1. Radiometrie
1.1 Stralingsstroom P
- Stralingsenergie Q e = Energie die uitgestraald of ontvangen wordt door middel van
elektromagnetische stralen. De eenheid is Joule (J).
- Q e (t) = De hoeveelheid uitgestraalde energie voor tijdstip t.
- ΔQ e=Q e ( t 1) −Qe (t 2) = De hoeveelheid uitgestraalde energie binnen een tijdsinterval
t 1 , t 2.
- Gemiddelde stralingsstroom P = De hoeveelheid stralingsenergie ∆ Qe
P=
die gemiddeld per seconde wordt uitgestraald. De eenheid is ∆t
J
Joule per seconde ( ) of Watt (W).
s
d Qe
P(t )=
- Ogenblikkelijke P = De stralingsstroom op een bepaald tijdstip. dt
1.2 Stralingsverdeling P( λ ) P( λ)=
∆P
∆λ
Hoe is de stralingsstroom verdeeld over de verschillende golflengtes?
Wat is de samenstelling van de straling?
1.1.1 Stralingsstroom (P) berekenen uit de stralingsverdeling P(λ)
Voor een bepaald interval: Het totaal berekenen uit de deelresultaten:
∆ P=P ( λ ) . ∆ λ P=∑ ∆ P
1.1.2 Soorten stralingsverdelingen
Continu spectrum Discreet spectrum
Elke golflengte voert een deel van de De stralingsstroom is verdeeld over een
stralingsstroom mee. aantal geïsoleerde golflengtes.
Bijvoorbeeld: De zon, een gloeilamp Bijvoorbeeld: Lasterlicht, natriumlampen
1
Colour Science Tiffany Volckaert
, 1.1.3 Relatieve en absolute stralingsverdeling
Stralingsspectra van verschillende lichtbronnen vergelijken:
P ( λ )relatief =C . P ( λ )absoluut
C bepalen op 2 manieren:
- De grafieken schalen zodat hun maximumwaarde bij beide gelijk is aan 1.
- De grafieken schalen zodat hun maximumwaarde bij 555nm hetzelfde is.
2. Lichtsoorten of illuminanten
- Illuminant = Het stralingsspectrum van een theoretische lichtbron.
- Normlichtsoorten:
Enkel A, D50, D65 en E kennen
- A = Typische gloeilamp
- D50 = Natuurlijk daglicht (neut.wit)
- D65 = Natuurlijk daglicht + UV-licht
- E = Theoretische lichtbron
3. Kleurtemperatuur
- Zwarte stralers = Theoretische objecten die alle straling die erop komt absorberen en
geen straling reflecteren.
- Kleurtemperatuur = De temperatuur die een zwarte straler moet hebben zodat het
uitgestraalde licht dezelfde kleurindruk geef als de beschouwde lichtbron.
o Hoe hoger de temperatuur, hoe blauwer de kleurindruk.
o Wordt uitgedrukt in Kelvin (K)
- Gecorreleerde kleurtemperatuur = De temperatuur die een zwarte straler moet hebben
om de ‘best passende’ kleurindruk te genereren.
2
Colour Science Tiffany Volckaert