• Verkeerd document? Gratis ruilen
  • Geschreven door studenten die geslaagd zijn
  • Direct beschikbaar na je betaling
  • Online lezen of als PDF
Verkopen
Kies je studieland
Kies je taal
Document preview thumbnail
Voorbeeld 4 van de 46 pagina's
Samenvatting

Samenvatting PAS Performance Assesment anamnese leerjaar 2 Interne

Document preview thumbnail
Voorbeeld 4 van de 46 pagina's

In de samenvatting PAS Performance Assesment anamnese van leerjaar 2 Interne van Fysiotherapie Saxion Enschede zijn de volgende onderwerpen uitgewerkt: Hartpatiënten: * Diagnosegroepen * Initiële hypothesen * Screening * Basisanamnese * Onderzoeksdoelstellingen * Onderzoeksplan Symptomatisch perifeer arterieel vaatlijden: * Theorie * Initiële hypothesen * Screening * Basisanamnese * Onderzoeksdoelstellingen * Onderzoeksplan Chronisch veneuze insufficiëntie: * Theorie * Initiële hypothesen * Basisanamnese * Onderzoeksdoelstellingen * Onderzoeksplan Longpatiënten: * Theorie * Initiële hypothesen * Basisanamnese * Onderzoeksdoelstellingen * Onderzoeksplan Obesitas: * Theorie * Initiële hypothesen * Basisanamneses * Onderzoeksdoelstellingen * Onderzoeksplan Diabetes mellitus: * Theorie * Initiële hypothesen * Basisanamnese * Onderzoeksdoelstellingen * Onderzoeksplan

Voorbeeld van de inhoud

Performance
assessment
anamnese
Centraal neurologische
aandoeningen & interne
aandoeningen




Romy Leussink

,Inhoudsopgave

Hartpatiënten.................................................................................................................................... 2
Diagnosegroepen........................................................................................................................... 2
Initiële hypothesen......................................................................................................................... 4
Screening....................................................................................................................................... 4
Anamnese...................................................................................................................................... 5
Onderzoeksdoelstellingen............................................................................................................... 6
Onderzoeksplan.............................................................................................................................. 6
Symptomatisch perifeer arterieel vaatlijden...................................................................................... 8
Initiële hypothesen......................................................................................................................... 8
Screening....................................................................................................................................... 8
Anamnese...................................................................................................................................... 9
Onderzoeksdoelstellingen............................................................................................................. 10
Onderzoeksplan............................................................................................................................ 11
Chronische veneuze insufciëntie.................................................................................................... 14
Initiële hypothesen....................................................................................................................... 14
Anamnese.................................................................................................................................... 16
Onderzoeksdoelstellingen............................................................................................................. 17
Onderzoeksplan............................................................................................................................ 17
Longpatiënten................................................................................................................................. 20
Initiële hypothesen....................................................................................................................... 23
Anamnese.................................................................................................................................... 24
Onderzoeksdoelen........................................................................................................................ 25
Onderzoeksplan............................................................................................................................ 26
Obesitas.......................................................................................................................................... 32
Initiële hypothesen....................................................................................................................... 32
Anamnese – volwassenen............................................................................................................. 33
Anamnese – kind met ouder......................................................................................................... 34
Onderzoeksdoelstellingen............................................................................................................. 35
Onderzoeksplan............................................................................................................................ 35
Diabetes mellitus............................................................................................................................. 38
Initiële hypothesen....................................................................................................................... 39
Anamnese.................................................................................................................................... 40
Onderzoeksdoelstellingen............................................................................................................. 41
Onderzoeksplan............................................................................................................................ 41




1

,Hartpatiënten

Diagnosegroepen
De groep patiënten die vallen onder de hartcasuïstieken zijn patiënten met:

Acuut coronair syndroom (ACS): acuut coronair syndroom is een verzamelnaam voor de
hartaandoeningen instabiele agina pectoris (hartkramp) en acuut myocardinfarct.

 Acuut myocard infarct (AMI): als een stolsel de bloedtoevoer in een kransslagader
helemaal afsluit krijgt het hartweefsel geen zuurstof meer en sterft het af. Dit noem je een
acuut myocardinfarct ofwel hartinfarct;
 (Instabiele) Angina pectoris: angina pectoris is de medische term voor pijn op de of
hartkramp. De pijn op de borst wordt veroorzaakt doordat de hartspier te weinig zuurstof
krijgt. Vaak merkt iemand dit eerst alleen op momenten waarop het hart harder moet
werken, bijvoorbeeld tijdens inspanning. Stabiele angina pectoris is voorspelbaar. De
klachten ontstaan wanneer het hart om meer zuurstof vraagt en verdwijnen vrij snel in rust.
Bij instabiele angina pectoris zijn de klachten onvoorspelbaar. De aanvallen van pijn op de
borst treden onverwachts op. De klachten zijn heviger en komen ook in rust voor.

Percutane Coronaire Interventie (PCI): bij een hartkatheterisatie wordt er een katheter door de
huid geprikt en via een bloedvat naar de kransslagaders gebracht. Om de kransslagaders op een
monitor zichtbaar te maken, wordt via de punt van de katheter contrastvloeistof in de bloedstroom
gespoten. Het bloed in de slagaders verschijnt als een schaduwbeeld op de monitor en eventuele
vernauwingen komen haarscherp aan het licht. Bij PCI, ook wel dotteren genoemd, worden via de
katheter minuscule instrumenten naar de plaats van de vernauwing geleid. De vernauwing wordt
geopend met een ballonnetje en in sommige gevallen wordt er een stent geplaatst.

Coronary Artery Bypass Grafting operatie: bij een bypassoperatie maakt de chirurg een
omleiding om de vernauwing in de klasslagader te omzeilen. Door een extra bloedvat aan te leggen
en een aansluiting te maken op het vernauwde bloedvat na de vernauwing, komt er weer genoeg
bloed en zuurstof in de hartspier.

Hartfalen: hartfalen is een ernstige aandoening waarbij de pompfunctie langzaam afneemt. Bij
elke hartslag zijn er 2 fases:

1. Systole: de hartspier trekt krachtig samen. Zo pompt de hartspier het bloed uit de kamers
van het hart;
2. Diastole: de hartspier ontspant zich. De hartkamers vullen zich weer met bloed.

Er bestaan 2 soorten hartfalen: hartfalen met verminderde knijpkracht en hartfalen met
verminderde vulling.

Implantabele Cardioverter Defbrillator (ICD): de afkorting ICD staat voor Implanteerbare
Cardioverter Defbrillator:

 Implanteerbaar: onder de huid aangebracht;
 Cardioverter: het omzetten (converteren) van een afwijkend hartritme naar een normaal
ritme;
 Defbrillator: het afgeven van een shock om het hart te defbrilleren.

Bij een snelle ventrikeltachycardie of ventrikelfbrilleren trekken de kamers niet meer samen. De
bloedsomloop ligt dan stil en het lichaam krijgt geen zuurstof meer. De patiënt wordt duizelig en
verliest het bewustzijn. Er is sprake van een hartstilstand. Een ICD reageert bij een
levensbedreigende ritmestoornis van de hartkamers vrijwel onmiddellijk als hij een abnormaal snel
kamerritme (tachycardie) of een chaotisch ritme van de kamer (fbrilleren) signaleert. Binnen 15
seconden geeft de ICD een shock. Indien nodig wordt dit met tussenpozen van 10 tot 15
seconden herhaald.

Pacemaker: apparaatje dat ervoor zorgt dat het hart in het juiste ritme blijft kloppen. Meestal is
een pacemaker nodig als het hartritme te langzaam is. Een pacemaker heeft een sensor die


2

, voortdurend het hartritme bewaakt. De pacemaker geeft stroomstootjes af om het hart weer in het
juiste ritme te krijgen. De pacemaker houdt rekening met inspanning: de stroomstootjes volgen
elkaar bij inspanning sneller op.




3

Documentinformatie

Studie
Geüpload op
11 november 2018
Aantal pagina's
46
Geschreven in
2018/2019
Type
Samenvatting
€4,99
Gekocht door 37 studenten

Verkeerd document? Gratis ruilen Binnen 14 dagen na aankoop en voor het downloaden kan je een ander document kiezen. Je kan het bedrag gewoon opnieuw besteden.
Geschreven door studenten die geslaagd zijn
Direct beschikbaar na je betaling
Online lezen of als PDF

Seller avatar
De reputatie van een verkoper is gebaseerd op het aantal documenten dat iemand tegen betaling verkocht heeft en de beoordelingen die voor die items ontvangen zijn. Er zijn drie niveau’s te onderscheiden: brons, zilver en goud. Hoe beter de reputatie, hoe meer de kwaliteit van zijn of haar werk te vertrouwen is.
romy_leussink
4,4
(44)
Verkocht
324
Volgers
196
Items
17
Laatst verkocht
1 jaar geleden

Reviews van geverifieerde kopers




Waarom studenten kiezen voor Stuvia

Gemaakt door medestudenten, geverifieerd door reviews

Kwaliteit die je kunt vertrouwen: geschreven door studenten die slaagden en beoordeeld door anderen die dit document gebruikten.

Niet tevreden? Kies een ander document

Geen zorgen! Je kunt voor hetzelfde geld direct een ander document kiezen dat beter past bij wat je zoekt.

Betaal zoals je wilt, start meteen met leren

Geen abonnement, geen verplichtingen. Betaal zoals je gewend bent via Bancontact, iDeal of creditcard en download je PDF-document meteen.

Student with book image

“Gekocht, gedownload en geslaagd. Zo eenvoudig kan het zijn.”

Alisha Student

Bezig met je bronvermelding?

Maak nauwkeurige citaten in APA, MLA en Harvard met onze gratis bronnengenerator.

Bezig met je bronvermelding?

Veelgestelde vragen