Toolbx marktkennis
Inhoud
1 Woonlandschap ............................................................................................................................... 2
1.1 Kopen....................................................................................................................................... 2
1.1.1 Eigenaar- eindgebruiker................................................................................................... 2
1.1.2 Eigenaar- verkoper (projectontwikkelaar) ....................................................................... 5
1.1.3 Vastgoedbemiddelaar...................................................................................................... 6
1.1.4 Vastgoedbeheerder (syndicus/rentmeester)................................................................... 7
1.2 Huren ....................................................................................................................................... 8
1.2.1 Huurder ........................................................................................................................... 8
1.2.2 Eigenaar – verhuurder ................................................................................................... 12
1.3 Rol van de overheid ............................................................................................................... 16
1.3.1 Sociale huisvesting ......................................................................................................... 17
1.4 Vastgoedmanagement........................................................................................................... 22
1.4.1 Vraag & aanbod ............................................................................................................. 23
1.4.2 Economische principes .................................................................................................. 23
1.4.3 Projectontwikkeling ....................................................................................................... 26
2 Innoverende concepten................................................................................................................. 27
1
,1 Woonlandschap
1.1 Kopen
1.1.1 Eigenaar- eindgebruiker
Bouwshift = Betonstop
➔ Tegen 2025 de betonsnelheid terugschroeven van 5 hectare naar 3 hectare per dag.
➔ Tegen 2040 geen inname meer van open ruimtes
➔ Eigenaars die hun bouwgrond zien omgezet worden in natuur of landbouwgebied, zullen vergoed
worden
➔ = ontstaan van schaarste, hoe méér schaarste, hoe duurder iets wordt.
Vraagperspectief
Waarom beslissing om te kopen?
1. Kwantitatief (oppervlakte, ruimte)
2. Kwalitatief (functies, technische eisen, imago..)
3. Locatie (Woon- werk verkeer, natuur, …)
4. Financieel
Woningprijs
Wordt bepaald door 3 basisprincipes:
1. Ability → wat kan ik kopen? Wat kan ik betalen?
2. Willingness → ben ik bereid om deze prijs ervoor te geven?
• Duidelijke relatie tussen woningprijs/ontleningscapaciteit en consulentenvertrouwen → tegenovergestelde tendens
• Vertraging van ongeveer enkele maanden → eerst fluctuaties in woningprijs, nadien volgt consumentenvertrouwen
• Het consumentenvertrouwen is echter wel een stuwende factor voor de golfbeweging → vertrouwen (willingness)
duwt de prijzen omhoog tot het maximumniveau van de ontleningscapaciteit (ability).
→correlatie tussen Willingness en Ability = woningprijs
3. Vraag en aanbod
a. Sellers- markt → veel vraag, weinig aanbod = hogere prijzen
b. Buyers- markt → weinig vraag, veel aanbod = lagere prijzen
➔ Besteedbaar budget + vraag en aanbod bepalen de woningprijs (niet kostprijs)
2
, Hefboomeffect
Bij aankoop van investeringsvastgoed, gebruik maken van een goedkoop krediet met lage rentevoet
en eigen inbreng tot het minimum beperken.
➔ Geleend kapitaal zorgt voor een hoger rendement op je investering
➔ Vermogen groeit sneller aan
➔ Rente moet lager zijn dan de opbrengst van het vastgoed
➔ Nieuwbouw = ideaal om hefboomeffect te maximaliseren
➔ Behoudt lang zijn waarde en levert hogere huuropbrengsten op
Afbetalingsratio
Initiële afbetaling hypotheek in verhouding tot het inkomen
*Initiële = wordt berekend op het moment dat je de lening afsluit
Woonquote
Verhouding tussen afbetaling /huur + woonkosten en inkomen
➔ Max 30% van inkomen = vuistregel
➔ Gemiddeld aan eigenaars in vlaanderen = 25%
➔ Europa = 25%
72% die het Vlaamse woonlandschap vertegenwoordigen → eigenaars- eindgebruikers
3
Inhoud
1 Woonlandschap ............................................................................................................................... 2
1.1 Kopen....................................................................................................................................... 2
1.1.1 Eigenaar- eindgebruiker................................................................................................... 2
1.1.2 Eigenaar- verkoper (projectontwikkelaar) ....................................................................... 5
1.1.3 Vastgoedbemiddelaar...................................................................................................... 6
1.1.4 Vastgoedbeheerder (syndicus/rentmeester)................................................................... 7
1.2 Huren ....................................................................................................................................... 8
1.2.1 Huurder ........................................................................................................................... 8
1.2.2 Eigenaar – verhuurder ................................................................................................... 12
1.3 Rol van de overheid ............................................................................................................... 16
1.3.1 Sociale huisvesting ......................................................................................................... 17
1.4 Vastgoedmanagement........................................................................................................... 22
1.4.1 Vraag & aanbod ............................................................................................................. 23
1.4.2 Economische principes .................................................................................................. 23
1.4.3 Projectontwikkeling ....................................................................................................... 26
2 Innoverende concepten................................................................................................................. 27
1
,1 Woonlandschap
1.1 Kopen
1.1.1 Eigenaar- eindgebruiker
Bouwshift = Betonstop
➔ Tegen 2025 de betonsnelheid terugschroeven van 5 hectare naar 3 hectare per dag.
➔ Tegen 2040 geen inname meer van open ruimtes
➔ Eigenaars die hun bouwgrond zien omgezet worden in natuur of landbouwgebied, zullen vergoed
worden
➔ = ontstaan van schaarste, hoe méér schaarste, hoe duurder iets wordt.
Vraagperspectief
Waarom beslissing om te kopen?
1. Kwantitatief (oppervlakte, ruimte)
2. Kwalitatief (functies, technische eisen, imago..)
3. Locatie (Woon- werk verkeer, natuur, …)
4. Financieel
Woningprijs
Wordt bepaald door 3 basisprincipes:
1. Ability → wat kan ik kopen? Wat kan ik betalen?
2. Willingness → ben ik bereid om deze prijs ervoor te geven?
• Duidelijke relatie tussen woningprijs/ontleningscapaciteit en consulentenvertrouwen → tegenovergestelde tendens
• Vertraging van ongeveer enkele maanden → eerst fluctuaties in woningprijs, nadien volgt consumentenvertrouwen
• Het consumentenvertrouwen is echter wel een stuwende factor voor de golfbeweging → vertrouwen (willingness)
duwt de prijzen omhoog tot het maximumniveau van de ontleningscapaciteit (ability).
→correlatie tussen Willingness en Ability = woningprijs
3. Vraag en aanbod
a. Sellers- markt → veel vraag, weinig aanbod = hogere prijzen
b. Buyers- markt → weinig vraag, veel aanbod = lagere prijzen
➔ Besteedbaar budget + vraag en aanbod bepalen de woningprijs (niet kostprijs)
2
, Hefboomeffect
Bij aankoop van investeringsvastgoed, gebruik maken van een goedkoop krediet met lage rentevoet
en eigen inbreng tot het minimum beperken.
➔ Geleend kapitaal zorgt voor een hoger rendement op je investering
➔ Vermogen groeit sneller aan
➔ Rente moet lager zijn dan de opbrengst van het vastgoed
➔ Nieuwbouw = ideaal om hefboomeffect te maximaliseren
➔ Behoudt lang zijn waarde en levert hogere huuropbrengsten op
Afbetalingsratio
Initiële afbetaling hypotheek in verhouding tot het inkomen
*Initiële = wordt berekend op het moment dat je de lening afsluit
Woonquote
Verhouding tussen afbetaling /huur + woonkosten en inkomen
➔ Max 30% van inkomen = vuistregel
➔ Gemiddeld aan eigenaars in vlaanderen = 25%
➔ Europa = 25%
72% die het Vlaamse woonlandschap vertegenwoordigen → eigenaars- eindgebruikers
3