Macro-economie
HOC
j
-
,Module 1 : wat is economie ? + Tijdsreeksdiagram
Wat is het verschil tussen micro-economie en macro-economie ?
• Micro
= individuele huishouders en bedrijven (klein)
• Macro
= alle individuele huishouders en bedrijven samenbrengen.
= samengestelde gedrag van alle huishouders en bedrijven
= gedrag in het algemeen
ð Aggregatief niveau is de economie is zijn totaliteit
- Werkloosheid
- Rentevoet
- Wisselkoers
- Inkomen
- Prijzen
600
Op lange termijn = TRENDLIJN
(Exponentiële trend)
500 Onder de trend :
Reële bbp (miljard USD, prijzen van 2017)
economie
stijgt(inflatie)
400 Gegeven op grafiek
300
200
Boven de trend :
Werkloosheid stijgt
100
1950 1960 1970 1980 1990 2000 2010 2020
Belgische economie 6x groter is
,Overzicht cursus : 3 delen
1. Meten van de economie in totaliteit
- Meten van productie/inkomen (M2)
- Meterprijzen voorbeeld inflatie (M3)
2. Lange termijn, evolutie bekijken op lange termijn
- Productie/groei, waarom daalt/stijgt (M4)
- Werkloosheid (M5)
- Financieel systeem; sparen/banken/obligatiemarkten (M6,7)
- Geld en prijzen (M8,9)
- Open economie; wisselkoersen (M10/11)
3. Korte termijn, kwartaal 3 maanden
- Economische schommelingen (M12)
- Stabiliteitsbeleid (M13)
-----------------------------------------------------------------------------------------------------
Studiemateriaal
- Handboek micro
- Notities WPO
- Handboek wiskunde (kan helpen)
- GRM
, Module 2: Het inkomen van een land berekenen
Hoe berekenen we inkomen van alle huishouders met elkaar ?
• Economische kringloop:Dichtgesloten
: kringloop,geen in- uitvoer, in- uitstroom
- Deze model is in economie positief
- Normatieve <-> positieve
- Positiefmodel, probeert de realiteit te beschrijven
Markten
Totale voor Bestedingen
opbrengsten goederen en Goederen en aan goederen
Goederen
(TR) diensten diensten en diensten
& diensten
verkocht worden
aangekocht
Gesloten systeem
=REËLE STROMEN
BETAAL STROMEN
Bedrijven Huishouders
(sector 1) (sector 2)
Huishouders
Huren de hebben 3 factoren:
productie- K; kapitaal
factoren Markten L; arbeid Inkomen
T; land
voor
productie-
factoren
winsten, lonen en landrente
• Rente is vergoeding dat je krijgt
Productie Bestedingen Inkomen
• In de economie is de term “kapitaal”
“Is identiek aan” verschillend van de term .
• In de macro spreken we van machine,
gebouw, uitrustingen. Wat je nodig hebt
om te produceren. Geen financieel, maar
fysiek.
Om dat allemaal te meten, BRUTO BINNENLANDSE PRODUCT
HOC
j
-
,Module 1 : wat is economie ? + Tijdsreeksdiagram
Wat is het verschil tussen micro-economie en macro-economie ?
• Micro
= individuele huishouders en bedrijven (klein)
• Macro
= alle individuele huishouders en bedrijven samenbrengen.
= samengestelde gedrag van alle huishouders en bedrijven
= gedrag in het algemeen
ð Aggregatief niveau is de economie is zijn totaliteit
- Werkloosheid
- Rentevoet
- Wisselkoers
- Inkomen
- Prijzen
600
Op lange termijn = TRENDLIJN
(Exponentiële trend)
500 Onder de trend :
Reële bbp (miljard USD, prijzen van 2017)
economie
stijgt(inflatie)
400 Gegeven op grafiek
300
200
Boven de trend :
Werkloosheid stijgt
100
1950 1960 1970 1980 1990 2000 2010 2020
Belgische economie 6x groter is
,Overzicht cursus : 3 delen
1. Meten van de economie in totaliteit
- Meten van productie/inkomen (M2)
- Meterprijzen voorbeeld inflatie (M3)
2. Lange termijn, evolutie bekijken op lange termijn
- Productie/groei, waarom daalt/stijgt (M4)
- Werkloosheid (M5)
- Financieel systeem; sparen/banken/obligatiemarkten (M6,7)
- Geld en prijzen (M8,9)
- Open economie; wisselkoersen (M10/11)
3. Korte termijn, kwartaal 3 maanden
- Economische schommelingen (M12)
- Stabiliteitsbeleid (M13)
-----------------------------------------------------------------------------------------------------
Studiemateriaal
- Handboek micro
- Notities WPO
- Handboek wiskunde (kan helpen)
- GRM
, Module 2: Het inkomen van een land berekenen
Hoe berekenen we inkomen van alle huishouders met elkaar ?
• Economische kringloop:Dichtgesloten
: kringloop,geen in- uitvoer, in- uitstroom
- Deze model is in economie positief
- Normatieve <-> positieve
- Positiefmodel, probeert de realiteit te beschrijven
Markten
Totale voor Bestedingen
opbrengsten goederen en Goederen en aan goederen
Goederen
(TR) diensten diensten en diensten
& diensten
verkocht worden
aangekocht
Gesloten systeem
=REËLE STROMEN
BETAAL STROMEN
Bedrijven Huishouders
(sector 1) (sector 2)
Huishouders
Huren de hebben 3 factoren:
productie- K; kapitaal
factoren Markten L; arbeid Inkomen
T; land
voor
productie-
factoren
winsten, lonen en landrente
• Rente is vergoeding dat je krijgt
Productie Bestedingen Inkomen
• In de economie is de term “kapitaal”
“Is identiek aan” verschillend van de term .
• In de macro spreken we van machine,
gebouw, uitrustingen. Wat je nodig hebt
om te produceren. Geen financieel, maar
fysiek.
Om dat allemaal te meten, BRUTO BINNENLANDSE PRODUCT