijfsvoorheffing (schuld aan FOD financiën)
o Nettobezoldiging (schuld aan werknemers)
D22 Voorschotten en beslaglegging
1. Voorschotten
- Werkgever kan voorschotten geven aan werknemer
- Vaak toegepast binnen arbeidscontract
- Boekhoudkundig:
o Fase 1: bankafschrift met bevestiging storting voorschot (FK)
o Fase 2: bezoldigingsstaat registreren (DIV)
o Fase 3: salderen voorschot (DIV)
o Fase 4: uitbetaling RSZ, BV, resterende netto bezoldiging (FK)
2. Beslaglegging
Beslaglegging: een manier om geld te vorderen schuld
- Werknemer: veroordeeld tot beslaglegging op deel van de netto-
bezoldiging
- Werkgever: stort beslaglegging rechtstreeks op de rekening van de
schuldeiser van de werknemer
D20 Personeelskost: begrippen + berekening
Werknemers:
- Arbeider of bediende = afhankelijk van type contract
o Arbeider: met de handen werken
o Bediende: met het hoofd werken
- Onderscheid tussen brutobezoldiging en nettobezoldiging
- Werknemers doen verplicht bijdrage aan het sociaal zekerheidssysteem (=
RSZ-bijdrage werknemer)
- Er gebeurt een automatische afhouding als voorschot op de
personenbelasting (= bedrijfsvoorheffing)
- Mogelijks ontvangt werknemer terugbetaling n.a.v. kosten voor werk (=
andere personeelskosten) bv: woon-werk, gsm, …
Werkgevers:
- Bezoldigingsstaat bevat informatie rond berekening van nettobezoldiging
- Werkgever doet verplicht bijdragen aan het sociaal zekerheidssysteem (=
RS-bijdrage werknemers) en bezorgt dit aan de RSZ.
- Werkgever houdt RSZ-bijdrage werknemer in van de brutobezoldiging en
bezorgt dit aan de RSZ
- Werkgever houdt de bedrijfsvoorheffing in van de belastbare bezoldiging
en bezorgt dit aan de overheidsdienst financiën
- Werkgever bezorgt werknemer de nettobezoldiging voor geleverde
prestatie + eventuele andere personeelskosten
Berekening netto-bezoldiging:
Werknemersbijdrage RSZ = 13,07%
- Bediende: 13,07%
- Arbeider: 13,07% x 1,08
o Arbeider moet altijd een voorschot hebben
Werknemersbijdrage RSZ is een schuld
Bedrijfsvoorheffing schuld aan de overheid
, Netto = schuld aan werknemer
RSZ wordt gebruikt voor:
- Werkloosheid te betalen
- Pensioen te betalen
- Ziekte te betalen
Andere personeelskosten: bv: werkschoenen moet de werkgever betalen.
D21 Personeelscyclus: registratie
Boekhoudkundige verwerking – bezoldigingsstaat (DIV)
Bedrijfskosten voor werkgever:
- RSZ WG (schuld aan RSZ)
- Brutobezoldiging RSZ WN + bedrijfsvoorheffing + nettobezoldiging
(schuld aan RSZ, fiscus en WN)
- Andere personeelskosten (schuld aan WN)
Werkgeversbijdrage / andere personeelskosten zijn een schuld EN
kost!!!
Rekeningenstelsel:
- Kosten
o Brutobezoldiging
o Andere personeelskosten
o Werkgeversbijdrage RSZ
- Schulden:
o Werknemersbijdrage RSZ (schuld aan RSZ)
o Bedrijfsvoorheffing (schuld aan FOD financiën)
o Nettobezoldiging (schuld aan werknemers)
D22 Voorschotten en beslaglegging
1. Voorschotten
- Werkgever kan voorschotten geven aan werknemer
- Vaak toegepast binnen arbeidscontract
- Boekhoudkundig:
o Fase 1: bankafschrift met bevestiging storting voorschot (FK)
o Fase 2: bezoldigingsstaat registreren (DIV)
o Fase 3: salderen voorschot (DIV)
o Fase 4: uitbetaling RSZ, BV, resterende netto bezoldiging (FK)
2. Beslaglegging
Beslaglegging: een manier om geld te vorderen schuld
- Werknemer: veroordeeld tot beslaglegging op deel van de netto-
bezoldiging
- Werkgever: stort beslaglegging rechtstreeks op de rekening van de
schuldeiser van de werknemer