HOOFDSTUK 9: HET SPIJSVERTERINGSSTELSEL
TERMINOLOGIE
Autotroof (planten): aanmaak organische moleculen
Heterotroof (dieren): opname organische moleculen via voeding
• Herbivoren
• Carnivoren
• Omnivoren
VARIATIES IN SPIJSVERTERINGSSTELSELS
Eencellige organismen en sponzen
Intracellulaire vertering (= vertering in de cel)
Endocytose
→ Stoffen worden ingesloten door celmembraan
→ Celmembraan stulpt in naar binnen toe
→ Vorming zelfstandig blaasje/vesikel (= endosoom)
Fagocytose: vorm van endocytose waarbij vaste partikels worden opgenomen uit omgeving
Pinocytose: vorm van endocytose waarbij vloeistoffen worden opgenomen uit omgeving
,Multicellulaire organismen
Extracellulaire vertering (spijsverteringsholte)
Onvolledig spijsverteringsstelsel: mond = anus
• Cnidaria
• Platwormen
Volledig spijsverteringsstelsel: mond ≠ anus
• Nematoden
• Complexere diersoorten
ONVOLLEDIG SPIJSVERTERINGSSTELSEL: CNIDARIA
Gastrovasculaire holte
→ 1 opening
→ Geen specialisatie
→ Vrijgave verteringsenzymen in holte
1. Tentakels brengen voedsel naar mond
2. Komt dan in gastrovasculaire holte
3. Geen specialisatie dus zowel absorptie als vertering in 1 holte
4. Ook kliercellen aanwezig: verteringsenzymen afgegeven in holte
5. Verteerd voedsel komt terug vrij door opening waar voedsel is binnen gegaan
, ONVOLLEDIG SPIJSVERTERINGSSTELSEL: PLATWORMEN
Gastrovasculaire holte
→ 1 opening
→ Vertakte holte
→ Vrijgave verteringsenzymen via farynx
→ Gedeeltelijk verteerd voedsel wordt binnen gezogen
1. Via farynx: verteringsenzymen worden geproduceerd en vrijgegeven aan buitenwereld
2. Eerste vertering vind plaats in buitenwereld
3. Gedeeltelijk verteerd voedsel wordt dan binnengezogen
4. Verdere vertering inwendig in gastrovasculaire holte
5. Afvalstoffen geproduceerd in gastrovasculaire holte en verlaten lichaam via zelfde opening
van opname
VOLLEDIG SPIJSVERTERINGSSTELSEL: NEMATODEN
(Volledig) eenvoudige, buisvormige darm
2 openingen: volledig spijsverteringsstelsel