SCHEDEL
Ontwikkeling van de schedel
Benige delen
Hoofd en hals bevaten verschillende benige delen: schedel, CWK en larynx (= strotenhoofd). De
schedel bestaat uit twee delen, namelijk de hersenschedel en het aangezichtsschedel.
Ontwikkeling
Als pasgeborene is de hersenschedel al ver ontwikkeld. Het aangezichtsschedel is nog embryonaal:
- Ontbreken van uitwendige gehoorgangen
- Ontbreken van processus mastoidei
- Boven- en onderkaak relatef klein
Pasgeborenen hebben fontanellen (= openingen tussen schedeldelen). Een baby heef vaak een grote
en een kleine fontanel. Ze verdwijnen rond het eerste levensjaar. De grote fontanel sluit als de baby
2 jaar is. De hersenschedel is volgroeit na 7 jaar. Bij het aangezichtsschedel is dit rond de puberteit.
Opbouw van de schedel
Schedelverbindingen
Er zijn twee soorten schedelverbindingen: suturae en art. temperomandibularis.
Schedelbeenderen
De schedel bestaat uit verschillende beenderen:
- Os frontale Voorhoofdsbeen
- Os parietale (2) Wandbeenderen
- Os occipitale Achterhoofdsbeen
- Os temporale (2) Slaapbeenderen
- Os nasale Neusbeenderen
- Os zygomatcus (2) Jukbeenderen
- Maxilla Bovenkaak
- Mandibula Onderkaak
Mandibula
Het bestaat uit een corpus, een angulus en twee ramussen. De
ramus is verdeeld in:
- Processus coronoideus
- Processus condylaris
o Collum mandibulae
o Caput mandibulae
- Incisura mandibulae
Larynx (= het strotenhooodd
De larynx is een hol orgaan van circa 4-5 cm lang. Het bevat de ligg. vocalia, ofwel de stembanden.
Het verloop van craniaal naar caudaal is als volgt:
- Os hyoideum
- Cartlago thyroidea
o Prominenta laryngea
- Cartlago crcoidea
- Cartlago epiglotca
1
Ontwikkeling van de schedel
Benige delen
Hoofd en hals bevaten verschillende benige delen: schedel, CWK en larynx (= strotenhoofd). De
schedel bestaat uit twee delen, namelijk de hersenschedel en het aangezichtsschedel.
Ontwikkeling
Als pasgeborene is de hersenschedel al ver ontwikkeld. Het aangezichtsschedel is nog embryonaal:
- Ontbreken van uitwendige gehoorgangen
- Ontbreken van processus mastoidei
- Boven- en onderkaak relatef klein
Pasgeborenen hebben fontanellen (= openingen tussen schedeldelen). Een baby heef vaak een grote
en een kleine fontanel. Ze verdwijnen rond het eerste levensjaar. De grote fontanel sluit als de baby
2 jaar is. De hersenschedel is volgroeit na 7 jaar. Bij het aangezichtsschedel is dit rond de puberteit.
Opbouw van de schedel
Schedelverbindingen
Er zijn twee soorten schedelverbindingen: suturae en art. temperomandibularis.
Schedelbeenderen
De schedel bestaat uit verschillende beenderen:
- Os frontale Voorhoofdsbeen
- Os parietale (2) Wandbeenderen
- Os occipitale Achterhoofdsbeen
- Os temporale (2) Slaapbeenderen
- Os nasale Neusbeenderen
- Os zygomatcus (2) Jukbeenderen
- Maxilla Bovenkaak
- Mandibula Onderkaak
Mandibula
Het bestaat uit een corpus, een angulus en twee ramussen. De
ramus is verdeeld in:
- Processus coronoideus
- Processus condylaris
o Collum mandibulae
o Caput mandibulae
- Incisura mandibulae
Larynx (= het strotenhooodd
De larynx is een hol orgaan van circa 4-5 cm lang. Het bevat de ligg. vocalia, ofwel de stembanden.
Het verloop van craniaal naar caudaal is als volgt:
- Os hyoideum
- Cartlago thyroidea
o Prominenta laryngea
- Cartlago crcoidea
- Cartlago epiglotca
1