Artikels PowerPoint:
- Artikel linksboven: afstammingsregels
- Artikel links beneden: naam wijzigen
- Boven rechts: echtscheidingen, wettelijk samenwonen, feitelijk samenwonen
- Midden rechts: transgenders en de juridische regels daarrond
- Beneden rechts: naar de nationaliteit, hoe je die krijgt en hoe kan verliezen
Personen- en familierecht valt onder het burgerlijk. Het gaat om de hele
levensloop vanaf de geboorte tot het overlijden en zelfs die erna. Enerzijds is er
het personenrecht en anderzijds het familierecht.
Personenrecht:
,Familierecht:
Het familierecht houdt in hoe jij staat in bepaalde familiale situaties.
Bloedverwanten: bijvoorbeeld uw zus, broer, mama, papa…
Aanverwanten: combinatie van huwelijk en bloedverwant, bijvoorbeeld uw
schoonbroer…
Horizontale betrekkingen: met één persoon als het gaat om het huwelijk,
wettelijk samenwonen en feitelijk samenwonen.
Verticale betrekkingen: op vlak van opvoeding zoals afstamming of adoptie.
,Hoofdstuk 2: Personen
Afdeling 1: Waarover gaat het?
Onze wetgever geeft niet veel info over persoon en mens, de wetgever laat dat
graag over aan de medische wereld.
Wat zegt de wetgever wel: we onderscheiden personen (rechtssubjecten) van
voorwerpen (rechtsobjecten) en dieren. Voorwerpen en dieren gaan we bijna niet
over spreken, vooral focus op de personen. Het is vooral belangrijk om te weten
van wanneer tot wanneer een persoon rechten en plichten heeft.
Rechtspersonen zijn dragers van rechten en plichten.
, Oefening: stellingen op PowerPoint (dia 5):
A: juist, een gsm of stoel kan een voorwerp van rechten zijn van mij als eigenaar
bijvoorbeeld
B: fout, een stoel kan nooit rechten en plichten over mij hebben.
C: juist, bijvoorbeeld rechtssubject (mijn kinderen) en ik als mama, ook
rechtssubject.
D: fout, een rechtsobject heeft geen rechten en plichten
Afdeling 2: De natuurlijke persoon
De wetgever heeft het over het “bestaan” van een persoon. Het start bij een
levende en levensvatbare geboorte tot het overlijden.